Centrale Raad van Beroep, 28-08-2012 / 11-2760 WWB


ECLIECLI:NL:CRVB:2012:BX5870
Datum28-08-2012
InhoudsindicatieMedeterugvordering. Gezamenlijke huishouding. Vaststaat dat appellant en [naam echtgenote] gedurende de periode van 1 april 2005 tot 16 augustus 2006 nog gehuwd waren. Derhalve heeft het college door toetsing aan het criterium gezamenlijke huishouding een onjuiste maatstaf aangelegd. Het college had moeten beoordelen of appellant in die periode duurzaam gescheiden leefde van [naam echtgenote] en om die reden als ongehuwd diende te worden aangemerkt. Een en ander brengt mee dat het bestreden besluit op een onjuiste wettelijke grondslag berust voor zover het betreft het tijdvak van 1 april 2005 tot 16 augustus 2006. Vernietiging aangevallen uitspraak en vernietiging van het bestreden besluit voor zover het betrekking heeft op de periode van 1 april 2005 tot 16 augustus 2006. Uit de onderzoeksbevindingen van de sociale recherche blijkt dat appellant in de periode van 1 april 2005 tot 16 augustus 2006 zo vaak in of bij de woning van [naam echtgenote] aan de [adres 2] aanwezig was dat niet gesproken kan worden van duurzaam gescheiden leven. Met betrekking tot het tijdvak van 16 augustus 2006 tot en met 31 januari 2010 heeft het college aannemelijk gemaakt dat appellant en [naam echtgenote] hun hoofdverblijf hadden in de woning van [naam echtgenote]. De rechtsgevolgen van het vernietigde gedeelte van het bestreden besluit blijven in stand.
Gerelateerd ECLI:NL:CRVB:2010:BO6538 ★★★★★