Centrale Raad van Beroep, 07-01-2011 / 10-1572 WIA


ECLI:NL:CRVB:2011:BP0214

Inhoudsindicatie
Intrekking WGA-vervolguitkering. Voldoende medisch onderzoek. Geen medische stukken overgelegd waaruit blijkt dat appellant meer objectieve afwijkingen aan zijn rug heeft dan het Uwv heeft aangenomen. Geschiktheid geduide functies.
Instantie
Centrale Raad van Beroep
Uitspraakdatum
2011-01-07
Publicatiedatum
2011-01-11
Zaaknummer
10-1572 WIA
Procedure
Hoger beroep



Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Uitspraak

10/1572 WIA


Centrale Raad van Beroep


Enkelvoudige kamer


U I T S P R A A K


op het hoger beroep van:


[Appellant] wonende te [woonplaats] (hierna: appellant),


tegen de uitspraak van de rechtbank Zwolle-Lelystad van 3 februari 2010, 09/1046 (hierna: aangevallen uitspraak),


in het geding tussen:


appellant


en


de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (hierna: Uwv).


Datum uitspraak: 7 januari 2011


I. PROCESVERLOOP


Appellant heeft hoger beroep ingesteld en het Uwv heeft een verweerschrift ingediend.


Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 10 december 2010. Appellant is verschenen. Het Uwv was vertegenwoordigd door mr. A.H. Rebel.


II. OVERWEGINGEN


1.1. Bij besluit van 17 oktober 2008 heeft het Uwv appellant meegedeeld dat zijn loongerelateerde WGA-uitkering eindigt op 31 januari 2009 en dat hij vanaf dat moment een WGA-vervolguitkering krijgt.


1.2. Bij besluit van 3 februari 2009 heeft het Uwv appellant meegedeeld dat hij vanaf

4 april 2009 geen WGA-vervolguitkering meer krijgt omdat hij minder dan 35% arbeidsongeschikt is.


1.3. Bij besluit van 3 maart 2009 (bestreden besluit) heeft het Uwv de bezwaren van appellant tegen die besluiten ongegrond verklaard.


2. De rechtbank heeft bij de aangevallen uitspraak het beroep van appellant tegen dat besluit ongegrond verklaard. De rechtbank vindt dat voldoende onderzoek is gedaan door de verzekeringsarts en de bezwaarverzekeringsarts. De conclusies van de verzekeringsarts en de bezwaarverzekeringsarts over de belastbaarheid van appellant op de data in geding zijn niet verkeerd. Appellant heeft geen medische stukken overgelegd waaruit blijkt dat hij meer beperkingen heeft. De rechtbank vindt verder dat appellant de voor hem uitgezochte functies van magazijnmedewerker, besteller en samensteller metaalwaren kan vervullen.


3. In hoger beroep heeft appellant gesteld dat hij sinds 2005 erge rugklachten heeft en veel pijn lijdt. Daarom kan hij niet meer werken.


4.1. De Raad overweegt als volgt.


4.2. Appellant heeft in hoger beroep grotendeels herhaald wat hij bij de rechtbank heeft gezegd. De rechtbank is daar voldoende en gemotiveerd op ingegaan en heeft het standpunt van appellant met goede redenen niet gevolgd. De Raad denkt daar hetzelfde over en sluit zich aan bij het oordeel van de rechtbank. De Raad voegt daaraan toe dat appellant ook bij de Raad geen medische stukken heeft overgelegd waaruit blijkt dat hij meer objectieve afwijkingen aan zijn rug heeft dan het Uwv heeft aangenomen. Het Uwv hoeft appellant niet beter te maken maar moet de beperkingen van appellant onderzoeken en beoordelen of hij daarmee kan werken. Dat heeft het Uwv gedaan. Deze taak gaat in het algemeen niet zover dat het Uwv een MRI-scan moet laten doen. Daarvoor moet appellant naar zijn huisarts of behandelend specialist gaan.


4.3. De Raad vindt dan ook dat appellant de voor hem uitgezochte functies, die lichamelijk niet zwaar zijn, kan uitoefenen.


5. Het hoger beroep slaagt dus niet. Er zijn geen redenen voor een proceskostenveroordeling.


III. BESLISSING


De Centrale Raad van Beroep,


Recht doende:


Bevestigt de aangevallen uitspraak.


Deze uitspraak is gedaan door I.M.J. Hilhorst-Hagen in tegenwoordigheid van R.L. Venneman als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 7 januari 2011.


(get.) I.M.J. Hilhorst-Hagen.


(get.) R.L. Venneman.


KR