Gemeentestem

Uitgever Wolters Kluwer
Tijdschrift Gemeentestem
Datum 14-01-2022
Aflevering 7534
RubriekRedactioneel
TitelBonnetjesaffaires, gemeentelijke contracten en het gelijkheidsbeginsel
CiteertitelGst. 2022/1
SamenvattingOud-burgemeester Peper zou ten onrechte gelden hebben gedeclareerd, maar het onderzoek naar de declaraties kende gebreken. De geschiedenis herhaalde zich toen jaren later de kwetsbaarheid van integriteitsonderzoeken opnieuw bleek. De gemeentelijke contracten kennen hun eigen, kleine, bonnetjesaffaire.
Auteur(s)G.A. van der Veen
UitspraakECLI:NL:CBB:2002:AE4057
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekArtikelen
TitelDe herontdekking van de Wet gemeenschappelijke regelingen
CiteertitelGst. 2022/2
SamenvattingDe WGR staat er in bestuurlijk Nederland niet al te best op. Hij wordt als complex, knellend en te weinig democratisch ervaren. Geroepen wordt om een alternatief. Maar daarmee worden de mogelijkheden die de huidige wet voor efficiŽnt en democratisch samenwerken biedt, miskend. Het is dus tijd voor de (her)-ontdekking van de WGR.
Auteur(s)H. Doornhof , A.H.J. Hofman
LinkVolledige tekst artikel (Boelszanders.nl)
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekJurisprudentie
TitelHoge Raad 05-11-2021 , 20/03173
CiteertitelGst. 2022/3
SamenvattingVertrouwensbeginsel. Onjuiste mededeling op de website van de Belastingdienst. Betreffende vertrouwen op basis van verstrekte inlichtingen en algemene voorlichting herziet de Hoge Raad zijn rechtspraak.
AnnotatorJ.C. Scherff
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekJurisprudentie
TitelRaad van State 24-11-2021
CiteertitelGst. 2022/4
SamenvattingGebreken in de passende beoordeling: PAS, SRM2-rekenmodel in strijd met artikel 6 lid 3 Hrl, niet aangetoond dat in casu sprake is van een mitigerende maatregel (externe saldering).
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 14 mei 2018 heeft het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant een vergunning krachtens de Wet natuurbescherming verleend voor de realisatie en de ingebruikname van het project "Gebiedsontwikkeling Oostelijke Langstraat" en heeft het college een ontheffing verleend van het verbod als bedoeld in artikel 3.10, eerste lid, van de Wnb. Bij besluit van 27 juni 2018 heeft de minister van Infrastructuur en Waterstaat op grond van artikel 8, eerste lid, van de Wegenwet de op- en afritten van de aansluitingen 39 Waalwijk-Oost, 43 Nieuwkuijk en 44 Vlijmen gelegen langs de rijksweg A59 in de gemeenten Waalwijk en Heusden aan het openbaar verkeer onttrokken. Bij besluit van 29 juni 2018 hebben provinciale staten de inpassingsplannen "Gebiedsontwikkeling Oostelijke Langstraat West" en "Gebiedsontwikkeling Oostelijke Langstraat Oost" vastgesteld. Het PIP GOL West en het PIP GOL Oost voorzien in een integrale gebiedsontwikkeling van de Oostelijke Langstraat.
AnnotatorS.D.P. Kole
UitspraakECLI:NL:RVS:2021:2627
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekJurisprudentie
TitelRaad van State 01-09-2021
CiteertitelGst. 2022/5
SamenvattingHet weigeren van een vergunning met toepassing van de Wet Bibob strekt tot bescherming van het algemene belang om te voorkomen dat de overheid ongewild criminele activiteiten faciliteert. De individuele belangen van appellante zijn niet zodanig verweven met dit algemene belang dat die bevoegdheid moet worden geacht ook te strekken tot bescherming van haar belang.
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 19 juni 2020 heeft de burgemeester van Sluis [appellante sub 1] opnieuw een exploitatievergunning voor onbepaalde tijd verleend voor ondersteunende horeca-activiteiten ten behoeve van klanten van de winkel op het adres [locatie] te Breskens, met inbegrip van een terras met een oppervlakte van 30 m2. [appellante sub 1] exploiteert onder de naam [bedrijf A] een winkel, waarin onder meer strand-, cadeau- en woondecoratieartikelen worden verkocht. [appellante sub 2] exploiteert schuin tegenover de winkel van [appellante sub 1] onder de naam [bedrijf B] een pannenkoekenhuis met twee terrassen. [appellante sub 1] heeft de burgemeester verzocht om een vergunning voor een openbare inrichting, met inbegrip van een terras. De burgemeester heeft een exploitatievergunning verleend voor een winkel met ondersteunende horeca-activiteiten ten behoeve van klanten van de winkel, met inbegrip van een terras met een oppervlakte van 30 m2.
AnnotatorL. Feenstra
UitspraakECLI:NL:RVS:2021:1954
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekJurisprudentie
TitelRaad van State 03-11-2021
CiteertitelGst. 2022/6
SamenvattingCaravanstalling als ruimtelijk probleem.
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 28 september 2017 heeft het college van burgemeester en wethouders van Hof van Twente aan Plubo B.V. een omgevingsvergunning verleend voor het wijzigen van het gebruik van het perceel De Strookappe 24 in Delden. Het college heeft bij besluit van 28 september 2017 en gewijzigd bij besluit op bezwaar van 29 maart 2018, aan Plubo B.V. een omgevingsvergunning verleend voor het handelen in strijd met het bestemmingsplan "Delden-Zuid 2015" ten behoeve van het gebruiken van de bedrijfshal op het perceel voor het stallen/opslaan van maximaal 10 caravans. De omgevingsvergunning is verleend met toepassing van artikel 2.12, eerste lid, aanhef en onder a, onder 2, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, gelezen in verbinding met artikel 4, aanhef en onderdeel 9, van bijlage II van het Besluit omgevingsrecht.
AnnotatorJ.W. van Zundert
UitspraakECLI:NL:RVS:2021:2448
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekJurisprudentie
TitelRaad van State 04-05-2021
CiteertitelGst. 2022/7
SamenvattingBestemmingsplan. Ladder voor duurzame verstedelijking. Kwalitatieve onderbouwing. Plansystematiek en planopzet. Plantoelichting. Bestaand stedelijk gebied. Bestaande wateroverlast niet oplossen noch verergeren. Voorwaardelijke verplichting.
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 23 september 2019 heeft de raad van de gemeente Tubbergen het bestemmingsplan "Tubbergen, De Esch" vastgesteld. De bestreden besluiten van 23 september 2019 en 20 april 2020 maken de bouw van 51 woningen mogelijk in een gebied dat ligt tussen de Almeloseweg, de Tubbergeresweg (N343) en de Maatweg in het westen van de gemeente Tubbergen. Het plangebied van deze besluiten bestaat nu deels uit bedrijfsbebouwing van een voormalig tuincentrum en deels uit weilanden. Naar aanleiding van de uitspraak van de voorzieningenrechter van 30 januari 2020 heeft de raad het bestemmingsplan "Tubbergen, De Esch" bij besluit van 20 april 2020 gewijzigd vastgesteld. [appellant sub 1] en anderen, [appellant sub 2], [appellant sub 3] en [appellant sub 4] wonen aan de Maatweg, De Klumper en de Almeloseweg en kunnen zich als omwonenden van het plangebied om verschillende redenen niet verenigen met de besluiten van 23 september 2019 en 20 april 2020.
AnnotatorV.J. Rakovitch , H.P. Wiersema
UitspraakECLI:NL:RVS:2021:939
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekJurisprudentie
TitelCentrale Raad van Beroep 23-09-2021
CiteertitelGst. 2022/8
SamenvattingIn beginsel worden geen hoge eisen aan de motivering van een bezwaarschrift gesteld. Een concrete bezwaargrond is wel noodzakelijk voor het vereiste van artikel 6:5, eerste lid, aanhef en onder d, Awb.
Samenvatting (Bron)Op 2 april 2019 heeft appellante een bezwaarschrift ingediend, gericht tegen beide primaire besluiten. Zij heeft daarbij vermeld dat zij ten onrechte hersteld is gemeld en dat er daardoor evenmin grond is voor terugvordering. De Raad heeft zich eerder uitgelaten over de vraag of in een ZW-zaak sprake was van een concrete bezwaargrond. Dat was in de uitspraak van de Raad van 2 november 2005, ECLI:NL:CRVB:2005:AU5564. De hierboven aangehaalde zinsnede lezend als door appellante bepleit, ligt deze in dezelfde sfeer als de aangehaalde zinsnede uit de uitspraak van 2 november 2005. Er bestaat dan ook geen aanleiding om hierover anders te oordelen dan in die uitspraak. Hieruit volgt dat het bezwaarschrift van 2 april 2019 voldeed aan het vereiste van artikel 6:5, eerste lid, aanhef en onder d, van de Awb. Het Uwv heeft de bezwaren derhalve ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard en de rechtbank heeft het bestreden besluit ten onrechte in stand gelaten. Dit betekent dat het hoger beroep slaagt. De aangevallen uitspraak moet worden vernietigd. Doende wat de rechtbank zou behoren te doen, zal de Raad het beroep gegrond verklaren en het bestreden besluit vernietigen. Het Uwv dient opnieuw op de bezwaren te beslissen met inachtneming van deze uitspraak. Er bestaat aanleiding het Uwv te veroordelen in de kosten van appellante voor verleende rechtsbijstand in beroep en hoger beroep.
AnnotatorM.H. Bakker
UitspraakECLI:NL:CRVB:2021:2444
Artikel aanvragenVia Praktizijn