Computerrecht

Uitgever Wolters Kluwer
Tijdschrift Computerrecht
Datum 13-04-2016
Aflevering 2
RubriekEditorial
TiteleCall: de harde realiteit van utopische visies
CiteertitelComputerrecht 2016/43
SamenvattingIn april vorig jaar werd er een verordening aangenomen waarin is vastgesteld dat vanaf 2018 alle autoís gecertificeerd voor de Europese markt moeten worden uitgerust met het eCall-systeem. Wanneer de auto botst, zendt eCall automatisch zijn locatie, rijrichting, id-nummer en aantal inzittenden door naar een alarmcentrale. Parallel aan het wetgevingsproces rond eCall , werd onder leiding van Nederland, VK en RoemeniŽ het programma van de European Network of Law Enforcement Technology Services (ENLETS) bekendgemaakt. Het'best practices programma hieruit omvat onder meer een onderdeel ĎFront Line Policing, Vehicle Stopping'. De ondersteuning van de mens door het inbouwen van computers in alledaagse objecten (waarvoor Mark Weiser de term 'ubiquitous computing' bedacht), leidt er op die manier ook toe dat de burger noodgedwongen zijn private sfeer opgeeft voor een - in potentie - totalitaire netwerksamenleving. In zijn Editorial analyseert Wisman de verschillende kanten van deze ontwikkelingen.
Auteur(s)T. Wisman
Pagina81-81
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekArtikelen
TitelDe afdwingbaarheid van contracten bij falende IT-projecten
CiteertitelComputerrecht 2016/44
SamenvattingBij de meeste IT-projecten wordt niet binnen budget, planning en/of scope geleverd. De jurisprudentie over falende IT-projecten laat echter zien dat het niet altijd eenvoudig is om een contract af te dwingen. Met name contractwijzigingen en Ďdoormodderení zorgen voor complicaties. Dit artikel analyseert de belangrijkste struikelpunten en sluit af met aanbevelingen voor betere contracten.
Auteur(s)P.G. van der Putt
Pagina82-93
LinkVolledige tekst artikel (recht.nl)
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekArtikelen
TitelDe strafrechtelijke positie van de Nederlandse ethisch hacker
CiteertitelComputerrecht 2016/45
SamenvattingHet doen van een responsible disclosure bij het vinden en openbaren van kwetsbaarheden in informatiesystemen kan leiden tot strafrechtelijke consequenties voor de ethisch hacker. Deze maakt zich in veel gevallen schuldig aan computervredebreuk. Toch zijn er omstandigheden waaronder het bestraffen van een ethisch hacker niet wenselijk is. In dit artikel gaan wij in op die omstandigheden en onderzoeken we de strafrechtelijke positie van de ethisch hacker. Verder wordt onderzocht of deze positie verschilt wanneer hij onderzoek doet naar computersystemen die zich niet in Nederland bevinden.
Auteur(s)N. Falot , B.W. Schermer
Pagina94-100
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekArtikelen
TitelDe aansprakelijkheid van nieuwswebsites na de Delfi- en Magyar-arresten van het EHRM: Much Ado About Nothing?
CiteertitelComputerrecht 2016/46
SamenvattingNieuwswebsites bieden hun lezers vaak de mogelijkheid om reacties te plaatsen bij de gepubliceerde artikels. In 2015 zorgde het EHRM voor heel wat opschudding door het Estse nieuwsportaal Delfi aansprakelijk te stellen voor manifest beledigende reacties die door haar lezers online werden geplaatst. In deze bijdrage tonen we echter aan dat er geen reden is tot grote ongerustheid en dat de principes inzake de vrijstelling van aansprakelijkheid, zoals gewaarborgd door de Richtlijn inzake Elektronische Handel en de rechtspraak van het Europese Hof van Justitie, onverkort gelden. Bovendien heeft het EHRM in het recente Magyar-arrest een veel genuanceerder standpunt ingenomen ten aanzien van de nieuwswebsite in kwestie.
Auteur(s)K. Janssens , T. de Meese
Pagina101-112
LinkVolledige tekst in artikel besproken uitspraak (EHRM)
LinkVolledige tekst in artikel besproken uitspraak (EHRM)
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekRechtspraak - Nederland
TitelRechtbank Den Haag 10-12-2015
CiteertitelComputerrecht 2016/47
Samenvatting In deze zogenoemde Context-zaak zijn in totaal negen verdachten veroordeeld. Zes verdachten maakten deel uit van een zogenaamde Haagse ronselorganisatie en zijn vervolgd voor deelname aan een criminele organisatie met een terroristisch oogmerk. Zij maakten zich schuldig aan het opruien, ronselen en het faciliteren en financieren van jongeren die naar SyriŽ wilden afreizen om te gaan vechten. Tevens is in deze zaak een vrouw veroordeeld tot een celstraf van zeven dagen voor ťťn opruiende retweet. Voor de bewijsgaring is in de zaak door de politie uitgebreid gebruikgemaakt van Facebook en Twitter.
Samenvatting (Bron)[De Engelse vertaling is beschikbaar via ECLI:NL:RBDHA:2015:16102] Tot 6 jaar celstraf voor deelnemers criminele terroristische organisatie De rechtbank Den Haag heeft alle 9 verdachten 8 mannen en 1 vrouw in de zogenoemde Context-zaak veroordeeld tot celstraffen oplopend tot 6 jaar. Criminele organisatie met terroristisch oogmerk 6 van de mannen zijn veroordeeld voor deelname aan een criminele organisatie met een terroristisch oogmerk. Ze krijgen hiervoor celstraffen variŽrend van 3 jaar waarvan 1 jaar voorwaardelijk tot 6 jaar. 2 van de mannen zijn volgens de rechtbank meelopers. Een van hen wordt veroordeeld voor opruiing tot 43 dagen celstraf, plus 2 maanden voorwaardelijk. De ander die voor een zeer korte periode heeft deelgenomen aan een Syrisch trainingskamp krijgt 155 dagen celstraf, plus 6 maanden voorwaardelijk. De vrouw heeft geen deel uitgemaakt van de organisatie. Zij wordt veroordeeld voor ťťn opruiende retweet tot 7 dagen celstraf. Haagse ronselorganisatie De rechtbank stelt voorop dat concrete gedragingen strafbaar zijn en niet het gedachtengoed van de verdachten. Volgens de rechtbank maken de 6 verdachten deel uit van een Haagse ronselorganisatie die zich bezighield met het opruien en ronselen en het faciliteren en financieren van jongeren die naar SyriŽ wilden afreizen om te gaan vechten. Van de 6 mannen nemen 2 tot op heden deel aan de gewapende strijd in SyriŽ, een 3e man is daarvan teruggekeerd in Nederland. Aan 2 van de mannen zijn hogere straffen opgelegd dan door het Openbaar Ministerie (OM) werd geŽist. Een van de SyriŽgangers kreeg dezelfde straf als geŽist. De anderen kregen lagere straffen, omdat hun rol kleiner was dan door het OM werd gesteld en ze van een aantal feiten zijn vrijgesproken. --- De uitspraak bevat overwegingen over rechtsmacht, rechercheren op het internet, het terroristisch oogmerk, voorbereidingshandelingen, opruiing, werven voor de gewapende strijd, training voor terrorisme en deelname aan een criminele (terroristische) organisatie, alsook overwegingen over enkele aspecten van het internationaal humanitair recht (het bestaan van een NIAC in SyriŽ, de status van buitenlandse strijders in internationaal recht en de toepasselijkheid van het EU Kaderbesluit inzake terrorismebestrijding gedurende gewapende conflicten).
AnnotatorJ.J. Oerlemans
UitspraakECLI:NL:RBDHA:2015:14365
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekRechtspraak - BelgiŽ
TitelArbeidshof Brussel 18-05-2015, 014/AB/996
CiteertitelComputerrecht 2016/48
Samenvatting ij de beoordeling van de arbeidsongeschiktheid van een slachtoffer van een verkeersongeval wordt gebruik gemaakt van videobeelden gemaakt door een privťdetective. Het slachtoffer betwist de geoorloofdheid van deze beelden voor de arbeidsrechtbank. De arbeidsrechtbank achtte het maken van deze beelden strijdig met de wet. De verzekeringsmaatschappij gaat in hoger beroep.
AnnotatorY.S. Van Der Sype
LinkVolledige tekst uitspraak (Juridat)
Artikel aanvragenVia Praktizijn