Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 23-02-2017 / BRE - 16 _ 3933


ECLIECLI:NL:RBZWB:2017:1079
Datum23-02-2017
InhoudsindicatieBelanghebbende is aansprakelijk gesteld met toepassing van artikel 36 IW. De aangetekend verzonden beschikking is niet afgehaald. De beschikking is later, toen de bezwaartermijn al was verstreken, aan belanghebbende overhandigd waarna bezwaar is ingediend. De ontvanger heeft het bezwaar ontvankelijk verklaard en in de uitspraak op bezwaar vermeld dat sprake is van een verschoonbare termijnoverschrijding. Kort voor de zitting heeft de ontvanger zich op het standpunt gesteld dat het bezwaar alsnog niet-ontvankelijk verklaard dient te worden in verband met overschrijding van de bezwaartermijn. Naar het oordeel van de rechtbank is het bezwaar buiten de bezwaartermijn ingediend. Ná het einde van de bezwaartermijn gedane toezegging of inhoudelijke beoordeling van het bezwaar leidt niet tot een verschoonbare termijnoverschrijding. De wettelijke regeling over een bezwaartermijn is van openbare orde; hierover kunnen partijen geen afspraken maken. Ook kan geen geslaagd beroep worden gedaan op de algemene beginselen van behoorlijk bestuur. De rechtbank verklaart het bezwaar alsnog niet-ontvankelijk. De rechtbank acht de handelswijze van de ontvanger onzorgvuldig, maar niet zodanig onzorgvuldig dat bijzondere omstandigheden aanwezig voor een vergoeding van de werkelijke kosten.
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2007:BA2802 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2011:BP2975 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2000:AA8419 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2015:1775 ★★
Gerelateerd ECLI:NL:GHSHE:2011:BT8233 ★★
Gerelateerd ECLI:NL:GHSHE:2008:BD5693
Gerelateerd ECLI:NL:GHSHE:2018:3649