Rechtbank Midden-Nederland, 02-06-2017 / AWB - 17 _ 1260


ECLI:NL:RBMNE:2017:2683

Inhoudsindicatie
Verzoeker is door het COA gekoppeld aan de gemeente Urk. Het college van burgmeester en wethouders van de gemeente Urk heeft verzoeker huisvesting geboden en heeft verzoeker hierover een brief gestuurd. Hier heeft verzoeker bezwaar tegen gemaakt. De voorzieningenrechter is van oordeel dat de brief van het college van burgmeester en wethouders geen besluit is waartegen bezwaar kan worden gemaakt. De voorzieningenrechter heeft het verzoek daarom afgewezen
Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Uitspraakdatum
2017-06-02
Publicatiedatum
2017-06-19
Zaaknummer
AWB - 17 _ 1260
Procedure
Voorlopige voorziening
Rechtsgebied
Bestuursrecht



Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Uitspraak RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Zittingsplaats Utrecht


Bestuursrecht


zaaknummer: UTR 17/1260


uitspraak van de voorzieningenrechter van 6 juni 2017 op het verzoek om voorlopige voorziening in de zaak tussen


[verzoeker] , verzoeker

(gemachtigde: mr. M. Issa),


en


het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Urk, verweerder

(gemachtigden: D. Kramer en E. Winkeler).



Procesverloop


Bij brief van 24 maart 2017 heeft verweerder aan verzoeker meegedeeld dat hem huisvesting in de woning aan de [adres] te [woonplaats] geboden wordt.


Verzoeker heeft hiertegen bezwaar gemaakt. Verzoeker heeft voorts de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.


Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 23 mei 2017. Verzoeker is verschenen, bijgestaan door zijn gemachtigde. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigden.



Overwegingen


1. Het oordeel van de voorzieningenrechter heeft een voorlopig karakter en bindt de rechtbank in een (eventueel) bodemgeding niet.


2. Verweerder heeft verzoeker bij brief van 24 maart 2017 meegedeeld dat hij door het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) voor huisvesting gekoppeld is aan de gemeente [woonplaats] en dat hem huisvesting wordt geboden in de woning aan de [adres] te [woonplaats] , waar ook zijn ouders wonen.


3. Verzoeker voert aan dat de aan hem toegewezen woning aan de [adres] in [woonplaats] niet passend is. Verzoeker is meerderjarig en heeft een zelfstandige verblijfsvergunning. Daarom komt verzoeker naar zijn mening in aanmerking voor eigen woonruimte. Bovendien laat de relatie met zijn ouders niet toe dat zij samen in één woning wonen. Verzoeker wil daarnaast graag in Utrecht geplaatst worden, omdat hij tandheelkunde wil studeren. Verzoeker voert verder aan dat de huisvesting door verweerder mede gebaseerd is op een koppeling van verzoeker aan de gemeente Urk door het COA, zodat het COA tevens als verwerende partij moet worden aangemerkt. Een separaat besluit van het COA ontbreekt echter, aldus verzoeker. De brief van verweerder van 24 maart 2017 moet zodoende als het hier bestreden besluit worden gezien.


4. Verweerder stelt zich op het standpunt dat geen sprake is van een besluit in de zin van artikel 1:3 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Gemeenten krijgen vanuit het Rijk halfjaarlijks een taakstelling opgelegd voor het aantal te plaatsen statushouders in de eigen gemeente. Deze statushouders worden door het COA gekoppeld aan een gemeente. Volgens artikel 3, eerste lid, onder d, van de Wet COA is het COA belast met bemiddeling bij uitstroom van verblijfsgerechtigden naar een gemeente. Als de verblijfsgerechtigde het niet eens is met de gemeente waaraan hij gekoppeld is of als de geboden huisvesting niet passend is, kan de verblijfsgerechtigde zich richten tot de COA. In de procedure die hierop volgt is de gemeente geen partij, aldus verweerder.


5. De voorzieningenrechter stelt vast dat verzoeker geen besluit van het COA heeft overgelegd en dat de gemachtigde van verzoeker ter zitting heeft verklaard dat er geen appellabel besluit van het COA is. De voorzieningenrechter ziet daarom geen aanleiding het COA als verweerder aan te merken.


6. De voorzieningenrechter overweegt voorts dat verweerder op grond van artikel 28 van de Huisvestingswet 2014 zorg draagt voor de voorziening in huisvesting van vergunninghouders in de gemeente overeenkomstig de voor de gemeente geldende taakstelling. Gelet op artikel 3, eerste lid, onder d, van de Wet COA is het COA belast met, kort gezegd, werkzaamheden met betrekking tot de bemiddeling bij de uitstroom van verblijfsgerechtigden naar door burgemeester en wethouders beschikbaar gestelde huisvesting. Op grond van artikel 7, eerste lid, onder a, van de Regeling verstrekkingen asielzoekers en andere categorieën eindigt het recht op opvang in het geval aan een asielzoeker een verblijfsvergunning is verleend: op de dag waarop naar het oordeel van het COA passende huisvesting buiten de opvangvoorziening kan worden gerealiseerd.


7. Gelet op het voorgaande is de voorzieningenrechter van oordeel dat de beoordeling of sprake is van passende woonruimte aan het COA is. De brief van verweerder van 24 maart 2017 betreft enkel een mededeling ter uitvoering van de aan verweerder opgedragen taak om te voorzien in woonruimte. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter is deze mededeling niet gericht op rechtsgevolg. Er verandert door deze mededeling niets in verzoekers rechtspositie. De brief van verweerder van 24 maart 2017 is zodoende geen besluit in de zin van artikel 1:3 van de Awb waartegen bezwaar kan worden gemaakt.


8. Nu het bezwaar tegen de brief van 24 maart 2017 gezien het voorgaande niet-ontvankelijk zal moeten worden verklaard, bestaat geen aanleiding om een voorlopige voorziening te treffen. Het verzoek wordt daarom afgewezen.


9. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.




Beslissing


De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.



Deze uitspraak is gedaan door mr. R.J. Praamstra, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. D. de Vries, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 6 juni 2017.






griffier voorzieningenrechter



Afschrift verzonden aan partijen op:



Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.