ECLI:NL:HR:2016:2638 Hoge Raad, 18-11-2016

Aanbestedingsrecht. Cassatie in het belang der wet. Mogelijkheden voor inschrijvers en andere belanghebbenden om overeenkomst na gunning aan te tasten. Uitleg richtlijnen 89/665/EEG en 2007/66/EG en implementatie daarvan in de art. 2.127, 2.131 en 4.15 Aanbestedingswet 2012. Daarnaast rol voor wilsgebreken dan wel nietigheid of vernietigbaarheid ingevolge art. 3:40 BW? Misbruik van bevoegdheid door de aanbestedende dienst.


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften
  • VastgoedrechtVGR 2017, 1, p. 13

    De vraag die in de rechtspraak al meermaals aan de orde is geweest, is in hoeverre de door de aanbestedende dienst gesloten overeenkomst nog aangetast kan worden in hoger beroep. Hierover bestond tot voor kort geen duidelijkheid in de rechtspraak. Echter, de Hoge Raad heeft in het Xafaxarrest van 18 november 2016 een einde gemaakt aan deze onduidelijkheid. Auteur bespreekt de problematiek en het arrest van de Hoge Raad.

  • Juridisch up to DateJutD 2017/24

    In aanbestedingsland bestond sedert de Europese Rechtsbeschermingsrichtlijn (richtlijn 89/665/EEG, als gewijzigd bij richtlijn 2007/66/EEG) (Rechtsbeschermingsrichtlijn) die in Nederland aanvankelijk werd geÔmplementeerd via de Wet implementatie Rechtsbeschermingsrichtlijnen aanbesteden (Wira) en vervolgens bij de Aanbestedingswet 2012, verschil van inzicht over de vraag of buiten de specifiek in de richtlijn en genoemde... nationale wetten geregelde gevallen een na gunning van een overheidsopdracht door een rechter geconstateerde schending van het aanbestedingsrecht het rechtsgevolg van beŽindiging van de desbetreffende overeenkomst zou kunnen hebben.

  • Rechtspraak van de WeekRvdW 2016/1178

    Cassatie in het belang der wet. Aanbestedingsrecht. Mogelijkheden voor inschrijvers en andere belanghebbenden om overeenkomst na gunning aan te tasten. Stelsel van Aanbestedingswet 2012 en Richtlijnen 89/665/EEG zoals gewijzigd bij Richtlijn 2007/66/EG.

  • Nederlands JuristenbladNJB 2016/2183

    Cassatie in het belang der wet. Aanbesteding. Aantasting van een na gunning tot stand gekomen overeenkomst. Een inschrijver bij een aanbesteding vordert in kort geding dat de aanbestedende dienst de aanbestedingsprocedure aanpast. De voorzieningenrechter wijst de vordering af. Vervolgens gunt de aanbesteder de opdracht aan een andere inschrijver. In hoger beroep vordert de eerstbedoelde inschrijver dat de overeenkomst met de... andere inschrijver wordt beŽindigd. Het hof overweegt dat het de vordering kan toewijzen als dat noodzakelijk is om een inbreuk op het aanbestedingsrecht ongedaan te maken. Hoge Raad: De richtlijn verplicht niet ertoe om de als resultaat van het gunningsbesluit tot stand gekomen overeenkomst onverbindend te oordelen buiten de in de richtlijn genoemde gevallen. De wetgever heeft van de hiermee aan hem gelaten vrijheid gebruik gemaakt door de aantastbaarheid van die overeenkomst naar nationaal recht te beperken.

  • Jurisprudentie AanbestedingsrechtJAAN 2017/7

    Cassatie in het belang der wet, Verbod tot samenvoeging, Ongelijksoortige opdrachten, Ingrijpen in overeenkomst, Rechtsbescherming, Belangenafweging

  • Recht.nl nieuws

ECLI:NL:HR:2017:309 Hoge Raad, 24-02-2017

Goederenrecht, verjaring. Eigendomsverkrijging van perceel grond door bezitter te kwader trouw ingevolge verjaring; art. 3:105 lid 1 en 3:314 lid 2 BW. Objectieve maatstaf, kenbaarheid, ondubbelzinnigheid. Kenbaarheid van het bezit indien het perceel moeilijk begaanbaar of moeilijk toegankelijk is. Mogelijkheid dat voormalig eigenaar vordering uit onrechtmatige daad tegen nieuwe eigenaar heeft; schadevergoeding in natura (art.... 6:103 BW); eigen schuld (art. 6:101 BW); verjaring van de schadevordering (art. 3:310 lid 1 BW).


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften
  • Rechtspraak van de WeekRvdW 2017/298

    Eigendomsverkrijging strook grond door bezitter te kwader trouw ingevolge (extinctieve) verjaring; art. 3:105 lid 1 en 3:314 lid 2 BW. Bezit; maatstaf; kenbaarheid bezitsdaden bij moeilijk toegankelijke percelen. Vordering voormalig eigenaar uit onrechtmatige daad; schadevergoeding in natura; eigen schuld?; verjaring schadevordering.

  • Juridisch up to DateJutD 2017/55

    De Hoge Raad heeft op 24 februari 2017 een voor de praktijk interessant arrest gewezen over het welbekende 'landjepik'. Onder meer gemeenten hebben veel te maken met inwoners die te kwader trouw gemeentegrond in bezit nemen. Als gevolg van verjaring ex artikel 3:305 lid 1 BW en 3:314 lid 2 BW kan de inwoner eigenaar worden van de grond. Dat laat volgens de Hoge Raad echter onverlet dat de gemeente een vordering op grond van... onrechtmatige daad kan hebben tegen de nieuwe eigenaar strekkende tot teruggave van de grond of schadevergoeding.

  • Nederlands JuristenbladNJB 2017/563

    De eigenaren van een perceel zijn lang geleden macht gaan uitoefenen over een achter hun perceel gelegen strook gemeentegrond, dat deel uitmaakt van een bos. Is er sprake van inbezitneming en (dus) van verkrijging door extinctieve verjaring? Hoge Raad: 1. ĎBevrijdendeí verjaring. Bezit. Inbezitneming. Voor verkrijging door extinctieve verjaring is niet vereist dat de rechthebbende daadwerkelijk heeft kennis gedragen van de... bezitsdaden van de niet-rechthebbende. Voldoende is dat die bezitsdaden naar buiten toe kenbaar waren. 2. Onrechtmatige daad. Onder omstandigheden kan de rechter de occupant wegens onrechtmatige inbezitneming veroordelen tot overdracht van de in bezit genomen zaak aan de gedeposseerde. De HR maakt opmerkingen over eigen schuld en over verjaring van de actie uit onrechtmatige daad.

  • Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en RegistratieWPNR 2017, afl. 7143

    De Hoge Raad heeft op 24 februari 2017 een arrest gewezen dat de gemeenten en andere slachtoffers van landjepik een flinke steun in de rug zal zijn. In deze bijdrage geven auteurs een eerste korte beschouwing over de betekenis van dit belangrijke arrest. Zij streven niet naar volledigheid; deze bijdrage is dan ook niet meer dan een opmaat naar meer discussie over de betekenis en de gevolgen van deze uitspraak.

  • Jurisprudentie OmgevingsrechtJOM 2017/275

    Een beroep op verkrijging van eigendom door verjaring door bezitter te kwader trouw kan onrechtmatig zijn tegenover oorspronkelijke eigenaar.

  • Recht.nl nieuws
  • Gemeenten en (extinctieve) verjaring

    Het Gerechtshof 's-Hertogenbosch en ons hoogste rechtscollege hebben een aantal belangrijke arresten voor de verjaringspraktijk gewezen. Met deze arresten is het speelveld voor verjaringszaken flink veranderd. In dit blog gaan de auteurs kort in op deze ontwikkeling in de verjaringsjurisprudentie.

  • Bij verjaring is terugvorderen (voormalig) eigendom mogelijk

    25 jaar geleden schreef oud-hoogleraar Burgerlijk Recht Chris Brunner te vrezen dat Nederland een toevluchtsoord voor de internationale kunstmaffia zou kunnen worden, omdat een bezitter te kwader trouw door verjaring de facto eigenaar van gestolen goederen kan worden. De Hoge Raad wees een arrest dat in dit kader buitengewoon interessant is.

ECLI:NL:HR:2017:94 Hoge Raad, 27-01-2017

Onteigening. Complexwaarde (art. 40d Ow). Terugbetaling na te hoog voorschot (art. 54t lid 3 Ow). Voordeel voortvloeiend uit te hoog voorschot verrekenen met vergoeding wegens verlies van de werkelijke waarde van het onteigende? HR 11 april 1984, ECLI:NL:HR:1984:AC1944, NJ 1984/728 (List/Staat). Hoge Raad komt gedeeltelijk terug van eerdere rechtspraak. Wettelijke rente over terug te betalen bedrag? Art. 6:81-83 en 6:119 BW.


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften
  • Tijdschrift voor BouwrechtTBR 2017/46

    Rente over teveel ontvangen voor≠schot

  • BouwrechtBR 2017/33

    Voorschot onteigening.

  • Rechtspraak van de WeekRvdW 2017/162

    Onteigening. Voordeel voor onteigende uit te hoog voorschot na vervroegde onteigening verrekenen met schadeloosstelling?; Hoge Raad komt terug van eerdere rechtspraak. Terugbetaling van het teveel ontvangene; wettelijke rente. Cassatieberoep tegen tussenvonnis; niet-ontvankelijkheid.

  • Nederlands JuristenbladNJB 2017/313

    Onteigening. Te hoog voorschot. Te verrekenen voordeel. Wettelijke rente. De HR gaat om. De rechtbank bepaalt een schadeloosstelling die lager is dan het eerder bepaalde voorschot. Zij veroordeelt de onteigende tot terugbetaling van het verschil, met wettelijke rente vanaf de dag waarop het voorschot is betaald. Hoge Raad: De HR ziet aanleiding in zoverre terug te komen van zijn eerdere rechtspraak, dat thans moet gelden dat... bij de vaststelling van de schadeloosstelling geen rekening moet worden gehouden met voordelen die de onteigende eventueel kan genieten uit het (achteraf bezien) te hoge voorschot. Op dit punt moet volstaan worden met een veroordeling tot terugbetaling van het teveel ontvangene. Dit laat onverlet dat de onteigende over het terug te betalen bedrag wettelijke rente verschuldigd is over de periode dat hij in verzuim is (zie de hoofdtekst voor de datum van ingang van die periode).

  • Jurisprudentie OmgevingsrechtJOM 2017/114

    Gerechtelijk onteigening en complexwaarde, Verrekening te hoog voorschot?, Wettelijke rente over terug te betalen bedrag?

  • Recht.nl nieuws
  • Onteigening: geen rente over teveel ontvangen voorschot

    Met deze nieuwe lijn van de Hoge Raad is rentevergoeding over een teveel ontvangen voorschot helemaal uitgesloten met betrekking tot de periode tussen de ontvangst van het voorschot en de vaststelling van de schadeloosstelling door de rechtbank. Indien de onteigende na het vonnis van de rechtbank niet op tijd terugbetaalt is rente verschuldigd vanaf het moment dat de onteigende in verzuim is. De onteigende raakt in verzuim indien hij na ingebrekestelling niet op tijd terugbetaald, of niet betaald binnen een termijn die de rechter in het vonnis bepaalt.

  • Tijdschriften
  • WR Tijdschrift voor HuurrechtWR 2017/15

    Insolventie Ė schadevergoeding: faillissement huurder bedrijfspand; na einde huurovereenkomst is curator een vergoeding verschuldigd voor voortgezet gebruik en voor schade aan het pand; kwalificeren vergoedingen als boedelvorderingen?

  • Rechtspraak InsolventierechtRI 2017/29

    Faillissement huurder bedrijfspand.

  • Jurisprudentie Onderneming & RechtJOR 2017/44

    Faillissement huurder bedrijfsruimte, Opzegging huurovereenkomst door curator, Ontruimingsverplichting en herstelverplichting, Pand is na einde huurovereenkomst door curator niet volledig ontruimd, Curator is aan verhuurster voor voortgezet gebruik vergoeding verschuldigd ex art. 7:225 BW tot aan moment dat aan ontruimingsverplichting is voldaan, Gebruiksvergoeding voor voortgezet gebruik is boedelschuld, Boedelschuld wegens... waardevermindering bedrijfspand als gevolg van onzorgvuldige ontruiming, Verwijzing naar HR 19 april 2013, ęJORĽ 2013/224, m.nt. Boekraad (Koot Beheer/Tideman q.q.)

  • Tijdschriften
  • BouwrechtBR 2017/24

    Art. 81 lid 1 RO. Exploitatieovereenkomst tussen projectontwikkelaar en gemeente. Ontbinding wegens tekortkoming gemeente. Rechtvaardigt de tekortkoming de ontbinding? Misbruik van bevoegdheid? (Almelo)

  • Rechtspraak van de WeekRvdW 2017/17

    Art. 81 lid 1 RO. Exploitatieovereenkomst tussen projectontwikkelaar en gemeente. Ontbinding wegens tekortkoming gemeente. Rechtvaardigt de tekortkoming de ontbinding? Misbruik van bevoegdheid?

  • Recht.nl nieuws
  • Gebiedsontwikkeling, inspanningsverplichting, fasering en aansprakelijkheid

    In contracten over gebiedsontwikkeling komen vaak planningen voor, onder meer over het doorlopen van ruimtelijke procedures. Als een gemeente een indicatieve planning overeenkomt met de plicht om zich in te spannen om de termijnen te halen, dan kan men die termijnen niet eenzijdig aanpassen als men meent dat dit politiek/bestuurlijk gezien wenselijk is.

  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws
  • Het belang van de nota van zienswijzen bij de uitleg van een bestemmingsplan

    Het juridisch bindende deel van een bestemmingsplan bestaat uit de verbeelding (plankaart) en de regels. Als de regels van een bestemmingsplan onduidelijk zijn, is het van belang om de toelichting er op na te slaan. Dat is al jaren vaste rechtspraak. In dit blog gaat auteur in op de vraag of deze betekenis ook toe kan komen aan de nota van zienswijzen, die door de gemeenteraad wordt opgesteld in reactie op de tegen het ontwerpbestemmingsplan ingediende zienswijzen.

  • Tijdschriften
  • WR Tijdschrift voor HuurrechtWR 2017/45

    Insolventie: huurder failliet; bank betaalt aan verhuurder op grond van een abstracte bankgarantie; geen aanwijsbevoegdheid curator

  • Jurisprudentie Onderneming & RechtJOR 2016/344

    Aanwijsbevoegdheid ex art. 6:43 lid 1 BW, Bankgarantie, Huur, Tussentijdse beŽindiging van huur wegens faillissement huurder, Verhuurder roept door bank afgegeven bankgarantie ten behoeve van failliet in, Geen aanwijsbevoegdheid curator, Van bank ontvangen bedrag strekt in mindering op concurrente vordering van verhuurder op failliet en niet op boedelvordering (huurschuld na faillietverklaring)

ECLI:NL:RBAMS:2016:8001 Rechtbank Amsterdam, 05-12-2016

Artikel 7:417 lid 4 BW, het dienen van twee heren. Beoogd is niet alleen te voorkomen dat een bemiddelaar, zoals Global Housing, voor het tot stand brengen van ťťn huurovereenkomst twee keer courtage in rekening brengt, maar ook dat bij een tweezijdige bemiddeling alleen de (aspirant) huurder courtage zou moeten betalen. Plaatsing op www.woondetective.nl en verdere behandeling komt ten goede aan verhuurder. Dat is een situatie... waarin iemand in opdracht of met goedvinden van een verhuurder een door deze te verhuren woning op zijn website plaatst omdat daarin in beginsel een opdracht besloten [ligt] om een huurovereenkomst tot stand te brengen tussen die verhuurder en een derde (toepassing van HR 16 oktober 2015, ECLI:NL:HR:2016:3099 vgl rov 4.4.2).


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften
  • Tijdschriften
  • Tijdschriften

ECLI:NL:GHAMS:2016:3248 Gerechtshof Amsterdam, 09-08-2016

Huurovereenkomst bedrijfsruimte ex art. 7:290 BW. Lopende huurter¨mijn t/m 31/10/15 door verhuurder op 13/6/14 tegen 31/10/15 opgezegd. Huurder stemt op 18/7/14 niet in met beŽindiging. Op vordering verhuurder stelt rechter bij vonnis van 22/7/15 tijdstip beŽindiging (en ontruiming) vast op 1/8/16. Was huurder bevoegd op 5/8/15 alsnog toe te stemmen in beŽindiging huurovereenkomst op 31/10/15? Uitleg art. 7:295 BW. Zie ECLI:NL:GHAMS:2015:4522.


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften

Gratis verder lezen? Maak 8 weken lang kosteloos en geheel vrijblijvend kennis met Recht.nl


  • Dagelijks juridisch nieuws & jurisprudentie
  • Samenvattingen van 100 vakbladen
  • Juridische zoekmachine

Hét internetportaal voor juristen