Gerechtshof Den Haag, 19-12-2014 / 22-001195-08


ECLIECLI:NL:GHDHA:2014:4504
Datum19-12-2014
Inhoudsindicatie(Ontneming) De verdachte is schuldig aan medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 2 onder A van de Opiumwet gegeven verbod, meermalen gepleegd. Het hof vernietigt het vonnis uitsluitend - ten aanzien van de hoogte van de opgelegde betalingsverplichting ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel. Dit, omdat de behandeling van de zaak niet heeft plaatsgevonden binnen een redelijke termijn als bedoeld in artikel 6, eerste lid, van het Europees verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden, nu de zaak niet binnen twee jaar nadat het rechtsmiddel is ingesteld is afgedaan.
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2008:BD2578 ★★★★★