Jurisprudentie Bodem

Uitgever Sdu
Tijdschrift Jurisprudentie Bodem
Datum 03-02-2019
Aflevering 1
RubriekRechtbanken
TitelRechtbank Limburg 15-11-2018
CiteertitelJBO 2019/1
SamenvattingVoorwaardelijke schorsing procescertificaat.
Samenvatting (Bron)Betreft beroep tegen een besluit waarbij de certificerende instelling, TV Nederland QA B.V. (TV), een bezwaar van de certificaathouder tegen een voorwaardelijke schorsing van diens procescertificaat asbestverwijdering ongegrond heeft verklaard. Onder verwijzing naar de criteria, geformuleerd in de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 2 mei 2018 (ECLI:NL:RVS:2018:1449), is de rechtbank van oordeel dat de voorwaardelijke schorsing een appellabel besluit is. Reeds omdat de certificaathouder in het bezwaarschrift om vergoeding van de kosten van rechtsbijstand in de bezwaarprocedure heeft verzocht, bestaat procesbelang bij een oordeel over de rechtmatigheid van de voorlopige schorsing. Inhoudelijk is de rechtbank van oordeel dat TV de beslissing om het procescertificaat voorlopig te schorsen op goede gronden in stand heeft gelaten. Het daartegen gerichte beroep is ongegrond en het verzoek om vergoeding van de proceskosten in bezwaar is terecht afgewezen.
AnnotatorD. van der Meijden
UitspraakECLI:NL:RBLIM:2018:10641
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekCBB
TitelCollege van Beroep voor het bedrijfsleven 04-12-2018
CiteertitelJBO 2019/2
SamenvattingBestuurlijke boete.
Samenvatting (Bron)Einduitspraak, bestuurlijke boete meststoffenwet, overtreding artikel 7 Msw kan worden toegerekend en is verwijtbaar, vernietiging van de aangevallen uitspraak
AnnotatorD. van der Meijden
UitspraakECLI:NL:CBB:2018:646
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekRaad van State
TitelRaad van State 05-12-2018
CiteertitelJBO 2019/3
SamenvattingOvertreding.
Samenvatting (Bron)Bij op 15 december 2016 verzonden besluit (hierna: het besluit van 15 december 2016) heeft het college [appellant] onder oplegging van een dwangsom gelast om vr 1 januari 2017 de mestzak en de balen kuilvoer van een perceel aan de [locatie] te Heerde (hierna: het perceel) te verwijderen en verwijderd te houden.
AnnotatorD. van der Meijden
UitspraakECLI:NL:RVS:2018:3962
Artikel aanvragenVia Praktizijn
TitelCollege van Beroep voor het bedrijfsleven 18-12-2018
CiteertitelJBO 2019/4
SamenvattingBoete., Foutmarges.
Samenvatting (Bron)Overtreding artikel 14 van de Msw. In de onderhavige zaak is een conclusie uitgebracht door AG Wattel. Het hoger beroep slaagt. Het College concludeert tot vernietiging van de aangevallen uitspraak. De boete wordt herroepen. De dragende overweging is vervat in r.o. 5.4 van de uitspraak.
AnnotatorD. van der Meijden
UitspraakECLI:NL:CBB:2018:652
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekCBB
TitelCollege van Beroep voor het bedrijfsleven 18-12-2018
CiteertitelJBO 2019/5
SamenvattingBestuurlijke boete, Marges.
Samenvatting (Bron)Overtreding artikel 7 van de Msw. In de onderhavige zaak is een conclusie uitgebracht door AG Wattel. Het hoger beroep slaagt. Het College concludeert tot vernietiging van de aangevallen uitspraak. De boete wordt herroepen. De dragende overwegingen zijn vervat in r.o. 5.4 tot en met 6 van de uitspraak.
AnnotatorD. van der Meijden
UitspraakECLI:NL:CBB:2018:653
Artikel aanvragenVia Praktizijn
TitelCollege van Beroep voor het bedrijfsleven 18-12-2018
CiteertitelJBO 2019/6
SamenvattingBestuurlijke boete, Marges.
Samenvatting (Bron)Overtreding artikel 14 van de Msw. In de onderhavige zaak is een conclusie uitgebracht door AG Wattel. Het hoger beroep van de minister slaagt niet. Het College concludeert tot bevestiging van de aangevallen uitspraak waarbij de boete is herroepen. De dragende overwegingen zijn vervat in r.o. 5.2 en 5.3 van de uitspraak.
AnnotatorD. van der Meijden
UitspraakECLI:NL:CBB:2018:654
Artikel aanvragenVia Praktizijn
TitelRechtbank Overijssel 21-12-2018
CiteertitelJBO 2019/7
SamenvattingPuin en mest.
Samenvatting (Bron)De rechtbank Overijssel veroordeelt een ingenieurs- en adviesbureau tot een voorwaardelijke geldboete van 5000 euro met een proeftijd van 2 jaar voor overtreding van de Wet milieubeheer. Zie ook: ECLI:NL:RBOVE:2018:4963 ECLI:NL:RBOVE:2018:4964
AnnotatorD. van der Meijden
UitspraakECLI:NL:RBOVE:2018:4956
Artikel aanvragenVia Praktizijn
TitelRaad van State 27-12-2018
CiteertitelJBO 2019/8
SamenvattingMestverwerking.
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 11 oktober 2016 heeft het college van gedeputeerde staten geweigerd om aan het college van burgemeester en wethouders krachtens artikel 36.7 van de Verordening Ruimte Noord-Brabant (hierna: de Verordening) ontheffing te verlenen van het in artikel 7.12, eerste lid, van de Verordening vervatte verbod op vestiging van, de uitbreiding van en toename van de bestaande bebouwingsoppervlakte voor mestbewerking ten behoeve van mestverwerking op het perceel [locatie] te Meeuwen.
AnnotatorD. van der Meijden
UitspraakECLI:NL:RVS:2018:4130
Artikel aanvragenVia Praktizijn
TitelRaad van State 27-12-2018
CiteertitelJBO 2019/9
SamenvattingMestverwerking.
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 31 januari 2017 heeft de raad het bestemmingsplan "Buitengebied [locatie 1]" vastgesteld.
AnnotatorD. van der Meijden
UitspraakECLI:NL:RVS:2018:4238
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekRaad van State
TitelRaad van State 27-12-2018
CiteertitelJBO 2019/10
SamenvattingMestverwerking.
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 11 oktober 2016 heeft het college geweigerd om krachtens artikel 36.7 van de Verordening Ruimte Noord-Brabant (hierna: de Verordening) ontheffing te verlenen van het in artikel 7.12, eerste lid, van de Verordening vervatte verbod op vestiging van, de uitbreiding van en toename van de bestaande bebouwingsoppervlakte voor mestbewerking ten behoeve van mestverwerking op het perceel [locatie] te Oss.
AnnotatorD. van der Meijden
UitspraakECLI:NL:RVS:2018:4239
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekRaad van State
TitelRaad van State 27-12-2018
CiteertitelJBO 2019/11
SamenvattingMestverwerking.
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 11 oktober 2016 heeft het college geweigerd om krachtens artikel 36.7 van de Verordening Ruimte Noord-Brabant (hierna: de Verordening) ontheffing te verlenen van het in artikel 7.12, eerste lid, van de Verordening vervatte verbod op vestiging van, de uitbreiding van en toename van de bestaande bebouwingsoppervlakte voor mestbewerking ten behoeve van uitbreiding van mestbewerkingsactiviteiten op het perceel [locatie] te Odiliapeel (hierna: het perceel).
AnnotatorD. van der Meijden
UitspraakECLI:NL:RVS:2018:4240
Artikel aanvragenVia Praktizijn
TitelRaad van State 19-12-2018
CiteertitelJBO 2019/12
SamenvattingBodemverontreiniging.
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 26 januari 2017 heeft de raad het bestemmingsplan "Terneuzen Midden, Pattistpark II" vastgesteld.
AnnotatorD. van der Meijden
UitspraakECLI:NL:RVS:2018:4197
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekRaad van State
TitelRaad van State 12-12-2018
CiteertitelJBO 2019/13
SamenvattingOmgevingsvergunning (bouwen).
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 11 mei 2017 heeft het college aan Metropoolregio Rotterdam Den Haag omgevingsvergunning verleend voor het vernieuwen van de bestaande St. Sebastiaansbrug in Delft.
UitspraakECLI:NL:RVS:2018:4051
Artikel aanvragenVia Praktizijn
TitelRechtbank Oost-Brabant 15-11-2018
CiteertitelJBO 2019/14
SamenvattingOmgevingsvergunning (milieu).
Samenvatting (Bron)Vleeskuikenbedrijf met vergassingsinstallatie voor strooiselmest, waarvan een organic rankine cycle (ORC) deel uitmaakt. Omdat dierlijke mest een substantieel onderdeel uitmaakt van de brandstof voor de vergassingsinstallatie, is geen sprake van biomassa. Paragraaf 3.2.1 van het Activiteitenbesluit milieubeheer is daarom niet van toepassing. In voorschrift 4.1.1 van het aan de orde zijnde herstelbesluit zijn emissie-eisen gesteld die overeenkomen met de emissie-eisen die, op basis van artikel 3.10b van het Activiteitenbesluit, gelden voor een ketelinstallatie met een thermisch vermogen van minder dan 1 MWth die biomassa of houtpallets als brandstof gebruiken. Voor ketelinstallaties die gebruik maken van andere brandstoffen (aardgas of vergistingsgas) gelden lagere emissiewaarden. Verweerder heeft naar het oordeel van de rechtbank in redelijkheid kunnen aansluiten bij de normstelling in het Activiteitenbesluit voor ketelinstallaties die biomassa als brandstof gebruiken. Eisers hebben op geen enkele wijze onderbouwd dat de Nox- en SO2-emissies van mest relatief hoger of anders zouden liggen dan de Nox- en SO2-emissies van biomassa. Niet valt in te zien waarom onvoldoende bescherming wordt geboden aan het milieu, als moet worden voldaan aan de emissie-eisen voor ketelinstallaties met biomassa als brandstof. De rechtbank neemt hierbij in aanmerking dat het Activiteitenbesluit geen eisen stelt aan de samenstelling van biomassa, zolang het maar bestaat uit plantaardig landbouw- of bosbouwmateriaal. Bovendien voorziet het bestreden besluit in een verplichting de emissie van stoffen te meten binnen twee maanden na ingebruikname van de installatie. Om ervoor te zorgen dat de meting een goed beeld geeft over de emissie van de installatie (de emissie zou immers kunnen worden gemeten op een moment dat uitsluitend biomassa als brandstof wordt gebruikt) ziet de rechtbank aanleiding om te bepalen dat bij het over te leggen meetplan ook een beschrijving wordt verlangt van de gebruikte brandstoffen.
AnnotatorD. van der Meijden
UitspraakECLI:NL:RBOBR:2018:5657
Artikel aanvragenVia Praktizijn
TitelRechtbank Oost-Brabant 23-11-2018
CiteertitelJBO 2019/15
SamenvattingOmgevingsvergunning.
Samenvatting (Bron)Einduitspraak na 2 tussenuitspraken. Nieuwe informatie na een rechtmatig herstelbesluit Deze uitspraak is een vervolg op de tussenuitspraken van 3 juli 2017 (ECLI:NL:RBOBR:2017:3567) en 15 december 2017 (ECLI:NL:RBOBR:2017:6498). De rechtbank komt na een STAB advies en reacties van partijen op dit STAB advies tot de conclusie dat verweerder een geur rapport ten grondslag kon leggen aan het herstelbesluit. In de tweede tussenuitspraak heeft de rechtbank een nieuwe beroepsgrond over mogelijke twijfel aan het rendement van combiluchtwassers niet toegelaten. Nu wordt de beroepsgrond nog een keer aangevoerd. Met de wijsheid achteraf concluderen beide eisers dat de vrees over het rendement van combiluchtwassers terecht was. Dit blijkt uit een rapport van na het herstelbesluit en een aanpassing van de regelgeving. Het uitgangspunt in het bestuursrecht is echter dat besluiten worden beoordeeld op basis van de regelgeving en de kennis die er was op het moment van het nemen van het besluit. Juristen noemen dit de ex tunc-toetsing. Dit is anders als het besluit is vernietigd en de rechtbank moet beslissen over het al dan niet in stand laten van de rechtsgevolgen. Dan toetst de rechtbank in beginsel op basis van de regelgeving en de kennis op het moment van de uitspraak. In deze zaak is de rechtbank echter van oordeel dat het herstelbesluit niet voor vernietiging in aanmerking komt. Dat betekent dat de rechtbank geen rekening kan houden met kennis die na het herstelbesluit is ontstaan (dus het rapport van de Universiteit Wageningen) en de regelgeving die na het herstelbesluit is gewijzigd. De rechtbank ziet in de gewijzigde emissiefactoren ook geen aanleiding om terug te komen op de tweede tussenuitspraak. De rechtbank vindt steun voor dit oordeel in de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 31 oktober 2018 (ECLI:NL:RVS:2018:3533).
UitspraakECLI:NL:RBOBR:2018:5853
Artikel aanvragenVia Praktizijn
TitelRaad van State 12-12-2018
CiteertitelJBO 2019/16
SamenvattingOmgevingsvergunning (bouwen).
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 28 november 2014 heeft het college van gedeputeerde staten aan [belanghebbende] een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder c en e, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (hierna: de Wabo) verleend voor het uitbreiden van een co-vergistingsinstallatie op het perceel [locatie] te [plaats] (hierna: het perceel).
AnnotatorD. van der Meijden
UitspraakECLI:NL:RVS:2018:4089
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekRaad van State
TitelRaad van State 19-12-2018
CiteertitelJBO 2019/17
SamenvattingOmgevingsvergunning (bouwen)..
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 20 november 2015 heeft het college de omgevingsvergunning voor een biogasinstallatie aan de [locatie] te Nistelrode ingetrokken.
AnnotatorD. van der Meijden
UitspraakECLI:NL:RVS:2018:4153
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekRaad van State
TitelRaad van State 12-12-2018
CiteertitelJBO 2019/18
SamenvattingEvenement.
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 28 mei 2015 heeft het college aan Amsterdam Open Air B.V. (Air Events B.V.) een omgevingsvergunning verleend voor het evenement "Amsterdam Open Air" op 6 en 7 juni 2015, en bijbehorende camping van 5 tot en met 8 juni 2015, in het Gaasperpark (recreatiegebied Gaasperplas) te Amsterdam Zuidoost.
AnnotatorD. van der Meijden
UitspraakECLI:NL:RVS:2018:4081
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekRechtbanken
TitelRechtbank Midden-Nederland 18-12-2018
CiteertitelJBO 2019/19
SamenvattingOmgevingsvergunning (afwijken)..
Samenvatting (Bron)Bestemmingsplan biedt verweerder de mogelijkheid om vrijstelling te verlenen voor het gebruik van gronden als standplaats voor ten hoogste 25 kampeermiddelen. Om van die bevoegdheid gebruik te kunnen maken moet worden voldaan aan de voorwaarden zoals die in het bestemmingsplan zijn opgenomen. Naar de mening van eisers wordt niet voldaan aan die voorwaarden, omdat de openheid en het karakteristieke verkavelingspatroon onevenredig wordt aangetast. Verweerder heeft zich in redelijkheid op standpunt kunnen stellen dat daar geen sprake van is. Voorts niet gebleken dat verweerder onvoldoende rekening heeft gehouden met de gevolgen voor de verkeersintensiteit en de bodem.
AnnotatorD. van der Meijden
UitspraakECLI:NL:RBMNE:2018:6357
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekRechtbanken
TitelRechtbank Amsterdam 20-11-2018
CiteertitelJBO 2019/20
SamenvattingHerstel van bodem.
Samenvatting (Bron)Beroep gegrond. Tijdelijke omgevingsvergunning [bedrijf 1] Festival 2017. Procesbelang eiseres is aanwezig. Een aantal belangrijke voorschriften zijn opgenomen in de omgevingsvergunning. De meeste voorschriften staan echter in de bijlagen bij de omgevingsvergunning. Dit is naar het oordeel van de rechtbank onvoldoende kenbaar. De rechtbank vernietigt daarom het bestreden besluit. Het college hoeft geen nieuw besluit te nemen omdat het festival al heeft plaatsgevonden. De rechtbank doet in lijn met de uitspraken van 17 oktober 2017 en 22 mei 2018 (ECLI:NL:RBAMS:2017:7643 en ECLI:NL:RBAMS:2018:3701) uitspraak. Het college en vergunninghoudster stellen zich terecht op het standpunt dat het festival geen onomkeerbare gevolgen heeft voor de natuurwaarden of de bodem van het [plaats].
AnnotatorD. van der Meijden
UitspraakECLI:NL:RBAMS:2018:8225
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekRaad van State
TitelRaad van State 19-12-2018
CiteertitelJBO 2019/21
SamenvattingVerkennend bodemonderzoek.
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 25 augustus 2016 heeft het college aan [vergunninghouder] een omgevingsvergunning verleend voor het bouwen van een woning op het perceel [locatie 1] te Dongen.
AnnotatorD. van der Meijden
UitspraakECLI:NL:RVS:2018:4155
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekRaad van State
TitelRaad van State 27-12-2018
CiteertitelJBO 2019/22
SamenvattingDansevenement.
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 26 mei 2016 heeft het college aan Amsterdam Open Air B.V. (Air Events B.V.) een omgevingsvergunning verleend voor het evenement "Amsterdam Open Air" op 4 en 5 juni 2016, en bijbehorende camping van 3 tot en met 6 juni 2016 in het Gaasperpark (recreatiegebied Gaasperplas) te Amsterdam Zuidoost.
UitspraakECLI:NL:RVS:2018:4292
Artikel aanvragenVia Praktizijn
TitelRaad van State 05-12-2018
CiteertitelJBO 2019/23
SamenvattingGedoogbevel.
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 7 juli 2017 heeft het college aan manege Rusthof krachtens de Wet bodembescherming een gedoogbevel opgelegd.
AnnotatorD. van der Meijden
UitspraakECLI:NL:RVS:2018:3951
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekRaad van State
TitelRaad van State 27-12-2018
CiteertitelJBO 2019/24
SamenvattingNuttig gebruik.
Samenvatting (Bron)Twence heeft een kennisgeving als bedoeld in de Verordening (EG) nr. 1013/2006 betreffende de overbrenging van afvalstoffen (PB 2006, L 190; hierna: de EVOA) gedaan voor de overbrenging van vliegas van Twence naar [bedrijf] te Gtersloh in Duitsland.
AnnotatorD. van der Meijden
UitspraakECLI:NL:RVS:2018:4206
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekHoge Raad
TitelHoge Raad 04-12-2018
CiteertitelJBO 2019/25
SamenvattingFeitelijk leidinggeven.
Samenvatting (Bron)Economische zaak. Feitelijke leidinggeven aan laten verwijderen van asbest uit kippenstallen zonder voorzorgsmaatregelen te nemen, begaan door rechtspersoon (art. 10.1.2 Wet milieubeheer) en feitelijke leidinggeven aan in bodem brengen van verontreinigd puin van afgebrande sauna terwijl redelijkerwijs had kunnen worden vermoed dat daardoor bodem kon worden verontreinigd, opzettelijk begaan door rechtspersonen (art. 13 Wet bodembescherming). Opzet feitelijke leidinggever m.b.t. overtreding (verwijderen asbest) en misdrijf (in bodem brengen van verontreinigd puin). 1. Blijkt in feitelijke leidinggeven besloten liggend opzet verdachte op verboden gedraging (verwijderen asbest) uit bewijsvoering? 2. Strekt opzet feitelijke leidinggever zich uit tot delictsbestanddeel (dat door die handeling de bodem kon worden verontreinigd) dat door culpoos bestanddeel wordt bestreken (redelijkerwijs had kunnen vermoeden")? Art. 13 Wet bodembescherming en art. 1a en 2.1 WED. Ad 1. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2016:733 m.b.t. strafrechtelijke aansprakelijkheid van feitelijke leidinggever en opzet van leidinggever. Hof heeft vastgesteld dat verdachte bestuurder was van pluimveebedrijf, verdachte als directeur dagelijkse leiding had en eindverantwoordelijkheid droeg, verdachte kippenstallen in 1977 zelf heeft laten bouwen, op aanwijzing van verdachte en in overleg met hem bedrijfsleider in 2011 is begonnen met verbouwing van kippenstallen, waarbij openingen zijn gezaagd in wandbeplating van kippenstallen en in die wandbeplating asbest zat. Hof heeft voorts overwogen dat, gelet op omstandigheid dat kippenstallen vr 1993 zijn gebouwd, het een feit van algemene bekendheid is dat "zich in dergelijke bouwwerken - met name die met een agrarische bestemming - (ook in wandplaten) asbesthoudende materialen kunnen bevinden". In deze overwegingen ligt als s Hofs oordeel besloten niet alleen dat verdachte als bestuurder en directeur bevoegd en redelijkerwijs gehouden was maatregelen te nemen ter voorkoming van verboden gedraging van rechtspersoon, hij dit heeft nagelaten en hij daardoor deze gedraging heeft bevorderd, maar ook dat hij bewust aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat verboden gedraging zich zou voordoen. Dat oordeel getuigt niet van een onjuiste rechtsopvatting en is niet onbegrijpelijk. Ad 2. Klacht berust op onjuiste opvatting dat opzetvereiste zich in een geval als het onderhavige ook uitstrekt tot delictsbestanddeel "dat door die handeling de bodem kon worden verontreinigd". Die opvatting vindt immers geen steun in het recht, omdat blijkens delictsomschrijving (art. 13 Wet bodembescherming) t.a.v. dat bestanddeel ook "redelijkerwijs had kunnen vermoeden" toereikend is. Volgt verwerping.
AnnotatorD. van der Meijden
UitspraakECLI:NL:HR:2018:2247
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekRaad van State
TitelRaad van State 17-12-2018
CiteertitelJBO 2019/26
SamenvattingLast onder dwangsom.
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 13 september 2018 heeft het college [verzoekster] een aantal lasten onder dwangsom opgelegd met betrekking tot overtredingen op het perceel [locatie] te Voerendaal.
AnnotatorD. van der Meijden
UitspraakECLI:NL:RVS:2018:4123
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekRechtbanken
TitelRechtbank Overijssel 21-12-2018
CiteertitelJBO 2019/27
SamenvattingOntygronden door projectleider.
Samenvatting (Bron)De rechtbank Overijssel spreekt een publiekrechtelijke rechtspersoon vrij van het zonder vergunning ontgronden van een perceel wegens wettig en overtuigend bewijs. Zie ook: ECLI:NL:RBOVE:2018:4956 ECLI:NL:RBOVE:2018:4964
AnnotatorD. van der Meijden
UitspraakECLI:NL:RBOVE:2018:4963
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekRechtbanken
TitelRechtbank Overijssel 21-12-2018
CiteertitelJBO 2019/28
SamenvattingLeidinggever.
Samenvatting (Bron)De rechtbank Overijssel veroordeelt een 65-jarige man tot een voorwaardelijke geldboete van 1000 euro met een proeftijd van 2 jaar voor overtreding van de Ontgrondingenwet. Zie ook: ECLI:NL:RBOVE:2018:4956 ECLI:NL:RBOVE:2018:4963
UitspraakECLI:NL:RBOVE:2018:4964
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekRechtbanken
TitelRechtbank Oost-Brabant 30-10-2018
CiteertitelJBO 2019/29
SamenvattingOntneming, Overtreding BRL 9335.
Samenvatting (Bron)Bij vonnis van 30 oktober 2018 is verdachte veroordeeld voor overtreding van een voorschrift gesteld bij artikel 2.3 aanhef en onder a van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. Het daardoor wederrechtelijk verkregen voordeel stelt de rechtbank vast op 12.000,-- en legt veroordeelde de verplichting op dit bedrag aan de Staat te betalen.
AnnotatorD. van der Meijden
UitspraakECLI:NL:RBOBR:2018:6184
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekRaad van State
TitelRaad van State 12-12-2018
CiteertitelJBO 2019/30
SamenvattingOvertreding.
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 30 mei 2017 heeft het college het verzoek van Liander om de bij besluit van 14 mei 2012 aan haar opgelegde last onder dwangsom op te heffen, afgewezen.
AnnotatorD. van der Meijden
UitspraakECLI:NL:RVS:2018:4054
Artikel aanvragenVia Praktizijn
TitelRaad van State 14-12-2018
CiteertitelJBO 2019/31
SamenvattingLast onder dwangsom.
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 8 januari 2018 heeft het college aan [partij] een last onder dwangsom opgelegd wegens het op de locatie [locatie] te Westerhoven aanwezig hebben van niet functioneel en/of kapot asbesthoudend materiaal.
AnnotatorD. van der Meijden
UitspraakECLI:NL:RVS:2018:4111
Artikel aanvragenVia Praktizijn
TitelRaad van State 19-12-2018
CiteertitelJBO 2019/32
SamenvattingOvertreding.
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 1 februari 2017 heeft het college het verzoek van [appellant] om handhavend op te treden tegen op het perceel [locatie 1] te Dwingeloo aangevoerde grond afgewezen.
AnnotatorD. van der Meijden
UitspraakECLI:NL:RVS:2018:4163
Artikel aanvragenVia Praktizijn