Rechtbank Noord-Nederland, 22-10-2019 / 18/730259-14


ECLIECLI:NL:RBNNE:2019:4438
Datum22-10-2019
InhoudsindicatieVerdachte heeft zich schuldig gemaakt aan diefstal met braak van een dure sloep. Hij heeft zich daarnaast schuldig gemaakt aan schuldheling van een andere sloep. In deze zaak is de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6, eerste lid, Europees Verdrag tot bescherming van de Rechten van de Mens en de fundamentele vrijheden (EVRM) in ernstige mate overschreden. Gelet op het tijdsverloop van meer dan zes jaar acht de rechtbank oplegging van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf niet langer passend. De rechtbank legt daarom een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf aan verdachte op.
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2008:BD2578 ★★★★★