Raad van State, 03-07-2013 / 201201690/1/T2/A2


ECLIECLI:NL:RVS:2013:112
Datum03-07-2013
InhoudsindicatieBij besluit van 9 november 2010 heeft het college een aanvraag van [appellant] om een tegemoetkoming in planschade afgewezen.
TijdschriftartikelRaad van State 03-07-2013 (met noot)
B. van den Broek
StAB 2013/118
Casus Het college dient te bepalen of de gestelde schade binnen het normale maatschappelijke risico valt. Rechtsvraag Wat zijn de van belang zijnde omstandigheden ter bepaling van de schade als gevolg van een planologische ontwikkeling? Uitspraak Artikel 6.1, eerste lid, van de Wro heeft, anders dan artikel 49 van de WRO, geen betrekking op een vergoeding van schade, maar op een tegemoetkoming in de schade. Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen (uitspraak van 5 september 2012 in zaak nr. 201113115/1/T1/A2) moet de vraag of schade als gevolg van een planologische ontwikkeling als bedoeld in artikel 6.1, tweede lid, van de Wro tot het normale maatschappelijke risico behoort, worden beantwoord met inachtneming van alle van belang zijnde omstandigheden van het geval. Van belang is onder meer of de planologische ontwikkeling als een normale maatschappelijke ontwikkeling kan worden beschouwd waarmee de benadeelde rekening had kunnen houden in die zin dat de ontwikkeling in de lijn der verwachtingen lag, ook al bestond geen concreet zicht op de omvang waarin, de plaats waar en het moment waarop de ontwikkeling zich zou voordoen. In dit verband komt betekenis toe aan de mate waarin de ontwikkeling naar haar aard en omvang binnen de ruimtelijke structuur van de omgeving en het gevoerde planologische beleid past. Omstandigheden die verder van belang kunnen zijn, zijn de afstand van de locatie waar de ontwikkeling heeft plaatsgevonden tot de onroerende zaak van de aanvrager en de aard en de omvang van het door de ontwikkeling veroorzaakte nadeel. Gelet hierop zal het college dienen te motiveren of en zo ja, in hoeverre de door appellant geleden schade tot het normale maatschappelijke risico behoort. Daarbij kan een forfaitaire drempel worden gehanteerd of een kortingspercentage worden toegepast. Dat artikel 6.2, tweede lid, van de Wro niet van toepassing is op de aanvraag van appellant om een tegemoetkoming in de planschade, staat daaraan niet in de weg. artikel 6.1 Wro Ingevolge artikel 49, zesde lid, van de Wet op de Raad van State, zoals die bepaling ten tijde van belang luidde, kan de Afdeling het bestuursorgaan opdragen een gebrek in het bestreden besluit te herstellen of te laten herstellen.
TijdschriftartikelRaad van State 03-07-2013 (met noot)
B. van den Broek
StAB 2014/24
Van belang zijnde omstandigheden ter bepaling of schade als gevolg van een planologische ontwikkeling als bedoeld in artikel 6.1, tweede lid, van de Wro tot het normale maatschappelijke risico behoort
TijdschriftartikelRaad van State 03-07-2013 (met noot)
J.W. van Zundert
BR 2013/121
Ten aanzien van de alsnog toegekende tegemoetkoming in planschade is ten onrechte verzuimd te beoordelen of de schade geacht moet worden tot het normaal maatschappelijk risico van aanvrager te behoren. Aanwijzingen voor deze beoordeling (Oss).
Gerelateerd ECLI:NL:RVS:2016:2582 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:RBMNE:2017:4591
Gerelateerd ECLI:NL:RBMNE:2017:4588
Gerelateerd ECLI:NL:RBLIM:2019:7493
Gerelateerd ECLI:NL:RBGEL:2018:3801
Gerelateerd ECLI:NL:RBAMS:2014:3448