Rechtbank Overijssel, 01-05-2015 / C/08/171043 / JE RK 15-688


ECLI:NL:RBOVE:2015:3689

Inhoudsindicatie
Kinderrechter heeft minderjarige voorlopig onder toezicht gesteld. Kinderrechter benoemt bijzondere curator die belangen minderjarige kan behartigen.
Instantie
Rechtbank Overijssel
Uitspraakdatum
2015-05-01
Publicatiedatum
2015-08-06
Zaaknummer
C/08/171043 / JE RK 15-688
Procedure
Beschikking
Rechtsgebied
Civiel recht



Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Uitspraak RECHTBANK OVERIJSSEL

Team Familierecht en Jeugdrecht


Zittingsplaats Almelo


zaaknummer: C/08/171043 / JE RK 15-688

datum beschikking: 1 mei 2015 (SL(O)


Beschikking van de kinderrechter in de rechtbank Overijssel, in de zaak van:
de Stichting Jeugdbescherming Overijssel,

verder ook de GI te noemen,

gevestigd te 7600 AD Almelo, Postbus 165,

verzoekster,


omtrent het verzoek tot uithuisplaatsing van:

[R], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] (roepnaam: [X] ),

bijgestaan door mr. A.M.C. de Vroet.


Als belanghebbenden worden aangemerkt:

de moeder, bijgestaan door mr. B.E.A. Lamping,

de vader, bijgestaan door mr. K. ter Mors en

de Raad voor de Kinderbescherming.


Het procesverloop


Bij op 29 april 2015 ter griffie ingekomen verzoekschrift met bijlagen is verzocht om de minderjarige [X] uit huis te plaatsen.


De zaak is behandeld ter zitting van 1 mei 2015. Van de behandeling is proces-verbaal opgemaakt.


De beschikking is bepaald op heden.


De vaststaande feiten


Uit het huwelijk van de ouders is geboren:

[R] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] .


De ouders zijn gezamenlijk belast met het ouderlijk gezag over de minderjarige.


Op 15 april 2015 heeft de kinderrechter te Almelo de voorlopige ondertoezichtstelling en de machtiging uithuisplaatsing in een voorziening voor pleegzorg uitgesproken tot 7 juli 2015, met benoeming van Jeugdbescherming Overijssel tot gecertificeerde instelling.




De beoordeling van het verzoek en de motivering van de beslissing


Wanneer in aangelegenheden betreffende diens verzorging en opvoeding de belangen van de ouders in strijd zijn met die van minderjarige kan een bijzondere curator worden benoemd. Ook wanneer er sprake is van een ondertoezichtstelling kan een bijzondere curator worden benoemd ter ondersteuning van de minderjarige.


Het gaat al geruime tijd niet goed met [X] en zij bevindt zich in een loyaliteitsconflict tussen haar ouders. Door de GI is verzocht om [X] tijdelijk op een groep bij Intermetzo in Almelo te plaatsen. [X] heeft haar bezwaren geuit tegen verzoek. Het verzoek is door de kinderrechter aangehouden. De kinderrechter verwijst in deze naar het proces-verbaal van de zitting van heden. [X] zal bij vader gaan wonen, waarbij zij omgang heeft met haar moeder. Daarnaast moet er vanuit de thuissituatie therapie worden opgestart. Omdat ouders in het verleden niet altijd eerlijk zijn geweest tegen de hulpverlening waar het [X] betreft en niet altijd in staat zijn gebleken om haar belang voorop te stellen, acht de kinderrechter het in het belang van [X] dat er door en bijzonder curator wordt toegezien op haar woon- en opvoedingssituatie. Mr. De Vroet, thans de advocaat van [X] , lijkt hiervoor de meest aangewezen persoon. De Raad voor de Kinderbescherming ondersteunt dit verzoek en de ouders en [X] zijn het er ook mee eens. De kinderrechter zal mr. De Vroet dan ook tot bijzondere curator over [X] benoemen. De bijzondere curator is de wettelijke vertegenwoordiger van deze minderjarige en behartigt de belangen van die minderjarige in deze procedure. In dit geval zal zij samen met de GI de koers binnen de voorlopige ondertoezichtstelling uitzetten. Mocht het niet goed gaan met [X] bij vader dan zal mr. De Vroet hiervan de kinderrechter in kennis stellen.


De beslissing


De kinderrechter:


1. benoemt tot bijzondere curator over de minderjarige:

mr. A.M.C. de Vroet, kantoorhoudende te Almelo.


2. Beveelt de raad voor rechtsbijstand ressort Arnhem om mr. A.M.C. de Vroet aan de minderjarige toe te voegen.


Deze beschikking is gegeven door mr. J.H. Olthof, in tegenwoordigheid van M.R. Asveld als griffier en in het openbaar uitgesproken op 1 mei 2015.