Rechtbank Overijssel, 21-04-2015 / 3439653 CV EXPL 14-7361


ECLI:NL:RBOVE:2015:1975

Inhoudsindicatie
Inbreuk op auteursrechten foto en rectificatie.
Instantie
Rechtbank Overijssel
Uitspraakdatum
2015-04-21
Publicatiedatum
2015-05-12
Zaaknummer
3439653 CV EXPL 14-7361
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechtsgebied
Civiel recht



Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL

team Kanton en Handelsrecht

Zittingsplaats Zwolle

zaaknummer : 3439653 CV EXPL 14-7361

datum : 21 april 2015

Vonnis in de zaak van:


[eiser],

wonende te [woonplaats],

eisende partij, verder te noemen “[eiser]”,

gemachtigde mr. M. Herens,


tegen


de besloten vennootschap [gedaagde] TRADING B.V.,

gevestigd te [plaats],

gedaagde partij, verder te noemen “[gedaagde]”,

procederend bij de heer [directeur-eigenaar gedaagde], directeur-eigenaar.



De procedure


De kantonrechter heeft opnieuw kennis genomen van de gedingstukken, waaronder nu ook:

  • - het tussenvonnis van 13 januari 2015
  • - de akte uitlating zijdens [eiser].

[gedaagde] is in de gelegenheid gesteld te reageren op hetgeen [eiser] bij zijn akte naar voren heeft gebracht, maar heeft van die gelegenheid geen gebruik gemaakt.



De beoordeling


1. In zijn akte uitlating verzoekt [eiser] een kennelijke schrijffout in het tussenvonnis te herstellen. [gedaagde] is in de gelegenheid geweest op dit verzoek te reageren, maar van haar werd niet vernomen. In rechtsoverweging 3.2 staat te lezen ‘Dat (het overleggen van een verklaring dat het beeldmateriaal vrij van rechten is) is destijds ook gebeurd, maar [eiser] kan dat niet meer achterhalen’. De kantonrechter overweegt dat in die rechtsoverweging inderdaad abusievelijk [eiser] is vermeld terwijl [gedaagde] werd bedoeld. De kantonrechter zal volstaan met de vaststelling dat het hier een misslag betreft die bij dit vonnis is hersteld.


2. Als meest verstrekkende verweer heeft [gedaagde] aangevoerd dat zij niet het beheer heeft over de website racesport.nl, dat heeft [bedrijf] B.V. Met het tussenvonnis van 13 januari 2015 is [eiser] in de gelegenheid gesteld gegevens over te leggen waaruit kan volgen dat [gedaagde] in haar hoedanigheid van beheerder van de website Racesport.nl aansprakelijk is voor de inhoud van die website. Bij akte heeft [eiser] uiteengezet dat het achterhalen van de beheerder van een website bepaald geen sinecure is. De Stichting Domeinnaam Registratie Nederland vermeldt als beheerder [gedaagde] Events B.V., maar die vennootschap staat niet ingeschreven in het handels-register van de Kamer van Koophandel. Daarom moest [eiser] afgaan op de informatie die op de website zelf wordt aangereikt. Daar wordt vermeld dat de site wordt beheerd door Racesport.nl, gevestigd op het adres van [gedaagde]. In het handelsregister zijn slechts twee bedrijven ingeschreven die als (handels)naam Racesport.nl voeren: een arbeidsbemiddelingsbureau te ’s-Hertogenbosch en [gedaagde]. De kantonrechter overweegt dat met de combinatie van de vermelding van het adres van [gedaagde] op de website en de inschrijving in het handelsregister met de handelsnaam Racesport.nl voldoende is aangetoond dat [gedaagde] de beheerder is van de website. Het had op de weg van [gedaagde] gelegen, als zij het verweer wilde handhaven dat zij niet als beheerder is aan te merken, een en ander te weerleggen. Dat heeft zij niet gedaan. Daarom wordt het verweer op dit punt verworpen en geldt dat [gedaagde] als beheerder van de website verantwoordelijk en aansprakelijk is voor de publicatie van de artikelen en foto’s daarop.


3.1

[gedaagde] heeft zich ook tegen de vordering verweerd door te stellen dat de raceteams foto’s opsturen ter plaatsing op de website. Die teams dienen altijd te verklaren dat de betreffende foto’s vrij zijn van auteursrechten en dat is in dit geval ook gebeurd.


3.2

De kantonrechter stelt voorop dat [eiser] – naar niet in geschil – het auteursrecht op de bewuste foto heeft, niet het team dat om plaatsing van een bericht heeft verzocht. [gedaagde] heeft nagelaten te onderzoeken of de publicatie van de foto inbreuk zou maken op het auteursrecht van de fotograaf. Daarmee loopt zij het risico dat zij aansprakelijk wordt gehouden voor schade wegens een inbreuk op het auteursrecht en dat risico verwezenlijkt zich nu. Dat [gedaagde] door het team van de verongelukte coureur is gevrijwaard, regardeert [eiser] niet. Daarvoor zou een (contractuele) relatie moeten bestaan tussen het team en [eiser], in die zin dat het team bevoegd is om namens [eiser] toestemming te verlenen zijn foto’s openbaar te maken of te verveelvoudigen, maar gesteld noch gebleken is dat een dergelijke relatie bestaat.


3.3

[gedaagde] heeft de mate waarin de foto nog exclusief is te noemen aan de orde gesteld. De discussie daarover kan echter niet leiden tot een andere uitkomst in deze procedure. Volgens artikel 1 van de Auteurswet heeft [eiser] als auteursrechthebbende het uitsluitend (lees: het exclusieve) recht om de foto openbaar te maken en/ of te verveelvoudigen. Anderen mogen deze foto in beginsel niet gebruiken. Het is niet zo dat dit uitsluitende recht telkens een beetje minder wordt, naarmate de auteursrechthebbende meer verveelvoudiging of openbaarmaking toestaat.


3.4

Vaststaat dat de foto driemaal op de website is geplaatst die [gedaagde] in beheer heeft zonder toestemming van [eiser]. Daarbij heeft [gedaagde] - in elk geval tweemaal - nagelaten te vermelden dat de foto in kwestie is gemaakt door [eiser]. Sterker nog, door de vermelding dat het auteursrecht van de pagina bij Racesport.nl berust, wekt zij de suggestie dat ook het auteursrecht op de foto bij Racesport.nl en dus bij haar berust. [gedaagde] heeft daarmee inbreuk gemaakt op de auteurs- en persoonlijkheidsrechten van [eiser]. De gevorderde verklaring voor recht (onder 1 van het petitum) is dan ook toewijsbaar. Ook zal [gedaagde] veroordeeld worden de foto van haar website te verwijderen op straffe van verbeurte van een dwangsom als in het dictum vermeld en gemaximeerd.


3.5

Het inbreuk maken op het auteursrecht van een ander is te kwalificeren als een onrecht-matige handeling. In hetgeen onder rechtsoverwegingen 2 en 3.2 is overwogen ligt besloten dat deze onrechtmatige handeling aan [gedaagde] is toe te rekenen. Zij is daarom aansprakelijk voor de schade die [eiser] door deze onrechtmatige daad heeft geleden.


3.6

[eiser] stelt dat voor de hoogte van de schadevergoeding als gevolg van het inbreuk maken op het auteursrecht, dient te worden gekeken naar de vergoeding die hij zou hebben gevraagd als [gedaagde] om toestemming voor openbaarmaking had gevraagd. In dat geval had de licentievergoeding € 350,00 bedragen, aldus [eiser]. Omdat de foto driemaal is gepubliceerd, is [gedaagde] dat bedrag driemaal verschuldigd. [gedaagde] heeft daartegen ingebracht dat de vergoeding veel te hoog is, omdat de foto niet-exclusief is, voor meerdere doeleinden is ingezet en zelfs op de Facebookpagina van de betreffende coureur wordt gebruikt.


3.7

In de Europese Handhavingsrichtlijn (Richtlijn 2004/48/EG) is in artikel 13 lid 1, tweede alinea, sub b, bepaald dat de rechter de schadevergoeding kan vaststellen als een forfaitair bedrag, op basis van elementen zoals ten minste het bedrag aan royalty’s of vergoedingen dat verschuldigd was geweest indien de inbreukmaker toestemming had gevraagd om het desbetreffende intellectuele eigendomsrecht te gebruiken. Dat is per 1 mei 2007 ook zo in de Auteurswet opgenomen (artikel 27). Bij deze meest gerede wijze van schadebegroting staat niet zozeer de hoogte van het bedrag van de feitelijke schade ter discussie, als wel de vraag wat een gangbaar tarief is dat de maker hanteert voor openbaarmaking of verveelvoudiging van zijn werk. [gedaagde] heeft zijn verweer daar echter niet op gericht. De gevraagde licentievergoeding komt de kantonrechter voorts niet bovenmatig voor. De schade voor de inbreuk op het auteursrecht zal dan ook worden vastgesteld op driemaal het bedrag van € 350,00.


3.8

Voorts staat als onbetwist vast dat de foto is afgebeeld zonder vermelding van de naam van [eiser], zodat sprake is van een inbreuk op de persoonlijkheidsrechten. Gelet hierop acht de kantonrechter een verhoging van de vergoeding met 25 % gerechtvaardigd. [gedaagde] zal worden veroordeeld tot betaling van (€ 437,50 x 3) € 1.312,50. Als niet afzonderlijk weersproken is zij over dat bedrag wettelijke rente verschuldigd vanaf 18 juni 2014 tot aan de dag waarop alles is betaald.


3.9

[eiser] heeft verder aan zijn vordering ten grondslag gelegd dat [gedaagde] zijn goede naam en eer heeft geschonden door plaatsing van het artikel ‘Het blijft moeilijk……’. In dat artikel wordt een niet-bestaande relatie gelegd tussen het ongeluk dat de coureur is overkomen en de onderhavige vordering en wel op zo’n wijze dat [eiser] het ongenadig aflegt. De reacties die het artikel in zijn richting teweeg hebben gebracht waren niet mals. Daarom vordert [eiser] een schadevergoeding van € 250,00, vermeerderd met wettelijke rente, alsmede de veroordeling van [gedaagde] tot plaatsing van een rectificatie van eerdergenoemd artikel.


3.10

[gedaagde] heeft geen verweer gevoerd tegen dit deel van de vordering. Daarom leent dit deel van de vordering, dat de kantonrechter niet ongegrond of onrechtmatig voorkomt, zich voor toewijzing, versterkt met de meegevorderde dwangsom. [eiser] heeft verzocht om plaatsing van de rectificatie op www.racesport.nl/onk/supersport. Dat zou zinledig zijn, omdat die pagina of hoofdrubriek inmiddels, naar de kantonrechter is gebleken, niet meer bestaat. Daarom zal de kantonrechter bepalen dat de rectificatie wordt geplaatst op de landingspagina van Racesport’s subcategorie ONK, welke thans wordt aangeduid met ONK >> ONK Superbikes nieuws.


3.11

Tot slot heeft [eiser] een vergoeding gevorderd voor buitengerechtelijke incassokosten van € 234,00, waartegen [gedaagde] zich niet heeft verzet. Als gegrond op de wet zal de kantonrechter deze vergoeding toewijzen.


4. [gedaagde] is de partij die in het ongelijk is gesteld. Daarom wordt zij veroordeeld in de kosten van deze procedure zoals hierna vermeld.


De beslissing


De kantonrechter:


- veroordeelt [gedaagde] tegen behoorlijk bewijs van kwijting te betalen een bedrag van € 1.796,50 (€ 1.312,50 + € 250,00 + € 234,00), vermeerderd met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over € 1.312,50 vanaf 18 juni 2014 tot aan de dag der algehele voldoening en over € 250,00 vanaf 12 augustus 2014 tot aan de dag der algehele voldoening;


- beveelt [gedaagde] om zich met onmiddellijke ingang na betekening van dit vonnis van iedere inbreuk op het auteursrecht van [eiser] op de portretfoto van [naam] te onthouden, op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 500,00 per dag of gedeelte van een dag dat [gedaagde] met deze veroordeling in gebreke blijft, met een maximum van € 10.000,00;


- beveelt [gedaagde] verder om binnen twee werkdagen na betekening van dit vonnis de volgende rectificatie te plaatsen op de website www.racesport.nl in de subcategorie / landingspagina ONK en deze daar veertien dagen geplaatst te houden, op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 500,00 per dag of gedeelte van een dag dat [gedaagde] met deze veroordeling in gebreke blijft, met een maximum van € 7.000,00:


‘RectificatieOp deze website hebben wij op 16 juli jl. een bericht geplaatst met de titel ‘Het blijft moeilijk……’ met daarbij een foto van coureur [naam] die we al bij eerdere artikelen hadden geplaatst. Daar hadden wij geen toestemming voor van de fotograaf [eiser]. Wij hadden de foto dan ook niet moeten plaatsen. De fotograaf heeft ons hierover aangeschreven en daarom hebben wij ons in het artikel zeer negatief uitgelaten over de fotograaf. Dat hadden wij niet moeten doen. Ten onrechte hebben wij de gezondheidstoestand van [naam] gekoppeld aan het optreden van de fotograaf en gesuggereerd dat de fotograaf over rug van een [naam] heeft gehandeld wetende dat dit tot veel negatieve reacties richting de fotograaf zou opleveren. En dat is ook gebeurd. Wij hebben de fotograaf doelbewust schade berokkend en dat was fout. Wij hadden dit artikel nooit mogen plaatsen en ook de publicatie van de foto van [naam] zonder toestemming van de fotograaf was onze fout. Daarom bieden wij de fotograaf onze excuses aan’;


- veroordeelt [gedaagde] in de kosten van het geding, tot op heden aan de zijde van [eiser] begroot op:

 € 93,80 voor explootkosten

 € 375,00 voor salaris gemachtigde (2,5 punten x tarief € 150,00)

 € 219,00 voor griffierecht;


- verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;


- wijst het meer of anders gevorderde af.


Aldus gewezen door mr. M. Willemse, kantonrechter, en uitgesproken in de openbare terechtzitting van 21 april 2015, in tegenwoordigheid van de griffier. (CT)