Rechtbank Overijssel, 27-10-2015 / 08.955369.14 (P)


ECLI:NL:RBOVE:2015:5781

Inhoudsindicatie
De 47-jarige medewerkster van een parenclub in Midwolde is veroordeeld tot een gevangenisstraf van 1 dag en een taakstraf van 100 uur. Zij is samen met de eigenaar van de parenclub medeplichtig aan mensenhandel door te verzuimen de leeftijd van een minderjarige vrouw te verifiëren en haar toegang te verlenen tot een seksinrichting. Mede als gevolg hiervan heeft de minderjarige met meerdere mannen seks gehad.
Instantie
Rechtbank Overijssel
Uitspraakdatum
2015-10-27
Publicatiedatum
2016-01-15
Zaaknummer
08.955369.14 (P)
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
Rechtsgebied
Strafrecht



Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Uitspraak Rechtbank Overijssel

Afdeling Strafrecht


Zittingsplaats Zwolle


Parketnummer: 08.955369.14 (P)

Datum vonnis: 27 oktober 2015


Vonnis (promis) op tegenspraak van de rechtbank Overijssel, meervoudige kamer voor strafzaken, rechtdoende in de zaak van de officier van justitie tegen:


[verdachte] ,

geboren op [geboortedatum 1] 1968 in [geboorteplaats] ,

wonende te [woonplaats] .



1Het onderzoek op de terechtzitting


Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van 13 oktober 2015. De rechtbank heeft kennis genomen van de vordering van de officier van justitie mr. Y. Oosterhof en van hetgeen door de verdachte en diens raadsman mr. P.Th. van Jaarsveld, advocaat te Groningen, naar voren is gebracht.


2De tenlastelegging


De verdenking komt er, kort en zakelijk weergegeven, op neer dat verdachte zich samen met anderen heeft schuldig gemaakt aan mensenhandel, dan wel aan medeplichtigheid aan mensenhandel. De tenlastelegging is toegespitst op sub 4, respectievelijk sub 5 van artikel 273f, lid 1, (oud) van het Wetboek van Strafrecht (Sr).


Voluit luidt de tenlastelegging aan de verdachte, dat:


zij in of omstreeks de periode van 31 augustus 2013 tot en met 1 september 2013 in de gemeente(n) Zwolle en/of Groningen en/of te Midwolde in de gemeente Leek en/althans (elders) in Nederland


(art. 273f lid 3 Sr.)

tezamen en in vereniging met een of meer anderen en/althans alleen, een ander, genaamd [slachtoffer] , geboren op [geboortedatum 2] 1997,


(art. 273f lid 1 sub 4 Sr.)

(telkens) door dwang, geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) of door dreiging met geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en), door afpersing, fraude, misleiding dan wel door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht, door misbruik van een kwetsbare positie of door het geven of ontvangen van betalingen of voordelen om de instemming van een persoon te verkrijgen die zeggenschap over die [slachtoffer] had, heeft gedwongen en/of bewogen zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van arbeid of diensten van seksuele aard dan wel onder die omstandighe(i)d(en) enige handeling(en) heeft ondernomen waarvan verdachte en/of verdachtes mededader(s) wist(en) of redelijkerwijs moest(en) vermoeden dat die [slachtoffer] zich daardoor beschikbaar zou stellen tot het verrichten van arbeid of diensten van seksuele aard, en/of


(art. 273f lid 1 sub 5 Sr)

(telkens) ertoe heeft gebracht zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van één of meer seksuele handelingen, met of voor een derde tegen betaling dan wel ten aanzien van die [slachtoffer] , enige handeling heeft ondernomen waarvan verdachte en/of verdachtes mededader(s) wist(en) of redelijkerwijs moest(en) vermoeden dat die [slachtoffer] zich daardoor beschikbaar zou stellen tot het verrichten van die handeling(en), terwijl die [slachtoffer] de leeftijd van achttien jaren nog niet

had bereikt,


hierin bestaande dat verdachte en/of verdachtes mededader(s) (telkens):

(terwijl die [slachtoffer] verstandelijk beperkt/kwetsbaar is en/althans speciaal onderwijs volgt, en/of

nadat verdachte en/of verdachtes mededader(s) die [slachtoffer] had(den) verteld over een parenclub “ [parenclub] ” in Groningen waar je geld kon verdienen en/of waar ze kon(den) komen kijken hoe het werkte, en/of

verdachte en/of verdachtes mededader(s) had(den) aangegeven in die zelfde club te (willen) werken)

- gebruik heeft/hebben gemaakt van het geestelijke en/of lichamelijke overwicht dat verdachte en/of verdachtes mededader(s) over die [slachtoffer] had(den), en/of

- die [slachtoffer] heeft/hebben vervoerd/meegenomen naar de club/bordeel “ [parenclub] ” te Midwolde in de gemeente Leek, en/of

- die [slachtoffer] een jurkje/passende kleding heeft/hebben gegeven en/of die [slachtoffer] heeft/hebben bewogen dat jurkje/die kleding “voor de gelegenheid” te dragen, en/of

- die [slachtoffer] zonder het tonen van haar ID-kaart in die club heeft/hebben binnen gebracht, en/of

- die [slachtoffer] , voor zij die club/dat bordeel binnen ging en/althans haar werkzaamheden in die club begon, heeft/hebben laten blowen en/of alcohol heeft/hebben laten nuttigen, en/of

- die [slachtoffer] een “pilletje xtc/drugs” heeft/hebben gegeven, en/of

- die [slachtoffer] heeft/hebben overgehaald/bewogen om seks met (een) man(nen) te hebben en/of seksuele handelingen met (een) man(nen) te verrichten en/althans (telkens) tegen die [slachtoffer] heeft/hebben gezegd dat ze (telkens) met een man mee kon gaan, en/of

- nadat die club/dat bordeel sloot die [slachtoffer] naar een caravan in de buurt van die club/dat bordeel heeft/hebben gebracht om te overnachten, en/althans

- die [slachtoffer] (meermalen) heeft/hebben gevraagd/gepushed om mee te gaan naar (een) die club/dat bordeel,

terwijl die [slachtoffer] de leeftijd van achttien jaren nog niet had bereikt;


althans, voor zover voor het vorenstaande onder 1 geen veroordeling mocht of zou kunnen volgen, subsidiair, dat


[verdachte 2] en/of [verdachte 3] in of omstreeks de periode van 31 augustus 2013 tot en met 1 september 2013 in de gemeente(n) Zwolle en/of Groningen en/of te Midwolde in de gemeente Leek en/althans (elders) in Nederland




(lid 3)

tezamen en in vereniging met een of meer anderen en/althans alleen, een ander, genaamd [slachtoffer] , geboren op [geboortedatum 2] 1997,


(lid 1, sub. 4)

(telkens) door dwang, geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) of door dreiging met geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en), door afpersing, fraude, misleiding dan wel door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht, door misbruik van een kwetsbare positie of door het geven of ontvangen van betalingen of voordelen om de instemming van een persoon te verkrijgen die zeggenschap over die [slachtoffer] had, heeft gedwongen en/of bewogen zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van arbeid of diensten van seksuele aard dan wel onder die omstandighe(i)d(en) enige handeling(en) heeft ondernomen waarvan die [verdachte 2] en/of die [verdachte 3] wist(en) of redelijkerwijs moest(en) vermoeden dat die [slachtoffer] zich daardoor beschikbaar zou stellen tot het verrichten van arbeid of diensten van seksuele aard, en/of


(lid 1 sub. 5)

(telkens) ertoe heeft gebracht zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van één of meer seksuele handelingen, met of voor een derde tegen betaling dan wel ten aanzien van die [slachtoffer] , enige handeling heeft ondernomen waarvan die [verdachte 2] en/of die [verdachte 3] wist(en) of redelijkerwijs moest(en) vermoeden dat die [slachtoffer] zich daardoor beschikbaar zou stellen tot het verrichten van die handeling(en), terwijl die [slachtoffer] de leeftijd van achttien jaren nog niet had bereikt, hierin bestaande dat die [verdachte 2] en/of die [verdachte 3] (telkens) (terwijl die [slachtoffer] verstandelijk beperkt/kwetsbaar is en/althans speciaal onderwijs volgt, en/of nadat die [verdachte 2] en/of die [verdachte 3] die [slachtoffer] had(den) verteld over een parenclub “ [parenclub] ” in Groningen waar je geld kon verdienen en/of waar ze kon(den) komen kijken hoe het werkte, en/of die [verdachte 2] en/of die [verdachte 3] had(den) aangegeven in die zelfde club te (willen) werken)

- gebruik heeft/hebben gemaakt van het geestelijke en/of lichamelijke overwicht dat verdachte en/of verdachtes mededader(s) over die [slachtoffer] had(den), en/of

- die [slachtoffer] heeft/hebben vervoerd/meegenomen naar de club/bordeel “ [parenclub]

[parenclub] ” te Midwolde in de gemeente Leek, en/of

- die [slachtoffer] een jurkje/passende kleding heeft/hebben gegeven en/of die [slachtoffer] heeft/hebben bewogen dat jurkje/die kleding “voor de gelegenheid” te dragen, en/of

- die [slachtoffer] zonder het tonen van haar ID-kaart in die club heeft/hebben binnen gebracht/toegelaten, en/of

- die [slachtoffer] , voor zij die club/dat bordeel binnen ging en/althans haar werkzaamheden in die club begon, heeft/hebben laten “blowen” en/of alcohol heeft/hebben laten nuttigen, en/of

- die [slachtoffer] een “pilletje xtc/drugs” heeft/hebben gegeven, en/of

- die [slachtoffer] heeft/hebben overgehaald/bewogen om seks met (een) man(nen) te hebben en/of seksuele handelingen met (een) man(nen) te verrichten en/althans (telkens) tegen die [slachtoffer] heeft/hebben gezegd dat ze (telkens) met een man mee kon gaan, en/of

- nadat die club/dat bordeel sloot die [slachtoffer] naar een caravan in de buurt van die club/dat bordeel heeft/hebben gebracht om te overnachten, en/althans

- die [slachtoffer] (meermalen) heeft/hebben gevraagd/gepushed om mee te gaan naar (een) die club/dat bordeel,

terwijl die [slachtoffer] de leeftijd van achttien jaren nog niet had bereikt,

bij en/of tot het plegen van welk hierboven omschreven misdrijf verdachte en/of verdachtes mededader in of omstreeks de periode van 31 augustus 2013 tot en met 1 september 2013 te Midwolde in de gemeente Leek en/althans (elders) in Nederland opzettelijk gelegenheid en/of middelen en/of inlichtingen heeft verschaft en/of opzettelijk behulpzaam is geweest door als (mede) eigenaar van die parenclub “ [parenclub] ” die [verdachte 2] en/of die [verdachte 3]

de gelegenheid te geven/bieden om die [slachtoffer] in die parenclub seksuele handelingen (met mannen) te laten verrichten;


3De voorvragen


De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zij bevoegd is tot kennisneming van deze zaak, dat de officier van justitie ontvankelijk is in de vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.


4De beoordeling van het bewijs


4.1

De standpunten van de officier van justitie en de verdediging

De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte wordt veroordeeld voor het primair tenlastegelegde tot een gevangenisstraf voor de duur van achttien maanden, waarvan zes maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren. De officier van justitie heeft voorts gevorderd de vordering van de benadeelde partij toe te wijzen en de schadevergoedingsmaatregel op te leggen.


De raadsman van verdachte heeft primair bepleit dat verdachte wordt vrijgesproken van het tenlastegelegde. Subsidiair, in het geval de rechtbank tot een veroordeling zou komen, heeft de raadsman bepleit om te volstaan met een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf. De raadsman heeft voorts bepleit dat de benadeelde partij niet-ontvankelijk wordt verklaard in haar vordering.


4.2

De bewijsoverwegingen van de rechtbank

De rechtbank stelt op basis van de bewijsmiddelen de volgende feiten en omstandigheden vast.

Verdachte was ten tijde van het tenlastegelegde (en is ook nu nog) de partner van de eigenaar van parenclub " [parenclub] ", medeverdachte [verdachte 4] . Verdachte was zelf ook werkzaam in deze club en was in die hoedanigheid medeverantwoordelijk voor het deurbeleid. De club had een vergunning om prostitutie te faciliteren en daarnaast was er de mogelijkheid voor bezoekers om op vrijwillige basis seks met elkaar te hebben. Er gold een minimumleeftijd van achttien jaar om binnen te komen.

Medeverdachte [verdachte 2] kende de verdachte en haar partner en heeft tijdens een eerder bezoek aan de club tegen hen gezegd dat zij een keer twee meerderjarige nichtjes mee zou brengen. Op 31 augustus 2013 zijn medeverdachten [verdachte 2] en [verdachte 3] samen met [slachtoffer] naar de parenclub in Midwolde, genaamd " [parenclub] " gegaan. [slachtoffer] was op dat moment zestien jaar oud en is zonder een identiteitsbewijs te hoeven tonen de club binnengekomen.

De rechtbank stelt op basis van de verklaringen van [slachtoffer] en [verdachte 3] vast dat verdachte op de bewuste avond degene is geweest die de deur heeft opengedaan en [slachtoffer] heeft toegelaten tot de parenclub. Deze verklaringen zijn in overeenstemming met elkaar en de rechtbank heeft geen reden om aan de juistheid daarvan te twijfelen. Nadat [slachtoffer] in de club was toegelaten, heeft zij gedurende de avond en nacht met meerdere mannen seks gehad, al dan niet tegen betaling.


De rechtbank beoordeelt de tenlastelegging op grond van bovenstaande feiten en overweegt als volgt. Uit het dossier is niet gebleken dat verdachte betrokken was bij, dan wel wetenschap had van de afspraken die onderling tussen [verdachte 2] , [verdachte 3] en [slachtoffer] waren gemaakt om gezamenlijk naar de parenclub te gaan. Van bewuste en nauwe samenwerking met medeverdachten [verdachte 2] en/of [verdachte 3] is daarom naar het oordeel van de rechtbank geen sprake. Dat brengt mee dat verdachte geen verwijt kan worden gemaakt van de in de tenlastelegging genoemde gedragingen die voorafgaand aan het bezoek van de club hebben plaatsgevonden. Evenmin is uit het dossier gebleken dat verdachte door middel van enige vorm van dwang, misleiding of uit feitelijke verhoudingen voortvloeiend overwicht misbruik van [slachtoffer] heeft gemaakt. Voor zover de tenlastelegging is toegesneden op artikel 273f, lid 1, sub 4, Sr zal verdachte derhalve worden vrijgesproken.


De rechtbank ziet zich vervolgens gesteld voor de vraag of verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan mensenhandel als bedoeld in artikel 273f, lid 1, sub 5 Sr. Dit wetsartikel heeft een ruim toepassingsbereik met het oog op de bescherming van kinderen tegen seksueel misbruik. In de jurisprudentie is daarom bepaald dat het bestanddeel 'ertoe brengen' in de zin van deze bepaling ruim moet worden uitgelegd. Daarnaast is voor een bewezenverklaring niet vereist dat een verdachte wetenschap heeft van de minderjarigheid van het slachtoffer.

Uit de bewijsmiddelen en de hiervoor genoemde feiten en omstandigheden kan worden afgeleid dat [slachtoffer] ertoe is gebracht zich beschikbaar te stellen voor prostitutiewerkzaamheden, terwijl zij minderjarig was. Gedragingen van verschillende personen hebben gezamenlijk tot dat resultaat geleid. Zoals hiervoor reeds is overwogen, kunnen de gedragingen van anderen, waarvan verdachte geen wetenschap had, niet mede aan haar worden toegerekend. De rol die verdachte in het feitencomplex heeft gehad is gelegen in het feit dat zij, nadat zij onjuiste informatie van medeverdachte [verdachte 2] had ontvangen, heeft verzuimd [slachtoffer] op haar leeftijd te controleren en zodoende haar, zonder dat zij een ID-kaart hoefde te tonen, de parenclub heeft binnengebracht.


De rechtbank overweegt dat op de uitbaters van een club als de onderhavige, waarin

- legale - prostitutie en andere seksuele contacten plaatsvinden, een grote verantwoordelijkheid rust om te allen tijde te voorkomen dat minderjarigen daarbij betrokken raken. Op de leeftijdsgrens van achttien jaar dient daarom streng te worden toegezien. Uit de verklaring van verdachte ter terechtzitting concludeert de rechtbank dat het deurbeleid bij parenclub " [parenclub] " erop neerkwam dat niet iedereen op leeftijd werd gecontroleerd, maar dat in elk geval een identiteitsbewijs werd gevraagd als een bezoek(st)er jonger dan twintig jaar leek. Het behoeft geen betoog dat deze methode niet waterdicht is. Naar het oordeel van de rechtbank heeft verdachte, samen met verdachte [verdachte 4] , door het deurbeleid op deze wijze in te richten, willens en wetens de aanmerkelijke kans aanvaard dat een minderjarige in de parenclub terecht zou komen en daar vervolgens seksueel contact zou hebben. Deze kans heeft zich in het geval van [slachtoffer] ook daadwerkelijk verwezenlijkt. De rechtbank acht op grond daarvan wettig en overtuigend bewezen dat verdachte gefaciliteerd heeft - en er aldus medeplichtig aan is - dat [slachtoffer] ertoe is gebracht zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van seksuele handelingen, als bedoeld in artikel 273f, lid 1, sub 5 Sr.


De navolgende bewezenverklaring steunt op de inhoud van bewijsmiddelen die als bijlage aan het vonnis zijn gehecht en daarvan op die wijze deel uitmaken. Deze bewijsmiddelen bevatten de redengevende feiten en omstandigheden op grond waarvan de rechtbank de overtuiging heeft gekregen dat verdachte het tenlastegelegde heeft begaan.




4.3

Het oordeel van de rechtbank


De rechtbank is door de inhoud van de wettige bewijsmiddelen tot de overtuiging gekomen, dat de verdachte het tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande dat:


subsidiair:

[verdachte 2] omstreeks de periode van 31 augustus 2013 tot en met 1 september 2013 in de gemeenten Zwolle en te Midwolde in de gemeente Leek een ander, genaamd [slachtoffer] , geboren op [geboortedatum 2] 1997,


(art. 273f, lid 1, sub 5 Sr)

telkens ertoe heeft gebracht zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van seksuele handelingen, met of voor een derde tegen betaling, terwijl die [slachtoffer] de leeftijd van achttien jaren nog niet had bereikt,


hierin bestaande dat verdachte, nadat verdachte die [slachtoffer] had verteld over een parenclub “ [parenclub] ” in Groningen waar je geld kon verdienen en/of waar ze kon komen kijken hoe het werkte

- die [slachtoffer] heeft vervoerd naar de club “ [parenclub] ” te Midwolde in de gemeente Leek, en

- die [slachtoffer] zonder het tonen van haar ID-kaart in die club heeft binnen gebracht, en

- die [slachtoffer] alcohol heeft laten nuttigen, en

- tegen die [slachtoffer] heeft gezegd dat ze telkens met een man mee kon gaan,


terwijl die [slachtoffer] de leeftijd van achttien jaren nog niet had bereikt;


tot het plegen van welk hierboven omschreven misdrijf verdachte en verdachtes mededader in de periode van 31 augustus 2013 tot en met 1 september 2013 te Midwolde in de gemeente Leek opzettelijk gelegenheid hebben verschaft door die [verdachte 2] de gelegenheid te geven om die [slachtoffer] in die parenclub seksuele handelingen met mannen te laten verrichten;


De rechtbank acht niet bewezen wat aan de verdachte meer of anders is tenlastegelegd, en zal haar daarvan zal vrijspreken.


5De strafbaarheid van het bewezenverklaarde


Het bewezenverklaarde is strafbaar gesteld bij artikel 47 juncto 48 en 273f (oud) van het Wetboek van Strafrecht. Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het feit uitsluiten. Het bewezenverklaarde levert op het misdrijf:


subsidiair:

Medeplegen van medeplichtigheid aan mensenhandel, terwijl het feit is gepleegd ten aanzien van een persoon die de leeftijd van achttien jaren nog niet heeft bereikt.


6De strafbaarheid van de verdachte

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluiten. De rechtbank oordeelt daarom dat verdachte strafbaar is voor het bewezenverklaarde feit.


7De op te leggen straf of maatregel


7.1

De gronden voor een straf of maatregel


Bij de strafoplegging houdt de rechtbank rekening met de aard en de ernst van het bewezenverklaarde feit, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van de verdachte zoals die uit het dossier en tijdens de behandeling ter terechtzitting naar voren zijn gekomen. In het bijzonder neemt de rechtbank de volgende factoren in aanmerking.


Verdachte is samen met de eigenaar van parenclub " [parenclub] " medeplichtig aan mensenhandel door te verzuimen de leeftijd van de minderjarige [slachtoffer] te verifiëren en haar toegang te verlenen tot een seksinrichting. Mede als gevolg hiervan heeft het slachtoffer met meerdere mannen seks gehad.

Minderjarigen worden in het bijzonder beschermd in de wetgeving nu - onder meer - het werken prostitutie een grote en langdurige impact op hun leven kunnen hebben.


(Medeplichtigheid aan) mensenhandel is een ernstig feit waarvoor doorgaans onvoorwaardelijke gevangenisstraf wordt opgelegd. De rechtbank zal er bij de strafoplegging echter rekening mee houden dat

verdachte blijkens een haar betreffend uittreksel uit de justitiële documentatie d.d. 22 september 2015 niet eerder voor strafbare feiten is veroordeeld. Daarnaast neemt de rechtbank in aanmerking dat verdachte een relatief beperkte en enkel accessoire rol heeft gespeeld in het feitencomplex dat ertoe heeft geleid dat het slachtoffer in de parenclub terecht is gekomen en daar seks heeft gehad. De rechtbank acht voorts van belang dat de pleegperiode van het bewezenverklaarde feit ruim twee jaar geleden is en één dag bestrijkt. Van structurele misstanden in de parenclub is niet gebleken en bovendien is verdachte niet langer werkzaam in een seksinrichting, waardoor de kans op herhaling van een soortgelijk feit vrijwel nihil moet worden geacht. Verder heeft de rechtbank bij het bepalen van de straf gelet op een reclasseringsrapport van 30 september 2015, waaruit naar voren komt dat verdachte nog te maken heeft met schulden die voortvloeien uit het faillissement van de parenclub, maar dat er voor het overige weinig problemen zijn op de verschillende leefgebieden.


Al het voorgaande afwegende, acht de rechtbank een gevangenisstraf van gelijke duur als het voorarrest, in combinatie met een werkstraf van 100 uren, passend en geboden.


8De schade van benadeelden


8.1

De vordering van de benadeelde partij


[slachtoffer] heeft zich voorafgaand aan het onderzoek op de zitting, op de wettelijk voorgeschreven wijze als benadeelde partij gevoegd in dit strafproces. De benadeelde partij vordert, na een toelichting ter terechtzitting door mr. M.N. Maris, advocaat te Zwolle, veroordeling van de verdachte tot betaling van in totaal € 6.129,50 (zesduizend honderdnegenentwintig euro en vijftig eurocent), te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf het moment waarop het strafbare feit is gepleegd. De vordering bestaat voor € 6.000,00 uit immateriële schade en voor € 129,50 uit materiele schade. Ook heeft de benadeelde partij gevraagd een schadevergoedingsmaatregel op te leggen.


Het rechtstreekse verband tussen de schade en het bewezenverklaarde is door de benadeelde partij niet voldoende onderbouwd. Het in de gelegenheid stellen van de benadeelde partij om haar stelling alsnog nader te onderbouwen leidt tot een onevenredige belasting van de strafrechtelijke procedure, zodat de rechtbank de benadeelde partij niet-ontvankelijk zal verklaren in haar vordering. De benadeelde partij kan haar vordering aanbrengen bij de burgerlijke rechter.



9De toegepaste wettelijke voorschriften


De hierna te nemen beslissing berust op de hiervoor genoemde wetsartikelen. Daarnaast berust deze beslissing op de artikelen 22c, 22d en 27 Sr. Deze artikelen zijn toegepast zoals zij golden ten tijde van het bewezenverklaarde.







































10De beslissing


De rechtbank:


vrijspraak/bewezenverklaring

  • - verklaart bewezen, dat verdachte het tenlastegelegde heeft begaan, zoals hierboven omschreven;
  • - verklaart niet bewezen wat aan verdachte meer of anders is tenlastegelegd en spreekt haar daarvan vrij;

strafbaarheid

  • - verklaart het bewezenverklaarde strafbaar;
  • - verklaart verdachte strafbaar voor het bewezenverklaarde;

straf

- veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van één dag.

- bepaalt dat de tijd die de veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering heeft doorgebracht, bij de uitvoering van de gevangenisstraf geheel in mindering zal worden gebracht;


  • - veroordeelt verdachte tot een taakstraf, bestaande uit het verrichten van onbetaalde arbeid van 100 uren;
  • - beveelt, voor het geval dat de veroordeelde de taakstraf niet naar behoren verricht, dat vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van 50 dagen;

schadevergoeding

- bepaalt dat de benadeelde partij [slachtoffer] niet-ontvankelijk is in haar vordering.



Dit vonnis is gewezen door mr. L.J.C. Hangx, voorzitter, mr. F. van der Maden en

mr. M. van Bruggen, rechters, in tegenwoordigheid van D.D. Drost, griffier, en is in het openbaar uitgesproken op 27 oktober 2015.



Bijlage bewijsmiddelen


Leeswijzer

Deze bijlage maakt deel uit van het vonnis en bevat de bewijsmiddelen.


Wanneer hierna wordt verwezen naar dossierpagina’s, zijn dit pagina's uit het dossier van de Politie Eenheid Oost-Nederland, onderzoek Phoenix met onderzoeksnummer 04VRP13009. Tenzij hieronder anders wordt vermeld, wordt steeds verwezen naar bladzijden van een in de wettelijke vorm, door daartoe bevoegde personen, opgemaakt proces-verbaal.


1. Het proces-verbaal van de terechtzitting van 13 oktober 2015, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven, als verklaring van verdachte:

Ten tijde van het tenlastegelegde was ik werkzaam in parenclub [parenclub] in Midwolde. Mijn partner [verdachte 4] was eigenaar van deze parenclub. Ik deed onder meer de inkoop, de schoonmaak en ik stond achter de bar en bij de deur. Er was een vergunning om prostitutie te mogen bedrijven in de club. Prostituees konden zich via een zogenoemde opting-in regeling bij ons inschrijven en droegen dan een deel van hun verdiensten af voor de belastingdienst. Daarnaast was er de mogelijkheid voor bezoekers om met elkaar seks te hebben, dus zonder betaling. De club was overigens niet uitsluitend gericht op seksuele activiteiten, maar bood ook een reguliere uitgaansgelegenheid. Om toegang te krijgen tot de club moesten bezoekers achttien jaar of ouder zijn. Dat stond zowel buiten de club als binnen op diverse plaatsen aangegeven. Het was onmogelijk om iedereen op leeftijd te controleren. Als een bezoeker jonger leek dan twintig jaar, dan werd wel altijd gecontroleerd.

2. Een proces-verbaal van bevindingen d.d. 14 november 2013, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven, als verklaring van verbalisant J. Wassebalie:

De club [parenclub] , gevestigd te Midwolde, gemeente Leek.

Exploitant: [verdachte 4] , heeft de dagelijkse leiding, daarin bijgestaan door zijn vriendin/partner: [verdachte] .


Door de gemeente Leek is een exploitatievergunning verleend voor het uitoefenen van een seksinrichting aan de exploitant [verdachte 4] . Derhalve mag in deze inrichting prostitutie plaatsvinden en mag men escortwerkzaamheden verrichten.


3. Een proces-verbaal van verhoor verdachte [verdachte 2] d.d. 5 maart 2014, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven, als verklaring van [verdachte 2] :

V = vraag verbalisant

A= antwoord verdachte

(…)

V: [verdachte 4] heeft verklaard dat jij al een keer gevraagd zou hebben of het goed was dat je je nichtje mee mocht nemen.

A: Ja, daarmee bedoelde ik [verdachte 3] . In de club heb ik later gezegd dat [verdachte 3] en [slachtoffer] twee nichtjes van mij waren

V: [verdachte 4] heeft verklaard dat ze [slachtoffer] niet hebben gecontroleerd omdat jij zou hebben gezegd dat ze ouder was dan 18.

A: Dat zou wel kunnen dat ik dat gezegd heb ja. Vanzelfsprekend toch.

(…)


4. Een proces-verbaal van verhoor verdachte [verdachte 2] d.d. 13 maart 2014, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven, als verklaring van [verdachte 2] :

V = vraag verbalisant

A= antwoord verdachte


(…)

V: Kunnen we vaststellen dat je al ruim van te voren van plan was om beide meisjes mee te nemen naar de parenclub?

A: Ja.

V: [verdachte 3] wilde er geld verdienen. En [slachtoffer] ?

A: Ze zaten bij mij beiden op de bank van 'money in the pocket.' Ik heb gezegd

tegen [slachtoffer] ga maar eens mee om te kijken.

(…)

V: Ook een klant zegt dat hij heeft betaald aan [slachtoffer] . Beide meisjes zeggen dat jij hebt verteld dat ze eerst geld moeten vragen aan een man en dan pas seks met hem moeten hebben. Wat zeg je hiervan?

A: dat klopt. Ik heb gezegd dat als je met iemand naar boven gaat dat je niet eerst seks moest gaan hebben en dan pas betaald worden, maar eerst het geld moest ontvangen voordat je met de klant naar de kamer gaat voor de seks.

V: [verdachte 3] zegt dat ze van te voren wisten dat ze seks zouden hebben met mannen. Wat zeg je daarvan?

A: Ja, dat wisten we allemaal, dus [slachtoffer] wist dit ook.


5. Een proces-verbaal van verhoor verdachte [verdachte 3] d.d. 5 maart 2014, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven, als verklaring van medeverdachte:

V = vraag verbalisant

A= antwoord verdachte


(…)

V: [slachtoffer] heeft aangifte gedaan van mensenhandel. Zij heeft verklaard dat ze samen met jou en [verdachte 2] naar een club is geweest en dat zich daar wat heeft afgespeeld. Wat kun je daarover vertellen?

A: Ik zal je het precies vertellen. Ik ben op een zaterdag naar Groningen gegaan achterop de

scooter bij [naam 1] . [slachtoffer] is samen met [verdachte 2] in het 45 kilometer autootje gegaan. [verdachte 2] kende daar een club om te gaan werken. In het begin hebben wij het dus eerst over die telefoonseks gehad en later kwam er te sprake om in een club te gaan werken. Toen wij samen bij [verdachte 2] thuis kwamen hebben wij het eerst over die telefoonseks gehad. Toen kwam het te sprake om in een club te gaan werken.

V: Weet je nog welke datum/dag het is geweest?

A: Het was op een zaterdag. Als u zegt dat dit 31 augustus 2013 is geweest dan kan dat kloppen. Ik weet de datum niet meer.

V: Naar welke club zijn jullie geweest?

A: [parenclub] ofzo?

(…)

V: Wie zijn er in de club naar binnen gegaan?

A: Ik, [slachtoffer] en [verdachte 2] .

V: Hoe ben je de club binnengegaan?

A: Via de ingang. We zijn met z'n drieën naar binnen gegaan. De deur werd door de eigenaresse van de club opengedaan. Zij heet [verdachte] . Ze heeft blond haar.

(…)

V: Wist [slachtoffer] dat zij seks ging hebben in die club?

A: Ja dat wist zij. Daar heeft zij ook over na kunnen denken. Dit is ook besproken vooraf met [verdachte 2] .

(…)


5. Een proces-verbaal van verhoor medeverdachte [verdachte 3] d.d. 6 maart 2014, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven, als verklaring [verdachte 3] :

V = vraag verbalisant

A= antwoord verdachte


V: Hoe vaak dat jij weet heeft [slachtoffer] seks gehad met mannen en kun jij deze omschrijven?

A: Ik weet het niet precies ik was daar voor mijzelf. Ik weet wel dat [slachtoffer] met meerdere mannen naar een kamer is geweest.


6. Een proces-verbaal van verhoor benadeelde [slachtoffer] , geboren [geboortedatum 2] 1997, d.d. 7 november 2013, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven, als verklaring van benadeelde:

V = vraag verbalisant 1

K = vraag verbalisant 2

N = antwoord [slachtoffer] .


V: Maar wij moeten eigenlijk van jou precies horen (want wij zijn er niet bij geweest) hoe het gegaan is. Dus ik wil aan jou vragen van joh kan jij vanaf het begin vertellen waarvoor je hier bent, wat er ja waarvoor de politie..

N: Nou ja dat was om [verdachte 2] ,

V: Hmhm,

N: Die is ja is (onverstaanbaar) de moeder van mijn stiefbroertje, daar heeft mijn

moeder acht jaar voor gezorgd. En nou ik was met een vriendin van mij woonde bij

ons in ( [verdachte 3] ).

V: Hmhm,

N: En die die had bijna geen werk meer. want die was de laatste dag of zo bij haar

werk en toen vroeg zei ze tegen mijn moeder van iets met de cam of zo wilde ze doen.

En toen zei mijn moeder van ik weet wel dat ik vroeger iets heb gedaan met [naam 2] ,

was met bellen naar zeg maar een sekslijn.

V: Hmhm.

N: En daar kan je geld verdienen zegt ze maar dan zien ze je niet en dan je gebruikt een andere naam, is veel veiliger dan dat ze je zien en dan en je eigen naam gebruikt.

V: Ja.

N: En toen zei [verdachte 3] van ja wat is de nummer dan. En toen zei mijn moeder van nou ja dat weet ik niet meer want dat was een paar jaar geleden vet lang geleden.

V: Ja.

N: Dus ik weet niet meer hoe het hoe de nummer was. En toen zei ze wel van ik weet

dat [verdachte 2] in zoiets zit, misschien kun je het aan haar vragen. En toen vroeg [verdachte 3] mij mee naar [verdachte 2] omdat ik weet waar ze woonde en haar goed kende. En toen ben ik mee gegaan en toen begon [verdachte 2] over of we iets anders of iets over chatgirl of zoiets.

V: Ja,

N: Dat ze dat alleen hadden en toen was zeg maar toen waren we in de tuin en toen zei [verdachte 2] nou (onverstaanbaar) gaan jullie een keer op een zaterdag of een vrijdag mee, was bij een parenclub. En dan kun je hoe heet dat, kun je zien wat ze daar allemaal doen. Dus [verdachte 3] die zei van ja nou dat is toch niks vies of ergs. En toen zei [verdachte 2] zo van nee ga anders eerst maar een keer kijken. En toen vroeg [verdachte 2] mij ook mee en toen had zei ook gezegd van hebben jullie een vriendin of zo die buiten Zwolle woont. En toen zei [verdachte 3] van Ja [naam 3] . En toen zei ze Oké zeg dan dat je die avond bij haar bent, dat ze een verjaardag heeft. Dus [verdachte 3] heeft dat gezegd tegen mijn moeder en toen zijn we ‘s middags naar [verdachte 2] toe gegaan en toen zijn we met waren we thuis en toen hebben we daar eerst een bak koffie gedronken en toen zijn we naar ja Groningen gegaan. Het was nou dan omstebeurt op de scooter en dan in de auto.

(…)

En toen waren we bij die ouders van die [naam 1] , in Groningen,

V: Hmhm,

N: En daar hebben we onze spullen neer gezet en daar zouden we gaan slapen. En toen

hebben we ons daar opgemaakt en toen moesten we mee naar zo’n ja parenclub.

V: Ja.

N: Maar dat was heel ... Ja ik vond toen ik daar aan kwam vond ik het al geen parenclub lijken. En toen dat ik naar binnen kwam toen die [verdachte] die gaf een knipoog aan [verdachte 2] maar toen vond ik het al apart van waarom geven ze mekaar een knipoog en moet ik niet mijn

ID-kaart zo laten zien. Dus vond ik ook een beetje apart dat ze dat niet vroegen.

(…)

En toen gingen we daar zitten maar toen ik daar binnen kwam zag ik een hele grote tv met allemaal porno en toen dacht ik ook bij mezelf is dit een parenclub.

(…)

K: Ja ik wou even ook de tijd even hebben. Ik wil eerst even een andere vraag.

[verdachte 2] , die noem jij [verdachte 2] .

N: Ja

K: Hoe heet [verdachte 2] van achternaam?

N: [verdachte 2]

(…)

K: Oké. En en [verdachte 3] , hoe heet zij van achternaam?

K: [verdachte 3] [verdachte 3] .

(…)

K: Ja. Je vertelde net hè dat jullie ook met verjaardagen bij elkaar kwamen, leuke

dingen met elkaar deden, weten [verdachte 2] en [verdachte 3] ook hoe oud jij bent?

N: Ja.

(…)

K: Oké. Je vertelde net dat jij dat was op de verjaardag van je moeder. Die nacht

ben jij weg geweest naar de parenclub. Wanneer is jou moeder jarig?

N: 1 september.

K: 1 september. Dus dan ben je ... En weet je nog wat voor dag het was 1 september?

K: Was op een zondag dat het 1 september werd dus het was zaterdag dat we daar waren.

K: Ja goed. Zaterdag op zondag.

(…)


K: Je komt aan, jij achterop de scooter, [verdachte 3] bij [verdachte 2] . Wat gebeurt er dan?

N: (…) naast de deur heb je een raam en daar zaten allemaal foto's op van [verdachte] .

K: [verdachte] ?

N: Ja die eigen .. die vrouw van [verdachte 4] . Die eigenaars.

K: Oké, [verdachte] is de vrouw van [verdachte 4] en dat zijn de eigenaars.

N: Ja.

K: Hoe weet je dat?

N: Dat heeft [verdachte 2] mij verteld, van dat is [verdachte 4] , dat is de eigenaar, dat is zijn vrouw

[verdachte] .

(…)

K: Ik heb (onverstaanbaar) ik ga even (onverstaanbaar) toen jullie voor de voor de

deur stonden, deed er iemand de deur open?

N: Ja [verdachte] .

(…)

V: En toen ging je aan de bar zitten en wat gebeurde er toen.

N: Nou toen kwam er die man.

V: Ja. Hoe ging dat.

N: Dan komt hij op je af lopen, tenminste hij liep naar mij toe.

V: Hmhm,

N: En toen zei [verdachte 2] van loop maar met hem mee.

V: Ja,

N: En zei hij toen zei zij van als hij wat vraagt van is dit je werk dan zeg je ja.

V: Ja. En toen?

N: Moest ik met hem mee naar zo’n kamertje, beneden ergens,

(…)

V: Hmhm. En dan komen jullie de kamer binnen en wat wordt er dan gezegd?

N: Hij begon mij te zoenen.

V: En waar zoende bij jou?

N: In mijn nek en gewoon op mijn mond,

V: En hoe zoende bij jou?

N: Ja met de tong. (Onverstaanbaar)

V: Hmhm. En toen?

N: (zegt niets)

V: Hij zoende je met zijn tong zeg jij en in je nek en op je mond en wat gebeurde er

daarna.

N: Toen deed hij mijn panty’s uit,

V: Ja, bij deed jou panty’s uit, stond jij toen of zat jij toen, lag jij toen?

N: Ik lag op bed.

V: Jij lag op bed. En hij?

N: Hij stond nog.

V: Hij stond nog. Hij deed bij jou de panty’s uit, verder nog?

N: En verder deed hij ook nog mijn string uit,

V: Ja, Dat deed bij bij jou, deed bij ook nog wat bij zichzelf?

N: Nee.

V: Toen was jou string uit en wat gebeurde er daarna?

N: Nou toen befte bij me en toen later zei hij dat van is dit je werk, toen zei ik ja en toen liep hij in één keer zomaar weg. Ik ga niet betalen zei hij.

V: Oké.. Hij befte jou. Wat wat deed hij bij jou? Waarmee befte hij?

N: Met z’n tong.

V: En waar zat hij met zijn tong?

N: Bij mijn geslacht.

V: Oké. En was dat op je geslacht of naast je geslacht of

N: Op.

V: Op je geslacht. En lag jij op je rug of op je buik.

N: Ik lag op mijn rug.

V: En hoe waren jouw benen?

N: Wijd want dat deed hij.

V: Oké. Hij deed jou benen wijd.

N: (zegt niets)

V: Oké. m hoe is dat toen gestopt dat hij jou aan het beffen was?

N: Nou hij begon opeens van is dit je werk en toen zei ik van ja. En toen zei hij zo van toen ging hij staan en toen zei hij nou ik ga niet betalen en toen liep hij weg.

V: En toen liep hij weg. Oké. Wat vond jij er van dat hij met zijn tong op jou

geslacht zat?

N: Vond ik niet leuk. Vies,

V: Hmhm. En hoe kwam het dat je want je zegt van ik vond het vies, ik

vond het niet leuk, hoe kwam het dat je dat toch m door hem liet doen?

N: Omdat hij mijn benen, ja bene hij pakte mijn benen hard vast en deed hij wijd dus ik durfde niks te doen.

V: Jij durfde niks te doen. Nee. Hoe kwam dat?

N: Omdat ik bang was.

V: Hmhm. Want?

N: Nou gewoon voor hem.

V: Voor hem ook.

N: Hmhm.

V: Hé en toen was hij weggelopen en toen?

N: En toen liep ik naar [verdachte 2] gauw, deed ik eerst alles gauw weer aan,

V: Oké je hebt eerst alles gauw weer aan gedaan en toen liep je naar [verdachte 2] ,

N: Toen pakte ik mijn tas en toen liep ik naar [verdachte 2] ,

V: Hmhm,

N: En toen zei ik dat tegen [verdachte 2] en [verdachte 2] zei tegen mij van ja dan had je maar

eerder dan had je maar van tevoren moeten vragen of hij dat ja dat hij moest betalen.

K: Waar zat [verdachte 2] toen?

N: Gewoon aan de bar.

(…)

K: Toen zaten jullie weer aan de bar, je zat daar met . . . Met wie zat je toen aan de bar?

N: [verdachte 3] en [verdachte 2] .

K: En [verdachte 2] . Wat gebeurde er toen?

N: Nou gewoon wat gedronken.

K: Ja.

N: Want ik kreeg drinken van [verdachte 2] , die zei tegen die [verdachte] van heb je cola

Beerenburg, toen gaf [verdachte 2] mij een cola Beerenburg.

V: Hoe veel hoe vaak heb jij m wat gedronken daar?

N: Drie of vier glazen.

V: En wat heb je gedronken?

N: Beerenburg van [verdachte 2] .

(…)

V: Nou dan krijg je een cola Beerenburg en hoe gaat het dan verder?

N: Ja toen kwam er weer iemand.

(…)

V: (…) en met hoe veel m mannen ben je mee geweest die avond?

N: Vier.



1 Proces-verbaal van de terechtzitting van 13 oktober 2015.
2 Pagina 323.
3 Pagina 64.
4 Pagina 75 en 79.
5 Pagina 107, 108 en 111.
6 Pagina 116.
7 Pagina 256-315.