ECLI:NL:HR:2018:1176 Hoge Raad, 13-07-2018

Onrechtmatige daad. Is NVM-(verkoop)makelaar aansprakelijk jegens koper voor vermelding van woonoppervlakte in verkoopbrochure die niet gemeten is volgens de voor NVM-makelaars verplichte Meetinstructie bepalen gebruiksoppervlakte woningen volgens NEN 2580? Betekenis meetinstructie. Voorbehoud in verkoopbrochure. Exoneratie in koopovereenkomst; verhouding tot art. 7:17 lid 6 BW. Klachtplicht art. 6:89 BW van toepassing?


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften
  • VastgoedrechtVGR 2018, 5, p. 115

    Onrechtmatig overtreden van verenigingsvoorschriften.

  • Nederlands JuristenbladNJB 2018/1514

    Is NVM-(verkoop)makelaar aansprakelijk jegens koper voor vermelding van woonoppervlakte in verkoopbrochure die niet gemeten is volgens de voor NVM-makelaars verplichte ‘Meetinstructie bepalen gebruiksoppervlakte woningen volgens NEN 2580’?

  • Juridisch up to DateJutD 2018/120

    Een beroep op schending van de klachtplicht is een vaak terugkerend verweer in procedures. Dat is ook begrijpelijk: indien de schending wordt aangenomen, is het recht verwerkt om de wederpartij aan te spreken. Een beroep op schending van de klachtplicht wordt veelal aangevoerd in het kader van een contractuele relatie. Op 13 juli 2018 heeft de Hoge Raad een arrest gewezen waarin schending van de klachtplicht werd aangevoerd in... het licht van een vordering uit onrechtmatige daad.

  • Praktijkgids; kantonrechtspraak voor de rechtspraktijkPrg. 2018/219

    NVM-(verkoop)makelaar aansprakelijk jegens koper?

  • Rechtspraak van de WeekRvdW 2018/966

    Is NVM-(verkoop)makelaar aansprakelijk jegens koper voor vermelding van woonoppervlakte in verkoopbrochure die niet gemeten is volgens de voor NVM-makelaars verplichte ‘Meetinstructie bepalen gebruiksoppervlakte woningen volgens NEN 2580’?

  • Maandblad voor VermogensrechtMvV 2018, afl. 12, p. 373

    In deze bijdrage wordt de aansprakelijkheid van de verkoopmakelaar tegenover kopers bestudeerd, specifiek in het licht van een arrest over dit onderwerp dat de Hoge Raad deze zomer heeft gewezen. In het arrest lijkt wat gemakkelijk tot aansprakelijkheid te worden geconcludeerd. Het blijkt echter nog lastig te zijn om dan succesvol schade te claimen.

  • Tijdschrift Aansprakelijkheids- en VerzekeringsrechtTAV 2018, sign. 117

    Meetinstructie NVM strekt tot bescherming van aspirant-kopers.

  • Jurisprudentie OmgevingsrechtJOM 2018/852

    Aansprakelijkheid makelaar in verband met meetinstructie.

  • Nederlands Tijdschrift voor HandelsrechtNTHR 2018, 5, p. 251

  • Tijdschrift voor de ProcespraktijkTvPP 2018, 5, p. 156

    Aansprakelijkheid bij niet nakomen meetinstructie.

  • Rechtspraak Aansprakelijkheids- en VerzekeringsrechtRAV 2018/80

    Is NVM-(verkoop)makelaar aansprakelijk jegens koper voor vermelding van woonoppervlakte in verkoopbrochure die niet gemeten is volgens de voor NVM-makelaars verplichte ‘Meetinstructie bepalen gebruiksoppervlakte woningen volgens NEN 2580’?

  • Vastgoed Fiscaal & CivielVGFC 2019, afl. 1

    Dit overzicht bevat een selectie van de arresten die door de Hoge Raad in 2018 zijn uitgesproken en die mijns inziens voor de vastgoedpraktijk het meest interessant zijn. De uitspraken gaan over een onrechtmatige daad door een verkopend NVM-makelaar van woningen tegenover een koper, de ontbinding van een (huur)overeenkomst in algemene zin en de ontbinding van een huurovereenkomst voor een sociale woning, de vraag of... stelconplaten bij een kweek- en containervelden bestanddeel zijn van de onroerende zaak, de definitie en het bestanddeel zijn van een (elektriciteits)net, of een recht van opstal gevestigd kan worden voor transformatoren en of een erfdienstbaarheid van weg door de rechter kan worden opgeheven bij gebrek aan belang bij de eigenaar van het heersend erf. Ter afsluiting wordt melding gemaakt van een nieuw KNB model ondersplitsingsreglement.

  • Recht.nl nieuws
  • Artikel 6:89 BW ziet niet op vordering uit zuivere onrechtmatige daad

    De Hoge Raad maakt duidelijk dat de klachtplicht van artikel 6:89 BW enkel van toepassing is op vermeende gebrekkige prestaties (in de zin dat prestaties van een schuldenaar niet aan de verbintenis beantwoorden) en niet op een vordering uit onrechtmatige daad. Kopers mogen er in beginsel van uitgaan dat de meetinstructie is gehanteerd en dat de in de verkoopinformatie genoemde woon- of gebruiksoppervlakte dus overeenkomt met de netto woonoppervlakte van de woning.

  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws
  • Kostenraming bij grondexploitatie

    In een exploitatieplan staan de kosten die grondeigenaren aan de gemeente moeten betalen in verband met de ontwikkeling van een gebied. In deze uitspraak beantwoordt de Raad van State een aantal vragen over de manier waarop die kosten moeten worden geschat in geval van aankoop van grond voor een 'bovenwijkse voorziening'.

ECLI:NL:HR:2018:2067 Hoge Raad, 09-11-2018

Insolventierecht. Onrechtmatige daad. Curator van failliete huurder geeft zonder toestemming van verhuurder winkelruimte in gebruik aan een derde. Is verplichting tot schadevergoeding boedelschuld? HR 23 maart 2018, ECLI:NL:HR:2018:424 (Credit Suisse/Jongepier q.q. Persoonlijke aansprakelijkheid curator: schending van een 'regel' als bedoeld in HR 16 december 2011, ECLI:NL:HR:2011:BU4204 (Prakke/Gips)? Causaal verband.


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften
  • WR Tijdschrift voor HuurrechtWR 2019/17

    Failliete huurder

  • Rechtspraak van de WeekRvdW 2018/1289

    Insolventierecht. Onrechtmatige daad. Curator van failliete huurder geeft zonder toestemming van verhuurder winkelruimte in gebruik aan een derde.

  • Nederlands JuristenbladNJB 2018/2106

    Curator van failliete huurder geeft zonder toestemming van verhuurder winkelruimte in gebruik aan een derde

  • Nederlandse Jurisprudentie (NJ)NJ 2018/464

    Is verplichting tot schadevergoeding boedelschuld?

  • Juridisch up to DateJutD 2019/3

    In het verleden heeft de Hoge Raad meerdere uitspraken gedaan over hoe een curator dient om te gaan met wederkerige overeenkomsten die de failliet vóór de faillietverklaring is aangegaan. In de praktijk loopt de curator met name aan tegen de situatie waarin de wederkerige overeenkomst een verplichting voor de failliet meebrengt om iets te dulden of na te laten. Ook in de in dit artikel te bespreken uitspraak van de Hoge Raad... is de verplichting tot een nalaten relevant. De zaak heeft betrekking op een curator die aansprakelijk was gesteld door de verhuurder van een winkelpand dat door gefailleerde werd gehuurd.

  • INS UpdatesINS 2018/272

    Mag de curator in weerwil van de huurovereenkomst het door de failliet gehuurde bedrijfspand onderverhuren tijdens de opzegtermijn van artikel 39 Fw van drie maanden, terwijl de boedelvordering van de verhuurder voor de huur over die opzegtermijn onbetaald blijft? Volgens rechtbank, hof en Hoge Raad niet. De curator is zelfs persoonlijk aansprakelijk voor de door verhuurder opgelopen schade, die bestaat uit het bedrag dat... de verhuurder zou hebben verkregen als hij zelf aan de betreffende onderhuurder zou hebben verhuurd.

  • Rechtspraak InsolventierechtRI 2018/99

    Curator van failliete huurder geeft zonder toestemming van verhuurder winkelruimte in gebruik aan een derde. Is verplichting tot schadevergoeding boedelschuld?

  • FIP, Financiering, Zekerheden & InsolventierechtpraktijkFIP 2019, sign. 38

    Persoonlijke aansprakelijkheid curator bij schending huurovereenkomst.

  • Jurisprudentie Onderneming & RechtJOR 2019/26

    Boedelschulden, Aansprakelijkheid curator, Huurovereenkomst met voortdurende verplichting om het gehuurde niet in gebruik te geven aan een derde zonder toestemming van verhuurder.

  • FIP, Financiering, Zekerheden & InsolventierechtpraktijkFIP 2019, art. 86

    Met het arrest De Klerk q.q. en El Ayoubi / Hautvast heeft de Hoge Raad bevestigd dat het de curator niet is toegestaan actief in strijd te handelen met een tussen de failliet en een derde bestaande overeenkomst. Verwijzend naar Credit Suisse/Jongepier en Koot Beheer/Tideman levert dit een ‘categorie 3’ boedelvordering op. Daarnaast heeft de curator hiermee een regel overtreden als bedoeld in Prakke/Gips en leidt zijn handelen... tot persoonlijke aansprakelijkheid van de curator.

  • Rechtspraak Aansprakelijkheids- en VerzekeringsrechtRAV 2019/2

    Curator van failliete huurder geeft zonder toestemming van verhuurder winkelruimte in gebruik aan een derde.

  • Recht.nl nieuws
  • Persoonlijke aansprakelijkheid curator voor 'actieve' schending

    De curator van een failliete huurder staat toe dat een derde – in strijd met het verbod op onderverhuur in de huurovereenkomst en tegen de wil van de verhuurder in – gebruik maakt van de gehuurde ruimte hetgeen het hof terecht heeft gekwalificeerd als een 'actieve' schending door de curator van een voortdurende verplichting van de failliet tot nalaten zoals bedoeld in Credit Suisse/Jongepier qq. De curator had op dit punt geen beleidsvrijheid zoals bedoeld in het arrest Prakke/Gips. Dat brengt mee dat de curator in beginsel op die grond persoonlijk aansprakelijk zal zijn jegens degenen met de belangen van wie hij rekening diende te houden. (Bron: Houthoff.com)

  • Persoonlijke aansprakelijkheid curator

    De curator van een gefailleerde huurder staat toe dat een derde—in strijd met het verbod van onderverhuur in de huurovereenkomst en zonder instemming van de verhuurder—gebruikmaakt van het gehuurde winkelpand. Dit vormt een 'actieve' schending door de curator van een voortdurende verplichting van de gefailleerde huurder tot nalaten zoals bedoeld in het arrest Credit Suisse/Jongepier q.q. De curator had op dit punt geen beleidsvrijheid. Dit betekent dat hij (in beginsel) persoonlijk aansprakelijk is.

  • Persoonlijke aansprakelijkheid van curatoren: de stand van zaken

    In dit artikel wordt de persoonlijke aansprakelijkheid van de curator besproken in relatie tot de door hem in acht te nemen 'regels'. De Hoge Raad overwoog in november 2018 dat een curator die een 'regel' niet nakomt in beginsel persoonlijk aansprakelijk is jegens derden met wier belangen hij bij de naleving van die regel rekening dient te houden. Welke 'regels' dienen te worden nagekomen, welke mate van persoonlijke verwijtbaarheid van de curator is nodig voor vaststelling van definitieve aansprakelijkheid en wanneer loopt een curator het meeste risico om in persoon te worden aangesproken?

  • 'Uitspraak Hoge Raad funest voor doorstart winkelketens'

    De Hoge Raad heeft bepaald dat curatoren bij een faillissement niet zonder toestemming van vastgoedeigenaren een winkelpartij mag doorgeven aan een derde partij. Dat kan funest zijn voor het doorstarten van een winkelketen na faillissement.
    Eerder was het ook al zo dat verhuurders zeggenschap hadden over hun winkelpand, maar toen hadden curatoren het recht om het pand door te schuiven naar een geïnteresseerde doorstarter. Deze kon dan gedurende de opzegtermijn met de verhuurders van de winkelruimtes praten voor het sluiten van een nieuwe huurovereenkomst. De uitspraak van de Hoge Raad haalt de snelheid uit een mogelijke doorstart.

ECLI:NL:HR:2018:1810 Hoge Raad, 28-09-2018

Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Verbintenissenrecht; huurrecht. Uitleg van art. 6:265 lid 1 BW. Voorwaarden voor ontbinding van wederkerige overeenkomst. Verhouding tussen hoofdregel en tenzij-bepaling. Rechtspraak Hoge Raad. Gelden bijzondere eisen voor ontbinding van een huurovereenkomst van sociale woonruimte?


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws
  • Ontbinding van een overeenkomst: uitgangspunt of uitzondering?

    Alleen een tekortkoming van voldoende gewicht geeft recht op gedeeltelijke dan wel gehele ontbinding van een (huur)overeenkomst. Met dit arrest wordt andermaal benadrukt dat niet iedere tekortkoming zonder meer het recht geeft de overeenkomst te ontbinden. Omdat de ontbindingsbevoegdheid op de redelijkheid en billijkheid is gestoeld en steeds afhankelijk is van de omstandigheden van het geval, hebben rechters een grote vrijheid in hun oordeelsvorming.

  • De bevoegdheid tot ontbinding wordt beperkt

    · Een huurder bewoont een sociale huurwoning. Hij biedt onderdak aan een gezin dat volgens hem anders op straat komt te staan.
    · De verhuurder vordert ontruiming met een beroep op het onderhuurverbod. De huurder voert als verweer dat de tekortkoming de ontbinding met haar gevolgen niet rechtvaardigt (de tenzij-clausule in art. 6:265 lid 1 BW). De rechter roept de hulp in van de Hoge Raad via prejudiciële vragen.
    · De Hoge Raad overweegt dat de tenzij-clausule niet beperkt is tot uitzonderlijke gevallen.
    · Art. 6:265 lid 1 BW is vergelijkbaar met art. 6:74 BW over wanprestatie. Daar staat het element ‘toerekenbaarheid’ in een tenzij-clausule, maar is wél een volwaardig element bij het vaststellen van een wanprestatie.
    · Zo is ook de vraag of een tekortkoming van voldoende gewicht is om een ontbinding te rechtvaardigen, een volwaardig onderdeel van de vraag of een ontbinding geoorloofd is. Art. 6:265 BW verlangt (met inbegrip van de tenzijclausule) een redelijke afweging. Zij is gebaseerd op de redelijkheid en billijkheid.
    · De schuldeiser moet stellen en bewijzen dat er een tekortkoming is. De schuldenaar moet vervolgens omstandigheden stellen en bewijzen die zien op toepassing van de tenzij-bepaling. (Bron: Nieuwsbrief Ekelmans & Meijer)

ECLI:NL:HR:2018:284 Hoge Raad, 23-02-2018

Huurrecht. Onder(ver)huur. Schiet hoofdhuurder die onbevoegd is (geworden) tot onderverhuur tekort in de nakoming jegens zijn onderhuurder, of kan hij het genot van de zaak (nog) aan de onderhuurder verschaffen? Art. 7:201, 7:203 en 7:204 BW. Ontbinding op de voet van art. 6:80 BW in zodanig geval. Wie heeft aanspraak op de (gebruiks)vergoeding van art. 7:225 BW?


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws

ECLI:NL:HR:2018:772 Hoge Raad, 25-05-2018

Onrechtmatige daad. Schade aan elektriciteitskabel bij graafwerkzaamheden (slaan damwand). Graafmelding (KLIC-melding), informatie over ligging kabels. Verplichting netbeheerder om kabels met nauwkeurigheid van één meter in te tekenen, art. 5 lid 2 Besluit informatie-uitwisseling ondergrondse netten (BION). Zorgplicht grondroerder, onderzoek naar nabijgelegen kabels, graven van proefsleuven, art. 2 Wet informatie-uitwisseling... ondergrondse netten (WION). Invloed Richtlijn zorgvuldig graafproces (CROW) bij vaststellen omvang zorgplicht; motivering afwijkend oordeel.


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws
  • Aansprakelijkheid bij graafschades

    Grondroerders gaan bij graafschade niet per definitie vrijuit als de werkelijke ligging van een kabel meer dan een meter verwijderd is van beschikbare liggingsgegevens. De werkelijke ligging van kabels kan door tal van oorzaken afwijken van de tekening. De Hoge Raad is van oordeel dat bij gebrek aan een concrete wettelijke normering voor 'zorgvuldig graven' groot gewicht aan de Richtlijn zorgvuldig graafproces moet worden toegekend.

  • Tijdschriften
  • Tijdschrift voor BouwrechtTBR 2018/125

    Tussenuitspraak bestemmingsplan Stad Appingedam

  • Nederlands JuristenbladNJB 2018/1378

    Bestemmingsplan "Stad Appingedam"

  • AB Rechtspraak BestuursrechtAB 2018/246

    De discussie spitst zich toe op de vraag of is voldaan aan de voorwaarden van artikel 15, derde lid, van de Dienstenrichtlijn. Tussen partijen is niet in geschil dat de brancheringsregeling in de planregels niet strijdt met het discriminatieverbod.

  • Vastgoed Fiscaal & CivielVGFC 2018, afl. 4

    Het Nederlandse winkellandschap wordt in stand gehouden door de overheid via gemeentelijke bestemmingsplannen en andere planologische besluiten. In hierin neergelegde brancheringsregelingen is gedetailleerd vastgelegd welke winkelbranches wel en niet in een gebied zijn toegestaan. Met een arrest van het Europese Hof van Justitie uit januari van dit jaar is duidelijk geworden dat detailhandel valt onder de Europese... Dienstenrichtlijn. Daarmee staat vast dat het verbieden van bepaalde detailhandelsbranches in gebieden, zoals het verbod op het openen van een kledingwinkel op een winkelboulevard, uitsluitend is toegestaan als wordt voldaan aan de voorwaarden die de Dienstenrichtlijn hieraan stelt. In dit artikel wordt eerst toegelicht hoe de winkelmarkt in Nederland van oudsher via de ruimtelijke ordening is gestuurd. Vervolgens wordt ingegaan op de inhoud van het arrest van het Europese Hof en de gevolgen hiervan voor de Nederlandse wijze van reguleren van detailhandel, mede aan de hand van de uitspraak van de Afdeling van 20 juni 2018.

  • Jurisprudentie OmgevingsrechtJOM 2018/700

    Inhoudsindicatie: Bestemmingsplan met detailhandel in combinatie met brancheringsregels strijdig met Dienstenrichtlijn?

  • Jurisprudentie OmgevingsrechtJOM 2018/708

    Bestemmingsplan "Stad Appingedam" gemeente Appingedam en beantwoording prejudiciële vragen.

  • OGR UpdatesOGR 2018/143

    Detailhandel en branchering. Dienstenrichtlijn. Prejudiciële beslissing. Noodzakelijkheidsvereiste. Dwingende reden van algemeen belang. Evenredigheidscriterium. Onderzoek.

  • Recht.nl nieuws
  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws
  • Stelsel van huur(prijs)bescherming woonruimte niet strijdig met artikel 1 EP

    De rechtspraak van het EHRM biedt geen steun voor de opvatting dat de Nederlandse wetgever in algemene zin geen fair balance heeft getroffen tussen de door hem met het stelsel van huur(prijs)bescherming nagestreefde doelen enerzijds en de belangen van particuliere verhuurders van woningen in de sociale sector anderzijds.

  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws
  • Goodwill valt niet onder verhuis- en inrichtingskosten

    De rechter heeft de mogelijkheid om bij de toewijzing van een vordering tot opzegging van de huur van 290-bedrijfsruimte een tegemoetkoming in de verhuis- en inrichtingskosten te bepalen. In onderhavige zaak speelde de vraag of een vergoeding voor goodwill die de huurder moet betalen om een nieuwe locatie te kunnen betrekken onder verhuis- en inrichtingskosten valt.

ECLI:NL:HR:2018:846 Hoge Raad, 08-06-2018

Wet verhuurderheffing. Art. 4 Wvh; art. 26 IVBPR, art. 14 EVRM in samenhang gelezen met art. 1 Eerste Protocol EVRM, en art. 1 Twaalfde Protocol EVRM. In geval van mede-eigendom in aanmerking nemen van huurwoning bij genothebbende die WOZ-beschikking ontvangt komt in strijd met het verdragsrechtelijk gelijkheidsbeginsel.


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws

ECLI:NL:RVS:2018:2717 Raad van State, 15-08-2018

Bij besluit van 23 september 2015 heeft het algemeen bestuur van de bestuurscommissie van het stadsdeel Zuid van de gemeente Amsterdam aan [belanghebbende] een omgevingsvergunning verleend voor het plaatsen van drie balkons aan de achtergevel van de appartementen [locatie 1] en [locatie 2] te Amsterdam. [belanghebbende] heeft op 8 augustus 2015 verzocht om een omgevingsvergunning voor het plaatsen van drie balkons aan de... achtergevel van het pand [locatie 3]. [appellant] woont op [locatie 4], de begane grond van het pand. [appellant] vreest dat de balkons zullen leiden tot een vermindering van de lichtinval in zijn woning en de achtergelegen tuin en een vermindering van de privacy.


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws
  • Geen belanghebbende als bouwplan niet kan worden verwezenlijkt

    Lange tijd was de lijn in de rechtspraak dat de aanvrager van een omgevingsvergunning als belanghebbende is aan te merken, tenzij aannemelijk is dat het bouwplan nimmer kan worden verwezenlijkt. Inmiddels heeft de Afdeling deze lijn genuanceerd: er moet nu (slechts) aannemelijk worden gemaakt dat het bouwplan niet kan worden verwezenlijkt. Als dat gebeurt, kan degene die om een omgevingsvergunning vraagt niet als belanghebbende worden aangemerkt. Het verzoek is dan geen aanvraag en het bestuursorgaan hoeft daar dan ook niet op te beslissen.

  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws
  • Uitsluiten vergunningvrij bouwen in een bestemmingsplan

    De boodschap van deze uitspraak is dat het is toegestaan om de mogelijkheid van vergunningvrij bouwen uit te sluiten, mits deugdelijk gemotiveerd. Een gemeente heeft daarmee (naast het formuleren van restrictief kruimelgevallenbeleid) tevens de mogelijkheid om vergunningvrij bouwen locatie-specifiek aan banden te leggen.

ECLI:NL:GHARL:2018:961 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 30-01-2018

Redelijkheid en billijkheid. Gemeente mag gebruik maken van haar bevoegdheid tot ontbinding van samenwerkingsovereenkomst na faillissement projectontwikkelaar. De gemeente Ede en Megahome hebben een samenwerkingsovereenkomst gesloten voor de ontwikkeling van een deel van de wijk Kernhem. Als Megahome failliet gaat, maakt de gemeente gebruik van haar contractuele bevoegdheid tot buitengerechtelijke ontbinding van de... samenwerkingsovereenkomst. De curator verzet zich in deze procedure tegen gebruikmaking van deze bevoegdheid, omdat de in de overeenkomst verankerde bouwclaim te gelde kan worden gemaakt ten behoeve van de crediteuren in het faillissement. Het hof oordeelt dat de gemeente niet in strijd handelt met de in het faillissement van Megahome geldende paritas creditorum en dat het beroep op de beperkende werking van de redelijkheid en billijkheid, misbruik van bevoegdheid en gerechtvaardigd vertrouwen niet slaagt.


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften
  • VastgoedrechtVGR 2018, 3, p. 67

    In een overeenkomst tussen een gemeente en een projectontwikkelaar voor de realisering van een bouwplan zal in veel gevallen een insolventieclausule zijn opgenomen.

  • Overeenkomst in de rechtspraktijkORP 2018, sign. 131

    Gemeente mag samenwerkingsovereenkomst ontbinden na faillissement projectontwikkelaar.

  • INS UpdatesINS 2018/60

    Het beroep op de insolventieclausules is geoorloofd. Het stond de gemeente Ede vrij om gebruik te maken van haar contractuele bevoegdheid om de overeenkomst met bouwbedrijf Megahome te ontbinden wegens het faillissement van Megahome. Er is geen strijd met artikel 20 Fw, nu er een balans is tussen de over en weer staande verbintenissen en de uitvoering daarvan. Evenmin strijd met redelijkheid en billijkheid of misbruik van ... recht. De gemeente mag er als de ontbindende partij de voorkeur aan geven de handen vrij te hebben bij het vinden van een nieuwe wederpartij.

  • Jurisprudentie Onderneming & RechtJOR 2018/110

    Samenwerkingsovereenkomst tussen gemeente en projectontwikkelaars voor ontwikkeling van woningen, Na faillietverklaring van projectontwikkelaar maakt gemeente gebruik van contractuele ontbindingsbevoegdheid, Curator verzet zich tegen ontbinding in verband met bouwclaim, Gemeente handelt niet in strijd met paritas creditorum, Beroep op de beperkende werking van de redelijkheid en billijkheid, misbruik van bevoegdheid en... gerechtvaardigd vertrouwen slaagt niet.

  • Rechtspraak InsolventierechtRI 2018/38

    Is gebruikmaking van contractuele ontbindingsbevoegdheid jegens failliet, waardoor failliet nadeel lijdt, in strijd met redelijkheid en billijkheid?

  • FIP, Financiering, Zekerheden & InsolventierechtpraktijkFIP 2018, sign. 199

    Curator verzet zich tegen ontbinding door gemeente in verband met bouwclaim.

  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws
  • Bevoegde rechter bij nadeelcompensatie Tracéwet: de Afdeling gaat om

    De Afdeling bevestigt een nieuw te varen koers over de onbevoegdheid van rechtbanken bij nadeelcompensatiekwesties op grond van de Tracéwet. De Afdeling is zelf in dergelijke zaken in eerste en enige aanleg bevoegd. Verder is de uitspraak de moeite van het bespreken waard vanwege de samenloop van schadeveroorzakende handelingen en het moment van de aanvang van de verjaringstermijn.

  • AB-noot bij nadeelcompensatiekwesties op grond van de Tracéwet

    Rechtstreeks beroep bij de Afdeling in zaken over nadeelcompensatie op grond van de Tracéwet. De Afdeling formuleert verjaringsregels die gelden voor aanspraken op nadeelcompensatie voor vanwege een Tracébesluit geleden schade.

  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws
  • Verbod op schreeuwen in het bestemmingsplan

    Het blijkt mogelijk om in een bestemmingsplan concrete gedragsregels en (indirecte) geluidsnormen op te nemen. Dit biedt mogelijkheden om een terras toe te staan op plaatsen waar dit in eerste instantie niet aanvaardbaar leek.

  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws
  • Huurovereenkomst van parkeerterreinen kwalificeert als concessieovereenkomst

    De kantonrechter in Leeuwarden heeft bevestigd dat voor de kwalificatie van een concessieovereenkomst niet alleen noodzakelijk is dat er een recht tot exploitatie met bijbehorend exploitatierisico is, maar ook een exploitatieplicht. Nu er op grond van de met de gemeente Harlingen gesloten “huurovereenkomst” ook een verplichting was tot exploitatie van parkeervoorzieningen, kwalificeert de overeenkomst als een concessieovereenkomst. De kantonrechter die zich buigt over huurzaken verklaart zich daarom onbevoegd om van de vorderingen kennis te nemen. (Bron: Dirkzwager.nl)

  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws
  • De VVGB in het omgevingsrecht

    In het kader van een omgevingsvergunning is soms een verklaring van geen bedenkingen (VVGB) nodig. Als een VVGB wordt geweigerd, moet de omgevingsvergunning ook worden geweigerd. Aan een VVGB zijn verschillende (procedure)regels verbonden, zoals de regel door welk bestuursorgaan een ontwerp-VVGB en een definitieve VVGB moeten zijn opgesteld. De Raad van State heeft hierover een heldere uitspraak gedaan.

  • Omgevingsvergunning blijft in stand, ondanks ontbreken VVGB

    In de onderhavige uitspraak laat de Raad van State de rechtsgevolgen van een omgevingsvergunning in stand, ook al ontbreekt de vereiste verklaring van geen bedenkingen. Het ontbreken van een VVGB hoeft dus niet altijd te leiden tot kale vernietiging van een besluit. De uitspraak staat evenwel op gespannen voet met een andere zaak, die slechts twee maanden eerder speelde.

  • Natuur in de omgevingsvergunning: over aanhaken en de toepassing in de praktijk

    Het 'aanhaken' van natuurtoestemmingen aan de omgevingsvergunning is een fenomeen waarover in de praktijk nog veel vragen bestaan. In dit artikel wordt, via een schets van hetjuridisch kader en richtinggevende jurisprudentie, belicht hoe de aanvraag voor de natuurtoestemming ook onder de Wnb nog steeds deel uitmaakt van de aanvraag voor de omgevingsvergunning.

  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws
  • Anti-kraakwoningen en leegstandwetwoningen vallen onder verhuurderheffing

    Woningen die tijdelijk worden verhuurd in afwachting van afbraak vallen onder de verhuurderheffing. Dat heeft de Hoge Raad beslist. Daadwerkelijk verhuurde woningen zijn klaarblijkelijk 'voor de verhuur bestemd'. De doelstellingen die de verhuurder met de verhuur wil bereiken—zoals in dit geval het realiseren van stedelijke (her)ontwikkeling en het tegengaan van vandalisme en verloedering—zijn daarbij niet van belang.

  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws
  • Loss owing to vacancy and the bank guarantee; a sequel

    Claiming damages for the loss/harm sustained by a lessor as a result of the lessee’s insolvency (i.e. ”loss owing to vacancy” [leegstandschade]) is an issue that comes up again and again. The Dutch Supreme Court has rendered a series of rulings on this matter, the most recent of which dates from 17 February 2017. On 3 July 2018, the Court of Appeal in The Hague delivered its judgment after the case had been referred back to it.

  • Tijdschriften
  • Tijdschriften
  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws
  • (Weigering van) omgevingsvergunning voor detailhandel: Dienstenrichtlijn van toepassing

    De Raad van State oordeelde dat ook in het kader van (de weigering van) een omgevingsvergunning voor de vestiging van detailhandel een beroep op de Dienstenrichtlijn kan worden gedaan. Degene die zich op de Dienstenrichtlijn beroept en daarmee de onverbindendheid van een onherroepelijk bestemmingsplan inroept, zal dan wel zelf het nodige moet aanvoeren en onderbouwen.

  • Tijdschriften
  • BouwrechtBR 2018/81

    Handhavend optreden tegen gebruik horecagelegenheid

  • Nederlands JuristenbladNJB 2018/1591

    Geen handhavend optreden tegen horecagelegenheid

  • Juridisch up to DateJutD 2018/131

    De scheiding tussen wetgevende, uitvoerende en rechtsprekende macht, brengt met zich mee dat het treffen van handhavingsmaatregelen tot de taken van de uitvoerende macht behoort. Desalniettemin kan de rechter soms in de verleiding komen om deze taak van de uitvoerende macht over te nemen. Een recente uitspraak d.d. 8 augustus 2018 van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State ("Afdeling") laat echter zien, dat... zelfs als de neiging van de rechter om zelf handhavend op te treden begrijpelijk is, het uitgangspunt van machtenscheiding toch gehandhaafd behoort te worden.

  • AB Rechtspraak BestuursrechtAB 2018/333

    Horecagelegenheid voor het houden van openbare feesten

  • Jurisprudentie OmgevingsrechtJOM 2018/915

    Handhavingsverzoek en bestuursrechter behoort als regel geen dwangsom of bestuursdwang op te leggen.

  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws
  • Wanneer is zaak bestanddeel? Betonplaten op terrein geen onderdeel van registergoed

    De onderhavige zaak laat maar weer eens zien dat het van groot belang is een gekochte zaak goed te omschrijven. Een veilingkoper veronderstelde met de koop van een registergoed ook de zich daarop bevindende (waardevolle) stelconplaten te hebben gekocht, maar kwam bedrogen uit. De Hoge Raad is het met de executerende bank eens dat deze platen geen bestanddeel zijn van het registergoed.
    Verder is van belang dat de Hoge Raad zijn eerdere koers met betrekking tot bestanddeelvorming (zoals uiteengezet in een uitspraak in 2012) niet verlaat. Van belang blijven alle omstandigheden van het geval en centraal blijft staan (i) of de zaken in constructief opzicht op elkaar zijn afgestemd en (ii) of de hoofdzaak zonder de aangebrachte zaken als onvoltooid moet worden beschouwd.

ECLI:NL:RBDHA:2018:171 Rechtbank Den Haag, 10-01-2018

Overheidsaansprakelijkheid. Collectieve actie van de Woonbond tegen onder meer de Staat en een woningcorporatie over afgifte en gebruik van de inkomensverklaring ex artikel 7:252a, derde lid, BW, voor inkomensafhankelijke huurverhoging. Ontvankelijkheid. Taakverdeling burgerlijke rechter/bestuursrechter. Overlegvereiste artikel 3:305a BW. De zaak tegen de woningcorporatie is gedeeltelijk een aardzaak ... (huur) en leent zich voor meervoudige behandeling. Verwijzing naar de kantonrechter en terugverwijzing op de voet van art 98 Rv is in deze specifieke omstandigheden van het geval een rondje om de kerk dat geen redelijk doel dient en blijft achterwege. Afgifte en gebruik van de ná 1 april 2016 afgegeven inkomensverklaringen is niet in strijd met de door de Woonbond genoemde privacyregels en dus niet onrechtmatig. In de zaak tegen de woningcorporatie ging het ook om gebruik van vóór 1 april 2016 afgegeven inkomensverklaringen. Het gebruik van deze inkomensverklaringen door deze verhuurder niet onrechtmatig is: niet blijkt dat de woningcorporatie wist of kon niet weten dat de verstrekking van de inkomensverklaringen voor 1 april 2016 in strijd met artikel 67 Awr geschiedde.


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws
  • Tijdschriften
  • Tijdschriften
  • Tijdschriften

ECLI:NL:HR:2018:439 Hoge Raad, 27-03-2018

Medeplegen van kraken, art. 138a Sr. 1. Heeft verdachte, die zich in een kraaiennest op het gebouw bevond, in een gebouw vertoefd a.b.i. art. 138a.1 Sr? 2. Uitleg "waarvan het gebruik door de rechthebbende is beëindigd" a.b.i. art. 138a.1 Sr bij opzegging gebruikersovereenkomst na voortgezet feitelijk gebruik. Ad 1. Art. 138a Sr strekt naar zijn bewoordingen tot het beschermen van de rechthebbende op een woning of... gebouw, waarvan het gebruik door de rechthebbende is beëindigd, tegen het door anderen wederrechtelijk binnendringen of wederrechtelijk aldaar vertoeven, en daarmee mede tot bescherming van het eigendomsrecht tegen eigenrichting. Het Hof heeft vastgesteld dat verdachte heeft vertoefd in een zogenoemd kraaiennest dat zich bevond op en was verbonden met het dak van één van de te ontruimen loodsen die deel uitmaakten van "het Pand". 's Hofs oordeel dat de verdachte aldus heeft vertoefd "in een gebouw", geeft - mede gelet op de strekking van de strafbaarstelling van art. 138a Sr - niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting en is niet onbegrijpelijk. Ad 2. De opvatting dat van het beëindigen van het gebruik door de rechthebbende, a.b.i. art. 138a.1 Sr, eerst sprake is indien dat gebruik feitelijk tot een einde is gekomen en dat derhalve van zo een beëindigen geen sprake kan zijn in geval van voortgezet feitelijk gebruik na opzegging door de rechthebbende van een m.b.t. dat gebouw aangegane gebruiksovereenkomst, vindt geen steun in het recht. Volgt verwerping. Samenhang met 16/05264; 16/05292 en 16/05312.


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften

ECLI:NL:RBLIM:2018:10698 Rechtbank Limburg, 14-11-2018

Toepassing van Hoge Raad 24 februari 2017 ECLI:NL:HR:2017:309. Rechtbank onderzoekt of eiser die de eigendom van een perceel heeft verloren doordat een ander door verkrijgende verjaring eigenaar is geworden, op grond van onrechtmatige daad jegens de nieuwe eigenaar een vordering tot schadevergoeding in de vorm van teruglevering van de in bezit genomen zaak kan instellen.


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften
  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws
  • Hoge Raad doet uitspraak over recreatiewoningen

    Opstallen die naar aard en inrichting geschikt zijn om als woning te dienen worden als woning aangemerkt, ongeacht het gebruik voor andere doeleinden (zoals bedrijfsmatige exploitatie). Dat heeft tot gevolg dat een vakantiepark met recreatiewoningen als woning kan worden aangemerkt. Vakantieparken zonder woningen (alleen kampeerterrein) worden echter als niet-woning aangemerkt.

  • Tijdschriften

ECLI:NL:HR:2018:875 Hoge Raad, 08-06-2018

Contractenrecht. Uitleg overeenkomst, overdracht huur, of koop concept van onderneming tot exploitatie bed & breakfast? Motiveringsklachten. Ontbinding huurovereenkomst en schadevergoeding, verplichting onderverhuurder tot toezicht, aanwezigheid wietplantage bij onderhuurder. Ontbinding en veroordeling tot ontruiming, uitvoerbaarverklaring bij voorraad, art. 7:295 lid 1 BW.


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws
  • Overdracht van huur of koop van het concept?

    In dit geding gaat het om een overeenkomst die is gesloten met betrekking tot de exploitatie van een bed & breakfast concept. De hoofdvraag is of er sprake is van een huurovereenkomst of van een koopovereenkomst.

  • Tijdschriften
  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws
  • Splitsing bouwplan in vergunningvrij en vergunningplichtig deel

    In de onderhavige uitspraak was een aanvraag aan de orde die bestond uit een bouwplan met vergunningvrije en vergunningplichtige delen. In de uitspraak wordt ingegaan op de mogelijkheden die men bij het aanvragen van een omgevingsvergunning heeft in relatie tot de bepalingen in het Besluit omgevingsrecht ten aanzien van vergunningvrij bouwen.

  • Tijdschriften
  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws
  • Tijdschriften
  • Tijdschrift voor BouwrechtTBR 2018/179

    Nieuw vervaardigd goed of btw-bouwterrein of een levering tijdens de bouwfase

  • Rechtspraak NotariaatRN 2018/92

    Levering van een oud gebouw dan wel van een vervaardigd gebouw of gedeelte daarvan vóór de eerste ingebruikneming?

  • BNB - Beslissingen in belastingzakenBNB 2019/5

    Overdrachtsbelasting

  • Fiscaal PraktijkbladFiscaal Praktijkblad 2019/12

    Zoals bekend bestaat de Nederlandse btw in zijn huidige vorm dit jaar 50 jaar. Anders dan de naamgeving Wet op de omzetbelasting 1968 doet vermoeden, heeft invoering plaatsgevonden op 1 januari 1969. In die tijd zag de wereld er anders uit dan tegenwoordig. Daardoor lopen we in het huidige tijdsgewricht met de wet- en regelgeving op het gebied van de btw nog wel eens tegen grenzen aan die men 50 jaar geleden in het geheel niet had voorzien.

  • Recht.nl nieuws
  • Levering van een grotendeels gesloopt pand kan belast met BTW plaatsvinden

    Anders dan in het algemeen werd aangenomen kan de levering van een grotendeels gesloopt pand belast zijn met BTW. Dit arrest brengt met zich dat ook indien oude delen van het gebouw behouden blijven, sprake kan zijn van een btw-belaste levering. Dit doet zich voor als de overblijvende gedeelten van een gebouw na de sloop geen functie van gebouw meer kunnen vervullen en verkoper alle kosten draagt en risico's loopt die verband houden met de sloop. Het hangt af van het beoogde gebruik van het gebouw of een levering in de btw-sfeer gewenst is ofwel een verkrijging die onderworpen is aan de heffing van overdrachtsbelasting.

ECLI:NL:GHAMS:2018:2580 Gerechtshof Amsterdam, 24-07-2018

Verzekeringsrecht, regres, brand in Armandomuseum, uitleg exoneratiebeding in huurovereenkomst; Exoneratie van toepassing op schade veroorzaakt door verhuurder tijdens onderhoudswerkzaamheden. Beroep op exoneratie niet naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar. Derdenwerking. Zie ECLI:NL:GHAMS:2014:1684 en ECLI:NL:GHAMS:2017:819.


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften

ECLI:NL:HR:2018:1316 Hoge Raad, 17-08-2018

WOZ. Art. 40 WOZ; art. 7:4, lid 2, Awb. Grondstaffels die ten grondslag liggen aan waardebepaling. Art. 40 Wet WOZ staat er niet aan in de weg dat de grondstaffels [desgevraagd] moeten worden verstrekt. De verplichting tot het ter inzage leggen van de op de zaak betrekking hebbende stukken strekt zich niet uit tot informatie die het bestuursorgaan zelf niet kan raadplegen. Indien een door het bestuursorgaan genomen besluit... geheel of ten dele het resultaat is van een geautomatiseerd proces en de belanghebbende de juistheid van de bij dat geautomatiseerde proces gemaakte keuzes en van de daarbij gebruikte gegevens en aannames wil controleren en zo nodig gemotiveerd betwisten, moet het bestuursorgaan zorgdragen voor de inzichtelijkheid en controleerbaarheid van die keuzes, aannames en gegevens.


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws
  • Duidelijkheid over verstrekking van 'alle op de zaak betrekking hebbende stukken'

    Indien een belanghebbende in bezwaar of beroep gaat, is de Inspecteur (of bij lagere overheden: de heffingsambtenaar) op grond van de Algemene wet bestuursrecht verplicht alle op de zaak betrekking hebbende stukken te verstrekken. Het gaat dan om 'alle stukken die van belang kunnen zijn voor de beoordeling van het geschil'. Hoe moet dit voorschrift worden uitgelegd?

  • Tijdschriften
  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws
  • Stelsel van huur(prijs)bescherming woonruimte niet strijdig met artikel 1 EP

    De rechtspraak van het EHRM biedt geen steun voor de opvatting dat de Nederlandse wetgever in algemene zin geen fair balance heeft getroffen tussen de door hem met het stelsel van huur(prijs)bescherming nagestreefde doelen enerzijds en de belangen van particuliere verhuurders van woningen in de sociale sector anderzijds.

  • 'Structurele wanverhouding' tussen kosten en huuropbrengsten uit Herenhuisarrest afgezwakt

    Als exploitatie in de huidige vorm en met de huidige huurder onrendabel is, willen verhuurders nog wel eens overgaan tot renovatie om meer rendement uit hun eigendom te halen. Voor een beëindiging van een huurovereenkomst is het echter niet voldoende dat de exploitatie onrendabel is. Met het Herenhuisarrest heeft de Hoge Raad in 2010 namelijk de zeer strikte maatstaf 'structurele wanverhouding' tussen de exploitatiekosten en de huuropbrengsten geformuleerd. De Hoge Raad zet met het onderstaande arrest evenwel de deur open naar een soepelere maatstaf.

ECLI:NL:RVS:2018:1688 Raad van State, 23-05-2018

Bij zeven afzonderlijke besluiten van 18 juli 2012 en 30 juli 2012 hebben de dagelijkse besturen aan Aldi Zaandam lasten onder dwangsom opgelegd wegens overtreding van artikel 2.15, eerste lid, van het Activiteitenbesluit milieubeheer (hierna: het Activiteitenbesluit) in zeven van haar supermarkten in Amsterdam (hierna: de dwangsombesluiten).


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws
  • Alleen verplichting tot energiebesparing als dat voor bedrijf (tijdig) rendabel is

    Veel gemeenten menen dat zij bedrijven kunnen verplichten tot het nemen van energiebesparende maatregelen. Uit de onderstaande uitspraak blijkt (eindelijk) dat altijd moet worden beoordeeld of een energiebesparende maatregel voor een specifieke inrichting binnen 5 jaar kan worden terugverdiend. Zo niet, dan kan een maatregel niet worden opgelegd.

ECLI:NL:HR:2018:874 Hoge Raad, 08-06-2018

Pachtrecht. Art. 7:313 BW; kwalificatie samenstel van overeenkomsten als hoevepacht. Ingebruikgeving aan verschillende rechtspersonen. Bruikleen van de gebouwen? Complex van gebouwen en land? Maatstaf HR 11 februari 2011, ECLI:NL:HR:2011:BO9673, NJ 2012/73 (Timeshare). Derogerende werking van redelijkheid en billijkheid.


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws
  • Samenstel overeenkomsten kan als hoevepacht kwalificeren

    In deze uitspraak wordt een samenstel van overeenkomsten met verschillende partijen aangemerkt als hoevepacht. Het ging om gronden ten dienste van een landbouwbedrijf met bedrijfsgebouwen, als één geheel te exploiteren. Ook al was sprake van twee pachters en overeenkomsten, op het complex zijn de bepalingen voor hoevepacht van toepassing.

  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws
  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws

ECLI:NL:GHAMS:2018:812 Gerechtshof Amsterdam, 06-03-2018

Is huurovereenkomst bedrijfsruimte tijdig opgezegd? Toepassing HR 14 juni 2013, NJ 2013/391: opzegging van de huurovereenkomst heeft plaatsgevonden op de wijze zoals die ingevolge de huurovereenkomst uitdrukkelijk tussen partijen gold en stemde overeen met regel dat mededeling die zakelijke kwestie betreft in beginsel aan zakelijk adres geadresseerde mag worden gericht, terwijl verhuurder aan huurder vóór opzegging niet te... kennen had gegeven geen verdere correspondentie meer op dit adres te willen ontvangen.


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws
  • Huuropzegging: goed adresseren

    Voor huurders en verhuurders geldt dat de opzegging tijdig dient te geschieden. Dat betekent in dit verband dat de huuropzegging door de andere partij aantoonbaar dient te zijn ontvangen voordat de opzegtermijn ingaat. Dan dient de opzegging uiteraard goed te zijn geadresseerd. Dat klinkt logisch, maar het levert soms toch problemen op.

  • Tijdschriften

ECLI:NL:RVS:2018:2583 Raad van State, 01-08-2018

Bij besluit van 17 juli 2015 heeft het college geweigerd een omgevingsvergunning te verlenen aan P---+ Onroerend Goed B.V. voor het verbouwen van het pand op het perceel Hoogte Kadijk 71 te Amsterdam. Puur Plus is sinds 2012 eigenaar van het pand op het perceel. Dit pand grenst aan een binnentuin met daaromheen bebouwing. Puur Plus Ontwerpers B.V. heeft op 1 april 2015 namens P---+ Onroerend Goed B.V. een omgevingsvergunning... aangevraagd om het pand op het perceel te splitsen in drie woningen. Ook heeft zij een omgevingsvergunning aangevraagd ter legalisering van de reeds aangebrachte galerij aan de achterzijde op de eerste verdieping alsmede een uitbreiding van het dakterras aan de achterzijde op het dak van de eerste bouwlaag.


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften
  • Tijdschriften

ECLI:NL:GHARL:2018:7930 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 04-09-2018

Huurzaak. Bedrijfsruimte. Huurder heeft de huur van de door hem gehuurde bedrijfsruimte niet tijdig schriftelijk opgezegd, overeenkomstig de bepalingen van de huurovereenkomst. Huurder beroept zich er echter op dat de huur voordien ook al mondeling en wel tijdig was opgezegd. In eerste aanleg is huurder in de gelegenheid gesteld om het bewijs hiervan te leveren en is geoordeeld dat huurder... daarin is geslaagd. In hoger beroep wordt overwogen dat verhuurder zich er alleen dan niet op kan beroepen dat de huur niet tijdig overeenkomstig de bepalingen van de huurovereenkomst is opgezegd, indien de huurovereenkomst inderdaad al eerder en op ondubbelzinnige wijze (mondeling) was opgezegd. Het hof oordeelt dat huurder in het bewijs daarvan niet is geslaagd. De huurovereenkomst is dus niet door opzegging geëindigd, maar blijven doorlopen en de vordering van de verhuurder tot doorbetaling van de huur wordt toegewezen.


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften
  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws
  • Tijdschriften
  • Jurisprudentie (voorheen Journaal) Huur & VerhuurJHV 2018/14

    Hennepkweek, Contractuele boete, Oneerlijk beding.

  • WR Tijdschrift voor HuurrechtWR 2018/83

    De beoordeling van het hoofdgeschil in ECLI:NL:RBAMS:2018:572 is niet opzienbarend: in kort geding wordt de ontruiming van de huurder bevolen op grond van de exploitatie van een hennepplantage in zijn woning. De plantage was niet heel groot, maar leek gevaarzettend en de exploitatie bedrijfsmatig. De verhuurder voerde een kenbaar zero tolerance beleid. Lastiger is de vraag naar de aard en omvang van de rechterlijke plicht om... op consumenten toepasselijke boetebedingen te toetsen, waaraan de kantonrechter grondige overwegingen heeft gewijd.

  • WR Tijdschrift voor HuurrechtWR 2018/84

    Een hennepplantage kost een huurder zijn woning

  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws
  • Bezwaar en/of beroep contractueel uitsluiten bij vastgoedtransacties?

    Bij gebiedsontwikkeling of vastgoedgoedtransacties wil men nog wel eens overeenkomen dat een partij geen rechtsmiddelen mag aanwenden tegen de op grond van het contract beoogde ontwikkeling. Dergelijke bedingen zijn een 'kwetsbaar bezit'. Zorg er in ieder geval voor dat het beding ziet op een concrete ontwikkeling en niet leidt tot een algemeen in tijd onbeperkt en jegens een ieder rechtsopvolger doorwerkend beding.

  • Tijdschriften
  • WR Tijdschrift voor HuurrechtWR 2018/80

    Afwijking van brancheringspatroon

  • Huurrecht in de PraktijkHIP 2018, art. 85

    De kantonrechter in Rotterdam heeft op 2 februari 20181 een vonnis gewezen tussen twee (voormalige) huurders van units in de Markthal en de huidige eigenaar van de Markthal, Klépierre. In een door hen aanhangig gemaakte rechtszaak beroepen de huurders zich op dwaling, zowel ten aanzien van de overeenkomst als ten aanzien van de servicekosten.

  • Tijdschrift voor Huurrecht BedrijfsruimteTvHB 2018, nr. 3, p. 134

    De retailmarkt is volop in ontwikkeling. De invloed van internet, disruptieve concepten[2] en branchevervaging is groot. Dit maakt dat ook het belang van een goede branchering steeds groter wordt. Gemeentes en verhuurders wensen zoveel mogelijk vrijheid te hebben bij het vaststellen van hun brancheringsbeleid en huurders zoeken vaak de grenzen daarvan op. Dit spanningsveld heeft recentelijk geleid tot interessante uitspraken... op zowel het gebied van het bestuursrecht als het huurrecht.

  • Tijdschriften
  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws
  • Geen overdrachtsbelasting bij bedrijfsopvolging

    Belanghebbende neemt het standpunt in dat de verkrijging van de aandelen in een onroerendezaaklichaam zijn vrijgesteld voor de overdrachtsbelasting onder de bedrijfsopvolgingsfaciliteit (BOF).
    Volgens de HR heeft de wetgever niet beoogd de verkrijging van aandelen in een vastgoed-bv te belasten, indien de directe verkrijging van de onroerende zaken van dat lichaam buiten de heffing van overdrachtsbelasting zou zijn gebleven.
    De HR overweegt daarbij dat belanghebbende de vrijstelling ook zou hebben genoten als hij direct de onroerende zaken zou hebben verkregen en de onderneming in het kader van de bedrijfsopvolging zou hebben voortgezet. (Bron: Houthoff.com)

  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws
  • Tijdelijke verhuur woonruimte, de eerste uitspraken

    De Wet doorstroming huurmarkt is medio 2016 in werking getreden. Onderdeel van deze wet is de tijdelijke verhuur van woonruimte, zoals geregeld in artikel 7:271 lid 1 BW. Inmiddels zijn de eerste uitspraken gepubliceerd.

  • Koper woning wordt ongewenst verhuurder van woonruimte

    Het is een bekende regel: koop breekt geen huur. Soms is dit echter niet de bedoeling en wenst de koper van de woning deze zelf te bewonen. In dergelijke gevallen is oplettendheid geboden, want als de nodige formaliteiten niet in acht worden genomen, ben je als koper niet alleen eigenaar van een woning maar plots (en ongewenst) ook verhuurder van woonruimte.

  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws
  • Wet Bibob bij omgevingsvergunningen bouw: onverklaarbare uitspraak Raad van State

    Een vergunning kan op grond van de Wet Bibob onder meer worden geweigerd bij een ernstig gevaar dat die vergunning wordt gebruikt om strafbare feiten te plegen. De mate van gevaar op deze zogenoemde b-grond wordt bepaald aan de hand van in het verleden gepleegde strafbare feiten. Hoe vaker iemand over de schreef is gegaan, des te groter is volgens de Wet Bibob het risico dat men dat ook in de toekomst zal doen. In deze uitspraak gaat de Raad van State op onverklaarbare wijze in de fout—met mogelijk grote gevolgen voor de toepassing van Wet Bibob bij omgevingsvergunningen bouw.

  • Bouwgerelateerde strafbare feiten relevant voor Bibob

    In antwoord op Kamervragen heeft de minister van Justitie bevestigd dat bouwgerelateerde strafbare feiten onderdeel zijn van de beoordeling van gevaar op de b-grond. Dit bevestigt dat de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State zich vergiste toen men onlangs anders oordeelde. De minister ziet geen aanleiding om de wet aan te passen en wacht de ontwikkelingen in de jurisprudentie af. (Bron: IJzermanbibob.com)

ECLI:NL:GHAMS:2018:315 Gerechtshof Amsterdam, 30-01-2018

Huur bedrijfsruimte. Is een pand waarin een raamprostitutiebedrijf wordt uitgeoefend een bedrijfsruimte in de zin van artikel 7:290 e.v. BW? Het pand is tevens in gebruik als woonruimte. Gemengde huurovereenkomst. Kan de huurovereenkomst gesplitst in een huurovereenkomst betreffende bedrijfsruimte en een huurovereenkomst betreffende woonruimte? In het onderhavige geval ontkennend beantwoord. Woonruimte moet worden aangemerkt... als afhankelijke/onzelfstandige woning. Woonruimte ook niet overheersend.


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften
  • Tijdschriften
  • Huurrecht in de PraktijkHIP 2018, art. 96

    In het vorige nummer van dit vaktijdschrift gepubliceerde artikel ‘Inkomensafhankelijke huurprijsverhoging’ is de inkomensafhankelijke huurprijsverhoging besproken. Over deze huurprijsverhoging, in het bijzonder de inkomensverklaring, is het nodige te doen geweest. Huurders die zich geconfronteerd zagen met deze huurprijsverhoging, hebben zich hiertegen verzet. Waar zij bot vingen bij de civiele rechter, heeft de... bestuursrechter in een recent vonnis (Rb. Den Haag 26 april 2018, ECLI:NL:RBDHA:2018:5386) alsnog (een deel van) een door een huurder verzochte schadevergoeding toegewezen. Dit betrof specifiek het inkomensafhankelijke deel van de jaarlijkse huurprijsverhoging in de periode 2013 tot en met 2016. In dit artikel wordt, voortbordurend op het hierboven aangehaalde artikel, deze uitspraak belicht.

  • Jurisprudentie Bescherming Persoonsgegevens JBP 2018/74

    Verzet tegen het verstrekken van inkomensindicaties door de Belastingdienst aan een verhuurder wordt deels gegrond verklaard.

  • Vakstudie NieuwsV-N 2018/38.25

    Verzet op grond van artikel 40 van de Wet bescherming persoonsgegevens ongegrond. Schadevergoeding in verband met onrechtmatige verstrekking van inkomensgegevens aan verhuurder.

  • Recht.nl nieuws
  • Schadevergoeding in verband met 'gluurverhoging'

    De onderstaande uitspraak voegt een nieuw hoofdstuk toe aan de discussie over de inkomensafhankelijke huurverhoging, ook wel 'gluurverhoging' genoemd. De minister van Financiën moet een schadevergoeding betalen, omdat inkomensgegevens van de huurder zijn verstrekt aan de woningbouwcoöperatie. Die gegevensverstrekking was onrechtmatig en om die reden moet de minister een schadevergoeding betalen, gelijk aan de geraamde extra huurverhoging.

ECLI:NL:GHSHE:2018:1832 Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 01-05-2018

Huur sociale woonruimte. Artikel 7:216, lid 3 BW. Ongerechtvaardigde verrijking? Met toestemming van verhuurder door de huurder gebouwde garage, zonder daarop gebaseerde huurverhoging. Vergoeding voor de huurder bij einde van de huurovereenkomst? Bij de vraag of een verarming van de huurder heeft plaatsgevonden dient het vermeerderd huurgenot over een periode van 17 jaar in acht genomen te worden. Waardering daarvan bij... toepassing van het woningwaarderingsstelsel. Uitsluiting van een vergoeding bij overeenkomst is in strijd met artikel 7:242, lid 2 BW.


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften
  • Tijdschriften
  • Tijdschriften

ECLI:NL:GHARL:2018:7133 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 07-08-2018

Huurrecht. Opschorting, Verhuurder ontzegt aan huurder toegang tot het gehuurde nadat de huurder tekort is geschoten in zijn huurbetalingsverplichtingen. De tekortkoming van de huurder in zijn betalingsverplichtingen verschafte verhuurder de bevoegdheid om de nakoming van zijn verplichtingen op te schorten. Die bevoegdheid omvat echter niet ook het ontzeggen van de toegang. Die verplichting... tot het verschaffen van het huurgenot betreft een voortdurende verplichting die naar zijn aard niet kan worden opgeschort. Door de toegangsontzegging is verhuurder derhalve tekort geschoten in de nakoming van zijn verplichtingen jegens huurder. Huurder was daarom bevoegd om gedurende de duur van de ontzegging de betaling van de huur op te schorten. Omdat verhuurder over die periode niet meer kan nakomen, is huurder ook na het einde van de huurovereenkomst niet gehouden om alsnog de huur over die periode te voldoen.


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften

ECLI:NL:GHARL:2018:8706 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 02-10-2018

Hoger beroep; onmiddellijke opzegging hypothecaire lening wegens in algemene voorwaarden opgenomen handelen in strijd met de wet; wapens en drugs in woning; bestuursrechtelijke sluiting (ECLI:NL:RVS:2012:BY4412); geen oneerlijk noch onredelijk bezwarend beding; de bank heeft met een redelijke mate van tolerantie gehandeld alvorens een procedure tot gedwongen verkoop in te leiden; bevoegdheid tot parate executie; deze... ingrijpende maatregel werd voorgelegd aan de onafhankelijke rechter, hetgeen de cliënt ook had kunnen doen (vergelijk EHRM 25 juli 2013, ECLI:NL:XX:2013:365 (Rousk/Zweden)); geen schending van woonrecht of misbruik van bevoegdheid; opname in EVR niet disproportioneel; proceskostenbeslissing.


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften
  • Tijdschriften
  • Tijdschrift voor BouwrechtTBR 2019/13

    Appel. Algemene voorwaarden kunnen ook achteraf worden overeengekomen. DNR niet ter hand gesteld. Opdrachtgeefster toch gebonden omdat zij volgens arbiters in eerste aanleg een grote onderneming is in de zin van 6:235 BW zodat haar geen beroep toekomt op 6:233 en 6:234 BW. Opdrachtgeefster heeft daar geen grief tegen gericht. Zij doet dat pas bij pleidooi. Dat is te laat want ook in arbitrage geldt ... de twee-conclusieregel. Artikel 6:230c, ingevolge waarvan de gebruiker moet vermelden waar de digitale algemene voorwaarden kunnen worden geraadpleegd en/of gedownload (wat ook niet is gebeurd), kent geen afzonderlijke sanctie: die loopt via 6:233 en 6:234 BW

  • Jurisprudentie AanbestedingsrechtJAAN 2018/115

    Grossmann, Rechtsverwerking, Beste prijs/kwaliteitverhouding, Belangenverstrengeling, Motivering gunningsbeslissing.

  • Tijdschriften

ECLI:NL:GHARL:2018:10510 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 04-12-2018

Onrechtmatige daad. Discriminatie (Rechabiet). Woningbouwvereniging weigert woningzoekende in te schrijven in verband met eerder ontstane huurschuld en verschuldigde proceskosten. Bijzondere verantwoordelijkheid van woningbouwvereniging ex artikel 19 Woningwet. Weigering inschrijving niet onrechtmatig gegeven feit dat woningzoekende zich elders kan inschrijven en ook elders woonruimte heeft gevonden. Van afhankelijkheid van de... woningbouwvereniging was dus geen sprake. Niet aannemelijk dat inschrijving geweigerd is omdat woningzoekende Rechabiet stelt te zijn.


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften
  • Tijdschriften
  • Juridisch up to DateJutD 2019/10

    Het zakelijk recht van erfpacht kan in beginsel door de erfpachter worden vervreemd. Artikel 5:91, lid 1 BW bepaalt echter dat in de akte van vestiging kan worden bepaald dat de erfpacht niet zonder toestemming van de eigenaar kan worden overgedragen of toebedeeld. Een zodanige bepaling staat echter aan executie door schuldeisers niet in de weg.

  • Rechtspraak NotariaatRN 2018/111

    Vervangende machtiging tot vervreemding van erfpachtrechten

  • Recht.nl nieuws
  • Onredelijke blokkering overdraagbaarheid erfpachtrecht

    In erfpachtvoorwaarden kan zijn bepaald dat voor de overdracht van het erfpachtrecht toestemming van de grondeigenaar vereist is. Als die toestemming zonder redelijke gronden geweigerd wordt, kan deze vervangen worden door een machtiging van de kantonrechter. Een rechtsgeldige overdracht van het erfpachtrecht is dan alsnog mogelijk. De onderhavige uitspraak geeft een helder beeld van de criteria waaraan de rechter toetst om vast te stellen of zonder redelijke gronden is geweigerd.

ECLI:NL:RBROT:2018:7821 Rechtbank Rotterdam, 19-09-2018

Geschil inzake door De Bijenkorf (na sale & lease back-transactie) gehuurde panden. Uitleg van een voorkeursrecht van koop in huurovereenkomsten. Uitlegmaatstaf. Uitleg naar (relatief) objectieve maatstaven. Artikel 3:36 BW. Verhouding huurder en verhuurder. Betrokkenheid van holding en tussenholding aan de zijde van verhuurder. Aandelentransactie op niveau holding. Een aandelentransactie tussen de (uiteindelijke)... aandeelhouders van de verhuurder en een derde waardoor de uiteindelijke zeggenschap in de verhuurder wijzigt, kan in de omstandigheden van dit geval niet worden begrepen als een rechtshandeling met een zakenrechtelijk en/of een obligatoir karakter die materieel tot een vergelijkbaar gevolg leidt als verkoop van het gehuurde door verhuurder.


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws
  • Voorkeursrecht van koop: (ver)huurder wat wil je (niet)?

    Huurders bedingen nog wel eens het recht om de gehuurde onroerende zaak te mogen kopen, wanneer de eigenaar zou besluiten om tot vervreemding over te gaan. Van belang bij het formuleren van een dergelijk voorkeursrecht is echter om, hoe vreemd het misschien ook klinkt, niet alleen afspraken te maken over het vervreemden.

  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws
  • De verhuiskostenvergoeding bij renovatie: wanneer wel en wanneer niet?

    De Hoge Raad heeft in een richtinggevende uitspraak in 2016 overwogen dat de verhuiskostenregeling van dwingend recht is en dat de huurder dus recht heeft op de forfaitaire verhuiskostenvergoeding als verhuizing wegens renovatie noodzakelijk is.
    Die uitspraak lijkt te impliceren dat de huurder bij een noodzakelijke verhuizing wegens renovatie per definitie recht heeft op de forfaitaire vergoeding; ook als de verhuurder kosteloos een wisselwoning ter beschikking stelt. Enkele recente uitspraken tonen echter aan dat rechters dat te ver vinden gaan.

  • De forfaitaire verhuiskostenvergoeding: hoe blijven verhuurders buiten de gevarenzone?

    Kan een verhuurder door het aanbieden van (nood)voorzieningen de noodzaak tot verhuizen wegnemen en daardoor voorkomen dat een verhuiskostenvergoeding moet worden betaald? Is het aanbieden van een basic logeergelegenheid voldoende? De rechtbank Midden-Nederland beantwoordde die vraag onlangs met 'ja'.

  • Tijdschriften

ECLI:NL:HR:2018:2260 Hoge Raad, 07-12-2018

Omzetbelasting; art. 11, lid 1, letter a, en lid 4, Wet OB; levering bouwterrein?; Rechtszekerheidsbeginsel. Beroep op rechtszekerheidsbeginsel vergt symmetrisch handelen. Geen vrijstelling op basis oude leer Hoge Raad indien consequenties van vrijstelling niet volledig in acht zijn genomen.


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften
  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws
  • Tijdschriften

ECLI:NL:HR:2018:285 Hoge Raad, 23-02-2018

Art. 81 lid 1 RO. Huurrecht. Opzegging huurovereenkomst bedrijfsruimte door curator van gefailleerde huurder; geldt deze opzegging ook de medehuurder? Hadden de huurders een gezamenlijke en ondeelbare vordering op de verhuurder? Veroordeling tot betaling van zowel achterstallige huurtermijnen als overeengekomen boete wegens vertraging in de betaling? Art. 6:92 lid 1 BW.


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws
  • Huuropzegging in faillissement: de positie van medehuurders

    In dit artikel wordt de huuropzegging na datum faillissement besproken. Indien de verhuurder een huurovereenkomst met één huurder heeft gesloten, is het wettelijk kader over het algemeen redelijk eenvoudig. Recentelijk heeft de Hoge Raad zich uitgelaten over de vraag wat er gebeurt als de curator de huurovereenkomst opzegt op het moment dat er meerdere huurders zijn die niet allemaal failliet zijn. De opzegging door de curator blijkt in zo'n geval niet automatisch gevolgen te hebben voor de rechtsverhouding tussen de verhuurder en de niet-failliete huurder(s).

ECLI:NL:RBAMS:2018:2562 Rechtbank Amsterdam, 23-02-2018

Verzoek tot gelasten voorlopig getuigenverhoor over de hoogte van de ontwikkelingen in de markt met betrekking tot de huurprijs voor het gehuurde per 1 juli 2017. Op grond van artikel 202 Rv dient de kantonrechter summierlijk te beoordelen of hij bevoegd is in een eventueel in vervolg op het deskundigenbericht aanhangig te maken procedure. Dat is volgens de kantonrechter in onderhavige zaak het geval. De omstandigheid dat het... deskundigenbericht het uitgangspunt is voor de beoordeling van de redelijkheid van een aanbod namens de verhuurder aan huurder, en dat eerst als huurder met de voorgestelde huur niet akkoord gaat een procedure ex 7:271, 7:272 jo 7:247 BW kan worden geëntameerd, staat er niet aan in de weg dat reeds op dit moment op de voet van artikel 203 e.v. Rv een voorlopig deskundigenbericht kan worden gelast.


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften

ECLI:NL:GHARL:2018:4624 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 22-05-2018

Huurovereenkomst. Beroep op dwaling van huurder omdat zij er niet mee bekend was dat de bestemming van het gehuurde niet toeliet dat in het gehuurde een hondenopvang zou worden uitgeoefend, wordt verworpen. Voor de verhuurder was het niet duidelijk dat huurder van plan was een hondenopvang te gaan exploiteren en wist ook niet dat die activiteit volgens de bestemming niet was toegelaten. In die situatie rustte op de verhuurder... geen informatieverplichting. Juist van de huurder had in dit geval zelf onderzoek verlangd mogen worden. Huurder is derhalve de huur verschuldigd over de overeengekomen huurperiode. In dit geval eindigde die verplichting echter eerder, te weten op de datum waarop het verhuurde na een executoriale verkoop in eigendom werd overgedragen. Op grond van artikel 7:226 BW ging de verplichting tot huurbetaling toen over op de nieuwe eigenaar.


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften
  • Tijdschriften
  • Tijdschriften
  • Fiscaal PraktijkbladFiscaal Praktijkblad 2018/56

    Voor de btw heffing geldt de hoofdregel dat de verhuur van onroerende zaken is vrijgesteld van omzetbelasting. Op deze hoofregel bestaan echter een aantal belangrijke uitzonderingen. Zo is onder andere de verhuur van parkeerplaatsen in beginsel met btw en is de verhuur van garageboxen doorgaans verplicht belast met btw. Daarentegen oordeelde de Hoge Raad recent dat de verhuur van opslagruimten in beginsel vrijgesteld is van btw.

  • BNB - Beslissingen in belastingzakenBNB 2018/127

    Het tegen vergoeding ter beschikking stellen van ruimte voor de opslag van goederen vormt in dit geval verhuur van een onroerende zaak

  • Fiscaal tijdschrift fedFED 2018/130

    Het tegen vergoeding ter beschikking stellen van ruimte voor de opslag van goederen vormt in dit geval verhuur van een onroerende zaak.

  • Recht.nl nieuws

ECLI:NL:RBLIM:2018:3816 Rechtbank Limburg, 19-04-2018

Kort geding. Artikel 7:2 lid 1 BW. Kopers en verkopers van een woning zijn natuurlijke personen. Tussen partijen staat ter discussie of een perfecte koopovereenkomst tot stand is gekomen. Toepassing rechtsregel Hoge Raad, arrest 9 december 2011, ECLI:NL:HR:2011:BU7412. Verkopende partij heeft de koopovereenkomst niet ondertekend. Een schriftelijke koopovereenkomst is een onderhandse akte, waarvoor op grond van artikel 156 lid... 1 Rv het vormvoorschrift van ondertekening geldt. Bedoeld WhatsApp bericht van verkoper maakt geen deel uit van het door de kopers ondertekende concept voor de koopovereenkomst en vormt ook geen (elektronische) ondertekening door de verkopers. De voorzieningenrechter is van oordeel dat, nu de koopovereenkomst niet door de verkopende partij is ondertekend, niet aan het in art. 7:2 BW opgenomen schriftelijkheidsvereiste is voldaan.


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws
  • Koop van een woning via WhatsApp?

    Voor de koop van een woning door een particulier is een schriftelijke koopovereenkomst nodig. Kan een WhatsApp-bericht leiden tot de totstandkoming van een geldige overeenkomst?

  • Tijdschriften

ECLI:NL:RBLIM:2018:1851 Rechtbank Limburg, 28-02-2018

Verhuur van onderdelen Gemeenteflat Maastricht aan studenten op tijdelijke basis (campuscontract met vastgelegde einddatum). Tijdelijkheid had te maken met vooruitzicht van grootscheepse renovatie van de flat na 30 juni 2017. Renovatie zou worden gericht op vermogender huurders dan de tijdelijk ingekwartierde studentenpopulatie. Student-huurder vordert bij voorziene vertrek primair verhuis- en... herinrichtingsvergoeding, subsidiair huurvermindering over vijf maanden wegens overlast van naar voren gehaalde werkzaamheden aan de flat. Primaire vordering strandt op gebrek aan feitelijke onderbouwing, zodat in casu geen sprake is van toepasselijkheid van wettelijke regels ten aanzien van een dergelijke vergoeding. Subsidiaire vordering weliswaar mager onderbouwd, maar ten dele toewijsbaar geacht omdat de wel vastgestelde omstandigheden een billijkheidsoordeel van de kantonrechter rechtvaardigen.


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften
  • Tijdschriften

ECLI:NL:GHARL:2018:1180 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 06-02-2018

Vordering tot ontbinding van de huurovereenkomst op grond van artikel 7:281 lid 1. Uiteenzetting toetsingskader. De aanwezigheid van de onderhavige woning verdraagt zich niet met de verdere invulling van een bedrijventerrein. De woning valt binnen de geluidzones van het bedrijventerrein. Ook staat de woning in de weg aan de realisering van de ecologische zone rond het bedrijventerrein. Gemeente heeft bewerkstelligd dat de... huurder een passende woning zal worden aangeboden. Het hof is er niet van overtuigd geraakt dat huurder vanwege zijn psychische gesteldheid enkel in het buitengebied zou kunnen wonen. Hij kan verder gebruik maken van de gemeentelijke instelling voor de begeleiding van bijzondere doelgroepen.


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws
  • Verwezenlijking bestemmingsplan leidt tot ontbinding huurovereenkomst

    Is het mogelijk een huurovereenkomst te ontbinden zodat een geldende bestemming kan worden gerealiseerd? Een verhuurder kan een beroep doen op ontbinding van de huurovereenkomst, als (i) hij door rechtsopvolging onder bijzondere titel (artikel 7:226 BW) verhuurder is geworden én (ii) de huurovereenkomst de verwezenlijking van het bestemmingsplan belemmert, terwijl de verwezenlijking van het plan noodzakelijk is voor de ontwikkeling van de gemeente.

  • Tijdschriften

ECLI:NL:RBAMS:2018:1640 Rechtbank Amsterdam, 02-02-2018

Plaatsing zaak op de rol na doorhaling toegestaan? Kantonrechter stelt vast dat onvoldoende is gesteld of gebleken dat in dit geval sprake is geweest van een minnelijke regeling tussen partijen met een zodanige strekking, dat deze in de weg staat aan hervatting van de procedure. Vordering tot verklaring voor recht dat onderhuurovereenkomst kwalificeert als huurovereenkomst die is onderwerpen aan 230a-regime, en dat... onderhuurovereenkomst is opgezegd. Voor kwalificatie van het gehuurde is beslissend hetgeen partijen bij het sluiten van de huurovereenkomst omtrent het gebruik van het gehuurde voor ogen heeft gestaan, mede in aanmerking genomen de inrichting van het gehuurde. Vorderingen worden afgewezen.


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften
  • Tijdschriften
  • Tijdschriften
  • Tijdschriften

ECLI:NL:RBDHA:2018:4940 Rechtbank Den Haag, 25-04-2018

Kort geding. Eiseres vordert ontbinding van een overeenkomst tussen Rijkswaterstaat en de winnaar van een aanbestedingsprocedure vanwege tekortkomingen. Eiseres heeft geen belang bij haar vordering, want na ontbinding zal geen heraanbesteding van de opdracht plaatsvinden. De voorzieningenrechter overweegt ten overvloede dat Rijkswaterstaat met het treffen van een regeling met zijn contractspartner, om de tekortkomingen te... compenseren, het gelijkheidsbeginsel zal schenden.


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws
  • Tijdschriften

ECLI:NL:HR:2018:675 Hoge Raad, 04-05-2018

Art. 81 lid 1 RO. Caribische zaak. Huurrecht bedrijfsruimte. Buitengerechtelijke ontbinding huurovereenkomst; toerekenbaarheid vereist? Tekortkoming verhuurder? Vaststellingsovereenkomst met betrekking tot reconventionele vordering (van huurder) van invloed op het gevorderde in conventie?


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften
  • Tijdschriften
  • Tijdschriften

ECLI:NL:GHAMS:2018:3031 Gerechtshof Amsterdam, 21-08-2018

Huur woonruimte. Pilot jongerenhuisvesting in Amsterdam van vóór invoering jongerencontract. Beroep van woningcorporatie op (gewoon) dringend eigen gebruik (in de vorm van verhuur aan jongere) slaagt. Ook aannemelijk dat huurder, als hij minder kieskeurig is, inmiddels andere passende woonruimte kan verkrijgen. Tevens wordt het beroep van de ex-jongere op huurbescherming naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid... onaanvaardbaar geoordeeld. Wetsartikelen: 7:274 lid 1 sub c BW, 7:274c BW, 6:2 lid 2 BW


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften
  • Tijdschriften

ECLI:NL:RVS:2018:3097 Raad van State, 26-09-2018

Bij besluit van 30 juli 2013 heeft het college [appellant] onder oplegging van een dwangsom van 10.000,00 ineens gelast de houten vlonder en het dakluik op het dak van het achterhuis van het pand [locatie] te Amsterdam (hierna: het perceel) te verwijderen en verwijderd te houden en het gebruik van het dak als dakterras te beëindigen en beëindigd te houden.


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften
  • Tijdschriften
  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws
  • Bedrijventerrein herbestemd naar leisure: geen stedelijk ontwikkelingsproject

    Als er sprake is van een 'stedelijk ontwikkelingsproject' dan heeft dat grote gevolgen voor de procedure waarmee een leegstaand gebouw kan worden getransformeerd. De Afdeling maakt in deze uitspraak duidelijk dat ook een behoorlijke functiewijziging niet hoeft te kwalificeren als stedelijk ontwikkelingsproject.

  • Tijdschriften

ECLI:NL:GHAMS:2018:1106 Gerechtshof Amsterdam, 03-04-2018

Huur. Kwalificatie van huurovereenkomst met betrekking tot appartementen die zijn gehuurd om te worden doorverhuurd in de vorm van short stay. Gezag van gewijsde van het oordeel van de kantonrechter in verzoekschriftprocedure op grond van art. 7:230a BW tussen dezelfde personen, dat op de huurovereenkomst artikel 7:230a BW van toepassing is. In die 230a-procedure was door huurder primair niet-ontvankelijkverklaring verzocht,... waardoor bindend oordeel van de kantonrechter over de kwalificatievraag, hoewel niet de hoofdmoot van de procedure, onvermijdelijk was. Wetsartikelen: 7:230a BW, 7:290 BW, 236 Rv.


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften
  • Tijdschriften
  • Overeenkomst in de rechtspraktijkORP 2018, art. 174

    Partijen komen regelmatig overeen dat afstand wordt gedaan van (een van) hen toekomende publiekrechtelijke rechtsmiddelen ten aanzien van bepaalde toekomstige besluiten. Met name in het kader van de gebiedsontwikkeling komen in koopovereenkomsten en vaststellingsovereenkomsten regelmatig dergelijke clausules voor. Deze zogenoemde monddoodclausules worden echter in rechte met enige regelmaat nietig geacht. Recentelijk was het... de beurt aan Rechtbank Zeeland-West-Brabant (ECLI:NL:RBZWB:2018:2689) om een monddoodclausule als ontoelaatbaar aan te merken. De vraag rijst of, en zo ja in welke vorm, een dergelijke clausule rechtsgeldig wordt geacht. In deze bijdrage wordt ingegaan op de ruimte die er blijkens de jurisprudentie lijkt te bestaan voor de toelaatbaarheid van monddoodclausules.

  • Vastgoed Fiscaal & CivielVGFC 2018, afl. 3

    Een monddoodclausule kan geldig zijn, maar in de betreffende casus was het nietig

  • Rechtspraak NotariaatRN 2018/73

    Beding in koopovereenkomst onroerende zaak

ECLI:NL:RBGEL:2018:2449 Rechtbank Gelderland, 10-04-2018

Kort geding. Aanbesteding. Artikel 2:113a Aanbestedingswet. In geval van gerede twijfel of een inschrijving niet irreëel is, is de aanbestedende dienst gehouden daar nader onderzoek naar te verrichten. Daarvoor is niet noodzakelijk dat de afgewezen inschrijver concreet aantoont dat de inschrijving van de (voorlopig) winnende partij irreëel is (zie Hof van Justitie EU 12 maart 2015, C-538/13 (eVigilo)). De aanbestedende dienst... heeft onvoldoende onderzoek verricht naar het realiteitsgehalte van de (voorlopig) winnende inschrijving. Er is geen effectief en gronding onderzoek verricht in de zin van artikel 2:113a Aw.


Volledige tekst van de uitspraak

  • Tijdschriften
  • Recht.nl nieuws
  • Effectief onderzoek naar inschrijving op aanbesteding

    Aanbestedende diensten mogen vertrouwen op de juistheid van een inschrijving. Wanneer er gerede twijfel is over de juistheid van de inschrijving, heeft de aanbestedende dienst echter de verplichting om onderzoek te doen naar die inschrijving. Die gerede twijfel kan ook worden geïnstigeerd door een concurrerende inschrijver. Volgens de voorzieningenrechter is daarbij niet noodzakelijk dat de concurrent bij voorbaat aantoont dat een inschrijving (daadwerkelijk) irreëel is.