Parket bij de Hoge Raad, 13-09-2016 / 15/02955


ECLIECLI:NL:PHR:2016:1100
Datum13-09-2016
InhoudsindicatieVordering b.p. Kosten rechtsbijstand. Liquidatietarief. HR herhaalt uit ECLI:NL:HR:1999:ZD1533 en ECLI:NL:HR:2000:ZD1786 dat rechtsbijstandskosten geen rechtstreekse schade zijn a.b.i. art. 51f.1 Sv en daarom niet als onderdeel van de schade in de zin van art. 51f Sv kunnen worden gevorderd, dan wel in aanmerking kunnen worden genomen bij de oplegging van de svm. Wel zijn ze te rekenen tot de proceskosten waaromtrent de rechter ex art. 592a Sv een afzonderlijke beslissing dient te geven die ex art. 361.6 Sv in het vonnis dient te worden opgenomen. Voorts herhaalt de HR ECLI:NL:HR:2001:AB1819 en ECLI:NL:HR:2002:AD8866 m.b.t. de i.h.k.v. art. 592a Sv te hanteren maatstaf en het in civiele procedures gehanteerde liquidatietarief. De rechter kan het aangewezen achten het liquidatietarief kantonzaken toe te passen als de vordering beneden de bevoegdheidsgrens van de kantonrechter blijft dan wel in voorkomende gevallen de proceskosten berekenen overeenkomstig het liquidatietarief rechtbank of hof. De rechter kan evenwel van het door hem toepasselijk geachte liquidatietarief afwijken, al zal hij wanneer hij de werkelijke kosten wenst te vergoeden, die afwijking dienen te motiveren (vgl. ECLI:NL:HR:2009:BG7995). I.c. heeft het hof onder het aan de b.p. toegekende bedrag de kosten voor rechtsbijstand begrepen en heeft dientengevolge die kosten ook in aanmerking genomen bij de oplegging van de maatregel van art. 36f.1 Sr. Daarmee heeft het hof miskend hetgeen hiervoor is overwogen. Volgt gedeeltelijke vernietiging en terugwijzing.
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2008:BD2578 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2015:1600 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2001:AB1819 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2017:653 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2009:BG7995 ★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2002:AD8866 ★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2012:BX4442 ★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2006:AV5019 ★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2017:653 ★★★★★