Bouwrecht

Uitgever Wolters Kluwer
Tijdschrift Bouwrecht
Datum 16-11-2010
Aflevering 11
RubriekArtikelen
TitelDe relatie tussen Wabo en Waterwet
CiteertitelBR 2010/160
SamenvattingOp 1 oktober 2010 is de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) in werking getreden. De Waterwet (Wtw) is sinds 22 december 2009 van kracht. Het betreft twee integrale vergunningstelsels. Uitgangspunt van beide stelsels is het streven om tot één vergunning te komen, respectievelijk een omgevingsvergunning en een watervergunning. Er is bij samenloop van deze vergunningen weliswaar sprake van coördinatie, maar samenloop leidt niet tot één geďntegreerde 'wateromgevingsvergunning'. Het zijn twee afzonderlijke vergunningen welke beide verschillende toestemmingen bevatten. Daarnaast is het niet zo dat met de komst van deze twee integrale vergunningstelsels er geen andere vergunningen en toestemmingen meer relevant zijn voor het realiseren van een project dat ruimtelijke uitstraling heeft. Naast de omgevingsvergunning en watervergunning blijven andere toestemmingen en vergunningen bestaan, zoals toestemmingen op grond van de Wet ruimtelijke ordening en de Tracéwet en de algemene regels van het Activiteitenbesluit.
Auteur(s)F. Onrust
Pagina851-864
LinkVolledige tekst artikel (envir-advocaten.com)
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekArtikelen
TitelGemeentelijk aanbesteden bij gebiedsontwikkeling: overwegingen uit de praktijk
CiteertitelBR 2010/161
SamenvattingGemeentelijke bestuurders en ambtenaren willen doorgaans vergaande invloed uitoefenen op projecten binnen hun grondgebied. Dat kan gaan om het in detail bepalen van het programma (kantoren, starterswoningen, enz.) tot het bepalen van de kleur van een woning. Dit soort sturingsmogelijkheden worden voor een groot deel geregeld door publiekrechtelijke kaders zoals de Wro. Maar de daadwerkelijke invloed gaat vaak verder dan deze kaders en vindt bovendien regelmatig zijn weg naar privaatrechtelijke overeenkomsten. Daar waar het aanbestedingsrecht grenzen stelt aan deze sturing ontstaat een spanningsveld. Over de juridisch technische aspecten van dit spanningsveld is sinds Auroux, en sinds kort ook Müller veel geschreven. Dit artikel echter beoogt inzicht te geven in de praktische uitwerking van dit spanningsveld op het handelen van gemeenten in processen van gebiedsontwikkeling.
Auteur(s)F.F. Bidó
Pagina865-869
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekArtikelen
TitelGemengde opdrachten: hoofdvoorwerp bepalend (overheidsopdracht of niet)? Casino Royale: Van Gestión Hotelera Internacional tot Club Hotel Loutraki
CiteertitelBR 2010/162
SamenvattingOp 6 mei van dit jaar heeft het Europese Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: HvJ EU en 'Hof') in twee gevoegde Griekse zaken een ook voor de bouw interessant arrest gewezen. Eén van deze twee gevoegde zaken betreft de casus Loutraki, waarin de vraag centraal staat of de door de Griekse staat te sluiten overeenkomsten in verband met de (gedeeltelijke) privatisering en verbouwing van een casino, vallen binnen de reikwijdte van de Europese Aanbestedingsrichtlijn.
Auteur(s)A. ter Mors , L.E.M. Haverkort
Pagina870-875
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekArtikelen
TitelEuropaproof of anders ...: scherper toezicht op naleving Europese regelgeving
CiteertitelBR 2010/163
SamenvattingDe eerst vier woorden van de titel van dit artikel klinken misschien dreigend, maar vatten wel goed een binnenkort te verwachten realiteit voor de centrale overheden samen. Tien jaar na het ICER advies 'De Europese dimensie van toezicht' is op 23 september jl. de Wet Naleving Europese regelgeving publieke entiteiten (Wet NErpe) aangenomen door de Tweede Kamer na een overwegend positief advies van de Raad van State. Kort geleden werd al duidelijk dat bijna alle fracties positief stonden tegenover de wet.
Auteur(s)A.D.L. Knook
Pagina876-881
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekArtikelen
TitelBij kruimelgevallen geen exploitatieplan
CiteertitelBR 2010/164
SamenvattingAl vanaf de invoering van de Wro op 1 juli 2008 wordt de verplichting om in alle gevallen een exploitatieplan vast te stellen als vrij knellend ervaren. Dat geldt vooral voor die situaties waarin de kosten ervan boven de revenuen uit stijgen. De zogenaamde kruimelgevallen zouden een uitzondering moeten vormen op die verplichting. Met name in bestemmingsplannen voor het buitengebied waren bestemmingswijzigingen die een bouwplan in de zin van art. 6.2.1 Bro opleverden, vaak van een dergelijke orde.
Auteur(s)E.R. Hijmans
Pagina881-882
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekArtikelen
TitelDe gewijzigde Wet voorkeursrecht gemeenten
CiteertitelBR 2010/165
SamenvattingOp 1 juli 2010 is de gewijzigde Wet voorkeursrecht gemeenten in werking getreden. Deze wetswijziging is het sluitstuk van de vereenvoudiging en modernisering van deze wet, zoals aangekondigd in de Nota Grondbeleid en in gang gezet in de Invoeringswet Wet ruimtelijke ordening. Dit artikel behandelt de belangrijkste veranderingen als gevolg van de op 1 juli 2010 in werking getreden wetswijziging. Daarbij wordt ook aandacht besteed aan de wijziging van de Wet voorkeursrecht gemeenten als gevolg van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht en de Crisis- en herstelwet.
Auteur(s)L. van Schie-Kooman , J.R. Vermeulen
Pagina883-892
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekActualiteiten, mededelingen, reacties van lezers
TitelHandhaving van het omgevingsrecht; nieuwe regelingen, anders georganiseerd, beter uitgevoerd?
CiteertitelBR 2010/166
SamenvattingACELS/Centrum voor Milieurecht, Universiteit van Amsterdam; VROM lanceert helpdeks Chw via Infomil.
Pagina892-893
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekJurisprudentie - Ruimtelijk ordeningsrecht
TitelRaad van State, 30-06-2010, 200901350/1/R3
CiteertitelBR 2010, p. 893
SamenvattingVernietiging exploitatieplan Kempisch Bedrijvenpark, relatie met bestemmingsplan, geen nieuw exploitatieplan hoeft te worden vastgesteld.
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 11 december 2008, kenmerk R 2008.153, heeft de raad van de gemeente Bladel (hierna: de raad) het bestemmingsplan "Kempisch Bedrijvenpark 2008" (hierna: het bestemmingsplan) en het exploitatieplan "Kempisch Bedrijvenpark 2008" (hierna: het exploitatieplan) vastgesteld.
Pagina893-897
UitspraakECLI:NL:RVS:2010:BM9710
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekJurisprudentie - Ruimtelijk ordeningsrecht
TitelRaad van State, 07-07-2010, 200907514/1
CiteertitelBR 2010, p. 897
SamenvattingBestemmingsplan, nadere eisen, schaduwhinder, termijn art. 8:58 Awb. Noot onder BR 2010 nr. 11, p. 899.
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 9 juli 2009 heeft de raad het bestemmingsplan "Seinpostduin 2009" vastgesteld. Tegen dit besluit hebben [appellanten sub 1] bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 28 september 2009, en [appellanten sub 2] bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 30 september 2009, beroep ingesteld.
Pagina897-899
UitspraakECLI:NL:RVS:2010:BN0536
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekJurisprudentie - Ruimtelijk ordeningsrecht
TitelRaad van State, 07-07-2010, 200907208/1/R1
CiteertitelBR 2010, p. 899
SamenvattingBestemmingsplan, nadere eisen, schaduwhinder, termijn art. 8:58 Awb.
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 7 juli 2009 met het kenmerk PHZ-2009-490685 heeft het college besloten over de goedkeuring van het door de raad van de gemeente Den Haag bij besluit van 27 november 2008 vastgestelde bestemmingsplan "Bloemenbuurt".
Pagina899-902
UitspraakECLI:NL:RVS:2010:BN0496
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekJurisprudentie - Ruimtelijk ordeningsrecht
TitelRaad van State, 14-07-2010, 200901656/1/R3
CiteertitelBR 2010, p. 902
SamenvattingNiet ter inzage leggen van stukken bij ontwerpbestemmingsplan en bij vastgesteld bestemmingsplan.
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 23 december 2008, no. 1420940, heeft het college besloten over de goedkeuring van het door de raad van de gemeente Helmond bij besluit van 13 mei 2008 vastgestelde bestemmingsplan "Herziening woonwagenlocaties Helmond/Beemdweg".
Pagina902-907
UitspraakECLI:NL:RVS:2010:BN1068
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekJurisprudentie - Ruimtelijk ordeningsrecht
TitelRaad van State, 04-08-2010, 200907508/1/M1
CiteertitelBR 2010, p. 907
SamenvattingHoogte opgelegde dwangsom; strijd art. 5:32 lid 4 Awb.
Samenvatting (Bron)Bij ambtshalve besluit van 6 maart 2009 heeft het college aan [appellant] een last onder dwangsom opgelegd vanwege overtreding van voorschrift 2.3 van de aan hem bij besluit van 5 september 2008 verleende veranderingsvergunning als bedoeld in artikel 8.1, eerste lid, van de Wet milieubeheer voor een melkrundveehouderij met een windturbine op het perceel [locatie] te [plaats], gemeente Zijpe.
Pagina907-909
UitspraakECLI:NL:RVS:2010:BN3201
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekJurisprudentie - Ruimtelijk ordeningsrecht
TitelRaad van State, 11-08-2010, 200909690/1/H1
CiteertitelBR 2010, p. 909
SamenvattingBelanghebbende-begrip; vrijstelling bestemmingsplan en bouwvergunning; afstandcriterium; art. 1:2 Awb.
Samenvatting (Bron)Bij onderscheiden besluiten van 19 augustus en 15 september 2008 heeft het college aan de stichting vrijstelling van het bestemmingsplan en bouwvergunning verleend voor het oprichten van appartementen op het perceel Compagniesterpoort te Sappemeer, gemeente Hoogezand-Sappemeer (hierna: het perceel).
Pagina909-910
UitspraakECLI:NL:RVS:2010:BN3703
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekJurisprudentie - Ruimtelijk ordeningsrecht
TitelRaad van State, 18-08-2010, 200900844/1/R3
CiteertitelBR 2010, p. 910
SamenvattingBestemmingsplan vastgesteld, maar geen exploitatieplan. Noot onder BR 2010 nr. 11, p. 912
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 17 december 2008, kenmerk 253682, heeft de raad het bestemmingsplan "Hart van Zuid" vastgesteld en besloten geen exploitatieplan vast te stellen.
Pagina910-912
UitspraakECLI:NL:RVS:2010:BN4290
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekJurisprudentie - Ruimtelijk ordeningsrecht
TitelRaad van State, 18-08-2010, 200905991/1/R3
CiteertitelBR 2010, p. 912
SamenvattingExploitatieplan, (post-anterieure) exploitatieovereenkomst.
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 19 mei 2009 heeft de raad het bestemmingsplan "Kern Maasland 2008" vastgesteld en besloten om geen exploitatieplan vast te stellen.
Pagina912-914
UitspraakECLI:NL:RVS:2010:BN4256
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekJurisprudentie - Bestuursrecht. schadevergoeding
TitelRaad van State, 30-06-2010, 200906405/1/H2
CiteertitelBR 2010, p. 914
SamenvattingPlanschade bij verhuurde bedrijfsruimte; hoogste waarde bij verschillende gebruiksmogelijkheden; huurderving geen gevolg van planologische wijziging. Noot onder BR 2010 nr. 11, p. 916.
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 25 oktober 2004 heeft de raad het verzoek van Smalle Weer om vergoeding van planschade afgewezen.
Pagina914-916
UitspraakECLI:NL:RVS:2010:BM9672
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekJurisprudentie - Bestuursrecht. schadevergoeding
TitelRaad van State, 30-06-2010, 200907504/1/H2
CiteertitelBR 2010, p. 916
SamenvattingWaardevermindering niet bedrijfsmatig verhuurde woningen; maatstaf.
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 30 augustus 2007 heeft het college aan [appellant] een vergoeding van planschade toegekend ten bedrage van 12.000,-, te vermeerderen met wettelijke rente vanaf 30 januari 2007.
Pagina916-918
UitspraakECLI:NL:RVS:2010:BM9674
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekJurisprudentie - Koop- en aannemingscontracten
TitelRaad van Arbitrage voor de Bouw, 08-06-2010, 31.568
CiteertitelBR 2010, p. 918
SamenvattingAfwijkende perceelsgrootte; circa-bepaling; geen beroep op uitsluiting verrekeningsbevoegdheid bij ondermaat van 29,9%.
Pagina918-924
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekJurisprudentie - Aanbestedingsrecht
TitelRechtbank Arnhem, 11-06-2010, 199851
CiteertitelBR 2010, p. 924
SamenvattingStrategische inschrijving toegestaan, manipulatieve inschrijving niet.
Samenvatting (Bron)Aanbestedingsrecht. De conclusie is dat Harting-Bank de grenzen van een geoorloofde strategische inschrijving heeft overschreden en de inschrijving voorshands als manipulatief moet worden gekenmerkt. De Gemeenten mochten de inschrijving van Harting-Bank als ongeldig aanmerken vanwege de miskenning van het dor de Gemeenten gestelde kader van de aanbesteding en de verstoring van de beoordelingssystematiek.
Pagina924-928
UitspraakECLI:NL:RBARN:2010:BN0353
Artikel aanvragenVia Praktizijn