Parket bij de Hoge Raad, 04-06-2013 / 11/02762


ECLIECLI:NL:PHR:2013:676
Datum04-06-2013
InhoudsindicatieDe opvatting van het middel dat het bezigen voor het bewijs van de in bewijsmiddel 103 weergegeven verklaring van X in strijd is met hetgeen het Hof met het oog op de partiŰle vrijspraak van het onder 1 tlgd. heeft overwogen t.a.v. de tegenover de R-C afgelegde verklaring van X waaraan dat bewijsmiddel is ontleend, is onjuist. De overweging van het Hof dat niet is komen vast te staan dat X ook betrokken was bij het transport waarop de zaak Y betrekking heeft en de daaraan verbonden conclusie dat het onder het 5e gedachtestreepje tlgd., v.zv. dat ziet op het leveren van een schip en/of bemanning t.b.v. het vervoer van de coca´ne, en het onder het laatste gedachtestreepje tlgd. (betreffende de aanbetaling aan X) niet wettig en overtuigend bewezen is, staat niet eraan in de weg dat voor het overige aan de verklaring van X voor de bewezenverklaring redengevende feiten of omstandigheden worden ontleend. Het oordeel van het Hof dat uit de verklaring van X kan worden afgeleid dat het gaat om de invoer van coca´ne is niet onbegrijpelijk. De zaak wordt naar de rolzitting verwezen teneinde de A-G - die tot gegrondbevinding van het middel had geconcludeerd - alsnog in de gelegenheid te stellen zich over het 2e middel uit te laten.
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2008:BD2578 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2004:AO8315 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2004:AR3230 ★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:PHR:2003:AF1924 ★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2008:BB7678 ★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2013:583 ★★
Gerelateerd ECLI:NL:PHR:2002:AD8906
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2013:583 ★★