Rechtbank Limburg, 15-06-2016 / 03/138597-15 en 03/041580-15 (ttg)


ECLIECLI:NL:RBLIM:2016:5048
Datum15-06-2016
InhoudsindicatieArtikel 55, tweede lid Wetboek van Strafrecht; artikel 227b Wetboek van Stafrecht; artikel 25 en 27A Werkloosheidswet (WW); artikel 12 en 14A Toeslagenwet (TW). Verhouding tussen het opleggen van een bestuurlijke boete ex de artikelen 27A WW en 14A TW en de vervolging ex 227b Wetboek van Strafrecht; uit bewoordingen blijkt niet van een lex specialis ten opzichte van een lex generalis. De Memorie van Toelichting bij het wetsvoorstel tot Wijziging van de socialezekerheidswetten in verband met de regeling van de bestuurlijke boete geeft aan dat een overtreding van de inlichtingenverplichting van de sociale zekerheidswetten zowel een bestuursrechtelijke overtreding als een strafbaar feit kan opleveren. De Memorie van Toelichting verwijst naar de Aanwijzing sociale zekerheidsfraude waarbij het opsporings- en vervolgingsbeleid is vastgelegd met betrekking tot fraude met uitkeringen, verstrekt krachtens de sociale zekerheidswetgeving. De Aanwijzing stelt dat gelet op het una via-beginsel, in elke zaak bij de sanctionering gekozen dient te worden tussen het bestuurlijke of strafrechtelijke traject. Om richting te geven aan het una via-beginsel worden vervolgens twee categorieŽn onderscheiden in de Aanwijzing. In beginsel worden zaken van de eerste categorie bestuursrechtelijk afgedaan. Dat betreft zaken met een benadelingsbedrag kleiner dan 50.000,00 euro. Zaken van de tweede categorie worden strafrechtelijk afgedaan, dat zijn zaken met een benadelingsbedrag groter of gelijk aan 50.000,00 euro. Daarop zijn uitzonderingen mogelijk. Dat is het geval bij een combinatie van sociale zekerheidsfraude met een of meer (andersoortige) strafbare feiten. Dan wordt de combinatie met fiscale, economische en commune delicten meegewogen in de beoordeling of een zaak met een benadelingsbedrag tot 50.000,00 toch strafrechtelijk dient te worden aangepakt. Dat is in casu het geval, nu er behalve sociale zekerheidsfraude ook sprake is van een verdenking van hennepteelt en diefstal van stroom. De strafrechtelijke vervolging van verdachte op grond van artikel 227b Sr is conform de Aanwijzing sociale zekerheidsfraude van het Openbaar Ministerie. Aan de verdachte is ook feitelijk geen bestuurlijke boete opgelegd, zodat ook van ne bis in idem geen sprake is.
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2008:BD2578 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:CRVB:2001:AB0469 ★★