Milieu & Recht

Uitgever Wolters Kluwer
Tijdschrift Milieu & Recht
Datum 24-09-2010
Aflevering 7
RubriekOpinie
TitelMakkelijker kunnen we het niet maken, wel leuker?
CiteertitelM en R 2010/7, nr.
SamenvattingDe integratie van het omgevingsrecht die gaande is, kan vanuit verschillende invalshoeken worden beoordeeld. Doordat niet alle invalshoeken evenwichtig aan bod zijn gekomen, bestaat er geen goed totaalbeeld van alle voor- en nadelen van de gehanteerde uitgangspunten.
Auteur(s)H.E. Woldendorp
Pagina417-417
Artikel aanvragenVia Praktizijn
TitelDe Wet milieubeheer als kader voor implementatie van Europese wetgeving
CiteertitelM en R 2010/7, nr.
SamenvattingDe Wet milieubeheer in de afgelopen jaren een gewillig kader geboden voor de implementatie van verplichtingen uit vele Europese milieurichtlijnen en de uitvoering van Verordeningen. Het aanbouwkarakter van de wet is zelfs een succesfactor voor implementatie. Toch worden met regelmaat problemen gesignaleerd bij implementatie van Europese milieuwetgeving, die samenhangen met verschillen tussen de structuur en reikwijdte van de wetgeving, de begrippen, en de juridische instrumenten in de wetgeving op het Europese en nationale niveau. In het kader van de 'bezinning op het stelsel van het omgevingsrecht' is het zinvol om de kansen en knelpunten voor implementatie in het huidige stelsel, in het bijzonder de Wet milieubeheer, op een rij te zetten. Dat is het doel van dit artikel.
Auteur(s)M.N. Boeve , N.M. van der Grijp , F.A.G. Groothuijse , N.S.J. Koeman , M. Peeters , L. Smorenburg-van Middelkoop , R. Uylenburg , E.M. Vogelzang-Stoute
Pagina418-424
Artikel aanvragenVia Praktizijn
TitelKroniek Flora- en faunawet, recente ontwikkelingen in het soortenbeschermingsrecht
CiteertitelM en R 2010/7, nr.
SamenvattingIn twee delen zal een overzicht worden geeven van actuele ontwikkelingen in het natuurbeschermingsrecht, althans voor zover dit tot het omgevingsrecht behoort. Daarom komen onderwerpen als schadebestrijding, jacht en handel in beschermde dieren en planten niet aan de orde. De ontiwikkelingen in het soortenbeschermingsrecht worden in dit nummer besproken, de ontwikkelingen in het gebiedsbeschermingsrecht en algemene ontwikkelingen die voor beide beleidsterreinen van belang zijn in het volgende nummer.
Auteur(s)H.E. Woldendorp
Pagina425-433
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekActualia & Documentatie
TitelActualia & Documentatie
CiteertitelM en R 2010/7, nr.
SamenvattingAfval - Bestuursrecht - CCS - Energie - Exoten - Geluid - GGO - Industrie - luchtvaart - MER - Natuur - Producten - Schepen - Vis - Wabo - Water.
Pagina434-437
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekMededelingen
TitelMededelingen
CiteertitelM en R 2010/7, nr.
Pagina437-438
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekM&R Kort
TitelRaad van State, 21-04-2010, 200807970/1/R2
CiteertitelM en R 2010/7, nr.
SamenvattingVergunning op grond van Natuurbeschermingswet 1998 voor kokkelvisserij in Natura 2000-gebied 'Voordelta' terecht geweigerd wegens strijdigheid met beheerplan.
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 20 december 2007 heeft de minister de aanvraag van de PO om vergunning op grond van artikel 19d van de Natuurbeschermingswet 1998 (hierna: Nbw 1998) voor het opvissen van kokkels in het Natura 2000-gebied Voordelta in de periode van september tot en met november 2007 afgewezen.
Pagina445-445
UitspraakECLI:NL:RVS:2010:BM1796
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekM&R Kort
TitelRaad van State, 03-12-2009, 200907818/2/H3
CiteertitelM en R 2010/7, nr. 36k
SamenvattingConcentratiegegevens zijn milieu-informatie als bedoeld in art. 10, lid 4 Wet openbaarheid bestuur.
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 8 november 2007 heeft het dagelijks bestuur van de Dienst Centraal Milieubeheer Rijnmond (hierna: DCMR) een verzoek van de stichting Stichting Natuur en Milieu (hierna: de stichting) om openbaarmaking van informatie, gedeeltelijk afgewezen.
Pagina445-445
UitspraakECLI:NL:RVS:2009:BK5818
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekM&R Kort
TitelRaad van State, 04-05-2010, 200905298/1/H1
CiteertitelM en R 2010/7, nr. 37k
SamenvattingVerlening vrijstelling voor aanleg en gebruik van een baggerspeciedepot in de Ingensche Waarden. 1. Geen m.e.r.-plicht ten aanzien van vrijstelling voor baggerspeciedepot; 2. Milieuaspecten kunnen in het kader van milieuregelgeving nader aan de orde komen.
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 15 januari 2008 heeft het college van burgemeester en wethouders van Buren (hierna: het college) aan [vergunninghoudster] vrijstelling verleend voor de aanleg en het gebruik van een baggerspeciedepot in de Ingensche Waarden, kadastraal bekend Lienden, sectie K, nummers 342, 570, 571, 572 en 574.
Pagina445-445
UitspraakECLI:NL:RVS:2010:BM3253
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekM&R Kort
TitelRaad van State, 12-05-2010, 200902210/1/M2
CiteertitelM en R 2010/7, nr. 38k
SamenvattingVoor kwalifictie 'geurgevoelig object' in de zin van de Wet geurhinder is niet van belang of het gebruik van een pand in overeenstemming is met het bestemmingsplan.
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 17 februari 2009 heeft het college van burgemeester en wethouders van Drimmelen (hierna: het college) aan [vergunninghouder] een revisievergunning als bedoeld in artikel 8.4, eerste lid, van de Wet milieubeheer verleend voor een agrarisch bedrijf aan de [locatie 1] te [plaats]. Dit besluit is op 27 februari 2009 ter inzage gelegd.
Pagina445-446
UitspraakECLI:NL:RVS:2010:BM4188
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekM&R Kort
TitelRaad van State, 19-05-2010, 200906894/1/M2
CiteertitelM en R 2010/7, nr. 39k
SamenvattingOvertreding van de zorgplicht, als opgenomen in het Besluit landbouw milieubeheer, doet zich pas voor indien ernstige nadelige gevolgen voor het milieu (kunnen) optreden terwijl de Wm of het Besluit landbouw niet op andere wijze die gevolgen voorkomen of voldoende beperken.
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 22 april 2009 heeft het college een verzoek van [appellanten sub 1] van 23 december 2008 om toepassing van bestuurlijke handhavingsmiddelen met betrekking tot de paardenhouderij van [appellanten sub 2] , gelegen aan de [locatie] te [plaats], afgewezen.
Pagina446-446
UitspraakECLI:NL:RVS:2010:BM4979
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekM&R Kort
TitelHoge Raad, 22-06-2010, 08/02169 E
CiteertitelM en R 2010/7, nr. 40k
SamenvattingBewijs milieudelicten door een rechtspersoon. 1. Handelen zonder vereiste vergunning. 2. Overtreding van vergunningsvoorschriften.
Samenvatting (Bron)Bewijs milieudelicten door een rechtspersoon. 1. Handelen zonder vereiste vergunning. 2. Overtreding van vergunningsvoorschriften. Ad 1. De HR herhaalt de relevante overwegingen uit HR LJN AF7938 ten aanzien van de toerekening van een strafbare gedraging aan een rechtspersoon. Het hof heeft niet doen blijken of t.a.v. feit A aan genoemde criteria is voldaan en dat daaraan is voldaan kan ook uit de gebezigde bewijsmiddelen niet zonder meer worden afgeleid. De bewezenverklaring is dus in dit opzicht ontoereikend gemotiveerd. Ad 2. De in art. 18.18 Wm en art. 30a Wvo neergelegde verbodsbepalingen richten zich tot degene die de inrichting waaraan de vergunning is verbonden, drijft. T.a.v. feit B kan niet uit de bewijsvoering volgen dat verdachte als drijver van de inrichting kan worden aangemerkt nu daaruit niet zonder meer kan volgen dat verdachte feitelijk zeggenschap had over (alle) onder B bewezenverklaarde gedragingen, althans het in haar macht had de desbetreffende overtredingen van de vergunningsvoorschriften te beŽindigen. De in dat verband door het Hof in aanmerking genomen f&o zijn daartoe ontoereikend waarbij in het oog springt dat het hof niets heeft vastgesteld omtrent verdachte enerzijds en X anderzijds gesloten privaatrechtelijke overeenkomst en de daarin opgenomen verplichtingen en afspraken. T.a.v. feit C heeft het hof uit de gebezigde bewijsmiddelen kunnen afleiden dat verdachte de vereiste (feitelijke) zeggenschap toekwam, nu zij de desbetreffende overtreding kon voorkomen en ook beŽindigen.
Pagina446-446
UitspraakECLI:NL:HR:2010:BK3526
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekM&R Jurisprudentie
TitelRaad van State, 28-07-2009, 200806565/3/R1, 200903364/2/R1, 200903365/2/R1, 200903367/2/R1 en 200903368/2/R1
CiteertitelM en R 2010/7, nr. 61
SamenvattingUitspraak in de bodemprocedure betreffende de beroepen tegen het Tracťbesluit 'Verruiming vaargeul Westerschelde' en de bijbehorende uitvoeringsbesluiten, waaronder NB-wet 1998-vergunning.
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 15 juli 2008 heeft de staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat (hierna: de staatssecretaris), in overeenstemming met de minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, het Tracťbesluit "Verruiming vaargeul Westerschelde" (hierna: het Tracťbesluit) vastgesteld.
AnnotatorM. Bogaart
Pagina446-451
UitspraakECLI:NL:RVS:2009:BJ4587
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekM&R Jurisprudentie
TitelRaad van State, 03-03-2010, 200906588/1/M1
CiteertitelM en R 2010/7, nr. 62
SamenvattingBij besluit van 15 juli 2009 heeft het college van gedeputeerde staten van Frysl‚n aan vergunninghoudster een vergunning als bedoeld in artikel 8.1 van de Wet milieubeheer verleend voor het oprichten en in werking hebben van een inrichting voor het winnen van zand door middel van een zandzuiger en vervoer per persleiding naar een werk of een depot.
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 15 juli 2009 heeft het college van gedeputeerde staten van Frysl‚n (hierna: het college) aan [vergunninghoudster] een vergunning als bedoeld in artikel 8.1 van de Wet milieubeheer verleend voor het oprichten en in werking hebben van een inrichting voor het winnen van zand door middel van een zandzuiger en vervoer per persleiding naar een werk of een depot. De inrichting is gelegen aan de [locatie] te [plaats]. Dit besluit is op 20 juli 2009 ter inzage gelegd.
Annotator de Graaf
Pagina451-455
UitspraakECLI:NL:RVS:2010:BL6248
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekM&R Jurisprudentie
TitelRaad van State, 31-03-2010, 200900883/1/H1
CiteertitelM en R 2010/7, nr. 63
SamenvattingTegen het besluit tot vaststelling van het NSL kan geen beroep worden ingesteld. Artikel 8.5, eerte lid, van de Awb staat evenwel niet in de weg aan de mogelijkheid van zogeheten exceptieve toetsing van het NSL-besluit aan artikel 5.12 van de Wet milieubeheer en de bij die wet behorende bijlage 2.
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 2 februari 2006 heeft het college van burgemeester en wethouders van Utrecht (hierna: het college) aan de Dienst Stadsontwikkeling vrijstelling verleend voor het realiseren van een fly-over en het reconstrueren van het 24 Oktoberplein op een perceel gelegen aan de ds. Martin Luther Kinglaan, het 24 Oktoberplein en de Weg der Verenigde Naties te Utrecht (hierna: het project).
Annotator Hillegers
Pagina455-458
UitspraakECLI:NL:RVS:2010:BL9581
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekM&R Jurisprudentie
TitelRechtbank Utrecht, 14-04-2010, SBR 10/560 VV en SBR 10/561
CiteertitelM en R 2010/7, nr. 64
SamenvattingHet betoog dat het aspect luchtkwaliteit in het kader van een specifiek besluit aan de rechter ter toetsing voorgelegd moet kunnen worden, ook al is het project waar dat besluit op ziet, in het NSL opgenomen, slaagt niet. Het volgen van het betoog van verzoekers zou betekenen dat voorbij zou worden gegaan aan het bepaalde in artikel 5:16, derde lid van de Wm.
Samenvatting (Bron)Voorlopige voorziening en beroep. Vrijstelling en bouwvergunning Muziekpaleis Utrecht. Luchtkwaliteit; Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit; de rechter verklaart het beroep ongegrond en wijst het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening af.
Pagina459-463
UitspraakECLI:NL:RBUTR:2010:BM1072
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekM&R Jurisprudentie
TitelRaad van State, 07-04-2010, 200905477/1/M1
CiteertitelM en R 2010/7, nr. 65
SamenvattingToestemming geweigerd om grondwater te onttrekken in een grondwaterbeschermingsgebied ten behoeve van het sproeien van een tuin.
Samenvatting (Bron)Bij besluiten van 4 april 2008 en 23 oktober 2008 heeft het college van gedeputeerde staten van Zuid-Holland op grond van de Verordening waterbeheer Zuid-Holland 2007, zoals die gold ten tijde van het nemen van het bestreden besluit (hierna: Verordening waterbeheer) geweigerd toestemming te verlenen voor het onttrekken van grondwater op het perceel [locatie] te [plaats] onderscheidenlijk ontheffing als bedoeld in bepaling 3.2.3, eerste lid, sub a, van bijlage 10, onderdeel B van de Provinciale Milieuverordening Zuid-Holland, versie april 2007, zoals die gold ten tijde van het nemen van het bestreden besluit (hierna: Provinciale milieuverordening), geweigerd.
AnnotatorH. van Rijswick
Pagina460-463
UitspraakECLI:NL:RVS:2010:BM0203
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekM&R Jurisprudentie
TitelRaad van State, 14-04-2010, 200902720/1/M2
CiteertitelM en R 2010/7, nr. 66
SamenvattingHigh density slurry. Overbrenging. Kennisgeving. Al dan niet alvalstof. Brandstof. Stookolie. Productresidu. Zekerheid hergebruik zonder voorafgaande bewerking en als voortzetting productieproces.
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 15 mei 2008 heeft de minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer verklaard geen bezwaar te hebben tegen het voornemen van de rechtspersoon naar buitenlands recht [appellant] lading, aan boord van het [schip], retour te zenden naar de haven van Houston, Texas, in de Verenigde Staten.
AnnotatorW.T. Douma
Pagina463-465
UitspraakECLI:NL:RVS:2010:BM1053
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekM&R Jurisprudentie
TitelRaad van State, 16-06-2010, 200907797/1/H1
CiteertitelM en R 2010/7, nr. 67
SamenvattingHet plaatsen van de co-vergistingsinstallatie is in strijd met het provinciaal beleid. In de verklaring van geen bezwaar is overwogen dat de bijzondere omstandigheden in dit geval aanleiding vormen om af te wijken van de beleidsnotitie. Hierbij is in aanmerking genomen dat binnen de pluimveesector, gezien de specifieke omstandigheden binnen deze sector, moeilijk aan het hoofdzaakcriterium kan worden voldaan.
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 19 september 2006 heeft het college aan [vergunninghouder] vrijstelling en bouwvergunning verleend voor het plaatsen van een co-vergistingsinstallatie op het perceel [locatie] te [plaats] (hierna: het perceel).
AnnotatorT. Nijmeijer
Pagina465-467
UitspraakECLI:NL:RVS:2010:BM7793
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekM&R Jurisprudentie
TitelRechtbank Arnhem, 27-10-2009, AWB 07/1013
CiteertitelM en R 2010/7, nr. 68
SamenvattingEen aantal van de in artikel 16b van het Besluit vrijstelling beschermde dier- en plantsoorten (hierna: het Vrijstellingsbesluit) genoemde vrijstellingsgronden worden niet genoemd in artikel 16, eerste lid, van Habitatrichtlijn en artikel 9, eerste lid van de Vogelrichtlijn. Naar het oordeel van de rechtbank bieden deze richtlijnen geen aanknopingspunten voor het oordeel dat lidstaten in de nationale wetgeving gronden voor het verlenen van een ontheffing mogen hanteren die niet in de richtlijn zijn genoemd en hiervan ook niet direct zijn af te leiden.
Samenvatting (Bron)Een aantal van de in artikel 16b van het Besluit vrijstelling beschermde dier- en plantensoorten (hierna: het Vrijstellingsbesluit) genoemde vrijstellingsgronden worden niet genoemd in artikel 16, eerste lid, van Habitatrichtlijn en artikel 9, eerste lid, van de Vogelrichtlijn. Naar het oordeel van de rechtbank bieden deze richtlijnen geen aanknopingspunten voor het oordeel dat lidstaten in de nationale wetgeving gronden voor het verlenen van een ontheffing mogen hanteren die niet in die richtlijn zijn genoemd en hiervan ook niet direct zijn af te leiden. Dit leidt de rechtbank tot de conclusie dat de grondslag voor het vaststellen van de Gedragscode zich niet verdraagt met artikel 16, eerste lid, van de Habitatrichtlijn en artikel 9, eerste lid, van de Vogelrichtlijn. Nu de Gedragscode zou gelden ten aanzien van (overige) beschermde inheemse dier- en plantensoorten, die onder het beschermingsregime van genoemde richtlijnen vallen, heeft verweerder artikel 16b van het Vrijstellingsbesluit niet aan zijn besluit tot goedkeuring van de Gedragscode ten grondslag mogen leggen. Goedkeuring van de Gedragscode is verder in strijd met het bepaalde in artikel 16, derde lid, aanhef en onder e, van de Habitatrichtlijn en artikel 9, tweede lid, van de Vogelrichtlijn, omdat de Gedragscode niet voorziet in controlemaatregelen.
Pagina468-471
UitspraakECLI:NL:RBARN:2009:BK2969
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekM&R Jurisprudentie
TitelRaad van State, 30-06-2010, 200909427/1/H3
CiteertitelM en R 2010/7, nr. 69
SamenvattingBij de Europeesrechtelijke toetsing van het besluit van de Minister van LNV tot goedkeuring van de Gedragscode Flora en fauna van de waterschappen heeft de rechtbank terecht een gebrek geconstateerd in de grondslag van dat besluit, maar niet onderkend dat dit gebrek zich beperkt tot de goedkeuring ten behoeve van een vrijstelling voor werkzaamheden in het kader van ruimtelijke inrichting of ontwikkeling voor zover het vogelsoorten betreft.
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 10 juli 2006, voorbereid met toepassing van afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb), heeft de minister de door de UvW vastgestelde "Gedragscode Flora- en faunawet voor waterschappen" (hierna: de Gedragscode) goedgekeurd.
AnnotatorK. Bastmeijer
Pagina471-480
UitspraakECLI:NL:RVS:2010:BM9649
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekM&R Jurisprudentie
TitelRechtbank Arnhem, 21-04-2010, 137697 / HA ZA 06-345
CiteertitelM en R 2010/7, nr. 70
SamenvattingBrief van advocaat aan verkoper ruim 6 maanden na ontdekking van de bodemverontreiniging in ieder geval niet meer tijdig. Door de te late kennisgeving heeft [ged.2] als advocaat van [eiseres] niet gehandeld op een wijze als van een bekwaam en redelijk handelend beroepsgenoot mocht worden verwacht. Er is sprake van een beroepsfout.
AnnotatorF. Warendorf
Pagina480-485
Artikel aanvragenVia Praktizijn