Arbeid integraal

Uitgever Sdu
Tijdschrift Arbeid integraal
Datum 11-05-2005
Aflevering 2
TitelBevordering van de rechtszekerheid; een sterke vestingmuur? Wetsvoorstel wijziging concurrentiebeding getoetst aan de rechtszekerheidsdoelstelling
SamenvattingOp 5 oktober 2004 werd het wetsvoorstel 'Wijziging van titel 7.10 (arbeidsovereenkomst) van het Burgerlijk Wetboek met betrekking tot het concurrentiebeding ' (28167) ingediend bij de Eerste Kamer. In dit wetsvoorstel worden nieuwe voorwaarden gesteld aan de geldigheid van een concurrentiebeding teneinde de rechtszekerheid te bevorderen, een beter evenwicht tot stand te brengen tussen de belangen van werkgever en werknemer en onnodig beroep op het concurrentiebeding tegen te gaan. Op 17 december 2004 heeft de Eerste Kamer zich over dit wetsvoorstel uitgelaten in het Voorlopig Verslag en inmiddels heeft zij de Memorie van Antwoord ontvangen. In dit artikel zal wetsvoorstel 28167 getoetst worden aan één van de doelstellingen van deze wet, te weten het bevorderen van de rechtszekerheid. Men kan zich namelijk afvragen of dit wetsvoorstel een kritische toets aan deze doelstellingen zal kunnen doorstaan.
Auteur(s)A.R. Houweling
Pagina5-27
Artikel aanvragenVia Praktizijn
TitelHoofdlijnen actuele rechtspraak inzake het concurrentiebeding (oude stijl)
SamenvattingIn dit artikel wordt recente jurisprudentie behandeld inzake het concurrentiebeding. Meer specifiek heeft het onderzoek zich gericht op uitspraken terzake gedeeltelijke vernietiging of matiging van het concurrentiebeding. Daarbij is onderscheid gemaakt tussen jurisprudentie gewezen op basis van de huidige wetgeving ex artikel 7:653 BW en jurisprudentie waarbij wordt geanticipeerd op de Wijziging van titel 7.10 (arbeidsovereenkomst) van het Burgerlijk Wetboek met betrekking tot het concurrentiebeding. De indruk bestaat niet dat de rechtspraak zich in het algemeen laat leiden door het wetsvoorstel. Sterker nog, het Gerechtshof Amsterdam heeft twee jaar geleden anticipatie uitdrukkelijk van de hand gewezen. Met dien verstande dat destijds sprake was van een eerder wetsvoorstel, dus voordat het voorstel in haar huidige vorm door de Tweede Kamer werd aangenomen. Er is weinig jurisprudentie voor handen waaruit anticipatie expliciet blijkt.
Auteur(s)E.G. Hoorn , J.L.M.W. Louwers
Pagina29-38
Artikel aanvragenVia Praktizijn
TitelDe concurrentiebedingboete
SamenvattingOp de niet nakoming van verplichtingen in de arbeidsovereenkomst wordt door werkgevers vaak gebruik gemaakt van de mogelijkheid deze niet nakoming in de arbeidsovereenkomst te sanctioneren met een vooraf vastgestelde boete. Sinds de invoering per 1 april 1997 van titel 7:10 BW zijn in de literatuur en jurisprudentie de meningen verdeeld geweest over de status van het in een concurrentiebeding opgenomen boetebeding. Dient het in een concurrentiebeding opgenomen boetebeding te voldoen aan de voorschriften van artikel 7:650 BW of dient artikel 7:653, net als zijn voorganger, artikel 7A:1637x, nog altijd als een aan de bepaling van artikel 7:650 BW derogerende lex specialis te worden gezien? Op 4 april 2003 sprak de Hoge Raad verlossende woorden. Het wetsvoorstel voor de nieuwe wettelijke regeling van het concurrentiebeding bevat geen expliciete regeling van het boetebeding zodat geen wijziging van de uitleg in het arrest van de Hoge Raad te verwachten is.
Auteur(s)M.B.M.C. van den Berg
Pagina39-46
Artikel aanvragenVia Praktizijn
TitelDe ontbindingsvergoeding en de concurrentiebedingvergoeding: never the twain shall meet?
SamenvattingDe eindstreep voor het wetsvoorstel concurrentiebeding lijkt eindelijk in zicht. Op 11 maart 2005 ontving de Eerste Kamer de memorie van antwoord. Na vele vragen uit de praktijk en het parlement heeft het kabinet getracht op een aantal punten meer duidelijkheid te scheppen. Opmerkelijk genoeg heeft één belangrijk punt in de parlementaire behandeling (nog) niet of nauwelijks aandacht gekregen: de samenloop van de ontbindingsvergoeding en de 'billijke vergoeding' ex artikel 7:653 BW.
Auteur(s)R.J. van der Ham
Pagina47-56
Artikel aanvragenVia Praktizijn
Titel'Als je van mijn klanten maar afblijft'. De (on)rechtmatigheid van concurrentie door de ex-werknemer bij gebreke van een non-concurrentiebeding
SamenvattingRelaties kunnen bekoelen en zelfs zodanig afkoelen dat ze worden verbroken. Niet zelden lopen de emoties in dat laatste geval aanzienlijk op. Bijvoorbeeld rond het verbreken van de arbeidsrelatie. Een goede werknemer kan een geduchte concurrent worden, en dat doet pijn. Hoe ver kan en mag het gaan als een ex-werknemer de voormalige werkgever beconcurreert en een non-concurrentiebeding ontbreekt?
Auteur(s)A.J.C. Bemmel
Pagina57-68
Artikel aanvragenVia Praktizijn
TitelDe rechtseconomische benadering van het concurrentiebeding
SamenvattingWaarin verschilt een rechtseconomische benadering van het concurrentiebeding van een juridische analyse? In een rechtseconomische analyse van de regels omtrent het concurrentiebeding worden de effecten van regelgeving bestudeerd en in die zin verschilt een rechtseconomische analyse niet van een juridische analyse. In tegenstelling tot een juridische benadering worden in een rechtseconomische benadering wel het gehanteerde gedragsmodel ter voorspelling van de effecten van regelgeving en het gehanteerde maatschappelijke welvaartscriterium ter beoordeling van de rechtsregels expliciet beschreven.
Auteur(s)A.S. Vandenberghe
Pagina69-82
Artikel aanvragenVia Praktizijn
TitelHet relatiebeding, concurrentie voor het concurrentiebeding?
SamenvattingHet lijkt wel of het relatiebeding tot ongeveer een decennium geleden niet bestond. Pas de laatste vijf jaar wordt er in rechtspraak en wetenschap regelmatig aandacht aan besteed. Kernvraag blijft of een relatiebeding eigenlijk wel als een concurrentiebeding in de zin van art. 7:653 BW kan worden aangeduid. De discussie is actueler dan ooit, nu minister Donner in zijn wetsvoorstel nummer 28167 het relatiebeding lijkt uit te sluiten van art. 7:653 BW.
Auteur(s)E.W. Kingma
Pagina83-86
Artikel aanvragenVia Praktizijn
TitelConcurrentie door de ex-werknemer. Een vergelijking met Groot-Brittannië en Canada
SamenvattingVerandering en ontwikkeling zijn aan de orde van de dag. Concurrentie is in beginsel een gezond middel om die ontwikkeling te stimuleren. Met concurrentie gaan echter tegenstrijdige belangen gemoeid. Zo heeft de werkgever er belang bij zijn positie zo veel mogelijk veilig te stellen en te versterken. Dit komt er voornamelijk op neer dat hij er belang bij heeft dat hem zo min mogelijk concurrentie wordt aangedaan, ongeacht of het gaat om geoorloofde dan wel om ongeoorloofde concurrentie. De werkgever heeft in het kader van het voorgaande de mogelijkheid een werknemer vooraf te onderwerpen aan een concurrentiebeding. Het concurrentiebeding beperkt de werknemer in zijn mogelijkheden om bij een andere werkgever of zelfstandig aan de slag te gaan. Een methode dus voor de werkgever om concurrentie in de kiem te smoren. Dit terwijl de werknemer er op zijn beurt juist belang bij heeft dat hij de vrijheid behoudt om zijn capaciteiten te gebruiken, ook bij een volgende werkgever of in een eigen onderneming. De kennis en vaardigheden die hij kan inzetten zijn voor hem zijn broodwinning.
Auteur(s)P. Boezeman
Pagina87-98
Artikel aanvragenVia Praktizijn
TitelBolkestein: Sociale dumping? Fabel of Waarheid?
SamenvattingZaterdag 19 maart 2005 werd er te Brussel door duizenden betoogd. Ook tegen de Bolkestein-richtlijn, die het vrij verkeer van diensten in de Europese Markt wenst te bevorderen. Volgens het Europees Verbond van Vakverenigingen 'bedreigt de richtlijn de rechten van de werknemers en moedigt ze de sociale dumping aan omdat ze toelaat dat een werkgever uit een nieuwe Europese lidstaat zijn arbeiders bij voorbeeld in Brussel laat werken, tegen het loon van hun land van herkomst'. De Franse president Chirac eiste de intrekking van de richtlijn. De Europese top weigerde op dit verzoek in te gaan. Is het juist dat het voorstel van richtlijn sociale dumping aanmoedigt? Is dit een fabel of de waarheid?
Auteur(s)R. Blanpain
Pagina99-101
Artikel aanvragenVia Praktizijn