Rechtbank Overijssel, 08-12-2015 / 3345385 \ CV EXPL 14-8472


ECLI:NL:RBOVE:2015:5835

Inhoudsindicatie
Conflict over een Ferrari die na aankoop last heeft van onder meer krakende stoelen. Gedaagde is ondanks vele pogingen niet in staat gebleken om het probleem op te lossen, waardoor de auto niet voldoet aan hetgeen eiser bij aankoop mocht verwachten. De kantonrechter wijst de gevorderde verklaring voor recht dat de koopovereenkomst buitengerechtelijk is ontbonden toe.
Instantie
Rechtbank Overijssel
Uitspraakdatum
2015-12-08
Publicatiedatum
2016-08-01
Zaaknummer
3345385 \ CV EXPL 14-8472
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechtsgebied
Civiel recht



Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Uitspraak RECHTBANK OVERIJSSEL

Team kanton en handelsrecht

Zittingsplaats Enschede


Zaaknummer : 3345385 \ CV EXPL 14-8472


Vonnis van 8 december 2015


in de zaak van


[eiser],wonende te [woonplaats] ,

eisende partij, hierna te noemen [eiser] ,

gemachtigde: mr. J.A.M. Drinkenburg, DAS Amsterdam,


tegen


de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [gedaagde] B.V.,gevestigd en kantoorhoudende te Hengelo,

gedaagde partij, hierna te noemen [gedaagde] ,

gemachtigde: mr. J. Backx, Rotterdam.


1De procedure


1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding;

- de conclusie van antwoord;

- het tussenvonnis van 30 september 2014 ter bepaling van een comparitie na antwoord;

- de brief van 12 december 2014 van de gemachtigde van [eiser] ter voorbereiding van de comparitie na antwoord met daarin (aangekondigd) een akte vermeerdering van eis;

- de in het dossier aanwezige aantekeningen van de griffier (in verband met de verwachte overeenstemming niet uitgewerkt in een proces-verbaal) van de comparitie na antwoord en aansluitende descente gehouden op 15 december 2014;

- de brief van 16 december 2014 van de gemachtigde van [eiser] met onder meer het verzoek de zaak aan te houden in verband met tussen partijen gemaakte afspraken en een verwachte definitieve schikking/oplossing;

- de brief van 28 januari 2015, met productie van de gemachtigde van [eiser] ;

- de brief van 2 februari 2015 van de gemachtigde van [gedaagde] ;

- het verzoek van partijen van mei 2015 voort te procederen;

- de daarop bepaalde comparitie van partijen welke heeft plaatsgevonden op 26 augustus 2015 en waarvan proces-verbaal is opgemaakt;

- de akte van 22 september 2015 aan de zijde van [eiser] ;

- de antwoordakte van 20 oktober 2015 aan de zijde van [gedaagde] .


1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.


2De feiten

2.1.

Partijen hebben op 10 mei 2012 een overeenkomst gesloten, op grond waarvan

[eiser] van [gedaagde] een nieuwe Ferrari 458 Spider (verder: de Ferrari) kocht voor een prijs van € 273.196,03. [eiser] heeft een aanbetaling gedaan van € 20.000,-. In verband met de lange levertijd is de Ferrari op 10 april 2013 aan [eiser] geleverd. De factuur dateert van dezelfde datum. De auto heeft het kenteken [kenteken] .


2.2.

Korte tijd na levering van de Ferrari heeft [eiser] daarmee de nodige problemen en vindt zowel telefonisch als per e-mail overleg plaats. Voor zover van belang heeft [gedaagde] aan [eiser] op 3 juli 2013 het volgende gemaild (productie 2 bij dagvaarding):

" Bijgaand tref je de brief aan van Ferrari met betrekking tot je 458 Spider.

Ik wil je laten weten dat wij, […], alles in het werk hebben gezet om jouw Ferrari weer helemaal in orde te krijgen, door:

- Direct in overleg te treden met Ferrari

- Direct en met spoed een ruit te bestellen bij de fabriek in Italië […]

- Deze ruit direct door specialisten onder toeziend oog van Ferrari North Europe te monteren

- De Ferrari kraak/piepvrij te krijgen en

- De Ferrari esthetisch weer 100% te maken.

Ik hoop dat je weer veel prettige en leuke kilometers zult maken met je Ferrari."


2.3.

Op 8 juli 2013 laat [eiser] [gedaagde] weten dat de stoelen nog erger kraken als voorheen. [eiser] vraagt of [gedaagde] dat niet kan oplossen of dat de Ferrari ergens anders heen moet. Verder is er sprake van een geluid waar [eiser] met [gedaagde] over wil spreken.

Naar aanleiding van deze e-mail schrijft [gedaagde] op 10 juli 2013:

"De oplossing die Ferrari biedt is dat de stoel uit elkaar moet worden gehaald om verdere diagnose te stellen. U heeft aangegeven dat u dit niet wilt en dat er niet verder aan uw auto gesleuteld mag worden. Wij zullen dit naar Ferrari moeten terugkoppelen, waardoor de klacht door Ferrari niet verder kan worden behandeld en de technische ondersteuning wordt gestaakt voor dit moment."


2.4.

Op 11 juli 2013 schrijft [gedaagde] aan [eiser] :

" Wij moeten terugkoppelen naar Ferrari dat de door hen voorgestelde procedure voor het oplossen van het probleem door u niet geaccepteerd wordt. Omdat u Ferrari en ons niet in de gelegenheid stelt het probleem op te lossen, wordt de technische ondersteuning tot nader order gestaakt. Daarnaast is er noch door Ferrari, noch door [medewerker gedaagde 1] een nieuwe stoel aangeboden. Wat wel aangeboden is, is het leer eventueel te vervangen.


2.5.

Daarop gereageerd [eiser] per dezelfde datum:

"U schrijft dat u terugkoppelt naar Ferrari…dus wacht u, neem ik aan, op antwoord van Ferrari wat te doen.

U schrijft ook dat het door Ferrari niet kan worden afgehandeld????

Ik begrijp uw uitleg niet.

Jullie ( [medewerker gedaagde 2] ) hebben zelf aangegeven dat deze auto zo niet de kwaliteitscontrole had mogen komen! Ferrari heeft al een nieuwe stoel aangeboden (leerprobleem), door [medewerker gedaagde 1] aan ons telefonisch bevestigd.

Waarom wordt het dan nu niet eens professioneel opgelost i.p.v. weer “sleutelen" aan deze spiksplinternieuwe auto?[…].?"


2.6.

Op 9 oktober 2013 schrijft [gedaagde] aan [eiser] :

"Allereerst wil ik benadrukken dat we de situatie rondom de 458 Spider ernstig betreuren. Tot nu toe veel pech en weinig plezier!

Daarnaast stuur ik deze e-mail om te laten zien dat wij (en ook ik persoonlijk) voor de volle 100% betrokken zijn. In de bijlage kun je zien dat [medewerker gedaagde 3] de druk behoorlijk opvoert naar Ferrari. In een vroeg stadium heb ik zelf telefonisch contact gehad met de verantwoordelijke en ook vorige week heb ik bij wijze van herinnering onderstaande mail verstuurd.

Wij blijven pushen en aandringen bij Ferrari. Inmiddels hebben we een tijdelijk stuur in de 458 Spider (bijna identiek) gezet, zodat je ieder geval kunt rijden.

[…]."


2.7.

[gedaagde] laat [eiser] op 4 november 2013 weten dat Ferrari zich op standpunt stelt dat de problematiek iets is tussen [gedaagde] en [eiser] .

Op 11 november 2013 schrijft [gedaagde] aan [eiser] :

" [medewerker gedaagde 2] en ik zijn vanmorgen wezen rijden en hebben op een geluidsopname kunnen maken van de twee krakende stoelen en het spiderdak wat we horen kraken. We zijn nu bezig deze informatie door te sturen naar Ferrari met een advies om de stoelen te vervangen. Zodra ik meer weten zou ik u op de hoogte houden.

[…]."


2.8.

Op 18 november 2013 schrijft [eiser] aan [gedaagde] :

"Naar aanleiding van mijn bezoek, eind vorige week bij jullie op, om reservesleutels van de 355 af te geven en tevens op de hoogte te worden gebracht betreffende de bij de Ferrari-fabriek in Italië nieuw aangevraagde stoelen.

[…]

De stoelen moeten uitsluitend en daadwerkelijk door nieuwe worden vervangen om het probleem op te lossen.

[…]

Mocht het zo zijn dat de fabriek deze problemenstoelen niet wil vergoeden/vervangen, dan zal [gedaagde], als officiële Ferrari dealer, de verantwoordelijkheid hebben nieuwe stoelen te bestellen ter vervanging van de genoemde problemenstoelen.


De betreffende Ferrari is tenslotte niet door ons bij de Ferrari-fabriek in Italië gekocht, maar bij het [gedaagde], met originele fabrieksgarantie.


Bovenstaande veelbesproken problemen dienen en moeten nu eindelijk na zeven maanden naar tevredenheid worden opgelost.


Onze advocaat[…] heeft ons geadviseerd [gedaagde] nogmaals de kans te geven deze kwestie naar onze tevredenheid op te lossen. [...]."


2.9.

Op 20 november 2013 mailt [eiser] aan [gedaagde] :

"Nu breekt mijn klomp!!!

Het krakende geluid is niet op te lossen. Jullie zijn hier nu al bijna zeven maanden mee bezig geweest en zoals bekend zonder resultaat!

[…]."


2.10.

Op 4 december 2013 mailt [gedaagde] :

"Goed nieuws, ik heb voor u een complete stoel bestuurderskant binnengekregen. De rechter stoel moet nog binnenkomen maar heb ik nog geen zicht op.

[…]. We gaan de nieuwe stoel morgen monteren en testen. Ik laat u z.s.m. weten wat de bevindingen zijn."


2.11.

Op 7 februari 2014 laat [eiser] [gedaagde] weten dat een aangetekend schrijven onderweg is.


2.12.

Op 11 februari 2014 stelt [gedaagde] [eiser] voor om in verband met de vertraagde levering van de stoel om de huidige stoel te plaatsen zodat [eiser] kan rijden.

Op 13 maart 2014 verwijst [eiser] [gedaagde] voor verder contact naar zijn advocaat.


2.13.

Op 5 maart 2014 (productie 4 bij dagvaarding) stuurt de gemachtigde van [eiser] een schrijven aan [gedaagde] waarin [gedaagde] wordt gesommeerd om de genoemde gebreken, waaronder het kraken, binnen vier weken na dagtekening van dit schrijven te herstellen en de auto in een Ferrari-waardige staat te krijgen, maakt [eiser] aanspraak op verlenging van de fabrieksgarantie met een jaar omdat hij het eerste jaar amper met zijn Ferrari heeft kunnen rijden en wordt [gedaagde] in gebreke gesteld.


2.14.

Bij brief van 18 maart 2014 (productie 5 bij dagvaarding) schrijft [gedaagde] aan [eiser] ' gemachtigde:

"[…]

Allereerst wil ik benadrukken dat ik de situatie ernstig betreur. Bij ons zijn ons terdege bewust dat [gedaagde] de leverancier van de betreffende Ferrari is en dat wij derhalve het aanspreekpunt zijn voor de heer [eiser] in deze. Desalniettemin wil ik benadrukken dat wij voor het oplossen van de ' problemen' afhankelijk zijn van onze leverancier, in dit geval de Ferrari-fabriek.


Wij hebben de Ferrari-fabriek inmiddels kunnen bewegen de gevraagde onderdelen, waaronder één compleet nieuwe stoel en één nieuwe stoelframe […] toe te sturen. Wij hebben beide stoelen vervangen en ik kan dan ook meedelen dat de Ferrari inmiddels in de door u genoemde deugdelijke, Ferrari- waardige staat verkeert.


Tot slot wil ik benadrukken dat de Ferrari in de door u genoemde 11 maanden, minstens 10 maanden gewoon gebruikt heeft kunnen worden. Toch begrijpen wij dat het rijplezier wellicht als minder kan worden beschouwd."


2.15.

Op 25 maart 2014 (productie 6 bij dagvaarding) schrijft de gemachtigde van [eiser] aan [gedaagde] onder meer, samengevat, dat zijn cliënt vanaf dat moment geen enkele onvolkomenheid meer aan de auto accepteert, behoudens normale slijtage en door eigen toedoen veroorzaakte gebreken en zich alle rechten met betrekking tot de koopovereenkomst voorbehoud ingeval vermelde klachten zich weer voordoen.


2.16.

Op 2 april 2014 (productie 8 bij dagvaarding) verzoekt de gemachtigde van

[eiser] CED Automtive onderzoek te doen naar onder meer de krakende stoelen in de Ferrari. Het expertise rapport is opgemaakt op 3 april 2014 (productie 9 bij dagvaarding).

In het rapport staat met betrekking tot de stoelen:

"Bij het instappen en/of uitstappen (stilstaande voertuig met stilstaande motor) was bij de bestuurdersstoel een krakend bijgeluid aanwezig. Het bijgeluid was aanwezig bij het bewegen van het lichaam in de stoel. Tijdens het rijden was zowel in de bestuurdersstoel alsmede de passagiersstoel op bepaalde momenten een krakend bijgeluid aanwezig. Naar onze mening is een dergelijk bijgeluid niet gebruikelijk bij een dergelijk type auto, van deze leeftijd en deze lage kilometerstand. Voor zover wij in dit stadium hebben kunnen beoordelen komt het bijgeluid vanuit de frameconstructie van de volledige elektrisch bedienbare stoelen. Om de exacte oorzaak te kunnen achterhalen en te beoordelen en of de oorzaak hiervan verholpen kan worden, dienen de stoelen in delen gedemonteerd worden ten behoeve van verder (technisch) onderzoek.

[…]."

De kosten van de rapportage bedragen € 804,65 inclusief BTW.



2.17.

Bij brief van 16 juni 2014 heeft de gemachtigde van [eiser] aan de gemachtigde van [gedaagde] onder meer geschreven:

" […]

Ondanks het feit dat uw cliënte ruimschoots in de gelegenheid is gesteld om de tekortkomingen te herstellen, voldoet de Ferrari nog steeds niet aan hetgeen cliënt mag verwachten, wat maakt dat uw cliënte inmiddels in verzuim verkeert, nu al maanden geleden is gepoogd de auto in een perfecte staat te krijgen (d.w.z. zonder gekraak, onder andere).


Op 5 maart jl. heb ik uw cliënte per brief in gebreke gesteld en nog eens vier weken de tijd gegund (dus uiterlijk op 2 april 2014) om voor deugdelijke nakoming zorg te dragen, inhoudende de Ferrari vrij van gebreken - en dus in een Ferrari waardige staat - te maken. Tot op heden is voormelde niet gebeurd. Uw cliënte verkeert dan ook in elk geval per 3 april 2014 jl. in wettelijk verzuim. Gelet op dit alles en om cliënt moverende redenen ontbindt hij hierbij de koopovereenkomst zoals eerder aangekondigd indien de Ferrari niet deugdelijk zou worden hersteld. In het kader van vermelde is uw cliënte mijn cliënt de koopprijs verschuldigd zijnde een bedrag van € 273.169,03 onverminderd zijn recht op aanvullende schadevergoeding en vergoeding van kosten van verhaal. Op dit punt behoudt cliënt zich nadrukkelijk alle rechten en weren voor.


Ik verzoek- voor zover nodig sommeer - uw cliënt om het bedrag van € 273.169,03 binnen 14 dagen na heden over te maken op rekeningnummer […]


Vervolgens zal cliënt binnen afzienbare tijd de Ferrari komen inleveren alwaar deze op naam van uw cliënte kan worden overgeschreven.

[…]."


2.18.

Op 14 augustus 2014 is de dagvaarding betekend. In het kader van de comparitie na antwoord, tevens descente heeft de kantonrechter geconstateerd dat de stoelen kraakten. [gedaagde] is hangende de procedure, in het kader van pogingen van partijen tot een regeling in der minne te komen, meermaals door [eiser] in de gelegenheid gesteld de problemen met de Ferrari, in het bijzonder de krakende stoelen, op te lossen.






3Het geschil

3.1.

De vordering

[eiser] vordert - samengevat - naar vermeerdering van eis, bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad

primair:

a. a) voor recht te verklaren dat de koopovereenkomst met betrekking tot de Ferrari met kenteken [kenteken] buitengerechtelijk op 16 juni 2014 namens [eiser] is ontbonden;

b) [gedaagde] te veroordelen tot het terugbetalen van de koopprijs aan [eiser] van € 273.196,03 te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 1 juli 2014 tot aan de dag der algehele voldoening;

c) [gedaagde] te veroordelen tot het afgeven van een vrijwaringsbewijs van de Ferrari vanaf het moment dat deze weer in haar bezit wordt gesteld, zulks op straffe van een dwangsom van € 250,- voor iedere dag die [gedaagde] nalatig blijft na betekening van dit vonnis

subsidiair:

d) de koopovereenkomst gedeeltelijk te ontbinden door de koopprijs met een bedrag van €75.000,-, althans een door de kantonrechter in goede justitie te bepalen bedrag te verminderen;

2) [gedaagde] te veroordelen tot het terugbetalen [eiser] van € 75.000,- althans een door de kantonrechter in goede justitie te bepalen bedrag;


Zowel primair als subsidiair:

f) [gedaagde] te veroordelen tot betaling van de buitengerechtelijke incassokosten ten bedrage van € 3140,98, te voldoen binnen 14 dagen na betekening;

g) [gedaagde] te veroordelen tot betaling van de kosten van de procedure vermeerderd met de wettelijke rente over de proceskosten te rekenen vanaf een voor betaling gestelde termijn tot de dag der algehele voldoening;

h) [gedaagde] te veroordelen tot betaling van een bedrag van € 804,65 ter zake van de kosten voor het onderzoek uitgevoerd door CED Automotive.



3.2.

Het verweer

[gedaagde] concludeert - samengevat - tot niet-ontvankelijk verklaring van [eiser] in zijn vorderingen, dan wel afwijzing van dienst vorderingen met veroordeling van [eiser] de kosten van de procedure.



4De beoordeling

4.1.

[gedaagde] heeft de klachten van [eiser] , in ieder geval die welke betrekking hebben op het kraken van de stoelen altijd erkend. Hoewel [gedaagde] bij conclusie van antwoord heeft gesteld dat die problemen zijn verholpen is inmiddels hangende de procedure genoegzaam komen vast te staan, dat hoewel het probleem soms verholpen leek, maar van een daadwerkelijke structurele oplossing, ondanks de vele pogingen van [gedaagde] daartoe, geen sprake is geweest. Anders dan door [gedaagde] is betoogd hoeft [eiser] van een Ferrai, handgemaakt of niet, niet te verwachten dat deze krakende stoelen heeft, zoals de kantonrechter in december 2014 heeft waargenomen. Dat de auto desondanks gebruikt kan worden, in die zin dat deze rijdt, maakt niet dat de auto voldoet aan hetgeen [eiser] daarvan bij aankoop mocht verwachten. Zulks wordt ook bevestigd door CED Automotive dat onderzoek heeft gedaan.


4.2.

Nu [eiser] [gedaagde] bij schrijven van 5 maart 2014 in gebreke heeft gesteld en de problemen niet binnen de gestelde termijn adequaat zijn verholpen heeft [eiser] de koopovereenkomst op juiste gronden kunnen ontbinden bij schrijven van 16 juni 2014.

De kantonrechter zal de gevorderde verklaring voor recht dat de koopovereenkomst buitengerechtelijk op 16 juni 2014 is ontbonden toewijzen. Dat betekent dat [eiser] gehouden is de Ferrrai terug te leveren en [gedaagde] in gehouden is de koopsom, zijnde

€ 273.196,03, terug te betalen behoudens een daarop, wegens gebruik van de Ferrari in mindering te brengen bedrag.


4.3.

Partijen zijn het er niet over eens of, en zo ja, welk bedrag op de koopsom in mindering dient te worden gebracht. De kantonrechter overweegt daartoe als volgt.

De afschrijving van de auto kan niet als maatstaf worden genomen omdat die voor rekening en risico van [gedaagde] komt. Immers ondanks de vele daartoe serieus ondernomen pogingen is zij niet in staat is gebleken het probleem op te lossen. De herstelpogingen zijn - in overleg tussen partijen – ook tijdens onderhavige procedure voortgegaan. De daardoor verdergaande waardevermindering kan niet ten laste van [eiser] worden gebracht. Uitgangspunt is en blijft dat [gedaagde] niet deugdelijk heeft gepresteerd.

[eiser] heeft evenwel gebruik van de auto gemaakt en niet enkele bij wijze van proef. [eiser] heeft in totaal ca 8500 km gereden. Het genot was door de ergernis over de krakende stoelen en overige problemen die zich met de auto hebben voorgedaan ongetwijfeld niet maximaal, maar ook niet van nul of generlei waarde. Dat gebruik dient vergoed te worden. De kantonrechter zal het aan dat gebruik toe te kennen bedrag in redelijkheid begroten op € 15.000,- . Dit betekent dat [gedaagde] aan [eiser] , zodra [eiser] de Ferrari bij [gedaagde] heeft bezorgd, aan [eiser] ter zake van de ongedaanmakingsverplichting een bedrag van

€ 273.196,03 minus € 15.000,- = € 258.196,03 dient te voldoen.

Dat de auto door de ontbinding een volgende eigenaar krijgt en minder waard wordt moge zo zijn, dat is geen omstandigheid die voor rekening en risico van [eiser] komt. Ook de omstandigheid dat de auto voor een minimum prijs aan [eiser] is verkocht vanwege de door [gedaagde] bij conclusie van dupliek genoemde omstandigheden, te weten het “halen van een verkoopquotum”, komen voor rekening en risico van [gedaagde] .


4.4.

De gevorderde rente over dit bedrag wordt afgewezen nu [eiser] de Ferrari nog onder zich heeft en door de onderhandelingen partijen geacht moeten worden de uitvoering van de ontbinding in onderling overleg te hebben opgeschort.


4.5.

[gedaagde] zal voorts veroordeeld worden om, zodra [eiser] de Ferrari heeft ingeleverd, een vrijwaringsbewijs af te geven. De gevorderde dwangsom wordt afgewezen. Er is geen enkele aanwijzing dat [gedaagde] aan haar verplichtingen in deze niet zal voldoen.


4.6.

Nu [eiser] in redelijkheid kosten heeft gemaakt ter vaststelling van de tekortkomingen en deze kosten ook qua omvang redelijk zijn, zal [gedaagde] tot betaling van die kosten, een bedrag van € 804,65, worden veroordeeld.


4.7.

Ter zake van de buitengerechtelijke incassokosten wordt als volgt overwogen. Het betreft hier een consumentenkoop. Gesteld noch gebleken is dat ter zake van de verschuldigdheid een aanmaning is verzonden (14-dagen brief) overeenkomstig het bepaalde in artikel 96 lid 6 BW. De vordering dient te worden afgewezen.


4.8.

[gedaagde] zal als de overwegend in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de kosten van de procedure.



5De beslissing

De kantonrechter:


5.1.

verklaart dat de koopovereenkomst met betrekking tot Ferrari met kenteken

[kenteken] op 16 juni 2014 buitengerechtelijk is ontbonden;


5.2.

veroordeelt [gedaagde] , nadat [eiser] de Ferrari in bezit van [gedaagde] heeft gesteld, aan [eiser] te betalen een bedrag van € 258.196,03 ter zake van de ongedaanmakingsverplichting en € 804,65 ter zake van kosten deskundigenrapport door overmaking op bankrekeningnummer [bankrekeningnummer] o.v.v. [betalingskenmerk] ;


5.3.

veroordeelt [gedaagde] , zodra de Ferrari door [eiser] in bezit van [gedaagde] is gesteld, tot afgifte aan [eiser] van een vrijwaringsbewijs;


5.4.

veroordeelt [gedaagde] in de kosten van de procedure, aan de zijde van [eiser] begroot op € 560,36 ter zake van verschotten en € 3200,- ter zake van salaris gemachtigde;


5.5.

wijst af hetgeen meer of anders is gevorderd;


5.6.

verklaart dit vonnis uitvoerbaar voorraad.



Dit vonnis is gewezen door mr. E.W. de Groot, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 8 december 2015.