Hoge Raad, 01-12-2015 / 14/03955


ECLIECLI:NL:HR:2015:3436
Datum01-12-2015
InhoudsindicatieSalduz. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:BH3079, NJ 2009/349. Het Hof heeft de door ve op 3 juli 2008 bij de politie afgelegde verklaring tot het bewijs gebezigd. Daarmee heeft het Hof miskend dat, naar uit genoemd arrest volgt, een dergelijk verzuim behoudens een tweetal uitz. zonder meer tot bewijsuitsluiting dient te leiden. Doen die uitz. zich niet voor, dan zal de desbetreffende verklaring van de ve dus niet voor het bewijs mogen worden gebruikt. Zulks behoeft evenwel bij gebrek aan belang niet tot cassatie te leiden. Het onjuiste gebruik van genoemde verklaring betekent dat de bwv van feit 1 alleen v.zv. deze inhoudt dat ve over de borsten en de vagina () heeft gewreven, ontoereikend is gemotiveerd. Gelet op de inhoud van de overige door het Hof gebezigde bwm, is de bwv van hetgeen onder 1 overigens en onder 2 is tenlastegelegd immers - ook met weglating van voormelde verklaring van ve - toereikend gemotiveerd. Gelet daarop en in aanmerking genomen dat de aard en de ernst van hetgeen is bewezenverklaard in zijn geheel beschouwd niet worden aangetast indien het gewraakte onderdeel uit de bwv van feit 1 vervalt, heeft ve geen rechtens te respecteren belang bij vernietiging van de bestreden uitspraak en terug-of verwijzing van de zaak voor een nieuwe behandeling.
TijdschriftartikelHoge Raad 01-12-2015
NJB 2015/2242
Salduz-recht om een raadsman te raadplegen en analogische toepassing art. 80a ROrechtspraak: terechte cassatieklacht dat hof door Salduz-schending verkregen bewijs niet heeft uitgesloten, leidt toch niet tot cassatie wegens gebrek aan belang. Het onjuiste gebruik van voormelde verklaring van de verdachte betekent dat de bewezenverklaring alleen voor zover deze inhoudt dat de verdachte ‘over de borsten en de vagina van slachtoffer heeft gewreven’, ontoereikend is gemotiveerd. Erop gelet dat de bewezenverklaring van hetgeen overigens is tenlastegelegd toereikend is gemotiveerd en in aanmerking genomen dat de aard en de ernst van hetgeen is bewezenverklaard in zijn geheel beschouwd niet worden aangetast indien het gewraakte onderdeel uit de bewezenverklaring vervalt, heeft de verdachte geen rechtens te respecteren belang bij vernietiging van de bestreden uitspraak en terug- of verwijzing van de zaak voor een nieuwe behandeling.
TijdschriftartikelHoge Raad 01-12-2015
RvdW 2016/74
Salduz. Het hof heeft de door verdachte op 3 juli 2008 bij de politie afgelegde verklaring tot het bewijs gebezigd, welke verklaring is afgelegd zonder dat de verdachte, die was aangehouden, gelegenheid is geboden om voorafgaand aan het eerste verhoor door de politie een advocaat te raadplegen. Gelet op overige bewijsvoering geen belang bij cassatie.
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2009:BH3079 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:PHR:2015:2323
Gerelateerd ECLI:NL:GHARL:2014:5505
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2016:1005 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:PHR:2015:2323
Gerelateerd ECLI:NL:GHARL:2014:5505
Gerelateerd ECLI:NL:RBGEL:2017:626
Gerelateerd ECLI:NL:GHARL:2017:6717