Delikt en Delinkwent

Uitgever Wolters Kluwer
Tijdschrift Delikt en Delinkwent
Datum 28-05-2009
Aflevering 5
TitelSluipende uitholling van strafrechtelijke uitgangspunten. De bijzondere plaats van de taakstraf?
CiteertitelDD 2009, 31
SamenvattingRechtsbeginselen worden doorgaans niet door een nieuwe wettelijke bepaling ingevoerd, noch worden ze per decreet afgeschaft. Iedere jurist weet dat beginselen een andere rol hebben binnen het rechtssysteem dan afzonderlijke wetsartikelen. Er is geen bijzondere kennis van de rechtstheorie nodig om te beseffen dat beginselen vaak een meer open structuur hebben dan gepositieveerde bepalingen. Vaak wordt gesproken over een meer contextgestuurde betekenis. Dit brengt ook mee dat de invulling die aan rechtsbeginselen wordt gegeven door de tijd heen kan wisselen. Uit vele mogelijke voorbeelden noem ik - niet geheel toevallig - het legaliteitsbeginsel.
Auteur(s)M.S. Groenhuijsen
Pagina419-427
Artikel aanvragenVia Praktizijn
TitelDe Toetsingsruimte van het hof in beklagzaken ex artikel 12 Sv.
CiteertitelDD 2009, 32
SamenvattingBij een beklag tegen niet vervolgen velt het hof een zelfstandig oordel over de vervolging (volle toetsing) en toetst het de beslissing van het openbaar ministerie dus niet slechts marginaal. Het vervolgingsmonopolie van het openbaar ministerie en het oppertuniteitsbeginsel bieden echter argumenten voor een marginale toetsing en doen de vraag rijzen hoe de keuze voor een volle toetsing tot stand is gekomen. De wetsgeschiedenis laat zien dat de wetgever een volle toetsing heeft voorgestaan, maar zij berust in dat verband niet op een duidelijke en overtuigende argumentatie. Dat is aanleiding om een marginale toetsing te bepleiten. Bij een dergelijke toetsing zou een duidelijke motivering van de vervolgingsbeslissing centraal moeten staan.
Auteur(s)M.J.A. Duker
Pagina428-453
LinkVolledige tekst artikel (Vrije Universiteit)
Artikel aanvragenVia Praktizijn
TitelDe prejudiciŽle spoedprocedure.
CiteertitelDD 2009, 33
SamenvattingPer 1 maart 2008 is het EU-procesrecht verrijkt met een regeling die het Hof van Justitie in staat stelt snel uitspraak te doen over prejudiciŽle vragen over de ruimte van vrijheid, veiligheid en recht. Omdat dit rechtsgebied de bepalingen omvat van Titel VI EU-Verdrag inzake politiŽle en justitiŽle samenwerking in strakzaken. De prejudiciŽle spoedprocedure, zoals de officiŽle naam luidt, berust op het in het aan de Europese verdragen gehechte protocol over het Statuut van het Hof van Justitie (hierna 'St.') ingelaste artikel 23 bis. Deze bepaling vormt de rechtsbasis voor de regeling aan de spoedprocedure in artikel 104 ter van het Reglement voor de Procesvoering van het Hof van Justitie (hierna 'RPH'). In dit artikel worden de achtergronden en kenmerken van deze procedure uiteengezet.
Auteur(s)R. Barents
Pagina454-464
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekBoekbespreking
TitelG.K. Schoep, Straftoemetingsrecht en strafvorming (diss. Leiden), z.p.:Kluwer 2008.
CiteertitelDD 2009, 34
Auteur(s)P.C. Vegter
Pagina465-471
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekJurisprudentie - AWR
TitelLandelijke Strafrechtsdag 2009
CiteertitelDD 2009, 35
Pagina472-473
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekBehandelen en straffen
TitelBehandelen en straffen
CiteertitelDD 2009, 36
SamenvattingUitleg huisregels EBI betreffende extra telefonisch contact met advocaat. Op grond van het vierde lid van artikel 39 Pbw wordt de gedetineerde in staat gesteld telefonisch contact te hebben met de in artikel 37, eerste lid, Pbw genoegde geprivilegieerde personen en instanties, indien hiervoor de noodzaak en de gelegenheid bestaat. Ter uitwerking hiervan bepaald artikel 3.8.3.2. Model Huisregels EBI: 'U word eenmaal per week gedurende 10 minuten in de gelegenheid gesteld om met een geprivilegieerd persoon (dit is onder andere uw advocaat) te telefoneren.
Auteur(s)J.P. Balkema , S. Jousma , S. Struijk
Pagina474-493
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekFiscaal strafrecht
TitelFiscaal strafrecht
CiteertitelDD 2009, 37
SamenvattingIn deze aflevering worden uitspraken aan de orde gesteld betreffende het medeplegen in fiscalibus, de reikwijdte van artikel 47 AWR gelet op rechtspraak van de belastingkamer van de Hoge Raad en de toetsing van een pleibaar standpunt in het kader van de kader van de artikel 552a Sv-procedure.
Auteur(s)W.E.C.A. Valkenburg
Pagina481-488
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekBestuursstrafrecht
TitelBestuursstrafrecht
CiteertitelDD 2009, 38
SamenvattingIn deze bijdrage in de rubliek Bestuursstrafrecht wordt ingegaan op enkele ontwikkelingen op het vlak van de bestuurlijke handhaving, meer in het bijzonder het bestuurlijk straffen. In het meinummer van 2008 verscheen de vorige rubriek Bestuursstrafrecht. In het afgelopen jaar hebben zich weer diverse ontwikkelingen op het vlak van het de bestuurlijke handhaving en het bestuurlijk straffen voorgedaan die nopen tot reflectie. Deze bijdrage zet de aanpak voort waar deze rubriek op stoelt. Eerst wordt kort weergeven op welke terreinen van wetgeving het bestuurlijk straffen (in het bijzonder de bestuurlijke boete) inmiddels zijn intreden heeft gedaan of gepland staat te doen.
Auteur(s)A.R. Hartmann
Pagina488-493
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekRechtspraak
TitelKennisneming van processtukken in het voorbreidend onderzoek in strafzaken.
CiteertitelDD 2009, 39
SamenvattingIn het hedendaagse Nederlandse strafproces vormt het dossier als resultaat van het voorbereidend onderzoek in strafzaken het vertrekpunt van het onderzoep ter terechtzitting. Daarom is het voor de verdachte van groot belang om reeeds gedurende dat voorbereidend onderzoek kennis te kunnen nemen van de inhoud van het dossier. Immers, alleen op basis van die kennis kan hij als procesdeelnemer zijn positie bepalen en een volwaardige verdediging voorbereiden. In dit licht bezien behoort het recht op kennisneming van de processtukken - die de inhoud vormen van het dossier - tot de belangrijkste processuele waardborgen voor de verdediging in het voorbereidend onderzoek in strafzaken.
Auteur(s)R.H. Hermans
Pagina494-526
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekRechtspraak
TitelRechtbank Haarlem, 31-07-2008, 08/945
CiteertitelDD 2009, 39.1
SamenvattingTer beoordeling van de Nederlandse strafrechter staat slechts de vraag of er ten aanzien van de verdachte sprake is van schending van zijn recht op een eerlijk proces als bedoeld in artikel 6 EVRM door onthouding van het dossier, waarmee de raadsman kennelijk bedoelt het gehele tot dusver opgemaakte dossier in de zaak [onderzoek], in dit stadium van het voorbereidend onderzoek tegen verdachte.
Samenvatting (Bron)De meervoudige raadkamer van de rechtbank Haarlem verklaart een klaagschrift tegen onthouding van stukken (art. 32 Sv) ongegrond, aangezien onthouding van bepaalde stukken in de huidige stand van de zaak - verdachte bevindt zich in overleveringsdetentie in het buitenland - naar het oordeel van de rechtbank geen nadelige invloed heeft op de eerlijkheid van het onderzoek ter terechtzitting.
Pagina494-495
UitspraakECLI:NL:RBHAA:2008:BD9086
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekRechtspraak
TitelRechtbank 's-Gravenhage, 13-08-2008, 09/900390-06
CiteertitelDD 2009, 39.2
SamenvattingTegen verzoeker is een strafzaak aanhangig met een verdenking van openlijke gewelpleging [...].
Samenvatting (Bron)In casu zijn de processtukken - met een mobiele telefoon gemaakte - videobeelden waarop de bezwaarde, die van openlijke geweldpleging wordt verdacht, te zien zou zijn. De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat 'kennisnemen' als bedoeld in artikel 30 van het Wetboek van Strafvordering niet zonder meer het verstrekken van de processtukken behelst. De rechtbank heeft overwogen dat, nu de officier van justitie ervoor heeft gekozen om de aldus van het dossier deel uitmakende opname als bewijs tegen verdachte te gebruiken, het beginsel van 'equality of arms' meebrengt dat de opname - op voorhand en niet eerst door vertoning ter zitting - aan de verdediging alsmede aan de rechtbank ter beschikking dient te worden gesteld. Daartoe is redengevend dat niet alleen de verdediging, maar ook de rechtbank met het oog op een zorgvuldige en adequate voorbereiding en behandeling van de zaak tijdig vůůr de aanvang van het onderzoek ter terechtzitting over die opname dient te beschikken. Niet kan worden gezegd dat dat - voor zich sprekend - oogmerk in voldoende mate wordt gewaarborgd door een mogelijkheid tot inzage op het politiebureau noch door het vertonen van de beelden ter zitting. De door de officier van justitie aangevoerde doch niet nader onderbouwde omstandigheid dat slachtoffers en derden op de beelden te zien zijn, acht de rechtbank onvoldoende om vast te kunnen stellen dat bij verstrekking van de opname de (privacy)belangen van die personen niet worden gerespecteerd. De rechtbank verklaart het bezwaar gegrond en beveelt dat de officier van justitie binnen een week na de dag van deze uitspraak een kopie van de videobeelden verstrekt aan de raadsman van verdachte.
Pagina495-496
UitspraakECLI:NL:RBSGR:2008:BE0018
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekRechtspraak
TitelRechtbank Amsterdam, 08-02-2008, 13/528290-07
CiteertitelDD 2009, 39.3
SamenvattingIn de onderhavige zaak draait het om de vraag of de verzochte stukken - de foto's die zijn gebruikt bij de foslo-confrontatie - moeten worden aangemerkt als processtukken zijn die stukken en als zodanig aan het dossier dienen te worden toegevoegd.
Samenvatting (Bron)In de onderhavige zaak draait het om de vraag of de verzochte stukken - de fotos die zijn gebruikt bij de foslo-confrontatie - moeten worden aangemerkt als processtukken en als zodanig aan het dossier dienen te worden toegevoegd. De rechtbank verklaart het bezwaarschrift GEGROND. Gelast de officier van justitie om afschriften in kleur van de bij de foslo gebruikte fotos aan het strafdossier toe te voegen.
Pagina496-497
UitspraakECLI:NL:RBAMS:2008:BG1806
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekRechtspraak
TitelRechtbank Amsterdam, 31-03-2008, ---
CiteertitelDD 2009, 39.4
SamenvattingHet bezwaarschrift op de voet van art. 32 Sv dat is ingediend op 17 maart 2008, strekt ertoe dat zal worden bevolen dat alle processtukken in de onderhavig zaak in afschrift aan de verdachte en zijn raadsman ter beschikking worden gesteld.
Pagina498-498
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekRechtspraak
TitelRechtbank Amsterdam, 07-10-2008, ---
CiteertitelDD 2009, 39.5
SamenvattingDe rechtbank stelt in de eerste plaats vast dat de onderhavige procedure ziet op onthouding van processtukken waarover zij eerder bij beschikking van 26 juni 2008 heeft geoordeeld. In die beschikking heeft de Rechtbank het bezwaar van klager gegrond verklaard. Tegen dit oordeel stond geen rechtsmiddel open, zodat de officier van justitie gehouden was de betreffende processtukken aan klager ter hand te stellen.
Pagina498-499
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekRechtspraak
TitelRechtbank Amsterdam, 25-04-2008, ---
CiteertitelDD 2009, 39.6
SamenvattingOp grond van het tweede lid van art. 30 Sv kan, indien het belang van het onderzoek dit vordert, de verdachte de kennisneming van bepaalde processtukken worden onthouden.
Pagina499-500
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekRechtspraak
TitelRechtbank Amsterdam, 26-06-2008, ---
CiteertitelDD 2009, 39.7
SamenvattingHet bezwaarschrift richt zich tegen de (fictieve) beslissing tot onthouding van processtukken door de officier van justitie.
Pagina500-501
Artikel aanvragenVia Praktizijn