Tijdschrift voor Ambtenarenrecht

Uitgever Wolters Kluwer
Tijdschrift Tijdschrift voor Ambtenarenrecht
Datum 15-09-2010
Aflevering 9
RubriekAnnotatie
TitelHet Hanenkamverbod en de onaantastbaarheid van het lichaam - Annnotatie bij: CRvB 24 december 2009, TAR 2010, 56
CiteertitelTAR 2010,
SamenvattingEnige jaren geleden heeft de Centrale Raad uitspraak gedaan in een geschil over een politieagent die tijdens zijn werk geen wenkbrauwpiercing mocht dragen (CRvB 17 maart 2005, TAR 2005, nr. 82).
Auteur(s)P.J. Schaap
Pagina423-425
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekJurisprudentie
TitelCentrale Raad van Beroep, 06-05-2010, 08/5529 AW
CiteertitelTAR 2010, 118
SamenvattingPlaatsing na reorganisatie; beoordelingsvrijheid.
Samenvatting (Bron)Het college mocht gezien de aandachtspunten die zowel in het verslag van het assessment als in het advies van de plaatsingscommissie naar voren zijn gekomen, twijfelen aan de directe inzetbaarheid en daarmee de geschiktheid van appellante voor de functie. Naar het oordeel van de Raad heeft het college dan ook in redelijkheid kunnen besluiten appellante niet te benoemen in de functie van afdelingsmanager.
Pagina426-428
UitspraakECLI:NL:CRVB:2010:BM5979
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekJurisprudentie
TitelCentrale Raad van Beroep, 06-05-2010, 08/6707 AW + 08/6708 AW
CiteertitelTAR 2010, 119
SamenvattingOntslag op verzoek.
Samenvatting (Bron)Volgens vaste rechtspraak (LJN AO9672, 13-05-2004) is ter zake van dat ontslag een onmiskenbare en ondubbelzinnige wilsuiting van de betrokken ambtenaar vereist. De rechtbank heeft terecht overwogen dat die in dit geval ontbreekt. Zij is niet alleen niet te lezen in de genoemde brief, maar zij is ook niet af te leiden uit de door appellant gestelde omstandigheden. Deze zijn immers niet van dien aard dat zij ook maar in de buurt komen van een onvoorwaardelijk verzoek van betrokkene om ontslag.
Pagina428-433
UitspraakECLI:NL:CRVB:2010:BM6007
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekJurisprudentie
TitelCentrale Raad van Beroep, 06-05-2010, 08/5317 AW
CiteertitelTAR 2010, 120
SamenvattingOntslag wegens verstoorde verhoudingen.
Samenvatting (Bron)Eervol ontslag wegens verstoorde verhoudingen. Een registeraccountant is weliswaar onafhankelijk maar heeft zich als ambtenaar ook te voegen naar de opdrachten en zienswijzen van leidinggevenden. Dat de verstoorde verhoudingen uitsluitend het gevolg zijn van de melding van het vermoeden van een misstand acht de Raad niet aannemelijk gemaakt. De verhoudingen zijn immers al op scherp gezet door de gebeurtenissen in 2004 rondom de egalisatierekening, als gevolg waarvan appellant situatief arbeidsongeschikt was geworden. De terugkeermogelijkheid staat in dit geval niet in de weg aan het ontslag wegens verstoorde arbeidsverhoudingen. Het aandeel van de minister in het ontstaan en voortbestaan van de situatie die tot het ontslag aanleiding heeft gegeven is niet van dien aard geweest dat een hogere uitkering dan is gegeven aangewezen was.
Pagina430-433
UitspraakECLI:NL:CRVB:2010:BM5982
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekJurisprudentie
TitelCentrale Raad van Beroep, 12-05-2010, 08/6379 AW
CiteertitelTAR 2010, 121
SamenvattingSchade aan geparkeerde auto tijdens dienst.
Samenvatting (Bron)Schade aan privé-auto, die geparkeerd stond op een direct naast het bureau van politie te Heerde gelegen openbare parkeerplaats. Afwijzing vergoeding van resterende schade. Geen sprake van gebruik van de privé-auto in de uitoefening van de dienst. Geen bijzondere omstandigheden.Er is geen enkel concreet bewijs voorhanden dat de schade opzettelijk is toegebracht in relatie met de dienstuitoefening dan wel het gevolg is van een gerichte wraakactie tegen appellante in het bijzonder of de politie in het algemeen. Bewijslastverdeling.
Pagina433-434
UitspraakECLI:NL:CRVB:2010:BM7037
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekJurisprudentie
TitelCentrale Raad van Beroep, 12-05-2010, 08/7090 AW
CiteertitelTAR 2010, 122
SamenvattingOngeschiktheid voor de uitoefening functie medewerker politietaken B wegens duurzame beperkingen; starten re-integratietraject.
Samenvatting (Bron)Ongeschiktheid voor de uitoefening van de functie. Re-integratietraject. Herplaatsingskandidaat. Blijvende fysieke beperkingen.
Pagina435-436
UitspraakECLI:NL:CRVB:2010:BM7207
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekJurisprudentie
TitelCentrale Raad van Beroep, 12-05-2010, 08/5764 AW + 08/6018 AW
CiteertitelTAR 2010, 123
SamenvattingWeigering compensatie nadeel door 'pensioenknip'.
Samenvatting (Bron)Afwijzing verzoek om reparatie van de zogenoemde 'pensioenknip' ten gevolge van de salarisverhoging in 2003 en de nabetaling. Besluit door de rechtbank vernietigd. Dubbel hoger beroep. In de situatie van betrokkene was geen sprake van een bijzonder geval waarin het bestuur niet in redelijkheid heeft kunnen weigeren af te wijken van zijn beleid om geen pensioenknippen te repareren. Ook in het kader van het streven van het bestuur om pensioenknippen te voorkomen ziet de Raad dus geen reden om ten aanzien van betrokkene bijzondere omstandigheden aanwezig te achten. Vernietiging aangevallen uitspraak. Beroep ongegrond verklaard.
Pagina436-439
UitspraakECLI:NL:CRVB:2010:BM7042
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekJurisprudentie
TitelCentrale Raad van Beroep, 12-05-2010, 09/1922 AW + 09/3529 AW
CiteertitelTAR 2010, 124
SamenvattingNa door rechtbank vernietigd strafontslag verricht betrokkene weer werkzaamheden; nadat beroep door de Raad alsnog ongegrond is verklaard volgt ziekmelding; doorbetaling bezoldiging wordt gestaakt, niet langer arbeidsongeschikt.
Samenvatting (Bron)1) Beëindiging van de doorbetaling van bezoldiging na ontslag, omdat betrokkene niet meer ziek was. Besluit door rechtbank terecht vernietigd. 2) Ter uitvoering van de aangevallen uitspraak is een nieuw besluit genomen met dezelfde inhoud. De Raad acht de door de verzekeringsarts gevolgde procedure dermate onzorgvuldig dat appellant bij zijn besluitvorming aan het deskundigenoordeel van het Uwv voorbij mocht gaan. Appellant mocht doorslaggevende betekenis toekennen aan het advies van de bedrijfsarts, mede gelet op de nadere toelichting op dat advies die de bedrijfsarts heeft gegeven. Daarbij heeft appellant niet ten onrechte laten meewegen dat betrokkene zich zonder melding te maken van ziekte beschikbaar heeft gesteld voor werk, geregeld sollicitatieactiviteiten heeft ondernomen. Beroep tegen besluit 2 ongegrond.
Pagina439-442
UitspraakECLI:NL:CRVB:2010:BM7336
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekJurisprudentie
TitelCentrale Raad van Beroep, 20-05-2010, 09/986 AW
CiteertitelTAR 2010, 125
SamenvattingAmbtenaarschap, openbare dienst; schadevergoeding (pensioencompensatie); besluit.
Samenvatting (Bron)1) Weigering om pensioencompensatie toe te kennen. Naar vaste jurisprudentie de (inhouding van) pensioenpremie ten behoeve van de Stichting Pensioenfonds ABP vanaf 1 januari 1996 als een privaatrechtelijke aangelegenheid moet worden beschouwd (CRvB 15 april 2004, LJN AO8396 en TAR 2004, 125). De beslissingen van het college met betrekking tot de pensioenpremie zijn daarmee eveneens privaatrechtelijk van aard en kunnen dus niet aangemerkt worden als besluit(en) in de zin van de Awb. Dit brengt mee dat ook de daarop voortbouwende beslissing over de beweerdelijke schade door het handelen van het college geen besluit in de zin van de Awb is (LJN BD9145). Niet-ontvankelijkverklaring bezwaar. 2) vergoeding kosten van behandeling in bezwaar.
Pagina442-444
UitspraakECLI:NL:CRVB:2010:BM7319
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekJurisprudentie
TitelCentrale Raad van Beroep, 20-05-2010, 08/6238 MAW
CiteertitelTAR 2010, 126
SamenvattingOverplaatsing beroepsmilitair; schadevergoeding.
Samenvatting (Bron)Afwijzing verzoek om schadevergoeding. Onbevoegd genomen besluit. Instandlating rechtsgevolgen. Tegen het besluit van 18 augustus 2004 op het bezwaar tegen de overplaatsing naar Nederland heeft appellant geen rechtsmiddelen aangewend, zodat van de rechtmatigheid van de overplaatsing moet worden uitgegaan. Geen sprake van bijzondere omstandigheden. De stelling van appellant dat hij geen rechtsmiddelen heeft aangewend omdat nog niet was beslist op zijn klacht tegen S, is hierbij niet van belang. Ten tijde van het genoemde besluit was de klacht tegen S een feit, was de voorgenomen sluiting van marinevliegkamp Valkenburg bekend en was het verzoek van appellant om gebruik te mogen maken van de SBK-instrumenten reeds ingediend. Niet gezegd kan dus worden dat appellant op dat moment nog niet bekend kon zijn met de omstandigheden die tot de door hem gestelde schade hebben geleid.
Pagina444-447
UitspraakECLI:NL:CRVB:2010:BM7038
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekJurisprudentie
TitelCentrale Raad van Beroep, 20-05-2010, 08/6630 AW + 08/6631 AW + 08/6632 AW
CiteertitelTAR 2010, 127
SamenvattingSchorsing en strafontslag controleur openbare ruimte.
Samenvatting (Bron)Schorsing in het belang van de dienst en wegens het feit dat tegen appellant inmiddels een strafrechtelijke vervolging, was ingesteld. Onvoorwaardelijk strafontslag. Plichtsverzuim. Valsheid in geschrifte door een proces-verbaal te ondertekenen terwijl appellant wist dat hetgeen hij had genoteerd niet correct was. Straf van onvoorwaardelijk ontslag is niet onevenredig te achten, gezien de publieke functie waarin appellant bovendien boabevoegdheid heeft. Verder was appellant eerder expliciet gewezen op de wijze waarop hij persoonsgegevens moest verkrijgen, namelijk ter plekke en door middel van een geldig identiteitsbewijs. Ongegrond verklaring beroep.
Pagina447-449
UitspraakECLI:NL:CRVB:2010:BM7243
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekJurisprudentie
TitelCentrale Raad van Beroep, 20-05-2010, 08/4518 AW + 09/249 AW
CiteertitelTAR 2010, 128
SamenvattingIntrekken opsporingsbevoegdheid belastingambtenaar en toelage in verband daarmee; straf van inhouding halve maand salaris.
Samenvatting (Bron)1) Intrekking van de FIOD-ECD-toelage van appellant op grond van hoofdstuk 4, onderdeel 1.12.6., punt 5, van het Rpvb is terecht, aangezien de geldigheidsduur van de BOA-akte van appellant op 20 maart 2007 afliep en deze door aan appellant toe te rekenen omstandigheden niet is verlengd. 2) Het niet voldoen aan de bijscholingseisen levert plichtsverzuim op, nu dit ten gevolge had dat de akte van appellant niet kon worden verlengd en appellant zijn bevoegdheid als BOA daarom niet meer kon uitoefenen. Nu het plichtsverzuim appellant is aan te rekenen kan niet worden staande gehouden dat de aan appellant opgelegde straf van inhouding van zijn salaris over een halve maand onevenredig is aan de ernst van het plichtsverzuim.
Pagina449-452
UitspraakECLI:NL:CRVB:2010:BM7056
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekJurisprudentie
TitelCentrale Raad van Beroep, 27-05-2010, 08/6966 AW
CiteertitelTAR 2010, 129
SamenvattingAanmerken als herplaatsingskandidaat wegens opheffing van betrekking te vroeg.
Samenvatting (Bron)Herplaatsingskandidaat. Opheffing betrekking. Het feitelijk verdwijnen van het samenstel van werkzaamheden van een functie kan onder omstandigheden gelijkgesteld worden met een formele opheffing van een functie (LJN AT 3551). Het wegvallen van de financiering van een arbeidsplaats waar die werkzaamheden werden vervuld, brengt op zichzelf nog niet mee dat die werkzaamheden zijn komen te vervallen. Appellant heeft na het wegvallen van de KWF-subsidie de tot zijn functie behorende werkzaamheden nog een jaar vervuld. Het ging om de rapportage en publicatie van de resultaten van het in de voorgaande jaren gedane onderzoek: een normale gang van zaken bij een onderzoek als hier aan de orde. De financiering van de arbeidsplaats vond in dat jaar plaats uit de (reserve) algemene middelen van het Erasmus MC. Het oordeel van het bestuur over de rechtspositionele situatie van appellant berust op een onjuiste feitelijke grondslag. De functie van appellant was (nog) niet komen te vervallen. Het op dat onjuiste oordeel gebaseerde besluit tot toekenning aan appellant van de herplaatsings-status, berust dus eveneens op een onjuiste grondslag. Vernietiging aangevallen uitspraak en bestreden besluit.
Pagina452-454
UitspraakECLI:NL:CRVB:2010:BM7219
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekJurisprudentie
TitelCentrale Raad van Beroep, 27-05-2010, 08/6860 AW
CiteertitelTAR 2010, 130
SamenvattingOmvang SBK-garantie wachtgeld; rechtszekerheid.
Samenvatting (Bron)Appellant is destijds ontslagen met de garantie dat hij aanspraak kan maken op een wachtgelduitkering volgens de voorwaarden van het Wbad, waarvan het niveau voor de periode dat dit beleidskader gold wordt gegarandeerd op ten minste het niveau van 1 januari 1990. Dat betekent, aldus artikel 18 van het SBK, dat een tijdens die periode ontslagen betrokkene geen nadeel zal ondervinden van een eventueel toekomstige nadelige wijziging van de wachtgeldregeling. Hoewel dit SBK per 1 januari 2004 is geactualiseerd, is de Raad van oordeel dat appellant nog immer een beroep op die garantie toekomt, omdat met de actualisering niet is beoogd wijziging te brengen in de toegekende garantie. De materiële wetgever had, gelet op de SBK-garantie, bij de te verrichten belangenafweging tegenover de SBK-ers bijzondere zorgvuldigheid en voldoende respect voor de rechtszekerheid moeten betrachten. In redelijkheid kan niet worden geoordeeld dat daaraan is voldaan. In artikel 23 van het Besluit en de daarop gegeven nota van toelichting, voor zover betrekking hebbend op het niet verstrekken van de verhoging van de salarissen met 0,8% aan sinds 1 maart 2007 gewezen personeel, is geen aandacht besteed aan de (bijzondere positie van) gewezen ambtenaren met een SBK-garantie. Ondanks hun bijzondere garantie zijn de SBK-ers op één lijn gesteld met alle gewezen ambtenaren. Daarmee is naar het oordeel van de Raad afbreuk gedaan aan de eisen van zorgvuldigheid en rechtszekerheid. De minister had daarom artikel 23 van het Besluit, voor zover betrekking hebbend op het onthouden van de salarisverhoging van 0,8%, ten aanzien van appellant buiten toepassing moeten laten.
Pagina454-456
UitspraakECLI:NL:CRVB:2010:BM7312
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekJurisprudentie
TitelCentrale Raad van Beroep, 27-05-2010, 08/7383 AW
CiteertitelTAR 2010, 131
SamenvattingArbeidsconflict leidt tot ontslag op andere gronden en een reguliere uitkering.
Samenvatting (Bron)Ten tijde van het ontslag was er sprake van een uitzichtloze situatie waarin van de minister redelijkerwijs niet kon worden verlangd het dienstverband voort te zetten. Wat betreft het aandeel van partijen in het ontstaan en voortbestaan van het conflict is de Raad van oordeel dat in de gedingstukken (...) aanwijzingen zijn te vinden dat appellant reden had zich onterecht beschadigd te achten door de wijze van optreden van de PSG. Daarbij moet worden vastgesteld, dat, naar ook door de minister is erkend, door het ministerie aanvankelijk weinig voortvarend is opgetreden om uit de ontstane impasse te komen. Anderzijds heeft ook appellant door zijn optreden bijgedragen aan het conflict (...). In het bijzonder de afwijzing van de niet onredelijke concept-overeenkomst van 10 oktober 2006 en het vervolgens afzeggen van een gesprek met de externe raadsman op 21 november 2006, kunnen appellant worden aangerekend.
Pagina456-459
UitspraakECLI:NL:CRVB:2010:BM7322
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekJurisprudentie
TitelCentrale Raad van Beroep, 03-06-2010, 08/5687 AW
CiteertitelTAR 2010, 132
SamenvattingUitglijden over plas koffie bij kopieerapparaat; geen aansprakelijkheid werkgever, geen schending van zorgplicht.
Samenvatting (Bron)Geen schending zorgplicht. Vernietiging uitspraak. Niet-ontvankelijkverklaring beroep tegen het uitblijven van een beslissing op bezwaar.
Pagina461-463
UitspraakECLI:NL:CRVB:2010:BM7044
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekJurisprudentie
TitelCentrale Raad van Beroep, 03-06-2010, 09/3349 AW
CiteertitelTAR 2010, 132
SamenvattingStrafontslag groepsleider jeugdinrichting wegens onprofessioneel handelen niet onevenredig.
Samenvatting (Bron)Ontslag. Ernstig plichtsverzuim.
Pagina459-461
UitspraakECLI:NL:CRVB:2010:BM7206
Artikel aanvragenVia Praktizijn
TitelUitnodiging
CiteertitelTAR 2010,
Pagina464-464
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekInformatief
TitelWetgeving + Literatuur + Varia
CiteertitelTAR 2010,
Pagina465-465
Artikel aanvragenVia Praktizijn