Jurisprudentie in Nederland

Uitgever Sdu
Tijdschrift Jurisprudentie in Nederland
Datum 01-10-2023
Aflevering 7
RubriekArbeidsrecht
TitelHvJ EU 22-06-2023, C-427/21
CiteertitelJIN 2023/112
SamenvattingUitzending; Terbeschikkingstelling; Daimler-arrest; Widerspruch.
Samenvatting (Bron)Arrest van het Hof (Zesde kamer) van 22 juni 2023.#LD tegen ALB FILS Kliniken GmbH.#Verzoek van het Bundesarbeitsgericht om een prejudici?le beslissing.#Prejudici?le verwijzing - Sociaal beleid - Uitzendarbeid - Richtlijn 2008/104/EG - Artikel 1 - Werkingssfeer - Begrip ,tijdelijk ter beschikking stellen' - Overdracht van de taken van een werknemer door diens werkgever aan een derde onderneming - Permanente terbeschikkingstelling van deze werknemer met handhaving van zijn oorspronkelijke arbeidsovereenkomst.#Zaak C-427/21.
AnnotatorH. Mouselli
UitspraakECLI:EU:C:2023:505
Artikel aanvragenVia Praktizijn
TitelHoge Raad 02-06-2023
CiteertitelJIN 2023/113
SamenvattingWerkingssfeerbepaling; Uitleg; Cao-norm; Metaal en Techniek; Bouwnijverheid; Blinde vlek; Witte vlek; Grijze vlek; Bewijslast; Stelplicht.
Samenvatting (Bron)Pensioenrecht. Sociaal verzekeringsrecht. Werkingssfeer bedrijfstakregelingen Metaal en Techniek. Uitleg verplichtstellingsbeschikking ingevolge Wet verplichte deelneming in bedrijfstakpensioenfonds 2000 en uitleg algemeen verbindend verklaarde cao's. Hoofdzakelijkheidscriterium. Betekenis van 'aantal overeengekomen arbeidsuren van in dienst zijnde werknemers die betrokken zijn bij de werkzaamheden' zoals omschreven in betrokken regelingen. Onder andere klachten over uitleg werkingssfeerbepaling, over reikwijdte van deskundigenonderzoek en over gevolgen die moeten worden verbonden aan weigering om relevante informatie te verschaffen.
AnnotatorJ. Mulder
UitspraakECLI:NL:HR:2023:847
Artikel aanvragenVia Praktizijn
TitelHoge Raad 23-06-2023
CiteertitelJIN 2023/114
SamenvattingWerkgeversaansprakelijkheid; Huis-tuin-en-keukenongeval; Zorgplicht; Val van trap; Maatregelen achteraf.
Samenvatting (Bron)Art. 81 lid 1 RO. Arbeidsrecht. Werkgeversaansprakelijkheid (art. 7:658 BW). Val bij afdalen twee treden na sluiten deur nooduitgang. Stelplicht en bewijslast werkgever.
AnnotatorM. Erzeybek , P.M. de Neef
UitspraakECLI:NL:HR:2023:966
Artikel aanvragenVia Praktizijn
TitelHoge Raad 23-06-2023
CiteertitelJIN 2023/115
SamenvattingVakantieverlof; Verjaringstermijn; Max Planck; Informatieplicht; Wettelijke vakantiedagen.
Samenvatting (Bron)Arbeidsrecht. Uitbetaling opgebouwde, maar niet-genoten vakantiedagen. Zorg- en informatieverstrekkingsplicht werkgever. Verjaring? Toepasselijkheid art. 7:642 BW. HvJEU 6 november 2018, zaak C-648/16, ECLI:EU:C:2018:874 (Max Planck); HvJEU 22 september2022, zaak C-120/21, ECLI:EU:C:2022:718 (LB).
AnnotatorJ.C.A. Ettema
UitspraakECLI:NL:HR:2023:955
Artikel aanvragenVia Praktizijn
TitelRechtbank Noord-Holland 06-02-2023
CiteertitelJIN 2023/116
SamenvattingBuitengerechtelijke vernietiging; Sollicitatiegesprekken; Goed werknemerschap; Informatieplicht; Wilsgebrek.
Samenvatting (Bron)Buitengerechtelijke vernietiging arbeidsovereenkomst door school nadat docent in uitzending Undercover in Nederland verschijnt houdt geen stand, geen sprake van bedrog of dwaling bij aangaan arbeidsovereenkomst. De arbeidsovereenkomst word wel ontbonden o.g.v. de h-grond.
AnnotatorM. Erzeybek , M. Schilt
UitspraakECLI:NL:RBNHO:2023:733
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekPersonen- en familierecht
TitelGerechtshof Den Haag 25-05-2023
CiteertitelJIN 2023/117
SamenvattingInternationale kinderontvoering; Weigeringsgronden; Voorwaarden teruggeleiding.
Samenvatting (Bron)Internationale kinderontvoering; Haags Kinderontvoeringsverdrag 1980. Belgisch gezagsrecht (art. 3 HKOV). Weigeringsgronden (art. 13 HKOV); gevolgen van Europees arrestatiebevel. Safe return voorwaarden verenigbaar met HKOV?
AnnotatorS.C. Braun
UitspraakECLI:NL:GHDHA:2023:990
Artikel aanvragenVia Praktizijn
TitelGerechtshof 's-Hertogenbosch 13-07-2023
CiteertitelJIN 2023/118
SamenvattingPartneralimentatie; Hofnorm; Bewijsrisico.
Samenvatting (Bron)Partneralimentatie. Artikel 21 Rv.
AnnotatorR. van Biezen
UitspraakECLI:NL:GHSHE:2023:2342
Artikel aanvragenVia Praktizijn
TitelRechtbank Den Haag 02-02-2023
CiteertitelJIN 2023/119
SamenvattingKinderalimentatie; Draagkracht; Overleggen relevante gegevens; Wettelijke maatstaven.
Samenvatting (Bron)De ouders hebben na een schorsing de rechtbank verzocht om de door hen overeengekomen kinderalimentatie van 100,- per maand op te nemen in een beschikking. De rechtbank wijst dit verzoek af, omdat deze afspraak niet voldoet aan de wettelijke maatstaven. Verder wijst de rechtbank ook het subsidiaire verzoek van de vader tot nihilstelling van de kinderalimentatie af. Niet is komen vast te staan dat hij niet de draagkracht heeft om de (destijds) vastgestelde kinderalimentatie te blijven betalen.
AnnotatorE.A. Slappendel
UitspraakECLI:NL:RBDHA:2023:12388
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekOndernemingsrecht
TitelHoge Raad 21-04-2023
CiteertitelJIN 2023/120
SamenvattingInternationaal privaatrecht; Bevoegdheid; Mededingingsrecht; PrejudiciŽle vragen aan HvJ EU.
Samenvatting (Bron)Internationaal privaatrecht. Bevoegdheid, art. 8, punt 1, Verordening Brussel I-bis en mededingingsrecht. Is Nederlandse rechter bevoegd kennis te nemen van vordering jegens Griekse vennootschap wegens inbreuk op Europees en Grieks mededingingsrecht (misbruik machtspositie op Griekse biermarkt)? Hoofdelijke aansprakelijkheid (Nederlandse) moedervennootschap. Europees mededingingsrecht, vermoeden van beslissende invloed, HvJEU 12 mei 2022, ECLI:EU:C:2022:379 (SEN/AGCM). Werkt dit mededingingsrechtelijke vermoeden door in beoordeling van het nauwe band-vereiste van art. 8, punt 1, Brussel I-bis en hoe verhoudt zich dat tot maatstaf geformuleerd in HvJEU 28 januari 2015, ECLI:EU:C:2015:37 (Kolassa) en HvJEU 16 juni 2016, ECLI:EU:C:2016:449 (Universal Music)? Voornemen tot prejudiciŽle vragen aan HvJEU.
AnnotatorP.B.J. van den Oord , M.C.B. Beck
UitspraakECLI:NL:HR:2023:660
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekBurgerlijk procesrecht
TitelHoge Raad 26-05-2023
CiteertitelJIN 2023/121
SamenvattingDevolutieve werking; Gezag van gewijsde.
Samenvatting (Bron)Procesrecht; goederenrecht. Devolutieve werking; verhouding tussen verweer en afgewezen vordering in reconventie, waarvan geen hoger beroep. Hoge Raad komt terug van HR 30 maart 2012, ECLI:NL:HR:2012:BU8514. Gezag van gewijsde. Bevrijdende verjaring. Maatstaf inbezitneming (art. 3:108 BW en 3:113 BW).
UitspraakECLI:NL:HR:2023:784
Artikel aanvragenVia Praktizijn
TitelHoge Raad 02-06-2023
CiteertitelJIN 2023/122
SamenvattingUitleg vaststellingsovereenkomst; Haviltex-maatstaf; Vernietiging bindend advies; Onafhankelijkheid en onpartijdigheid bindend adviseurs.
Samenvatting (Bron)Uitleg vaststellingsovereenkomst die ziet op geschil of onzekerheid over huurovereenkomst, Haviltex-maatstaf. Bindend advies tot waardering door deskundigen, taak deskundigen, onafhankelijkheid, vernietiging wegens schending hoor en wederhoor bij totstandkoming, art. 7:904 lid 1 BW.
AnnotatorR.A.G. de Vaan
UitspraakECLI:NL:HR:2023:822
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekCiviel recht
TitelHoge Raad 30-06-2023
CiteertitelJIN 2023/123
SamenvattingBebouwing naast erfgrens door eigenaar; Eigen gedraging; Geen inbezitneming.
Samenvatting (Bron)Goederenrecht. Eigendomsverkrijging door verjaring van strook grond die van buurperceel is afgescheiden door muur, art. 3:99 BW, art. 3:105 BW, art. 3:306 BW. Bezit, eisen inbezitneming, verkoop en levering, art. 3:108 e.v. BW
UitspraakECLI:NL:HR:2023:1010
Artikel aanvragenVia Praktizijn
TitelHoge Raad 07-07-2023
CiteertitelJIN 2023/124
SamenvattingHuurrecht; Schade; Bewijslastverdeling; Wettelijk bewijsvermoeden.
Samenvatting (Bron)Verbintenissenrecht. Huurrecht. Burgerlijk procesrecht; bewijslastverdeling. Tijdens huurperiode opgetreden schade aan gehuurde veroorzaakt door tekortkoming huurder? Wettelijk bewijsvermoeden art. 7:218 lid 2 BW.
AnnotatorW.A. Braams
UitspraakECLI:NL:HR:2023:1059
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekStrafrecht
TitelHoge Raad 13-06-2023
CiteertitelJIN 2023/125
SamenvattingInterstatelijk vertrouwensbeginsel.
Samenvatting (Bron)PrejudiciŽle beslissing HR, art. 553 Sv. 1. PrejudiciŽle procedure in strafzaken. 2. Beantwoording vragen over o.a. betekenis van (internationale of interstatelijke) vertrouwensbeginsel voor beoordeling van rechtmatigheid en betrouwbaarheid van resultaten die zijn verkregen met toepassing van opsporingsbevoegdheid door autoriteiten van ander land dan Nederland, terwijl bevoegdheid in dat andere land is toegepast, en mogelijkheden voor verdediging om rechtmatigheid van bewijsverkrijging te onderzoeken. Ad 1. HR maakt inleidende opmerkingen over prejudiciŽle vragen aan strafkamer van HR. Opmerkingen komen erop neer dat rechter die overweegt om prejudiciŽle vraag te stellen, betrokken procespartijen in gelegenheid stelt om zich uit te laten over dat voornemen en over beoogde inhoud van vraag. Omdat rechter zelfstandige verantwoordelijkheid heeft voor uitkomst van procedure, is het aan rechter zelf om te bepalen of sprake is van in art. 553.1 Sv bedoelde situatie waarin prejudiciŽle vragen worden gesteld als aan daarvoor geldende criteria wordt voldaan. Rechter zet uiteen waarom antwoord op rechtsvraag nodig is om in betreffende zaak te beslissen en waarom vraag een zaaksoverstijgend belang heeft. Vraag moet bovendien zijn ingebed in heldere (voorlopige) feitenvaststelling en in (beknopt omschreven) relevante juridische context zijn geplaatst. Rechter licht verder toe waarom vraag zich volgens hem leent voor beantwoording in prejudiciŽle procedure. Verder kan het nuttig zijn dat hij zijn oordeel over (voorlopig) antwoord of verschillende (voorlopige) antwoorden op vraag geeft en ligt het in de rede dat hij consequenties daarvan voor de rechtspraktijk schetst. Ad 2. Bij bespreking van vraag over betekenis van vertrouwensbeginsel voor beoordeling van rechtmatigheid en betrouwbaarheid van resultaten die zijn verkregen met toepassing van opsporingsbevoegdheid door autoriteiten van ander land dan Nederland, terwijl bevoegdheid in dat andere land is toegepast, gaat HR in op opsporing onder verantwoordelijkheid van buitenlandse autoriteiten en op opsporing in buitenland onder verantwoordelijkheid van Nederlandse autoriteiten. Vervolgens gaat HR in op vraag of en, zo ja, in welke gevallen, machtiging van RC is vereist en maakt HR enkele opmerkingen over het gebruik van informatie in andere onderzoeken en over Richtlijn 2002/58/EG en Richtlijn (EU) 2016/680. Verder gaat HR in op o.m. beginsel van equality of arms en beoordeling van verzoeken tot het voegen van stukken bij processtukken en van verzoeken tot het verkrijgen van inzage in stukken. HR beantwoordt prejudiciŽle vragen.
AnnotatorC. van Oort
UitspraakECLI:NL:HR:2023:913
Artikel aanvragenVia Praktizijn
TitelHoge Raad 27-06-2023
CiteertitelJIN 2023/126
SamenvattingKon het hof beslissen om het overleggen van stukken door de verdachte bij zijn laatste woord niet toe te staan?
Samenvatting (Bron)Mishandeling van politieambtenaar door deze een kopstoot te geven, art. 300.1 jo 304.3 Sr. Overleggen van stukken in hoger beroep, art. 414.1 Sv. Kon hof beslissen om overleggen van stukken en kleurenfotos door verdachte bij zijn laatste woord niet toe te staan? HR herhaalt relevante overwegingen uit HR:2021:1503 m.b.t. bevoegdheid verdachte bij behandeling van zaak in h.b. nieuwe bescheiden of stukken van overtuiging over te leggen en verplichting rechter zijn beslissing te motiveren als hij van oordeel is dat beginselen van goede procesorde zich ertegen verzetten dat deze bescheiden of stukken worden overgelegd en dat die overlegging daarom niet kan worden toegestaan. Hof heeft bij beslissing om overleggen van stukken en fotos tijdens laatste woord van verdachte niet toe te staan, slechts moment waarop verzoek is gedaan in aanmerking genomen. Hof heeft daarmee, gelet op wat hiervoor is vooropgesteld, zijn beslissing ontoereikend gemotiveerd. Volgt vernietiging terugwijzing.
AnnotatorC. van Oort
UitspraakECLI:NL:HR:2023:978
Artikel aanvragenVia Praktizijn
TitelHoge Raad 27-06-2023
CiteertitelJIN 2023/127
SamenvattingAmbtshalve opmerking Hoge Raad over sanctieoplegging.
Samenvatting (Bron)Bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht (art. 285.1 Sr) en voorhanden hebben omgebouwd gas-alarmpistool (art. 26.1 WWM). 1. Gebruik voor bewijs van 2 getuigenverklaringen. 2. TBS met voorwaarden opgelegd en toelaatbaarheid van voorwaarde dat verdachte i.g.v. crisissituatie meewerkt aan tijdelijke opname in instelling. Reden voor ambtshalve cassatie? Ad 1. HR: art. 81.1 RO. Ad 2. Ambtshalve opmerking HR over sanctieoplegging: In recente rechtspraak heeft HR overwogen dat hij zijn bevoegdheid tot ambtshalve cassatie o.g.v. art. 440.1 Sv tegenwoordig bijzonder spaarzaam toepast. Bij beperkte capaciteit om cassatieberoepen te behandelen en gelet op noodzaak om strafzaken binnen aanvaardbare termijn af te doen, ligt het immers in de rede behandeling in cassatie te concentreren op ingediende klachten. Daarbij speelt een rol dat, omdat cassatieklachten moeten worden ingediend door raadsman of door OM, HR er in beginsel van moet kunnen uitgaan dat misslagen in bestreden uitspraak of fouten in de aan die uitspraak voorafgegane procedure zijn opgemerkt, terwijl het achterwege blijven van een daarop toegespitste klacht kan berusten op weloverwogen keuze (vgl. HR:2012:BX0146). Dat is ook geen onredelijke veronderstelling in een geval zoals dit waarin het gaat om aanvaardbaarheid van aan sanctieoplegging verbonden voorwaarden. Dat thema wordt dus tegenwoordig in beginsel niet ambtshalve onderzocht en beoordeeld. Volgt verwerping. CAG: anders t.a.v. ambtshalve cassatie m.b.t. opgelegde voorwaarde.
AnnotatorC. van Oort
UitspraakECLI:NL:HR:2023:921
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekBestuursrecht
TitelRaad van State 22-03-2023
CiteertitelJIN 2023/128
SamenvattingLast onder dwangsom; Overtreding rechtens onaantastbaar maatwerkvoorschrift; Voorschrift niet evident onrechtmatig.
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 3 juli 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Moerdijk Maltha onder oplegging van een dwangsom gelast om twee overtredingen te beŽindigen en beŽindigd te houden. Maltha is gevestigd op het perceel Glasweg 7 te Heijningen en richt zich op de voorbereiding van de recycling van glasafval. Op het perceel wordt onder andere glasafval, glasproduct, KSP (Keramiek, Steen en Porselein) en KSP-glas opgeslagen. Bij besluit van 1 oktober 2018 heeft het college aan Maltha op grond van artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder a, c en e, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht een omgevingsvergunning verleend ten behoeve van de bedrijfsvoering. Het college heeft in dit besluit maatwerkvoorschriften gesteld om stofemissie te voorkomen. In maatwerkvoorschrift 7.2.2 is ten aanzien van stofemissie het volgende bepaald: "Ter plaatse van de rijpaden, uitpandige opslagen van (niet) inert glas(afval) en overslagactiviteiten van (niet) inert glas(afval) dienen maatregelen te worden getroffen (bijvoorbeeld door te sproeien, te benevelen, af te dekken etc.) zodat geen visuele stofemissie optreedt op 2 meter van de bron."
AnnotatorT.N. Sanders
UitspraakECLI:NL:RVS:2023:1141
Artikel aanvragenVia Praktizijn
TitelRaad van State 22-03-2023
CiteertitelJIN 2023/129
SamenvattingUrgentieverklaring; Bestuursorgaan; Beroepscommissie urgentie van WoonService Regionaal CoŲperatief U.A. is geen bestuursorgaan (geen a-orgaan en evenmin b-orgaan).
Samenvatting (Bron)Bij brief van 14 oktober 2019 heeft de Toetsingscommissie urgentie de aanvraag van [appellant A] en [appellant B] om urgentie voor een sociale huurwoning in de regio s-Hertogenbosch afgewezen. In s-Hertogenbosch wordt de verdeling van sociale huurwoningen geregeld door de coŲperatie WoonService Regionaal CoŲperatief U.A. WoonService is een privaatrechtelijke rechtspersoon die in 2015 is opgericht. Het is een samenwerkingsverband van verschillende woningcorporaties. Om met voorrang in aanmerking te komen voor een sociale huurwoning kan urgentie worden verleend. Tot 1 november 2017 was de urgentieregeling geregeld in de toenmalige huisvestingsverordening. De uitvoering was door het college van burgemeester en wethouders van s-Hertogenbosch gemandateerd aan de samenwerkende woningcorporaties.
UitspraakECLI:NL:RVS:2023:1127
Artikel aanvragenVia Praktizijn
TitelRechtbank Midden-Nederland 03-02-2023
CiteertitelJIN 2023/130
SamenvattingDigitaal aangejaagde ordeverstoring; Digitaal gebiedsverbod; Last onder dwangsom; Openbare plaats; Openbare-ordetaak; Vrijheid van meningsuiting.
Samenvatting (Bron)De rechtbank oordeelt dat uit de APV of de toelichting daarop kan niet worden opgemaakt dat is bedoeld om (ook) een digitaal platform zoals een groepschat op Telegram aan te merken als openbare plaats. Een (voor iedereen toegankelijke) groepschat op Telegram is weliswaar openbaar, maar het is geen plaats in de zin van de APV die binnen de bevoegdheden van de burgemeester valt. De burgemeester geeft ook een onjuiste uitleg aan artikel 2:2, eerste lid, onder g, van de APV door te zeggen dat alleen de wanordelijkheden die dreigen te gebeuren zich op een openbare plaats moeten afspelen, maar dat het gedrag dat daartoe aanleiding geeft ook op een niet-fysieke plek kan plaatsvinden. De APV-bepaling is duidelijk bedoeld voor de situatie dat er op de openbare plaats uitdagend gedrag wordt vertoond dat aanleiding geeft tot wanordelijkheden. Als de burgemeester wťl zou worden gevolgd in haar uitleg van artikel 2:2, eerste lid, onder g, van de APV, zou dit leiden tot een ontoelaatbare beperking van de in artikel 7, derde lid, van de Grondwet neergelegde vrijheid van meningsuiting. In een gemeentelijke verordening mag de inhoud van uitlatingen niet aan banden worden gelegd. Het is een lokale regelgever (in dit geval de gemeenteraad) niet toegestaan om grondrechten te beperken wanneer een dergelijke beperking niet kan worden teruggevoerd op een wet in formele zin. De burgemeester was daarom niet bevoegd om aan eiser een last onder dwangsom op te leggen.
AnnotatorM.A.D.W. Jong
UitspraakECLI:NL:RBMNE:2023:375
Artikel aanvragenVia Praktizijn
TitelRechtbank Noord-Holland 14-04-2023
CiteertitelJIN 2023/131
SamenvattingBuiten toepassing laten wet in formele zin; Toetsingsverbod; Niet verdisconteerde omstandigheden; Algemene rechtsbeginselen.
Samenvatting (Bron)Contra-legem. Sprake van bijzondere omstandigheden waarmee de wetgever geen rekening heeft gehouden en die de toepassing zozeer in strijd doen zijn met algemene rechtsbeginselen of (ander) ongeschreven recht dat die toepassing achterwege moet blijven. Aanvraag bijzondere bijstand voor kosten curatele. Bij de bepaling van de draagkracht is het college, op grond van artikel 33 Pw, uitgegaan van het inkomen uit studiefinanciering, inclusief een aanvullende rentedragende lening waarop eiseres aanspraak kan maken. Doordat de curator, om haar beloning voor de werkzaamheden voor eiseres zoveel mogelijk voldaan te krijgen, verplicht wordt voor eiseres een studielening bij DUO aan te vragen en eiseres gaat belasten met schulden, kan ook niet worden gezegd dat de belangen van eiseres, als onder curatele gestelde, worden beschermd. De voorschriften uit de Participatiewet strijden hier met die uit het Burgerlijk Wetboek en de doelstelling die uit de onder curatelestelling volgt. Door bij de draagkrachtberekening rekening te houden met de aanspraak op de studielening wordt de bescherming van eiseres als onder curatele gestelde in ernstige mate tekort gedaan. Genoemde gevolgen van toepassing van artikel 33, tweede lid, van de Pw, stroken naar het oordeel van de rechtbank niet met wat de wetgever kan hebben bedoeld of voorzien. Om die reden ziet de rechtbank aanleiding om in dit bijzondere geval artikel 33, tweede lid, van de Pw (gedeeltelijk, voor zover het betreft het in aanmerking nemen van de DUO-lening) buiten toepassing te laten.
UitspraakECLI:NL:RBNHO:2023:3412
Artikel aanvragenVia Praktizijn