Rechtbank Noord-Holland, 06-06-2019 / 15/242811-18


ECLIECLI:NL:RBNHO:2019:4834
Datum06-06-2019
InhoudsindicatieVerdachte heeft zich meermalen schuldig gemaakt aan bedreigingen aan het adres van medewerkers van de school genaamd Jan Arentsz en het voorhanden hebben van een stroomstootwapen. De rechtbank verklaart verdachte verminderd toerekeningsvatbaar. Alles afwegend acht de rechtbank een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van vier weken, met aftrek van de tijd die verdachte reeds in voorarrest heeft doorgebracht, passend en geboden. Nu verdachte reeds langere tijd in voorarrest heeft doorgebracht, namelijk 104 dagen, ziet de rechtbank geen ruimte om verdachte een deels voorwaardelijke gevangenisstraf met bijzondere voorwaarden op te leggen zoals door de officier van justitie is gevorderd en door de deskundigen is geadviseerd. De rechtbank is van oordeel dat ter beveiliging van de maatschappij en ter voorkoming van strafbare feiten naast gevangenisstraf tevens een vrijheidsbeperkende maatregel dient te worden opgelegd voor de duur van drie jaren, inhoudende dat verdachte op geen enkele wijze - direct of indirect - contact zal opnemen, zoeken of hebben met docenten en medewerkers van Scholengemeenschap Jan Arentsz. De rechtbank beveelt dat deze maatregel dadelijk uitvoerbaar is.