Centrale Raad van Beroep, 28-04-2015 / 14-868 WWB


ECLI:NL:CRVB:2015:1389

Inhoudsindicatie
Intrekking en terugvordering bijstand. Hennepkwekerij. Anders dan de rechtbank en met appellant is de Raad van oordeel dat appellant met de bevindingen van de fraudespecialist aannemelijk heeft gemaakt dat sprake is geweest van drie hennepoogsten in de woning van betrokkene.
Instantie
Centrale Raad van Beroep
Uitspraakdatum
2015-04-28
Publicatiedatum
2015-05-07
Zaaknummer
14-868 WWB
Procedure
Hoger beroep
Rechtsgebied
Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht

Formele relatie


Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Uitspraak

14/868 WWB

Datum uitspraak: 28 april 2015

Centrale Raad van Beroep

Meervoudige kamer

Uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Rotterdam van

9 januari 2014, 12/2989 (aangevallen uitspraak)

Partijen:

het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam (appellant)

[Betrokkene] te [woonplaats] (betrokkene)

PROCESVERLOOP

Appellant heeft hoger beroep ingesteld.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 17 maart 2015. Appellant heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. E. van Lunteren en M. de Geus. Betrokkene is verschenen, bijgestaan door mr. M. van Eck.

Ter zitting zijn op verzoek van betrokkene als getuigen gehoord [getuige 1] en [getuige 2].

OVERWEGINGEN

1. De Raad gaat uit van de volgende in dit geding van belang zijnde feiten en omstandigheden.


1.1.

Betrokkene ontvangt sinds 4 januari 2011 bijstand ingevolge de Wet werk en bijstand (thans Participatiewet) naar de norm voor een alleenstaande.


1.2.

Op 17 november 2011 is op het woonadres van betrokkene aan de [adres]

[adres] te [plaatsnaam] een hennepkwekerij aangetroffen. In verband hiermee heeft M. de Geus, fraudespecialist in dienst van Stedin Netbeheer BV (fraudespecialist), bij de politie aangifte van diefstal van elektriciteit gedaan over de periode van 24 maart 2011 tot en met

17 november 2011. Volgens de aangifte van de fraudespecialist kan worden uitgegaan van drie volledige hennepoogsten van 70 dagen en een deel van een hennepoogst van 28 dagen. De bevindingen van de fraudespecialist zijn neergelegd in de rapportage diefstal energie van

21 november 2011.


1.3.

Deze bevindingen zijn voor appellant aanleiding geweest om de bijstand van betrokkene bij besluit van 19 maart 2012 in te trekken over de periode van 24 maart 2011 tot en met

17 november 2011 en de over die periode gemaakte kosten van bijstand tot een bedrag

€ 8.787,83 van betrokkene terug te vorderen.


1.4.

Bij besluit van 30 mei 2012 (bestreden besluit) heeft appellant het bezwaar tegen het besluit van 19 maart 2012 ongegrond verklaard.


2. Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep tegen het bestreden besluit gegrond verklaard, dit besluit vernietigd voor zover daarbij de bijstand vanaf 24 maart 2011 is ingetrokken en teruggevorderd, appellant opgedragen een nieuwe beslissing op bezwaar te nemen en daarbij de terugvordering te bepalen op het bedrag dat overeenkomt met de ten onrechte verleende bijstand over de periode vanaf 11 augustus 2011 tot en met 17 november 2011. Daartoe heeft de rechtbank, samengevat, overwogen dat appellant er niet in is geslaagd aannemelijk te maken dat in de woning van betrokkene sprake is geweest van drie hennepoogsten. Dit betekent dat moet worden uitgegaan van één, niet in geschil zijnde, volle oogst en een kweek van 28 dagen.


3. Appellant heeft zich in hoger beroep tegen de aangevallen uitspraak gekeerd, voor zover deze ziet op de intrekking en terugvordering. Daartoe heeft hij, samengevat, het volgende aangevoerd. De fraudespecialist is deskundig en zijn rapport is zorgvuldig tot stand gekomen en inhoudelijk inzichtelijk. Betrokkene heeft geen concrete en onderbouwde gegevens overgelegd die doen twijfelen aan de bevindingen, zodat hiervan kan worden uitgegaan.


4. De Raad overweegt het volgende.


4.1.

Het geschil tussen partijen is beperkt tot de vraag of sprake is geweest van één hennepoogst in de woning van betrokkene dan wel van drie oogsten. Het standpunt van appellant is dat in de woning van betrokkene drie oogsten hebben plaatsgevonden, terwijl betrokkene van mening is dat slechts sprake was van één oogst.


4.2.

Anders dan de rechtbank en met appellant is de Raad van oordeel dat appellant met de bevindingen van de fraudespecialist aannemelijk heeft gemaakt dat sprake is geweest van drie hennepoogsten in de woning van betrokkene. De fraudespecialist is in die hoedanigheid sinds 2004 betrokken bij onderzoeken in verband met elektriciteitsgebruik van hennepkwekerijen en kan daarom op dat terrein als deskundige worden aangemerkt. Hij heeft in zijn rapportage diefstal van 21 november 2011 zorgvuldig en inzichtelijk beschreven wat hij bij de ontmanteling van de hennepkwekerij op 17 november 2011 heeft gezien en gedaan en tot welke bevindingen hij is gekomen. Deze bevindingen worden onderbouwd door foto’s en door een berekening van het elektriciteitsgebruik van de aangetroffen apparatuur voor drie oogsten. Deze berekening verklaart het elektriciteitsgebruik van betrokkene van ongeveer 8.000 kWh in de genoemde periode. Ter zitting is hierbij nog aangetekend dat op

17 november 2011 is geconstateerd dat de elektriciteit was omgelegd, zodat het elektriciteitsgebruik daarna niet meer op de elektriciteitsmeter zichtbaar was en het totale gebruik dus nog hoger zal liggen, en dat het normale gebruik voor een eenpersoonshuishouden ongeveer 2.100 kWh per jaar is. Op grond van deze bevindingen heeft appellant met juistheid vastgesteld dat de exploitatie van de hennepkwekerij de periode vanaf 24 maart 2011 tot en met 17 november 2011 bestrijkt.


4.3.

In de in beroep door appellant overgelegde aanvullende verklaring van 14 april 2013 en ter zitting van de Raad heeft de fraudespecialist nader toegelicht dat de verbranding van de contactpunten van de elektriciteitsmeter wijst op een langdurige afname van een grote hoeveelheid elektriciteit, dat de mate van vervuiling van het koolstoffilter wijst op minimaal drie oogsten, dat de kwekerij erg rommelig en vuil was en dat de droognetten en de weegschaal tekenen vertoonden van eerder gebruik. Deze bevindingen leiden op zichzelf genomen weliswaar niet rechtstreeks tot de conclusie dat sprake is geweest van drie hennepoogsten in de woning van betrokkene, maar ondersteunen wel de vaststelling dat het elektriciteitsgebruik in de woning van betrokkene in de periode in geding overeenkomt met de berekening van het elektriciteitsgebruik van de in de hennepkwekerij aangetroffen apparatuur voor drie oogsten.


4.4.

Betrokkene heeft geen gegevens overgelegd op grond waarvan de berekening van het elektriciteitsgebruik door de fraudespecialist niet als juist kan worden aanvaard. Betrokkene heeft evenmin gegevens overgelegd ter onderbouwing van zijn stelling dat hij tweedehands apparatuur voor de kwekerij heeft gekocht, wat het gebruik ervan voor meer oogsten dan alleen voor één oogst bij hem verklaart. Aan de ter zitting afgelegde getuigenverklaringen van [getuige 1] en [getuige 2] kan niet de waarde worden gehecht die betrokkene daaraan gehecht wil zien, reeds omdat zij niet eenduidig hebben verklaard over de periode waarin betrokkene zou zijn begonnen met de hennepkwekerij. Zo heeft [getuige 1] verklaard dat zij heeft gezien dat betrokkene in augustus of september 2011 is begonnen met het bouwen van de ruimte waarin de hennep zou worden gekweekt, terwijl [getuige 2] heeft verklaard al in juli 2011 de elektriciteit te hebben aangelegd voor de kwekerij.


4.5.

Hetgeen in 4.2 tot en met 4.4 is overwogen leidt tot de conclusie dat het hoger beroep slaagt. De aangevallen uitspraak, voor zover aangevochten, zal worden vernietigd en het beroep zal ongegrond worden verklaard.


5. Voor een veroordeling in de proceskosten bestaat geen aanleiding.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep


- vernietigt de aangevallen uitspraak voor zover aangevochten;

- verklaart het beroep ongegrond.



Deze uitspraak is gedaan door W.H. Bel als voorzitter en W.F. Claessens en

J.T.H. Zimmerman als leden, in tegenwoordigheid van C.M.A.V. van Kleef als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 28 april 2015.




(getekend) W.H. Bel




(getekend) C.M.A.V. van Kleef




HD