Centrale Raad van Beroep, 09-03-2009 / 08/4494 WW-V


ECLI:NL:CRVB:2009:BH6230

Inhoudsindicatie
Ongegrond verklaring van het verzet. Termijnoverschrijding gronden van het hogerberoepschrift. Geen sprake van verschoonbaarheid.
Instantie
Centrale Raad van Beroep
Uitspraakdatum
2009-03-09
Publicatiedatum
2009-03-18
Zaaknummer
08/4494 WW-V
Procedure
Verzet
Rechtsgebied
Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht



Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Uitspraak

08/4494 WW-V


Centrale Raad van Beroep


Enkelvoudige kamer


U I T S P R A A K


als bedoeld in artikel 8:55, vijfde lid, van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van de Beroepswet in verband met het hoger beroep van:


[Appellante], wonende te [woonplaats], (hierna: appellante),


tegen de uitspraak van de rechtbank Alkmaar van 18 juni 2008, 07/2354, (hierna: aangevallen uitspraak),


in het geding tussen:


[cliënt], wonende te [woonplaats],


en


de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (hierna: Uwv)


I. PROCESVERLOOP


Bij uitspraak als bedoeld in artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van de Beroepswet van 30 oktober 2008 heeft de Raad het door appellante ingestelde hoger beroep tegen de aangevallen uitspraak niet-ontvankelijk verklaard.


Tegen de uitspraak van de Raad van 30 oktober 2008 heeft appellante verzet gedaan.


Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 23 februari 2008. Appellante is in persoon verschenen, vergezeld door haar cliënt [cliënt]. Het Uwv is niet verschenen.


II. OVERWEGINGEN


De uitspraak van de Raad van 30 oktober 2008 berust op twee overwegingen:

- Nu appellante heeft verzuimd binnen de daartoe gestelde termijn een machtiging over te leggen van [cliënt], moet zij worden geacht voor zichzelf hoger beroep te hebben ingesteld; appellante is echter geen belanghebbende.

- Het hogerberoepschrift bevat niet de gronden van het hoger beroep en dit verzuim is niet binnen de daartoe gestelde termijn hersteld.


Appellante heeft in het verzetschrift en ter zitting aangevoerd dat de machtiging wel tijdig is overgelegd. Voorts heeft zij verklaard dat de gronden van het hoger beroep niet zijn ingezonden omdat zij en [cliënt] in afwachting waren van nadere stukken.


Appellante heeft erkend dat het hogerberoepschrift niet de gronden van het hoger beroep bevat en dat dit verzuim niet binnen de daartoe gestelde termijn is hersteld. In hetgeen appellante naar voren heeft gebracht is geen grond gelegen voor het oordeel dat sprake is van verschoonbaarheid. Reeds op deze grond dient het verzet ongegrond te worden verklaard.


Voor een veroordeling in de kosten van het verzet ziet de Raad geen aanleiding.


III. BESLISSING


De Centrale Raad van Beroep;


Recht doende:


Verklaart het verzet ongegrond.


Deze uitspraak is gedaan door T.G.M. Simons. De beslissing is, in tegenwoordigheid van M.B. de Gooijer als griffier, uitgesproken in het openbaar op 9 maart 2009.


(get.) T.G.M. Simons.


(get.) M.B. de Gooijer.


BvW