Tijdschrift voor Agrarisch Recht

Uitgever Den Hollander
Tijdschrift Tijdschrift voor Agrarisch Recht
Datum 30-04-2021
Aflevering 4
RubriekKort & bondig
TitelNationaal Ruimtelijk Beleid
CiteertitelTvAR 2021, afl. 4
SamenvattingOoit dwong de Nederlandse ruimtelijke ordening respect af, niet alleen in ons land, maar ook ver daarbuiten. Iedereen kwam kijken hoe wij het deden met het Groene Hart, het begrip randstad, de gebundelde deconcentratie. Meewarig werd altijd naar BelgiŽ gekeken, waar men maar wat deed. Dat Nederlandse nationale ruimtelijke beleid is verdwenen. We hadden een ministerie voor Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu (VROM).
Auteur(s)D.W. Bruil
LinkVolledige tekst artikel (denhollander.info)
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekArtikelen
TitelKracht en gezag van beslissingen van grondkamer en rechter
CiteertitelTvAR 2021, afl. 4
SamenvattingHet onderwerp van deze bijdrage is een klassieke problematiek binnen het pachtrecht. De wettelijke regeling van de pacht draagt aan een bijzondere instantie, namelijk de grondkamer, diverse taken op. Hoe verhouden de beslissingen van de grondkamer zich tot die van de rechter (in de regel de pachtkamer)? In hoeverre is de rechter gebonden aan beslissingen van de grondkamer? Bestaat er een verplichte volgorde van beslissen? Wat geldt als er tegenspraak bestaat tussen de beslissing van de grondkamer en een beslissing van de rechter? Deze vragen, die met nog andere zijn te vermeerderen, zijn praktische vragen, in de zin dat men in de praktijk ertegenaan loopt en trouwens ook in de zin dat de antwoorden vooral ook werkbaar moeten zijn. Maar zoals vaker, veronderstelt een verstandige beantwoording van praktische vragen een behoorlijke theoretische bezinning op de achtergronden van de vragen. Als ik het goed zie, is de laatste fundamentele bijdrage aan de theorievorming op dit terrein die van Houwing in de voorloper van dit tijdschrift, De Pacht, in 1949.[2] In die bijdrage heeft Houwing de leer van de voorvraag uiteengezet, daarbij geÔnspireerd door voorbeelden buiten het pachtrecht. Die leer van de voorvraag heeft ons veel gebracht en is nog steeds springlevend. Sinds 1949 is er echter het nodige gebeurd. Ook geeft de leer van de voorvraag niet op alle zich voordoende vragen een antwoord.
Auteur(s)W.L. Valk
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekRechtspraak
TitelGerechtshof Arnhem-Leeuwarden 13-10-2020
CiteertitelTvAR 2021/8052
SamenvattingPacht. Onderhoudsverplichting.
Samenvatting (Bron)Vervolg op:ECLI:NL:GHARL:2018:5170 en ECLI:NL:GHARL:2019:10173 7:370 BW. Onderhoudsverplichting. Na terme de grace zijn de resterende tekortkomingen van onvoldoende gewicht om de pachtovereenkomst te ontbinden.
AnnotatorJ.W.A. Rheinfeld
LinkVolledige tekst annotatie (rug.nl)
UitspraakECLI:NL:GHARL:2020:8253
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekRechtspraak
TitelCollege van Beroep voor het bedrijfsleven 05-11-2019
CiteertitelTvAR 2021/8053-1
SamenvattingFosfaatrechten
Samenvatting (Bron)artikel 23, derde lid, van de Meststoffenwet artikel 72a van het Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet artikel 1 van het Eerste Protocol bij het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EP) De gedwongen verplaatsing van het bedrijf heeft er niet toe geleid dat appellante op 2 juli 2015 tijdelijk minder melkvee hield dan voordien. Dat betekent dat appellante niet voldoet aan de toepassingsvoorwaarde van artikel 72a van het Uitvoeringsbesluit dat het fosfaatrecht minimaal 5% lager is dan zonder die bijzondere omstandigheid het geval geweest zou zijn. Geen strijd met artikel 1 van het EP. De overgelegde accountantsrapportage overtuigt het College niet dat verplaatsing op basis van de historische bedrijfsgrootte bedrijfseconomisch onhaalbaar zou zijn geweest. Nu appellante niet aannemelijk heeft gemaakt dat de uitbreiding van het bedrijf op de nieuwe locatie noodzakelijk was, is van belang dat de vergunningen zijn verleend in 2015 en de bouw van de nieuwe stal is gestart op 1 juli 2015. Zoals in de uitspraak van 23 juli 2019 is overwogen (rechtsoverweging 6.7.5.4), noopte de voor melkveehouders onzekere tijd die volgde nadat bekend werd dat het melkquotum zou worden afgeschaft tot een zekere mate van voorzichtigheid. Deze bracht voor hen meer dan de gebruikelijke ondernemersrisicos met zich waarvoor zij zelf verantwoordelijkheid dragen. Appellante had haar uitbreidingsplannen, gelet op de prille start van de bouwactiviteiten op dat moment, op of direct na 2 juli 2015 (nog) kunnen bijstellen. De risicos die kleefden aan de keuze om de plannen niet bij te stellen, zijn voor haar rekening.
AnnotatorD.W. Bruil
UitspraakECLI:NL:CBB:2019:555
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekRechtspraak
TitelCollege van Beroep voor het bedrijfsleven 23-02-2021
CiteertitelTvAR 2021/8053-2
SamenvattingFosfaatreductieplan
Samenvatting (Bron)Regeling fosfaatreductieplan 2017 Toepassing hardheidsclausule artikel 13, derde lid, Landbouwwet
AnnotatorD.W. Bruil
UitspraakECLI:NL:CBB:2021:171
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekRechtspraak
TitelCollege van Beroep voor het bedrijfsleven 19-01-2021
CiteertitelTvAR 2021/8054
SamenvattingBedrijfsoverdracht. Proceskostenveroordeling. Schadevergoedingsuitspraak.
Samenvatting (Bron)Het College oordeelt dat een overdracht van een bedrijf in het kader van de Meststoffenwet (Msw) niet mede de overdracht van eventuele op het bedrijf rustende productierechten impliceert. De Msw behelst voor de overgang van zodanige rechten, waaronder fosfaatrechten, een regeling die is opgenomen in hoofdstuk V, titel 4. Er bestaat geen aanleiding voor het oordeel dat hoofdstuk V, titel 4, van de Msw hier toepassing mist. Het verzoek van appellante om terugbetaling van de leges wordt afgewezen, het verzoek om vergoeding van immateriŽle schade wordt toegewezen.
AnnotatorH.A. van Bommel
UitspraakECLI:NL:CBB:2021:34
Artikel aanvragenVia Praktizijn