Pensioen Jurisprudentie

Uitgever Wolters Kluwer
Tijdschrift Pensioen Jurisprudentie
Datum 21-10-2011
Aflevering 9
RubriekPensioenwet
TitelGerechtshof Amsterdam, 31-05-2011, 200.051.232/01 + 200.050.942/01
CiteertitelPJ 2011/122
SamenvattingWijziging toeslagregeling voor pensioengerechtigden. Onvoorwaardelijke of voorwaardelijke toeslagregeling?
Samenvatting (Bron)Wijziging indexeringbeding in pensioenreglement. Collectieve actie (art. 305a BW). Geen onwaardelijke indexering. Gerechtvaardigd vertrouwen bij groep deelnemers aan wie indexering (mits voldoende buffervermogen aanwezig) is toegezegd bij de waardeoverdracht van opgebouwde pensioenaanspraken van oude (verzekerde) pensioenregeling naar de nieuwe pensioenregeling (uitgevoerd door Opf). Geen wijziging mogelijk m.b.t. deze groep van deelnemers.
AnnotatorH.P. Breuker
Pagina869-878
UitspraakECLI:NL:GHAMS:2011:BR4484
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekPensioenwet
TitelRechtbank Utrecht, 24-11-2010, 664308 UC EXPL 09-20473 E
CiteertitelPJ 2011/123
SamenvattingPGGM is met toepassing van de hardheidsclausule in het pensioenreglement gehouden eisende partij een partnerpensioen toe te kennen. Informeren over wijziging.
Pagina878-883
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekPensioenwet
TitelRechtbank Amsterdam, 27-07-2011, 1254250 CV VERZ 11-17440
CiteertitelPJ 2011/124
SamenvattingDoor werkgever aangevoerde omstandigheden zwaarwegende redenen om geen middelen beschikbaar te stellen voor toeslagverlening?
AnnotatorR.A.C.M. Langemeijer
Pagina883-892
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekPensioenwet
TitelRechtbank Rotterdam, 04-08-2011, AWB 10/4037 BC-T2
CiteertitelPJ 2011/125
SamenvattingDe Rechtbank Rotterdam bevestigt het oordeel van De Nederlandsche Bank dat de Stichting Pensioenfonds van de Metalektro een niet prudent beleggingsbeleid voerde en een beheerste en integere bedrijfsvoering bij dat fonds ontbrak.
Samenvatting (Bron)DNB heeft het pensioenfonds op de voet van artikel 171, eerste lid, van de Pensioenwet een aanwijzing gegeven die inhoudt dat het pensioenfonds in een vóór 18 januari 2010 in te dienen plan van aanpak, waaraan voor 14 mei 2010 uitvoering dient te worden gegeven, aangeeft hoe zij blijvend haar bedrijfsvoering, inclusief risico’s die samenhangen met beleggingen en uitbesteding, beheerst waardoor het pensioenfonds verplicht wordt de risico’s van (nieuwe) “exposures” te beheersen alvorens deze worden aangegaan. Gelet op de soort beleggingen en samenstelling van de portefeuille heeft DNB geoordeeld dat de liquiditeit van de portefeuille niet is gewaarborgd, dat hoofdzakelijk niet is belegd op gereglementeerde markten, dat bepaalde derivaten niet zijn gebruikt voor risicoreductie of doeltreffend portefeuillebeheer en dat sprake is van een concentratierisico. Het pensioenfonds heeft deze bevindingen niet danwel onvoldoende weerlegd. Gelet op een en ander staat vast dat het pensioenfonds artikel 135 van de Pensioenwet niet heeft nageleefd. De rechtbank is verder met DNB van oordeel dat het pensioenfonds niet beschikte over een afdoende procedure en over voldoende deskundigheid om de werkzaamheden van haar fiduciair vermogensbeheerder te kunnen beoordelen en dat zij de risico’s van haar beleggingsportefeuille niet goed kon bepalen. Daarmee is het pensioenfonds tekortgeschoten in de naleving van de artikelen 143 en 34 van de Pensioenwet. Hieruit volgt dat zij voorts niet voldeed aan artikel 132 van de Pensioenwet. DNB kwam daarom de bevoegdheid toe om toepassing te geven aan artikel 171, eerste lid, van de Pensioenwet.
AnnotatorS.H. Kuiper
Pagina892-902
UitspraakECLI:NL:RBROT:2011:BR4189
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekWet Bpf 2000
TitelRechtbank Amsterdam, 07-02-2011, CV 10-8878
CiteertitelPJ 2011/126
SamenvattingVordering jegens BPF tot betaling vakantietoeslag en reiskosten.
Pagina903-904
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekGelijke behandeling
TitelHof van Justitie EU, 21-07-2011, C-159/10
CiteertitelPJ 2011/127
SamenvattingDuits wettelijk pensioenontslag bij 65 jaar met doorwerkclausule tot 68 jaar geen leeftijdsdiscriminatie.
Samenvatting (Bron)Arrest van het Hof (Tweede kamer) van 21 juli 2011. # Gerhard Fuchs (C-159/10) en Peter Kohler (C-160/10) tegen Land Hessen. # Verzoeken om een prejudiciele beslissing: Verwaltungsgericht Frankfurt am Main - Duitsland. # Richtlijn 2000/78/EG - Artikel 6, lid 1 - Verbod van discriminatie op grond van leeftijd - Verplichte pensionering van procureurs die leeftijd van 65 jaar hebben bereikt - Legitieme doelstellingen die verschil in behandeling op grond van leeftijd rechtvaardigen - Coherentie van wetgeving. # Gevoegde zaken C-159/10 en C-160/10.
AnnotatorM. Heemskerk
Pagina905-920
UitspraakECLI:EU:C:2011:508
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekSociale zekerheid
TitelCentrale Raad van Beroep, 10-08-2011, 10/4871 WW
CiteertitelPJ 2011/128
SamenvattingOverneming pensioenpremie door UWV. De pensioenpremie die werkgever op grond van de arbeidsovereenkomst moest betalen is niet toe te rekenen aan het refertejaar.
Samenvatting (Bron)Overneming pensioenpremie. De pensioenpremie die werkgever op grond van het vierde onderdeel van artikel 6 van de arbeidsovereenkomst moest betalen betrof de opbouw van de pensioenaanspraak van appellant over de periode van 1 januari 2006 tot 1 mei 2007 en is niet toe te rekenen aan het refertejaar. Voor het Uwv bestond geen overnemingsverplichting.
Pagina921-922
UitspraakECLI:NL:CRVB:2011:BR4784
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekCiviel
TitelGerechtshof Amsterdam, 26-07-2011, 200.043.825 en 200.047.090
CiteertitelPJ 2011/129
SamenvattingCollectieve actie stichting deelnemers spaarkasovereenkomst, waarbij periodieke inleg na aftrek premie overlijdensrisicoverzekering werd belegd. Overstemming over hoogte overlijdensrisicopremie en premie? Misleidende informatie in contractsdocumentatie?
Samenvatting (Bron)Collectieve actie van stichting bestaande uit deelnemers aan Koersplan, een spaarkasovereenkomst, waarbij de deelnemers een periode inleg betaalden, die werd gestort in een gezamenlijke spaarkas waarmee werd belegd. Geen wilsovereenstemming tussen Spaarbeleg, thans Aegon, en de deelnemers over de hoogte van de overlijdensrisicopremie die deel uitmaakte van de overeenkomst. Invulling van die leemte in de overeenkomst door bepaling van een redelijke premie, met als uitgangspunt een Aanbeveling van de Ombudsman Financiële Dienstverlening. Misleidende informatie in de contractsdocumentatie over de hoogte van de overlijdensrisicopremie en het te bereiken eindkapitaal.
AnnotatorA.G. van Marwijk Kooy
Pagina923-947
UitspraakECLI:NL:GHAMS:2011:BR2836
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekCiviel
TitelRechtbank Maastricht, 27-07-2011, 410560 CV EXPL 11-830
CiteertitelPJ 2011/130
SamenvattingEiser maakt aanspraak op uitkering conform gewekte verwachtingen over de hoogte van het pensioen.
Samenvatting (Bron)Eiser heeft pensioen opgebouwd bij gedaagde en ontvangt een half jaar voor pensionering bericht over de hoogte van zijn pensioen. Een maand later wordt dit bericht gecorrigeerd en wordt een ander – hoger – bedrag aan ouderdomspensioen toegezegd. Juistheid van de laatste toezegging wordt tot tweemaal toe telefonisch bevestigd en gedaagde betaalt dit pensioen vervolgens ook 29 maanden lang uit. Dan ontdekt gedaagde dat een fout is gemaakt en verlaagt de uitkering op grond van een nieuwe berekening. Eiser maakt aanspraak op uitkering conform de eerdere toezegging, met beroep op de wilsvertrouwen-leer. De kantonrechter wijst, gelet op de bijzondere omstandigheden van dit geval, de vordering toe.
Pagina947-952
UitspraakECLI:NL:RBMAA:2011:BR5240
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekPensioen overig
TitelCentrale Raad van Beroep, 16-09-1993, AW 92/153
CiteertitelPJ 2011/132
SamenvattingVoorlichting over pensioen. Beslissing van een bevoegd gezag op een verzoek van een ambtenaar om vergoeding of compensatie van geleden schade is een appellabel besluit.
Samenvatting (Bron)Het pensioen is berekend naar twee afzonderlijke dienstlijnen. Geen schadevergoeding.
Pagina958-960
UitspraakECLI:NL:CRVB:1993:ZB4878
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekScheiding
TitelGerechtshof 's-Hertogenbosch, 22-02-2011, HD 200.067.209
CiteertitelPJ 2011/131
SamenvattingPartijen waren in algehele gemeenschap van goederen gehuwd en twisten thans over de verdeling van pensioenrechten.
Samenvatting (Bron)Huwelijksvermogensrecht. Algehele gemeenschap van goederen; aanspraak op pensioenrechten. Gelet op de datum van echtscheiding (in 1991) is op de onderhavige situatie het arrest Boon/Van Loon (HR 27 november 1981, NJ 1982, 503) van toepassing, hetgeen betekent dat de vrouw in beginsel recht heeft op de helft van de tot het einde van het huwelijk opgebouwde pensioenrechten. Blijkens een notariële akte van 1992 hebben partijen verklaard dat de verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap is voltooid en dat zij niets meer van elkaar te vorderen hebben en elkaar over en weer volledige kwijting en decharge verlenen. Naar het oordeel van het hof leidt uitleg op basis van het Haviltex-criterium ertoe, dat de man er niet van mocht uitgaan en de vrouw niet hoefde te begrijpen dat de kwijtingsbepaling ook zag op de pensioenrechten. Het hof is voorts van oordeel dat er geen sprake is van een gedraging of een nalaten van de vrouw waardoor bij de man een zodanig vertrouwen werd gewekt, dat zij geen aanspraak meer kan maken op de pensioenrechten. Het hof komt ten slotte tot het oordeel dat de aanspraak van de vrouw op het pensioen niet naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is, ook niet indien zou komen vast te staan dat zij samenwoonde met een ander als waren zij gehuwd, terwijl zij van de man een uitkering tot levensonderhoud ontving.
Pagina953-957
UitspraakECLI:NL:GHSHE:2011:BP5800
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekPensioen overig
TitelCentrale Raad van Beroep, 30-06-2011, 10/4270 AW enz.
CiteertitelPJ 2011/133
SamenvattingGeen extra pensioen voor doorwerkende rechters.
Samenvatting (Bron)Geen extra pensioen voor doorwerkende rechters.
Pagina960-964
UitspraakECLI:NL:CRVB:2011:BR0776
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekPensioen overig
TitelRechtbank Almelo, 05-07-2011, 08/700006-11
CiteertitelPJ 2011/134
SamenvattingStrafzaak. Verdachte heeft als pensioen/financieel adviseur mensen benaderd en hen adviezen gegeven over hun verzekeringen en pensioenen om vervolgens vrijgekomen bedragen in eigen zak te steken.
Samenvatting (Bron)Verdachte heeft als pensioen/financieel adviseur vanaf januari 2000 mensen benaderd en hen adviezen gegeven over hun verzekeringen en pensioenen. Die adviezen luidden dat zij hun lopende polissen het voordeligst konden afkopen om de vrijgekomen bedragen in een andere verzekering te storten, een nieuwe verzekering of een koopsompolis af te sluiten. Verdachte liet de vrijgekomen bedragen echter storten op zijn eigen Aegonrekening waarna hij deze overboekte naar zijn privérekeningen bij de Rabo- en ING-bank en het geld voor zijn eigen doeleinden gebruikte. In geen enkel geval heeft hij de in het vooruitzicht gestelde verzekeringen of koopsompolissen afgesloten. Om dat te verdoezelen verstrekte hij zijn klanten in een aantal gevallen rekenoverzichten (van niet bestaande verzekeringen) met het verwachte rendement om de betrouwbaarheid van het product te onderstrepen. Ook heeft verdachte een polis voor een koopsomverzekering vervalst en die vervalste polis gebruikt om te suggereren dat de polis met het betaalde geld was afgesloten. De rechtbank vindt het van belang voor de benadeelden dat verdachte een onvoorwaardelijke gevangenisstraf moet ondergaan. Maar ook dat hij zo snel mogelijk weer inkomen gaat verwerven om daarvan zijn schulden af te lossen. Bovendien dient de straf ter voorkoming van nieuwe strafbare feiten. Aan al deze strafdoelen wordt voldaan door oplegging van een gedeeltelijk voorwaardelijke vrijheidsstraf.
Pagina964-978
UitspraakECLI:NL:RBALM:2011:BR0280
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekFiscaal
TitelRechtbank Breda, 10-06-2011, 10/2971
CiteertitelPJ 2011/135
SamenvattingKeuze van belanghebbende om te worden behandeld als binnenlands belastingplichtige. In geding of pensioenuitkeringen uit dienstbetrekking in Nederland en Maleisië behoren tot het belastbaar inkomen uit werk en woning.
Samenvatting (Bron)Met de keuze voor toepassing van artikel 2.5 Wet IB doet belanghebbende geen afstand van zijn recht om een belastingverdrag toe te passen. De keuze werkt door naar het betreffende belastingverdrag, in dit geval tussen Nederland en Duitsland.
Pagina979-981
UitspraakECLI:NL:RBBRE:2011:BR1496
Artikel aanvragenVia Praktizijn