Rechtbank Den Haag, 30-04-2014 / AWB-13_10189


ECLIECLI:NL:RBDHA:2014:5658
Datum30-04-2014
InhoudsindicatiePKV De inspecteur komt geheel tegemoet aan de bezwaren van X. X verzoekt om een integrale proceskostenvergoeding. De rechtbank oordeelt dat op het moment dat de inspecteur uitspraak op bezwaar deed, het niet duidelijk was dat die uitspraak in een (de) daartegen ingestelde procedure geen stand zou houden. In de door X aan de inspecteur overgelegde akte stond duidelijk vermeld dat de koopprijs voor de onroerende zaak 425.000 bedroeg. Uit die akte viel niet af te leiden dat partijen hadden afgesproken dat X het gedeelte van de schuld tot een hoger bedrag dan 425.000 zou overnemen als tegenprestatie voor de onroerende zaak. Daarbij heeft X in zijn aangifte overdrachtsbelasting ook een bedrag van 425.000 vermeld. Het enkele feit dat verweerder bijna twee maanden na het ontvangen van de gerectificeerde akte aan het bezwaar is tegemoetgekomen, is volgens de rechtbank evenmin een bijzondere omstandigheid als bedoeld in artikel 2, derde lid, van het Besluit die vergoeding van de integrale kosten van de motivering van het beroepschrift rechtvaardigt. De rechtbank kent een forfaitaire proceskostenvergoeding toe.
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2007:BA2802 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2011:BP2975 ★★★★★