AB Rechtspraak Bestuursrecht

Uitgever Wolters Kluwer
Tijdschrift AB Rechtspraak Bestuursrecht
Datum 09-04-2020
Aflevering 15
RubriekHvJ EU
TitelHvJ EU 05-11-2019, C-663/17 P, C-665/17 P, C-669/17 P
CiteertitelAB 2020/144
SamenvattingBesluit tot intrekking van de vergunning van een kredietinstelling
Samenvatting (Bron)Arrest van het Hof (Grote kamer) van 5 november 2019.#Europese Centrale Bank (ECB) e.a. tegen Trasta Komercbanka AS e.a.#Hogere voorziening - Ontvankelijkheid - Vertegenwoordiging van een partij voor het Hof - Aan de advocaat verleende volmacht - Herroeping van de volmacht door de vereffenaar van de verzoekende vennootschap - Voortzetting van de procedure door het bestuur van de verzoekende vennootschap - Handvest van de grondrechten van de Europese Unie - Artikel 47 - Recht op een doeltreffende voorziening in rechte - Verordening (EU) nr. 1024/2013 - Prudentieel toezicht op kredietinstellingen - Besluit tot intrekking van de vergunning van een kredietinstelling - Beroep tot nietigverklaring bij het Gerecht van de Europese Unie - Ontvankelijkheid - Rechtstreekse geraaktheid van de aandeelhouders van de vennootschap waarvan de vergunning is ingetrokken.#Gevoegde zaken C-663/17 P, C-665/17 P en C-669/17 P.
AnnotatorR. Stijnen
UitspraakECLI:EU:C:2019:923
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekABRvS
TitelRaad van State 04-03-2020
CiteertitelAB 2020/145
SamenvattingWob documenten subsidierelatie gemeente Eindhoven en Stichting Eindhoven Marketing
Samenvatting (Bron)Bij brief van 8 juni 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Eindhoven gereageerd op een verzoek van de vennootschap om op grond van de Wet openbaarheid van bestuur documenten openbaar te maken. Bij brief van 5 maart 2018 heeft de vennootschap verzocht om op grond van de Wob alle documenten vanaf 1 januari 2015 openbaar te maken die zien op de subsidierelatie tussen de gemeente Eindhoven enerzijds en de Stichting Eindhoven Marketing, de Stichting Eindhoven 365 en Eindhoven 247 B.V. anderzijds.
AnnotatorP.J. Stolk
UitspraakECLI:NL:RVS:2020:668
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekABRvS
TitelRaad van State 18-12-2019
CiteertitelAB 2020/146
SamenvattingHet bestuursorgaan is verplicht planologische medewerking te verlenen aan realisatie van windturbines, ervan uitgaande dat er geen andere redenen zijn voor het weigeren van medewerking.
Samenvatting (Bron)Op 12 maart 2018 heeft de raad van de gemeente Venlo besloten de bestemmingsplannen "Windpark Greenport Venlo - deelgebied Trade Port Noord" en "Windpark Greenport Venlo - deelgebied Zaarderheiken" niet vast te stellen. Op 30 mei 2018 heeft de raad zijn beslissing van 12 maart 2018 voorzien van een schriftelijke motivering.
AnnotatorJ.H.N. Ypinga
UitspraakECLI:NL:RVS:2019:4209
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekABRvS
TitelRaad van State 23-01-2019
CiteertitelAB 2020/147
SamenvattingDrank- en Horecawet. Inzetten van bezoeker als mystery guest niet in strijd met het proportionaliteitsbeginsel.
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 25 januari 2017 heeft de burgemeester de vereniging een bestuurlijke boete opgelegd van 1.360,- wegens overtreding van de Drank- en Horecawet (hierna: DHW).
AnnotatorC.M. Saris , D. de Groot
UitspraakECLI:NL:RVS:2019:195
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekABRvS
TitelRaad van State 16-01-2019
CiteertitelAB 2020/148
SamenvattingInzake het afstandscriterium bij het verlenen van een geneesmiddelenvergunning aan een huisarts heeft de minister geen beleidsvrijheid. Concurrentiebelang rechtstreeks betrokken bij verlenen van de vergunning.
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 20 maart 2017 heeft de minister de aanvraag van [wederpartij] om een vergunning voor het bereiden en ter hand stellen van geneesmiddelen in een nader aangeduid gebied afgewezen.
AnnotatorJ. Wieland
LinkVolledige tekst annotatie (stijladvocaten.nl)
UitspraakECLI:NL:RVS:2019:101
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekCentrale Raad van Beroep
TitelCentrale Raad van Beroep 30-01-2020
CiteertitelAB 2020/149
SamenvattingNiet noemen ADHD maakt oordeel verzekeringsarts niet onjuist.
Samenvatting (Bron)Anders dan de rechtbank heeft geoordeeld, heeft de verzekeringsarts bezwaar en beroep in het rapport van 16 december 2016 overtuigend toegelicht dat, ook wanneer wordt uitgegaan van de aanwezigheid van ADHD op achttienjarige leeftijd, dit de beoordeling van destijds niet onjuist maakt. In dat kader heeft het Uwv terecht de onderzoeksgegevens van 2006 en 2012 van belang geacht en meegewogen dat betrokkene bij die beoordelingen tegenover de (verzekerings)artsen geen melding heeft gemaakt van aandachtsproblemen of van andere psychische problematiek. Uwv heeft het bij tussenuitspraak geconstateerde gebrek met het nadere rapport van 16 december 2016 hersteld. Het hoger beroep slaagt en de aangevallen uitspraak, voor zover aangevochten, moet worden vernietigd. De overschrijding van de redelijke termijn met ruim vijf maanden heeft plaatsgevonden in de rechterlijke fase.
AnnotatorA.C. Hendriks
UitspraakECLI:NL:CRVB:2020:275
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekCentrale Raad van Beroep
TitelCentrale Raad van Beroep 30-01-2020
CiteertitelAB 2020/150
SamenvattingAppellant heeft geen arbeidsvermogen, uitkering blijft in stand.
Samenvatting (Bron)De Raad is er niet van overtuigd dat appellant op 1 januari 2018 beschikte over basale werknemersvaardigheden. Het betoog van appellant dat hij op 1 januari 2018 geen arbeidsvermogen had treft doel. De rest van wat is aangevoerd hoeft daarom niet meer te worden besproken. Vernietiging uitspraak. Vernietiging besluit. Met toepassing van artikel 8:72, derde lid, aanhef en onder b, van de Algemene wet bestuursrecht wordt het besluit van 27 mei 2016 herroepen en bepaald dat de Wajong-uitkering van appellant met ingang van 1 januari 2018 onveranderd 75% van de grondslag bedraagt.
AnnotatorA.C. Hendriks
UitspraakECLI:NL:CRVB:2020:242
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekCentrale Raad van Beroep
TitelCentrale Raad van Beroep 19-12-2019
CiteertitelAB 2020/151
SamenvattingBesluit Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo 2015), maatwerkvoorziening huishoudelijke ondersteuning
Samenvatting (Bron)Het college heeft terecht aangevoerd dat de tekst van artikel 2.3.10, eerste lid, aanhef en onder b, van de Wmo 2015 geen basis biedt voor de beperkte uitleg van de rechtbank. Partijen hebben de Raad verzocht, overeenkomstig wat door hen ter zitting is overeengekomen als het hoger beroep slaagt, het bestreden besluit te vernietigen en zelf in de zaak te voorzien. De Raad zal doende wat de rechtbank zou behoren te doen, het beroep gegrond verklaren, het bestreden besluit vernietigen en overeenkomstig de afspraak van partijen zelf in de zaak voorzien als bedoeld in artikel 8:72, derde lid, aanhef en onder b, van de Algemene wet bestuursrecht. Betrokkene heeft geen procesbelang bij het incidenteel hoger beroep.
AnnotatorC.W.C.A. Bruggeman
LinkVolledige tekst annotatie (Schulinck.nl)
UitspraakECLI:NL:CRVB:2019:4115
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekCollege van Beroep voor het bedrijfsleven
TitelCollege van Beroep voor het bedrijfsleven 18-02-2020
CiteertitelAB 2020/152
SamenvattingProcesbelang? Geen boete (meer) opgelegd, maar ACM heeft appellante wel als overtreder kartelverbod aangemerkt.
Samenvatting (Bron)Hoger beroep mededingingsrecht. Hoger beroep kennelijk gegrond. Verwijzing naar ECLI:NL:CBB:2019:329. Wel procesbelang. Volgt terugwijzing. Zie ook ECLI:NL:CBB:2020:92.
AnnotatorJ.J.A. Waverijn , A. Outhuijse
UitspraakECLI:NL:CBB:2020:91
Artikel aanvragenVia Praktizijn