Parket bij de Hoge Raad, 05-04-2016 / 14/02941


ECLIECLI:NL:PHR:2016:434
Datum05-04-2016
InhoudsindicatieFalende bewijsklacht. Aangetroffen sporen zijn dadersporen; bewijs berust mede op DNA-sporen (bloed) aangetroffen op plaats delict van woninginbraak. HR: 81.1 RO.
TijdschriftartikelParket bij de Hoge Raad 05-04-2016
E&R 2016-4, p. 183
Falende bewijsklachten in cassatie. Het betreft klachten dat niet is voldaan aan wettelijke bewijsminima. Dadersporen? Het enige bewijs voor verdachtes daderschap in deze zaak zou ‘een DNA-match’ zijn. De advocaat-generaal gaat in zijn conclusie in op jurisprudentie waarin DNA-sporen (bijna) het enige bewijs vormen. De Hoge Raad doet het cassatieberoep af via artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie.
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2008:BD2578 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2012:BW7372 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:GHLEE:2011:BQ6234 ★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:GHAMS:2010:BN6408 ★★★
Gerelateerd ECLI:NL:GHLEE:2011:BP4646 ★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2016:214 ★★★
Gerelateerd ECLI:NL:RBAMS:2008:BC4148 ★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2016:1019 ★★
Gerelateerd ECLI:NL:GHAMS:2012:BY8908
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2004:AO8318
Gerelateerd ECLI:NL:GHDHA:2013:3144
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2016:1019 ★★
Gerelateerd ECLI:NL:RBLIM:2017:6245