Arbeidsrechtelijke Annotaties

Uitgever Boom Juridische Uitgevers
Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties
Datum 05-09-2009
Aflevering 2
RubriekArtikelen
TitelAlle wegen leiden naar Rome (I), alle wegen vertrekken vanuit Rome (I)!?; mogelijkheden tot opheldering van ipr-onduidelijkheden bij internationale detachering
CiteertitelArA 2009/2, p. 3
SamenvattingDe uitspraken Viking, Laval, Rüffert en C./Luxemburg van het Hof van Justitie hebben al vele pennen in beweging gezet. De zaken zijn inmiddels bekend bij een ruim publiek. In de commentaren bij deze uitspraken werd de rechtspraak van het Hof vanuit uiteenlopende gezichtspunten belicht. Een vakgebied dat er tot nog toe echter bekaaid van af is gekomen, is het vakgebied van internationaal privaatrecht (hierna 'ipr'). In de conclusies bij de zaken Rüffert en C./Luxemburg worden regels van toepasselijk recht en voorrangsregels zoals vervat in artikel 6 en 7 van het EVO-Verdrag wel even aangeraakt, maar verder dan dat gaat het niet. In de omvangrijke literatuur die reeds verscheen naar aanleiding van de uitspraken van het Hof gekregen.
Auteur(s)V. van den Eeckhout
Pagina3-21
LinkVolledige tekst artikel (universiteitleiden.nl)
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekArtikelen
TitelDe Maritieme Arbeidsconventie van de IAO van 2006 en de Conventie nr. 188 over de arbeid in de visserij
CiteertitelArA 2009/2, p. 22
SamenvattingIn 2006 en 2007 werden twee belangwekkende IAO-Conventies goedgekeurd. De Maritieme Arbeidsconventie (2006) reguleert de arbeidsverhouding in de maritieme sector, met uitzondering van de specifieke visserijsector. De IAO-Conventie nr. 188 (2007) komt tegemoet aan de specifieke noden van de arbeid in de visserijsector. Beide conventies zijn voor de Europese Unie uitermate relevant. De Europese Commissie is pleitbezorger om aan beide instrumenten een gemeenschapsrechtelijke basis te verlenen. Significante delen van de Maritieme Arbeidsconventie werden verankerd in een collectieve overeenkomst tussen de Europese sociale partners. Deze overeenkomst werd omgezet door een Europese Richtlijn van 19 februari 2009 (2009/13).
Auteur(s)A. Charbonneau , G. Proutiere-Maulion , P. Chaumette
Pagina22-49
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekAnnotaties
TitelVerlies van eenheid en overgang van onderneming
CiteertitelArA 2009/2, p. 50
SamenvattingHof van Justitie EG 12 februari 2009, C-466/07, JAR 2009/92 (Dietmar Klarenberg/Ferrotron Technologies GmbH) Voor de toepasselijkheid van de Richtlijn overgang van ondernemingen (verder: de richtlijn) is het noodzakelijk dat een 'onderneming' overgaat. Het belang van het voldoen aan die definitie vormt de kern van de richtlijn: alleen indien een onderneming overgaat, gaan automatisch de daaraan verbonden werknemers, met behoud van hun rechten en verplichtingen uit de arbeidsovereenkomst, over op de verkrijger. Welke constellaties als onderneming kunnen worden beschouwd, is onderwerp van een niet-aflatende stroom van rechtspraak op nationaal en Europees niveau.
Auteur(s)R.M. Beltzer
Pagina50-62
LinkVolledige tekst artikel (uva.nl)
UitspraakECLI:EU:C:2009:85
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekAnnotaties
TitelAssociatieve discriminatie, een nieuw begrip van Europees sociaal recht
CiteertitelArA 2009/2, p. 63
SamenvattingHof van Justitie EG 17 juli 2008, C-303/06, JAR 2008/208 NJ 2008, 501 (Coleman/Attridge Law). De historische ontwikkeling van een wettelijk gelijkheidsbeginsel begon relatief simpel. De verlichting bracht het idee voort, en de Franse Revolutie de praktijk, dat de grondwet moest verankeren dat de staat zijn wetten op eenieder gelijkelijk toepaste. Geen willekeur of corruptie. De Tweede Wereldoorlog leidde tot het verbinden van gelijkheid aan de 'waardigheid' die ieder mens gelijkelijk toekomt. Niet alleen voor de wet, maar ook in de wet moeten mensen gelijk behandeld worden. De emancipatiegolf van de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw gaf de laatste zet.
Auteur(s)A.G. Veldman
Pagina63-84
UitspraakECLI:EU:C:2008:415
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekAnnotaties
TitelVakantie aan het stuwmeer; over het recht van de zieke werknemer op jaarlijkse betaalde vakantie
CiteertitelArA 2009/2, p. 85
SamenvattingHof van Justitie EG 20 januari 2009, C-350/06 en C-520/06, JAR 2009/58 Het Hof van Justitie van de EG heeft in een recente uitspraak een oordeel gegeven over het recht van zieke werknemers op een jaarlijks betaalde vakantie, zoals dat in artikel 7 van de EG Richtlijn betreffende de organisatie van de arbeidsduur is vastgelegd. De strekking van de uitspraak is - kort gezegd - dat ook zieke werknemers recht hebben op vakantie, maar dat de mogelijkheid tot het opnemen van het vakantie tijdens ziekte wel kan worden beperkt.
Auteur(s)P.H. Burger
Pagina85-97
LinkVolledige tekst artikel (Boom Juridische Uitgevers)
UitspraakECLI:EU:C:2009:18
Artikel aanvragenVia Praktizijn