Hoge Raad, 22-05-2012 / 10/03163


ECLIECLI:NL:HR:2012:BW5640
Datum22-05-2012
InhoudsindicatieRechtsbijstand m.b.t. het politieverhoor, Salduz-verweer. Art. 359a Sv, vormverzuim. De HR herhaalt toepasselijke overweging uit HR LJN BH3079. Het Hof heeft vastgesteld dat sprake is van een vormverzuim. Het Hof heeft vastgesteld dat sprake is van een vormverzuim. Wat betreft het daaraan te verbinden gevolg heeft het Hof miskend dat een dergelijk verzuim behoudens een tweetal door de HR genoemde uitzonderingen zonder meer tot bewijsuitsluiting dient te leiden. Doen die uitzonderingen zich niet voor dan zal de desbetreffende verklaring van verdachte niet voor het bewijs mogen worden gebruikt en is er geen plaats meer voor een nadere afweging in het licht van de beoordelingsfactoren van art. 359a.2 Sv (vgl. HR LJN BQ8907).
TijdschriftartikelHoge Raad, 22-05-2012, 10/03163
NJB 2012, 1374
Niet geslaagde poging om een 'Salduz' te ontkomen. Er is, zoals het hof terecht vaststelde, sprake van een onherstelbaar vormverzuim als bedoeld in art. 359a Sv naar de keuzes die dat artikel aan de rechters overlaat, bestaan in zo een geval niet en is er alleen bewijsuitsluiting mogelijk en verplicht. Dat is niet anders in het geval dat hier voor ligt waarin de verdachte begreep dat hij, voordat de politie hem ging aanhouden en verhoren, een advocaat had kunnen raadplegen.
TijdschriftartikelHoge Raad, 22-05-2012, 10/03163
RvdW 2012, 806
Salduz-verweer. Ten onrechte geen bewijsuitsluiting.
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2009:BH3079 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:PHR:2011:BQ8907 ★★★
Gerelateerd ECLI:NL:PHR:2012:BW5640
Gerelateerd ECLI:NL:PHR:2017:1262
Gerelateerd ECLI:NL:PHR:2013:BY5697
Gerelateerd ECLI:NL:PHR:2012:BW5640