Rechtbank Oost-Brabant, 15-02-2017 / C/01/300000 / HA ZA 15-724


ECLIECLI:NL:RBOBR:2017:725
Datum15-02-2017
InhoudsindicatieContradictoir. Bestuurdersaansprakelijkheid. Artikel 2:9 BW. Artikel 6:162 BW. Stelplicht. Contradictoire handelszaak. Bestuurdersaansprakelijkheid (artikelen 2:9 en 6:162 BW). Stelplicht. De voormalig voorzitter van een stichting wordt door die stichting aangesproken tot vergoeding van de schade die de stichting lijdt doordat een overheidssubsidie die eerder aan de stichting was verstrekt, na het aftreden van de voormalig voorzitter door de Minister alsnog wordt teruggevorderd. Die terugvordering vindt plaats omdat de accountant van de stichting zijn eerder verstrekte goedkeuringsverklaring na hercontrole heeft ingetrokken, waardoor niet langer aan de subsidievoorwaarden wordt voldaan. De stichting verwijt de voormalig voorzitter o.a. (1) te hebben gehandeld in strijd met de statuten, (2) subsidie te hebben gebruikt voor privédoeleinden en (3) niet te hebben gezorgd voor een deugdelijke administratie. De rechtbank wijst de vorderingen af. Door de stichting is niet gesteld dat de beweerdelijke schending van de statuten in causaal verband staat met de schade. Het verwijt dat de voormalig voorzitter subsidie voor privédoeleinden zou hebben gebruikt is onvoldoende onderbouwd. De stichting heeft omtrent het beweerdelijk niet voeren van een deugdelijke administratie in het licht van de bijzondere omstandigheden van het geval onvoldoende gesteld en onderbouwd om te kunnen komen tot het oordeel dat sprake is geweest van persoonlijk ernstig verwijtbaar handelen door de voormalig voorzitter en dat dit de oorzaak is geweest van de intrekking van de subsidie.
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2006:AZ0758 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:RBOBR:2015:3334
Gerelateerd ECLI:NL:GHSHE:2017:2879