Parket bij de Hoge Raad, 20-03-2018 / 17/03695


ECLIECLI:NL:PHR:2018:219
Datum20-03-2018
InhoudsindicatieConclusie AG over redelijke termijn in WOTS-zaken. Uitgangspunt van de rechtbank dat het aanvangsmoment voor de redelijke termijn moet worden bepaald op de betekening van de vordering van de officier van justitie ex art. 18 WOTS en dat het beroep op, overschrijding van de termijn daarom faalt i.c. niet juist. Omdat de rechtbank wel in vergaande mate rekening houdt met het tijdsverloop kan vernietiging van de beslissing van de rechtbank volgens de AG achterwege blijven.
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2008:BD2578 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2000:AA5530 ★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2012:BU2064 ★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2009:BI0548 ★★
Gerelateerd ECLI:NL:PHR:2012:BU2064
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2018:716