Hoge Raad, 17-11-2015 / 14/04550


ECLIECLI:NL:HR:2015:3322
Datum17-11-2015
InhoudsindicatieTenlastelegging grootschalige kinderpornografie, art. 240b Sr en art. 261. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:1995:ZD0095 en ECLINL:HR:1995:ZD0096 en voegt daaraan toe dat ex art. 261 Sv de dagvaarding een opgave dient te behelzen van het feit dat ten laste wordt gelegd, met vermelding omstreeks welke tijd en waar ter plaatse alsmede de omstandigheden waaronder het zou zijn begaan. HR herhaalt voorts in ECLI:NL:HR:2011:BS1739 en ECLI:NL:HR:2014:1497 geformuleerde uitgangspunten m.b.t. de strafrechtelijke beoordeling van het op grotere schaal voorhanden hebben van kinderporno en de daarin geplaatste opmerkingen over de wijze van ten laste leggen in zaken als i.c. en de wijze(n) waarop bij de straftoemeting rekening kan worden gehouden met het grootschalige karakter van het delict. De onderhavige tll. heeft, in afwijking van de hiervoor aanbevolen werkwijze, betrekking op het bezit van 864 afbeeldingen, dus op grootschalige kinderporno, die zonder nadere verduidelijking of herleidbaarheid tot die 864 afbeeldingen in vier nader omschreven categorieŽn is onderverdeeld. De steller van de tll. heeft zich dus niet beperkt tot - een beschrijving van - een beperkte selectie van (representatieve) afbeeldingen. Uit de eisen die art. 261 Sv in gevallen als i.c. stelt aan de dagvaarding vloeit voort dat de tll. t.b.v. de hiervoor genoemde duidelijkheid voor i.h.b. verdachte en de rechter t.a.v. elk van die afbeeldingen hetzij een voldoende concrete beschrijving dient te bevatten, hetzij de vindplaats van die beschrijving in het dossier dient te vermelden. Indien de tll. niet aan die eisen voldoet en verdachte daarop beroep doet, kan zulks grond vormen voor nietigverklaring van de dagvaarding. I.c. heeft de raadsvrouwe van verdachte (ook) m.b.t. de zeven afbeeldingen waarvan het Hof uiteindelijk in zijn bewezenverklaring is uitgegaan, beroep gedaan op de nietigheid van de dagvaarding op de grond dat onduidelijk is wat op deze afbeeldingen te zien is, zodat verdachte niet weet waartegen hij zich moet verdedigen. Aldus is een verweer gevoerd waarop het Hof op straffe van nietigheid uitdrukkelijk een met redenen omklede beslissing had moeten geven. Aangezien in de bestreden uitspraak zodanige beslissing niet voorkomt, is het middel gegrond.
Recht.nl artikelWijze van ten laste leggen bij grootschalige kinderpornografie (19-11-2015)
De Hoge Raad voegt aan eerdere jurisprudentie toe dat een dagvaarding ex artikel 261 Sv een opgave dient te behelzen van het feit dat ten laste wordt gelegd, met vermelding omstreeks welke tijd, waar ter plaatse en onder welke omstandigheden het delict zou zijn begaan.
> Wijze van ten laste leggen bij grootschalige kinderpornografie (Bijzonderstrafrecht.nl)
Recht.nl artikelWijze van tenlasteleggen van grote aantallen feiten in fiscale fraudezaken (17-04-2019)
In geval van tenlasteleggingen waarbij grootschaligheid van de feiten aan de orde is heeft de Hoge Raad, met betrekking tot tenlastelegging van het bezit van kinderpornografie, richtinggevende arresten gewezen. In die arresten zijn opmerkingen geplaatst over de wijze van tenlasteleggen en de wijze waarop bij de straftoemeting rekening kan worden gehouden met het grootschalig karakter van het delict.
> Overwegingen over wijze van tenlasteleggen van grote aantallen feiten in fiscale fraudezaken & rekening houden met grootschaligheid van delict in straftoemeting (Bijzonderstrafrecht.nl)
TijdschriftartikelHoge Raad 17-11-2015
NJB 2015/2119
Wijze van tenlasteleggen bij grote hoeveelheden afbeeldingen in de zin van art. 240b lid 1 Sr: aanvulling overzichtsarresten HR 20 december 2011, ECLI:NL:HR:2011:BS1739, NJ 2012/147 en HR 24 juni 2014, ECLI:NL:HR:2014:1497, NJ 2014/339. De tenlastelegging in casu voldoet niet aan de in deze arresten geschetste uitgangspunten. In casu heeft hof verzuimt te beslissen op het beroep op de nietigheid van de dagvaarding op de grond dat onduidelijk is wat op deze afbeeldingen te zien is, zodat de verdachte niet weet waartegen hij zich moet verdedigen.
TijdschriftartikelHoge Raad 17-11-2015
RvdW 2015/1279
Wijze tenlasteleggen bij grootschalig bezit kinderporno.
TijdschriftartikelHoge Raad 17-11-2015
NBSTRAF 2016/9
Kinderporno, Tenlastelegging.
TijdschriftartikelHoge Raad 17-11-2015 (met noot)
A.H. Klip
NJ 2017/217
Bij een vervolging ter zake van het grootschalige bezit van kinderporno zou het aantal in de tenlastelegging vermelde (en voldoende feitelijk omschreven) afbeeldingen beperkt moeten blijven tot vijf, zonder verwijzing naar de aangetroffen grotere hoeveelheid. Bij de strafoplegging kan dan rekening worden gehouden met het grootschalige karakter, bijv. o.g.v. de erkenning daarvan door de verdachte ó hetgeen betekent dat de concrete afbeeldingen of de exacte hoeveelheid kinderporno niet behoeven te worden besproken ó of o.g.v. de uitkomst van een in het voorbereidend onderzoek uitgevoerde steekproef uit het aangetroffen materiaal, mits de verdachte in de gelegenheid is gesteld de bij de steekproef gehanteerde methode aan de orde te stellen (vgl. HR 20 december 2011, ECLI:NL:HR:2011:BS1739, NJ 2012/147 en HR 24-06-2014, ECLI:NL:HR:2014:1497, NJ 2014/339).
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2011:BS1739 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2014:1497 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:1995:ZD0095 ★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:1995:ZD0096 ★★★
Gerelateerd ECLI:NL:PHR:2015:2267
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2017:3124 ★★★
Gerelateerd ECLI:NL:PHR:2017:1227
Gerelateerd ECLI:NL:PHR:2018:1322
Gerelateerd ECLI:NL:PHR:2017:1346
Gerelateerd ECLI:NL:GHSHE:2017:4433
Gerelateerd ECLI:NL:RBMNE:2016:4229
Gerelateerd ECLI:NL:PHR:2015:2267
Gerelateerd ECLI:NL:GHSHE:2019:1242
Gerelateerd ECLI:NL:RBAMS:2017:8681
Gerelateerd ECLI:NL:RBAMS:2017:8564
Gerelateerd ECLI:NL:RBAMS:2017:1104
Gerelateerd ECLI:NL:GHAMS:2017:934
Gerelateerd ECLI:NL:RBMNE:2016:2523
Gerelateerd ECLI:NL:RBGEL:2016:3677
Gerelateerd ECLI:NL:RBGEL:2016:1686
Gerelateerd ECLI:NL:GHAMS:2016:1777