Pensioen Jurisprudentie

Uitgever Wolters Kluwer
Tijdschrift Pensioen Jurisprudentie
Datum 16-04-2014
Aflevering 4
RubriekPensioenwet
TitelGerechtshof Den Haag 24-12-2013
CiteertitelPJ 2014/45
SamenvattingWerkgever kan overeenkomstig de standaard-cao 50% van de premie op de werknemer verhalen.
Samenvatting (Bron)arbeid; standaardcao met 50/50 premieverdeling voor de pensioenregeling; verplichting voor werkgever om ontheffing van de cao-bepaling te vragen om bijdragevrij pensioen voor beperkte groep werknemers te continueren; beroep op standaarkarakter cao door [...]
UitspraakECLI:NL:GHDHA:2013:4811
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekPensioenwet
TitelCollege van Beroep voor het bedrijfsleven 06-02-2014
CiteertitelPJ 2014/46
SamenvattingTussenpersoon is terecht door AFM beboet wegens schending van art. 4:23 lid 1 Wft bij advisering over de uitvoeringsovereenkomst.
Samenvatting (Bron)Adviseren over (wijzigen van) pensioenuitvoeringsovereenkomsten; onvoldoende informatie ingewonnen als bedoeld in artikel 4:23 Wft; terecht boete van 30.000 opgelegd
AnnotatorJ.J.C. van den Brink
UitspraakECLI:NL:CBB:2014:42
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekSociale zekerheid
TitelCentrale Raad van Beroep 08-01-2014
CiteertitelPJ 2014/47
SamenvattingGeen AOW pensioen voor tweede echtgenoot in verband met toerekening huwelijkstijdvakken.
Samenvatting (Bron)Afwijzing verzoek om herziening. Weigering oudersdomspensioen aan tweede echtgenote.
UitspraakECLI:NL:CRVB:2014:7
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekSociale zekerheid
TitelCentrale Raad van Beroep 23-01-2014
CiteertitelPJ 2014/48
SamenvattingKorting AOR-pensioen vanwege neveninkomsten.
Samenvatting (Bron)Korting op AOR-pensioen wegens neveninkomsten, te weten pensioenaanspraken. De pensioenaanspraken van appellant zijn binnen het voormalige familiebedrijf L. BV gebleven en deze aanspraken kunnen na het uitspreken van het faillissement van L. BV niet meer te gelde worden gemaakt. Aannemelijk dat appellant naast de al bekende pensioenen geen ander (neven)inkomen geniet dan wel nog enig belang heeft in een van de BVs. Het bestreden besluit berust op een onjuiste grondslag en dient te worden vernietigd.
UitspraakECLI:NL:CRVB:2014:164
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekCiviel
TitelHoge Raad 24-01-2014
CiteertitelPJ 2014/49
SamenvattingWijziging pensioengrondslag valt onder het instemmingsrecht van de Ondernemingsraad.
Samenvatting (Bron)Medezeggenschap. Is voor wijziging pensioengrondslag instemming OR vereist? Art. 27 lid 1 onder a WOR. Is de beslissing van de OR om geen instemming te geven onredelijk? Art. 27 lid 4 WOR; maatstaf.
AnnotatorE. Lutjens
UitspraakECLI:NL:HR:2014:159
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekCiviel
TitelGerechtshof Arnhem-Leeuwarden 23-07-2013
CiteertitelPJ 2014/50
SamenvattingPensioenovereenkomst of vage belofte? Geen voldoende bewijs.
Samenvatting (Bron)Arbeidsrecht. Vraag of werknemer recht heeft op pensioen krachtens pensioentoezegging of krachtens CAO. Is de aangesproken werkgever verantwoordelijk voor de nakoming van de ingeroepen pensioentoezegging?
UitspraakECLI:NL:GHARL:2013:5359
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekCiviel
TitelGerechtshof 's-Hertogenbosch 14-01-2014
CiteertitelPJ 2014/51
SamenvattingBeroepsfout tussenpersoon met als gevolg te lage uitkering wegens arbeidsongeschiktheid. Geen verrekening met uitkering bij leven via zelfde tussenpersoon.
Samenvatting (Bron)fout advies tussenpersoon; geen verrekening van voordeel
UitspraakECLI:NL:GHSHE:2014:38
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekCiviel
TitelGerechtshof Arnhem-Leeuwarden 18-02-2014
CiteertitelPJ 2014/52
SamenvattingWijziging bijdrage zorgverzekering. Geen eenzijdig wijzigingsbeding. Positie gepensioneerden. Toe te passen criterium: Mammoet/Stoof.
Samenvatting (Bron)Eenzijdige aanpassing bijdrage ziektekosten voor gepensioneerede (ex-)werknemers, zonder dat sprake is van een geldig overeengekomen wijzigingsbeding. Maatstaf Mamoet/Sloof (HR 11 juli 2008, ECLI:NL:HR:2008:BD1847).
AnnotatorA.G. van Marwijk Kooy
UitspraakECLI:NL:GHARL:2014:1214
Artikel aanvragenVia Praktizijn
Rubriek(Echt)scheiding
TitelGerechtshof Arnhem-Leeuwarden 10-12-2013
CiteertitelPJ 2014/53
SamenvattingVordering van verrekening van tot 12 juli 1982 opgebouwde pensioenrechten volgens Boon/Van Loon. Redelijkheid en billijkheid.
Samenvatting (Bron)Verdeling pensioenrechten (Boon/Van Loon). Eisen van redelijkheid en billijkheid.
UitspraakECLI:NL:GHARL:2013:9487
Artikel aanvragenVia Praktizijn
Rubriek(Echt)scheiding
TitelRechtbank Noord-Nederland 16-10-2013
CiteertitelPJ 2014/54
SamenvattingVordering verdeling pensioenrechten. Echtscheidingsconvenant gesloten in 1989, pensioen ingegaan in 2002. Geen rechtsverwerking, geen terugwerkende kracht.
Samenvatting (Bron)Trefwoorden; Verdeling gemeenschap; pensioenrechten; rechtsverwerking In 1988 zijn partijen van elkaar gescheiden. In 1989 is, onder finale kwijting, een convenant gesloten tot afkoop van alimentatie. In december 2002 gaat de man met pensioen. In augustus 2012 maakt de vrouw aanspraak op haar deel van het opgebouwde pensioen tijdens huwelijk. De rechtbank stelt vast dat de man niet heeft bewezen dat de vrouw bij de verdeling van de gemeenschap van goederen, heeft afgezien van verdeling van de pensioenrechten. De vordering tot verdeling van de pensioenrechten komt daarom voor toewijzing in aanmerking. Zoals in het vorige tussenvonnis is overwogen, kan het beroep van de man op rechtsverwerking niet slagen omdat naast het tijdsverloop geen andere (bijzondere) omstandigheden zijn gesteld op grond waarvan hij het gerechtvaardigd vertrouwen mocht hebben dat de vrouw haar aanspraak op pensioenrechten niet meer geldend zou maken. Het door de man genoemde vonnis van de rechtbank Rotterdam van 6 maart 2013 (LJN: BZ5052) leidt de rechtbank niet tot een ander oordeel. Wat betreft de wijze van verdeling (art. 3:185 BW) overweegt de rechtbank dat rekening houdend met de belangen van zowel de vrouw als van de man de billijkheid met zich brengt dat de vrouw niet met terugwerkende kracht nog aanspraak kan maken op de pensioenrechten. De rechtbank verwijst daarbij naar het door de man overgelegde vonnis van de rechtbank Groningen van 28 april 2010 (nummer 105116 / HA ZA 08-804) en betrekt daarbij het consumptieve karakter van pensioen. Sinds de man met pensioen ging, heeft de vrouw bijna tien jaar gewacht voordat zij aanspraak maakte op haar deel van het opgebouwde pensioen.
UitspraakECLI:NL:RBNNE:2013:6267
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekEuropees recht
TitelHvJ EU 23-01-2014, C-296/12
CiteertitelPJ 2014/55
SamenvattingHet Europese Hof van Justitie oordeelt dat Belgische fiscale pensioenregels in strijd zijn met de vrijheid van dienstverrichting binnen de EU. Volgens deze regels zijn pensioenpremies alleen in BelgiŽ aftrekbaar als deze aan een Belgische verzekeraar worden betaald.
Samenvatting (Bron)Arrest van het Hof (Tiende kamer) van 23 januari 2014. # Europese Commissie tegen Koninkrijk Belgie. # Niet-nakoming - Vrij verrichten van diensten - Vrij verkeer van kapitaal - Inkomstenbelasting - Stortingen voor pensioensparen - Belastingvermindering enkel voor stortingen aan in zelfde lidstaat gevestigde instellingen of fondsen - Samenhang van belastingstelsel - Doeltreffendheid van fiscale controles. # Zaak C-296/12.
AnnotatorE.A.P. Schouten
UitspraakECLI:EU:C:2014:24
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekBestuursrecht
TitelRechtbank Rotterdam 23-01-2014
CiteertitelPJ 2014/56
SamenvattingAFM legt boete op wegens aanbieden krediet aan consumenten zonder vergunning, met openbaarmaking boetebesluit. Voorlopige voorziening tegen openbaarmaking afgewezen.
Samenvatting (Bron)Wet financieel toezicht - Publicatie boetebesluit
UitspraakECLI:NL:RBROT:2014:286
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekFiscaal
TitelGerechtshof Den Haag 20-12-2013
CiteertitelPJ 2014/57
SamenvattingInvaliditeitspensioenuitkering (inclusief household allowance, de education allowance en de tax adjustment) geheel belast.
Samenvatting (Bron)Inkomstenbelasting. In geschil is of ten onrechte premie volksverzekeringen is geheven en voorts of de invaliditeitspensioenuitkering ten onrechte in de (belasting)heffing is betrokken. Aangaande de uitkering is tevens in geschil of eind 1994 sprake is van een onzuivere pensioenregeling als bedoeld in art. 11, derde lid, Wet LB 1964, tekst 1994. Belanghebbende beantwoordt die vragen bevestigend, de inspecteur ontkennend. Niet in geschil is dat de pensioenregeling na 1995 onzuiver is en voorts dat belanghebbende geen premie AWBZ is verschuldigd.
UitspraakECLI:NL:GHDHA:2013:4796
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekFiscaal
TitelRechtbank Gelderland 06-02-2014
CiteertitelPJ 2014/58
SamenvattingGeen activering van betaalde indexatielasten op fiscale balans van de fiscale eenheid als gevolg van overdracht van pensioenverplichting.
Samenvatting (Bron)Vpb. Pensioen in eigen beheer. Overdracht pensioenverplichting. Bij verbreken fiscale eenheid geen activering van binnen fiscale eenheid betaalde indexatielasten.
UitspraakECLI:NL:RBGEL:2014:653
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekAmbtenarenrecht
TitelRechtbank Den Haag 15-01-2014
CiteertitelPJ 2014/59
SamenvattingOnterechte mededeling over grondslag opgebouwde pensioen. Geen privaatrechtelijke aangelegenheid, maar besluit in de zin van de Awb.
Samenvatting (Bron)De rechtbank overweegt dat blijkens de inhoud van het besluit van 20 juni 1994 tot toekenning van de uitkering aan eiseres (en overigens ook in de berichtgeving aan de toenmalige leidinggevende) de grond voor deze toekenning moet worden gezocht in het feit dat eiseres vůůr het einde van de aanstelling wegens ziekte niet in staat was te werken. Niet alleen spreekt het besluit met zoveel woorden over een uitkering overeenkomstig de WAO, in het besluit wordt expliciet verwezen naar artikel 62 van het BARD (oud) en (het inmiddels vervallen) artikel 32c van het AOB. Laatstgenoemde artikelen boden de ambtenaar die wegens ziekte, ontstaan voor het tijdstip van ingang van zijn ontslag, nadien nog ongeschikt is, aanspraak op de laatstelijk genoten bezoldiging. Nu verweerder overigens niets gesteld heeft aan feiten op basis waarvan kan worden geoordeeld dat ondanks het vorenstaande geen arbeidsongeschiktheidsuitkering is toegekend, doch zoals door verweerder betoogd - sprake was van een situatie, waarin de billijkheid vordert dat eiseres schadeloos wordt gesteld, aan eiseres kosten worden vergoed of overigens een geldelijke tegemoetkoming wordt toegekend, houdt de rechtbank het erop dat verweerder heeft bedoeld eiseres een uitkering wegens arbeidsongeschiktheid toe te kennen en stelt de rechtbank tevens vast dat deze uitkering niet tussentijds is beŽindigd. Dat eiseres, anders dan gebruikelijk en voorgeschreven, in de daarop volgende jaren niet is begeleid door de RBB maakt dit niet anders en komt in dit geval voor rekening en risico van verweerder. Vorenstaande betekent dat verweerder ten onrechte aan het ABP heeft meegedeeld dat aan eiseres een ontslaguitkering is toegekend.
UitspraakECLI:NL:RBDHA:2014:460
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekOverig
TitelGerechtshof Den Haag 28-01-2014
CiteertitelPJ 2014/60
SamenvattingStaatsaansprakelijkheid voor onjuist implementeren Arbeidstijdenrichtlijn; werkgeversdeel pensioenpremie vakantieloon.
Samenvatting (Bron)aansprakelijkheid Staat voor niet juist invoeren Richtlijn 2003/88/EG m.b.t. recht op vakantie tijdens ziekte
AnnotatorS.H. Kuiper
UitspraakECLI:NL:GHDHA:2014:72
Artikel aanvragenVia Praktizijn