Rechtbank Rotterdam, 17-04-2015 / 3138396 CV EXPL 14-27535


ECLI:NL:RBROT:2015:3940

Inhoudsindicatie
Veiligheidsplan is een ‘werk. Geen sprake van inbreuk auteursrecht en evenmin van slaafse nabootsing.
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Uitspraakdatum
2015-04-17
Publicatiedatum
2015-06-08
Zaaknummer
3138396 CV EXPL 14-27535
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechtsgebied
Civiel recht



Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Uitspraak RECHTBANK ROTTERDAM

zaaknummer: 3138396 CV EXPL 14-27535


uitspraak: 17 april 2015


vonnis van de kantonrechter, zitting houdende te Rotterdam,


in de zaak van


de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

NEW GENERATION SECURITY B.V.,

gevestigd te Rotterdam,

eiseres in conventie,

verweerster in reconventie,

gemachtigde: mr. B.D. Bos te Amsterdam,


- tegen -


1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

GIDEON SECURITY B.V.,

gevestigd te Berkel en Rodenrijs,

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

GIDEON HORECA- EN EVENEMENTEN BEVEILIGING B.V.,

gedaagden in conventie,

eiseressen

gemachtigde: mr. P.J.M. Petit te Rotterdam.


Partijen zullen hierna worden aangeduid als “NGS” respectievelijk “Gideon Security” en “Gideon Horeca”. Waar gedaagden gezamenlijk worden bedoeld worden zij aangeduid als “Gideon c.s.”.



1Het verloop van de procedure


Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • - de dagvaarding d.d. 4 juni 2014, met 17 producties;
  • - de conclusie van antwoord, met 13 producties;
  • - het tussenvonnis van de kantonrechter d.d. 11 augustus 2014 waarbij een comparitie van partijen is gelast;
  • - de brief d.d. 27 oktober 2014 van mr. Bos, met 3 producties (doorgenummerd als producties 18 tot en met 20);
  • - het proces-verbaal van de op 6 november 2014 gehouden comparitie van partijen, met aangehechte stukken;
  • - de brief van 28 november 2014 van mr. Weerts.

De uitspraak van het vonnis is nader bepaald op heden.



2De feiten


Als enerzijds gesteld en anderzijds erkend dan wel niet of onvoldoende gemotiveerd weersproken, gelet ook op de in zoverre niet betwiste inhoud van de in het geding gebrachte producties waarop beroep is gedaan, staat tussen partijen - voor zover van belang - het volgende vast.


2.1.

NGS houdt zich bezig met het leveren van producten en diensten die de veiligheid van personen, evenementen, horeca en objecten vergroten. NGS heeft van 2006 tot en met 2013 de beveiliging van festiviteiten ter gelegenheid van Koninginnedag respectievelijk Koningsdag op het Stadhuisplein te Rotterdam verzorgd.


2.2.

Gideon Security exploiteert een onderneming die zich onder meer richt op het beveiligen van grootschalige evenementen.


2.3.

Gideon Horeca exploiteert een onderneming op het gebied van horeca- en evenementen beveiliging.


2.4.

De stichting Promotie Stadhuisplein te Rotterdam (hierna ook wel: de opdrachtgever /organisator) organiseert al jaren Koninginnedag en sinds 2014 Koningsdag. De stichting Promotie Stadhuisplein besteedt de beveiliging van deze evenementen/van festiviteiten ter gelegenheid van Koninginnedag respectievelijk Koningsdag op het Stadhuisplein te Rotterdam uit aan derden.


2.5.

De gemeente Rotterdam hanteert voor evenementen de Nota Evenementen vergunningen d.d. april 2013 waarin de procedures, voorschriften en afspraken rond evenementen in Rotterdam is opgenomen.


2.6.

Op 24 januari 2014 stuurt NGS ten behoeve van de beveiliging van Koningsdag 2014 aan de stichting Promotie Stadhuisplein een veiligheidsplan met offerte.


2.7.

Ook Gideon stuurt ten behoeve van de beveiliging van Koningsdag 2014 aan de stichting Promotie Stadhuisplein een (concept)veiligheidsplan met offerte en wel op 31 januari 2014.


2.8.

Bij brief van 19 februari 2014 heeft de advocaat van NGS Gideon beticht van het overnemen c.q. kopiëren van (elementen uit) het veiligheidsplan van NGS, haar aansprakelijk gesteld voor de ten gevolge daarvan te lijden schade en gesommeerd haar offerte in te trekken onder de mededeling dat het haar niet vrij stond een aanbieding te doen en zich te onthouden verdere inbreuk c.q. onrechtmatig handelen.


2.9.

Bij brief van 27 februari 2014 schrijft de (raadsvrouw) van Gideon dat geen sprake is van enige inbreuk en/of onrechtmatig handelen.


2.10.

De opdrachtgever heeft de opdracht aan Gideon gegund onder mededeling dat Gideon de beveiliging realiseert tegen een lager bedrag.

3De vordering


3.1.

De gewijzigde vordering luidt, dat de rechtbank, sector kanton, bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad:

i. i) voor recht verklaart dat NGS auteursrecht heeft op haar veiligheidsplannen 2012, 2013 en 2014;

ii) voor recht verklaart dat Gideon c.s. inbreuk heeft gemaakt op de auteursrechten van NGS en aldus jegens NGS onrechtmatig heeft gehandeld;

iii) Gideon c.s. gebiedt zich te onthouden van verdere inbreuken op het auteursrecht van NGS;

iv) Gideon c.s. veroordeelt tot betaling aan NGS van een schadevergoeding van € 2.265,50;

v) Gideon c.s. veroordeelt tot betaling van de kosten van de juridische bijstand ten bedrage van € 15.000,-, althans een door de rechtbank in goede justitie te bepalen bedrag;

ix) Gideon c.s. veroordeelt in de kosten van het geding.


NGS heeft aan haar vordering, verkort weergegeven, het volgende ten grondslag gelegd.


3.2.

NGS heeft ten behoeve van de beveiliging een veiligheidsplan opgesteld, waarbij zij keuzes heeft gemaakt c.q. creatieve oplossingen heeft bedacht om een zo efficiënt mogelijke beveiliging tegen een zo laag mogelijke prijs te realiseren. Het veiligheidsplan is een werk als bedoeld in artikel 10 lid 1 aanhef en onder 1 Auteurswet, aangezien het veiligheidsplan een eigen oorspronkelijk karakter heeft en het persoonlijk stempel van de maker draagt.

Gideon c.s. maakt inbreuk op het uitsluitend recht van NGS om haar werk – het veiligheidsplan – te openbaren en te verveelvoudigen. Gideon c.s. heeft elementen uit haar veiligheidsplan overgenomen c.q. gekopieerd en vervolgens de opdracht voor de beveiliging van Koningsdag 2014 verworven van Stichting Promotie Stadhuisplein. Het plan van Gideon c.s. komt qua inhoud, taalgebruik, vormgeving en indeling overeen met dat van NGS. De plannen zijn vrijwel identiek. Het plan van Gideon c.s. kan niet als zelfstandig werk worden gekwalificeerd.


3.3.

Subsidiair heeft Gideon c.s. in strijd gehandeld met de in het maatschappelijk verkeer betamelijke zorgvuldigheid door elementen uit het niet openbaar zijnde veiligheidsplan van NGS over te nemen c.q. te kopiëren, daarmee verwarring scheppend bij opdrachtgevers, en het gekopieerde plan tegen een lagere prijs bij de opdrachtgever in te dienen waarmee zij op onoirbare wijze de opdracht tot beveiliging heeft verworven. Daarbij heeft zij ook door NGS opgeleide beveiligers en toezichthouders benaderd en ingehuurd. Door deze handelwijze maakt zij stelselmatig inbreuk op het bedrijfsdebiet van NGS.


3.4.

Nu Gideon c.s. onrechtmatig heeft gehandeld is zij aansprakelijk voor de door NGS ten gevolge daarvan geleden schade, door NGS gesteld op € 2.265,50 aan gederfde winst.

NGS maakt voorts aanspraak op vergoeding van de integrale kosten van rechtsbijstand die zij begroot op € 15.000,-.


4Het verweer


4.1.

Het verweer strekt tot afwijzing van de vordering van NGS, met veroordeling van NGS in de kosten van de procedure.


Gideon c.s. heeft daartoe, zakelijk weergegeven, het volgende aangevoerd.


4.2.

NGS is niet ontvankelijk in haar vorderingen jegens Gideon Horeca, nu Gideon Horeca niets te maken heeft gehad met het veiligheidsplan en de beveiliging van Koningsdag 2014, maar Gideon Security het veiligheidsplan heeft opgesteld en de beveiliging heeft uitgevoerd.


4.3.

Primair heeft te gelden dat het veiligheidsplan niet auteursrechtelijk is beschermd. Het veiligheidsplan heeft geen eigen, oorspronkelijk karakter. De indeling van functiegroepen, de inzet van toezichthouders naast beveiligers, de inzet van het aantal personen, de plaatsing van een spotter, de kleur van het hesje van de toezichthouders en dergelijke, zijn geen creatieve oplossingen van NGS maar omschrijvingen van functionele aard die door de organisator van het evenement zijn bedacht of ter voldoening aan de gemeentelijke voorschriften zijn opgenomen en die geen auteursrechtelijke bescherming genieten. Het veiligheidsplan kan evenmin worden aangemerkt als een verzameling die op basis van de selectie en ordening van de inhoud aangemerkt kan worden als een werk met een eigen, oorspronkelijk karakter dat het persoonlijk stempel van de maker zou dragen.


4.4.

Subsidiair geldt dat Gideon Security geen inbreuk heeft gemaakt op het auteursrecht van NGS. De overeenstemmende bewoordingen – voor zover deze aanwezig zijn – houden verband met het gebruik van de bewoordingen uit de Nota (crowd control, visitatie, surveillance en dergelijke), het gebruik van straatnamen en de namen van de horecagelegenheden. Dat de afbeeldingen in de veiligheidsplannen van Gideon Security en NGS overeenkomen is gelegen in het feit dat Gideon Security deze afbeeldingen van de organisator heeft verkregen, die deze afbeeldingen op zijn beurt weer heeft verkregen van de gemeente Rotterdam. De in het veiligheidsplan van Gideon gebruikte luchtfoto en plattegrond van het Stadhuisplein zijn afkomstig van Google Maps, dat vrij toegankelijk is voor een ieder.


4.5.

Gideon Security betwist ten stelligste dat zij het veiligheidsplan heeft overgenomen dan wel gekopieerd en dat zij door haar handelwijze stelselmatig inbreuk zou maken op het bedrijfsdebiet van NGS. NGS heeft dit laatste ook op geen enkele wijze onderbouwd.


4.6.

Zelfs als Gideon Security inbreuk zou hebben gemaakt op het auteursrecht van NGS en/of anderszins onrechtmatig zou hebben gehandeld, staat daarmee geenszins vast dat Gideon Security ten gevolge daarvan schade heeft geleden, nu de organisator niet tevreden was over de wijze waarop NGS de beveiliging de afgelopen jaren heeft uitgevoerd, zodat de reden van het niet verkrijgen van de opdracht door NGS allerminst vaststaat. Voor zover Gideon Security al gehouden zou zijn tot het betalen van enige schadevergoeding, wordt de hoogte van de gepretendeerde schade betwist, aangezien de met de beveiliging gepaard gaande kosten, behoudens personeelskosten, niet in mindering zijn gebracht bij de berekening van de gederfde winst.

NGS heeft de hoogte van de door haar gestelde juridische kosten ad € 15.000,- op geen enkele wijze onderbouwd. Daarnaast zijn de gepretendeerde kosten niet redelijk en evenredig, hetgeen ingevolge artikel 1019h Rv vereist is om voor vergoeding in aanmerking te komen.


5De beoordeling


5.1.

NGS heeft naar aanleiding van het verweer van Gideon c.s. de vordering tegen Gideon Horeca ingetrokken, hetgeen de raadsman van NGS nadien schriftelijk heeft bevestigd. Derhalve resteert ter beoordeling uitsluitend de vordering ingesteld tegen Gideon Security.

Auteursrecht


5.2.

Kernpunt van het geschil tussen partijen is de vraag of het door NGS opgestelde veiligheidsplan en/of onderdelen daarvan kan/kunnen worden aangemerkt als een auteursrechtelijk beschermd werk en zo ja of Gideon Security daarop inbreuk heeft gemaakt.


5.3.

Voor auteursrechtelijke bescherming is nodig dat het veiligheidsplan van NGS een eigen, oorspronkelijk karakter heeft en het persoonlijk stempel van de maker draagt. De eis dat het voortbrengsel een eigen, oorspronkelijk karakter moet bezitten houdt, kort gezegd, in dat de vorm niet ontleend mag zijn aan die van een ander werk. De eis dat het voortbrengsel het persoonlijk stempel van de maker moet dragen betekent dat sprake moet zijn van een vorm die het resultaat is van scheppende menselijke arbeid en dus van creatieve keuzes, die aldus voortbrengsel is van de menselijke geest. Daarbuiten valt in ieder geval al hetgeen een vorm heeft die zo banaal of triviaal is dat daarachter geen creatieve arbeid van welke aard dan ook valt aan te wijzen, alsmede datgene wat technisch/functioneel is bepaald (zie o.a. HR 30 mei 20018, Endstra-tapes, LJN BC2153, NJ 2008/556). Het HvJEU heeft de maatstaf aldus geformuleerd dat het moet gaan om "een eigen intellectuele schepping van de auteur van het werk". Voorts is van belang dat het zo kan zijn dat elementen die afzonderlijk beschouwd geen auteursrechtelijk te beschermen schepping van de auteur vormen, door de keuze, schikking en combinatie daarvan gezamenlijk wel als ‘werk’ kwalificeren (HvJEU 16 juli 2009, nr. C-5/08, LJN BJ3749, NJ 2008/556 (Infopaq I).


5.4.

De discussie tussen partijen is toegespitst op de te onderscheiden passages / onderwerpen uit het veiligheidsplan. Volgens NGS getuigen die alle van een oorspronkelijk karakter en een persoonlijk stempel van de maker, terwijl Gideon Security heeft betoogd dat ieder creatief element daarin ontbreekt. Dit laatste met uitzondering van – zo begrijpt de kantonrechter Gideons betoog – de in het beleidsplan opgenomen afbeeldingen, welke wel als (afzonderlijk) werk kunnen worden bestempeld.


5.5.

Overwogen wordt dat de betreffende passages op zichzelf beschouwd niet getuigen van een persoonlijke stempel van de maker, nu de invulling daarvan voornamelijk is ingegeven door veiligheidsnormen en beleidswensen, waarbij weinig tot geen ruimte is voor eigen creatieve inbreng. Deze passages bevatten overwegend technische feiten, waarvan de beschrijving uitsluitend functioneel en zakelijk van aard is. De inhoud houdt steeds verband met de uit oogpunt van functionaliteit te stellen eisen, zoals de inzet van EHBO’ers, vliegende brigades, beveiligers, toezichthouders en spotter, toegangscontroles alsmede de plaatsing van instructie- en lichtborden en de kleur van de door de toezichthouders te dragen vestjes (blauw). Voor zover er sprake is van daarbinnen te maken keuzes, zoals bijvoorbeeld naar aantal en soort, zijn deze eveneens functioneel bepaald. Zo is de keuze voor de inzet van toezichthouders naast beveiligers een voor de hand liggende (kostenbesparende) keuze, ingegeven door de wens van de organisator en de naar de opdracht dingende partijen om tegen zo laag mogelijke kosten de opdracht te kunnen (doen) uitvoeren. Dit geldt ook voor het aanpassen van het aantal beveiligers en toezichthouders op het fluctuerend bezoekersaantal (resulterend in de diversiteit van de begin- en eindtijden), waarbij enerzijds wordt voldaan aan het gemeentelijke voorschrift dat het aantal beveiligers/toezichthouders in verhouding staat met het aantal bezoekers (1:250) en anderzijds beveiligers/ toezichthouders zo effectief mogelijk en kostenbesparend worden ingezet.

Een en ander neemt echter niet weg dat er bij (de combinatie van) de selectie en de ordening van deze passages, het gebruik van illustraties en tabellen en de lay-out van het veiligheidsplan als geheel wel degelijk sprake is geweest van ruimte voor het maken van creatieve keuzes, waardoor het veiligheidsplan als geheel weer wel het persoonlijk stempel van de maker draagt. Dit brengt met zich dat het veiligheidsplan als ‘werk’ in de zin van artikel 10 lid 1 aanhef en onder 1 van de Auteurswet kan worden aangemerkt.


5.6.

Vervolgens ligt voor de vraag of Gideon Security met het uitbrengen van haar veiligheidsplan inbreuk heeft gemaakt op het eerder door NGS aan de gemeente aangeboden plan.


5.7.

Bij de beoordeling van deze vraag komt het krachtens vaste jurisprudentie aan op de totaalindruk en meer in het bijzonder op de vraag in welke mate de totaalindrukken van het beweerdelijk inbreuk makende werk en het beweerdelijk bewerkte of nagebootste werk overeenstemmen. Daarbij zijn de auteursrechtelijk beschermde trekken of elementen van laatstbedoeld werk bepalend, met dien verstande dat bij de vergelijking van de totaalindrukken ook onbeschermde elementen in aanmerking dienen te worden genomen, althans voor zover de combinatie van al deze elementen in het beweerdelijk nagebootste werk aan de werktoets beantwoordt (zie o.a.: de Stokke-arresten van de Hoge Raad van 22 februari en 12 april 2013, NJ 2013/501, 502 en 503).


5.8.

Dit criterium in ogenschouw nemend en gelet op hetgeen hiervoor onder 5.5. reeds is overwogen, is de kantonrechter van oordeel dat de totaalindruk die het beleidsplan van Gideon Security maakt duidelijk verschilt van de totaalindruk van het oorspronkelijke plan van NGS, hetgeen met name wordt veroorzaakt door de gemaakte keuzes voor een wat andere indeling en volgorde van de verschillende passages tezamen met het gebruik van illustraties, tabellen en de lay-out van het veiligheidsplan als geheel. Aan deze verschillende totaalindruk kan de hiervoor reeds geconstateerde gelijkenis van de te onderscheiden afzonderlijke passages niet afdoen, nu deze passages als onbeschermde elementen op zichzelf beschouwd er immers niet toe doen. Dit leidt er toe dat geen sprake is van inbreuk op het auteursrecht van NGS op het beleidsplan als zodanig.


5.9.

Daarmee is nog onbeantwoord gebleven de vraag of Gideon Security met het gebruik van de in bijlage II van het definitieve plan opgenomen afbeeldingen (de luchtfoto en de plattegrond), die – daar zijn partijen het over eens – exact dezelfde zijn als gebruikt door NSG in haar veiligheidsplan, wel inbreuk maakt op het auteursrecht van NSG.


5.10.

Naar aanleiding van de stelling bij dagvaarding NGS dat de in het veiligheidsplan gebruikte afbeeldingen niet op internet zijn te vinden en op Gideon Security de bewijslast rust dat geen sprake is van ontlening, heeft Gideon Security bij antwoord ten verwere gesteld dat ook op dit punt geen sprake van inbreuk. Daartoe voert zij allereerst aan dat deze afbeeldingen aan haar zijn verschaft via de organisator door de gemeente, ten bewijze waarvan zij een schriftelijke verklaring van de bestuurder van de stichting Promotie Stadhuisplan in het geding heeft gebracht, die daarin verklaart dat hij deze afbeeldingen aan Gideon Security heeft verstrekt en dat hij deze ten behoeve van het opstellen van een veiligheidsplan van de gemeente Rotterdam heeft verkregen. De kantonrechter begrijpt dit verweer aldus dat de gemeente als rechthebbende op deze afbeeldingen zou moeten worden beschouwd. NGS heeft dit onvoldoende gemotiveerd weersproken. Dit had - gelet ook op het bepaalde in artikel 15b Aw - wel voor de hand gelegen. De enkele stelling dat zij zelf eerder een kleine aanpassing vanwege een verbouwing op de tekening had aangebracht, is daartoe onvoldoende. In rechte wordt er daarom vanuit gegaan dat de gemeente Rotterdam als rechthebbende van deze afbeeldingen heeft te gelden en dat deze rechtmatig (ook) door Gideon Security zijn verkregen, zodat evenmin op dit punt sprake kan zijn van inbreuk op een aan NGS toekomend auteursrecht.

5.11.

De conclusie is dat Gideon Security geen inbreuk heeft gemaakt op aan NGS toekomende auteursrechten, zodat de vordering voor zover hierop gegrond moet stranden.


Onrechtmatige daad


5.12.

Het voorafgaande leidt er toe dat thans nog beoordeeld moet worden of Gideon Security onrechtmatig heeft gehandeld jegens NGS door – kort gezegd – elementen uit het niet openbaar zijnde veiligheidsplan van NGS over te nemen c.q. te kopiëren en dit op de markt te brengen tegen een lagere prijs, alsmede dat Gideon stelselmatig inbreuk maakt op het bedrijfsdebiet van NGS.


5.13.

Voorop staat dat het (slaafs) nabootsen van producten op zichzelf niet onrechtmatig is, zelfs niet wanneer de gelijkenis van de producten tot verwarring bij het publiek zou kunnen leiden. Het (slaafs) nabootsen is alleen dan ongeoorloofd, indien men zonder aan de deugdelijkheid en bruikbaarheid van een product af te doen op bepaalde punten evengoed een andere weg had kunnen inslaan en men door dit na te laten nodeloos verwarring sticht. Of sprake is van verwarring dient aan de hand van de totaalindrukken van de producten te worden beoordeeld. Ook het anderszins profiteren van andermans product, bedrijfsdebiet, inspanning kennis of inzicht, zonder dat dit in strijd is met een intellectueel eigendomsrecht, is op zichzelf niet onrechtmatig, ook niet als dit nadeel aan die ander toebrengt. Om tot onrechtmatig handelen te kunnen concluderen zijn bijkomende omstandigheden nodig.

5.14.

Van dit alles is in het onderhavige geval geen sprake. Van slaafse nabootsing in voornoemde zin is geen sprake, reeds omdat – zoals hiervoor reeds is overwogen – de totaalindrukken van de veiligheidsplannen daarvoor te zeer verschillen. Daar komt bij dat, zoals gezegd, bij het opstellen van de veiligheidsplannen diverse veiligheidsnormen en beleidswensen in acht genomen moesten worden die bepalend zijn geweest voor de inhoud van het plan, zodat onvermijdelijk is dat op deelonderwerpen de plannen gelijkenis vertonen. Die gelijkenissen zijn daarmee functioneel noodzakelijk. Voor zover al sprake zou kunnen zijn van het scheppen van verwarring door deze gelijkenissen, is deze dan ook niet nodeloos.

NGS heeft verder onvoldoende concrete feiten en omstandigheden gesteld, die indien bewezen, tot de conclusie zouden kunnen leiden dat Gideon Security op andere punten onrechtmatig jegens NGS heeft gehandeld. Het inhuren van door NGS ten behoeve van Koningsdag 2014 opgeleide beveiligers en toezichthouders en het op deze wijze profiteren van de inzet van NGS is op zichzelf niet onrechtmatig. Bovendien stonden NGS mogelijkheden open om dit op eenvoudige wijze te voorkomen door hierover contractuele afspraken te maken met de door haar opgeleide beveiligers/toezichthouders. De nog door NGS geponeerde stelling dat Gideon Security op onoirbare wijze de beveiliging van Oud & Nieuw 2013 heeft verworven, wordt eveneens verworpen, nu NGS deze stelling op geen enkele wijze feitelijk heeft onderbouwd.


5.15.

De conclusie is dat evenmin sprake is van slaafse nabootsing en/of anderszins onrechtmatig handelen.



5.16.

De slotsom is dat de vordering van NGS dient te worden afgewezen.



5.17.

NGS zal, als de in het ongelijk gestelde partij, worden veroordeeld in de kosten van de procedure. Gideon Security heeft geen aanspraak gemaakt op vergoeding van de proceskosten op de voet van artikel 1019h Rv, zodat de proceskosten (uitsluitend) zullen worden begroot aan de hand van het reguliere liquidatietarief.



6De beslissing


De kantonrechter


verstaat dat NGS haar vordering jegens Gideon Horeca niet langer handhaaft;


wijst af de vordering jegens Gideon Security;


veroordeelt NGS in de kosten van de procedure, tot op heden aan de zijde van Gideon Security bepaald op nihil aan verschotten en op (2 x € 300,- =) € 600,- aan salaris voor de gemachtigde;


verklaart dit vonnis, wat de veroordeling betreft, uitvoerbaar bij voorraad.



Dit vonnis is gewezen door mr. G.J. Heevel en uitgesproken ter openbare terechtzitting op

17 april 2015.


1182/1515