Rechtbank Den Haag, 22-10-2019 / C/09/576677 / KG ZA 19/652


ECLIECLI:NL:RBDHA:2019:11096
Datum22-10-2019
InhoudsindicatieAanbieders jeugdhulp in het gelijk gesteld in kort geding tegen 10 gemeenten 10 gemeenten in de regio Haaglanden, waaronder de gemeente Den Haag, zijn in april 2019 een gezamenlijke procedure gestart voor inkoop van jeugdhulp voor de periode 2020-2024. Volgens de gemeenten zijn de door hen in die inkoopprocedure gehanteerde tarieven reŽel en noodzakelijk om de jeugdhulp efficiŽnter en effectiever te maken. Jeugdformaat en 11 marktpartijen hebben een kort geding gevoerd tegen de gemeenten om deze tarieven aan te passen. Volgens de jeugdhulpaanbieders zijn de tarieven namelijk te laag en niet kostendekkend. Zij stellen dat zij niet langer in staat zijn goede jeugdhulp te verlenen als de tarieven niet worden aangepast en dat zij dan structureel verlies lijden. De Haagse voorzieningenrechter komt onder meer tot de conclusie dat verschillende definities worden gehanteerd bij de diverse cijfers en percentages waar de gemeenten hun tarieven op baseren. Daardoor worden als het ware appels met peren vergeleken. Daarnaast is naar het oordeel van de voorzieningenrechter onvoldoende rekening gehouden met regionale en organisatie-specifieke aspecten die van invloed zijn op de kostprijs van de jeugdhulp. De 10 gemeenten moeten daarom opnieuw naar de tarieven kijken voor de inkoop van jeugdhulp en deze in overeenstemming brengen met de Jeugdwet, zodat de tarieven alsnog kostendekkend en reŽel worden.
Recht.nl artikelGezamenlijke inkoop van jeugdhulp door 10 gemeenten stuit op bezwaren van aanbieders (22-10-2019)
Tien gemeenten zijn een gezamenlijke procedure gestart voor inkoop van jeugdhulp. Volgens de gemeenten zijn de door hen in die inkoopprocedure gehanteerde tarieven reŽel en noodzakelijk om de jeugdhulp efficiŽnter en effectiever te maken. De voorzieningenrechter komt onder meer tot de conclusie dat verschillende definities worden gehanteerd bij de cijfers en percentages waar de gemeenten hun tarieven op baseren. Daarnaast is onvoldoende rekening gehouden met regionale en organisatie-specifieke aspecten die van invloed zijn op de kostprijs van de jeugdhulp. De gemeenten moeten opnieuw naar de tarieven kijken en zorgen dat deze kostendekkend worden voor contractpartijen.
> Aanbieders jeugdhulp in het gelijk gesteld in kort geding tegen 10 gemeenten (Rechtspraak.nl)
> Opzienbarende uitspraak voorzieningenrechter Den Haag aanpassing tarieven kosten Jeugdhulp (Dick Timmermans, TK.nl)
> Aanbieders jeugdhulp in het gelijk gesteld in kort geding (Aanbestedingsnieuws.nl)
> Disproportionaliteit voorwaarden (Pianoo.nl)
TijdschriftartikelRechtbank Den Haag 22-10-2019 (met noot)
N.A.D. Groot
278
Bij de inkoop van jeugdhulp blijven tarieven een heikel punt. Zo ook in deze zaak. De H10-gemeenten zijn een zogenoemde Ďaanmeldprocedureí in het kader van het open-housemodel gestart voor de inkoop van specialistische en hoog-specialistische/hoog-complexe jeugdhulp. De daarin gehanteerde (voorgeschreven) tarieven werden echter als te laag c.q. disproportioneel beschouwd. De voorzieningenrechter oordeelt dat de H10-gemeenten onvoldoende hebben kunnen onderbouwen dat zij proportionele en reŽle tarieven hebben vastgesteld, die kostendekkend zijn en die voldoen aan de eisen die de Jeugdwet daaraan stelt.