Gerechtshof Den Haag, 25-01-2013 / BK-12-00216 tot en met BK-12-00218


ECLIECLI:NL:GHDHA:2013:BZ3405
Datum25-01-2013
InhoudsindicatiePrecariobelasting. De gemeente heeft de gedoogplicht ten aanzien van de onderwerpelijke mantelbuizen die belanghebbende als aanbieder van een openbaar telecommunicatienetwerk in de grond heeft. Er is geen reden de mantelbuizen niet te rekenen tot de (beschermingswerken van de) kabels als bedoeld in de Telecommunicatiewet. Onder die omstandigheden is, gelet op de in art. 5.1 Telecommunicatiewet neergelegde gedoogverplichting van kabels en beschermingswerken, voor heffing van precariobelasting in de onderhavige tijdvakken geen plaats. Bovendien kan belanghebbende aan het instemmingsbesluit van 19 november 2002 het door haar gestelde in rechte te beschermen vertrouwen ontlenen, aangezien de tekst van het instemmingsbesluit duidelijk de heffing van precariobelasting afhankelijk stelt van het niet voldoen aan de verplichting om uiterlijk een jaar na de datum van de afgifte van het besluit kabels in de buizen te blazen.
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2005:AO9006 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2011:BO5046 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2011:BO5080 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2011:BO5087 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:GHSGR:2011:BU3865 ★★★