Ars Aequi

Uitgever Stichting Ars Aequi
Tijdschrift Ars Aequi
Datum 09-06-2006
Aflevering 6
TitelColofon
CiteertitelAA 2006, 400
Pagina400-400
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekRedactioneel
Titel'Democratische nepkandidaten'
CiteertitelAA 2006, 401
SamenvattingEen belangrijke minimumeis die wordt gesteld aan de democratische rechtsstaat is het kiesrecht. Het kiesrecht (zowel passief als actief) is als grondrecht vastgelegd in artikel 4 van de Grondwet en vinden we ook terug in het EVRM en het IVBPR. Onlangs zijn er gemeenteraadsverkiezingen gehouden waarbij het aantal zogeheten lijstduwers op de kieslijsten opvallend groot was. Een lijstduwer is een persoon die zich formeel verkiesbaar stelt op de kandidatenlijst om extra stemmen voor de partij te behalen, maar niet van plan is om daadwerkelijk in het orgaan zitting te nemen.
Auteur(s)J.B. van de Hel
Pagina401-402
Artikel aanvragenVia Praktizijn
TitelDe Rechter
CiteertitelAA 2006, 402
Auteur(s)J. van Muylwijck
Pagina402-402
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekDigesten
TitelReceptie van het Romeins recht tussen casuÔstiek en systeem
CiteertitelAA 2006, 403
SamenvattingBij studenten worden af en toe kritische geluiden hoorbaar over de rol in het universitaire onderwijs van de rechtsgeschiedenis en met name van dat ingewikkelde Romeinse recht. Waarom juridische studenten lastig vallen met Latijn, een taal die slechts door een minderheid van ongeveer 30% is bestudeerd? Het wordt weliswaar allemaal vertaald, maar toch werkt het blijkbaar vervreemdend. Vroeger kon men volstaan met te zeggen: het Romeinse recht is de algebra van het recht, maar zulke abstracte argumenten maken tegenwoordig geen indruk meer. [...]
Auteur(s)L. Winkel
Pagina403-408
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekColumn
TitelKopstukken
CiteertitelAA 2006, 409
SamenvattingIn de vorige column berichtte ik van mijn poging om de grote namen uit de geschiedenis van het Nederlandse privaatrecht ook bij een nieuwe generatie juristen bekend te maken. Nog levende juristen waren hiervan uitgezonderd. Niet per definitie, maar omdat daar langs een andere weg in was voorzien. Levende juristen kregen gedurende een aantal jaren van mij een uitnodiging om aan te treden in een serie colleges met de titel 'kopstukken'. De aanvankelijke opzet was overigens niet om de spes patriae in contact te brengen met bekende Nederlandse civilisten.
Auteur(s)E. Hondius
Pagina409-409
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekRecht in zicht
TitelFranse toestanden in Nederland? Het ontslagrecht in zicht
CiteertitelAA 2006, 410
SamenvattingEind maart en begin april 2006 stonden de kranten bol van de berichten over heftige onlusten in Frankrijk. Aanleiding vormde de beoogde invoering van een wet over het zogenoemde eerste baanscontract.
Auteur(s)C.J. Loonstra
Pagina410-417
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekMening
TitelEen kanttekening (of twee) bij het Oordeel van de Commissie Gelijke Behandeling over een hoofddoekeis op een islamitische middelbare school
CiteertitelAA 2006, 418
SamenvattingOp 15 november 2005 kwam de Commissie Gelijke Behandeling (CGB) tot een afkeurend Oordeel over een op moslimleraressen toegesneden voorschrift van een islamitische middelbare school om een hoofddoek te dragen.
Auteur(s)J. Morijn
Pagina418-419
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekAnnotaties
TitelRaad van State, 28-09-2005, 200502140/1
CiteertitelAA 2006, 420
SamenvattingDe goedkeuring van een faunabeheerplan vatbaar voor bezwaar en beroep?
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 9 maart 2004 heeft het college van gedeputeerde staten van Utrecht (hierna: het college) conform artikel 30, eerste lid, van de Flora- en faunawet (hierna: de Ffw) het door de Stichting Faunabeheereenheid Utrecht (hierna: de Faunabeheereenheid) opgestelde Faunabeheerplan Utrecht (hierna: het plan) voor een termijn van twee jaar goedgekeurd.
AnnotatorR. Uylenburg
Pagina420-425
UitspraakECLI:NL:RVS:2005:AU3369
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekAnnotaties
TitelHoge Raad, 17-01-2006, 00155/05
CiteertitelAA 2006, 426
SamenvattingTragisch verkeersongeluk: aanmerkelijke onvoorzichtigheid of verontschuldigbare foutieve interpretatie van een gebaar?
Samenvatting (Bron)1. Schuld ex art. 6 WVW 1994. 2. Strafmotivering / geen blijk van inzicht in verwijtbaarheid. Ad 1. In cassatie kan slechts worden onderzocht of de schuld aan het verkeersongeval ex art. 6 WVW 1994, in het onderhavige geval het bewezenverklaarde zeer onvoorzichtig en onoplettend handelen, uit de door het hof gebezigde bewijsmiddelen kan worden afgeleid. Daarbij komt het aan op het geheel van gedragingen van verdachte, de aard en ernst daarvan en de overige omstandigheden van het geval (HR NJ 2005, 252). Het Hof heeft vastgesteld dat het uitzicht van verdachte op het voor de door hem bestuurde bus gelegen wegdek beperkt was door de hoogte van de bus en zijn eigen betrekkelijk geringe gestalte, dat verdachte gezien heeft dat de moeder voor de bus langs was overgestoken en dat hij vervolgens is opgetrokken zonder dat hij heeft gezien dat ook het achter de moeder fietsende vijfjarige slachtoffer - dat toen aan zijn zicht was onttrokken - de oversteekmanoeuvre had voltooid. Het in de overwegingen van het Hof vervatte nadere oordeel dat en waarom sprake is van de bewezenverklaarde schuld ex art. 6 WVW 1994 komt erop neer dat verdachte in de omstandigheden van het geval, alvorens zijn weg te vervolgen, zich er zelf van had moeten vergewissen of hij dit kon doen zonder gevaar voor het overstekende kind en dat hij in dat opzicht niet had mogen afgaan op enig gebaar van de moeder. Dat oordeel is in het licht van de door het Hof vastgestelde omstandigheden van het geval, meer in het bijzonder voorzover die het beperkte uitzicht van verdachte betreffen, en tegen de achtergrond van de van verdachte als bestuurder van een motorvoertuig te vergen zorgvuldigheid ten aanzien van een zeer kwetsbare verkeersdeelnemer als het slachtoffer, onjuist noch onbegrijpelijk. Ad 2. 's Hofs overweging dat verdachte niet de indruk geeft in te zien dat hem een grote fout te verwijten valt, is zonder nadere motivering, die ontbreekt, niet begrijpelijk. Daarbij wordt in aanmerking genomen dat het Hof tot het bewijs heeft gebezigd de verklaring van verdachte waarin hij erkent dat hij zich zeer onvoorzichtig en onoplettend heeft gedragen en dat hij de fietsers-oversteekplaats is opgereden zonder zich er voldoende van te vergewissen waar het slachtoffer zich bevond.
AnnotatorTh.A. de Roos
Pagina426-434
UitspraakECLI:NL:HR:2006:AU3447
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekAnnotaties
TitelHof van Justitie EG, 23-02-2006, C-513/03
CiteertitelAA 2006, 435
SamenvattingDe tienjaarsregeling in de Successiewet is niet in strijd met Europees recht.
Samenvatting (Bron)Arrest van het Hof (Derde kamer) van 23 februari 2006. # Erven van M. E. A. van Hilten-van der Heijden tegen Inspecteur van de Belastingdienst/Particulieren/Ondernemingen buitenland te Heerlen. # Verzoek om een prejudiciele beslissing: Gerechtshof te 's-Hertogenbosch - Nederland. # Kapitaalverkeer - Artikel 73 B, lid 1, EG-Verdrag (thans artikel 56, lid 1, EG) - Successiebelasting - Juridische fictie volgens welke onderdaan van lidstaat die binnen tien jaar na deze lidstaat te hebben verlaten overlijdt, wordt geacht daar op moment van overlijden te hebben gewoond - Derde staat. # Zaak C-513/03.
AnnotatorJ.W. Zwemmer
Pagina435-438
UitspraakECLI:EU:C:2006:131
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekLiteratuur
TitelOvermacht in het stelsel van strafuitsluitingsgronden
CiteertitelAA 2006, 444
SamenvattingWat heeft de moeder die een brood steelt om haar kind te voeden gemeen met de opticien die na sluitingstijd een slechtziende aan een bril helpt? Wat verenigt de gewetensbezwaarde dienstweigeraar met de arts die het leven van zijn ondraaglijk lijdende patiŽnt beŽindigt? Hoewel zij naar de letter van de wet een strafbaar feit begaan, worden zij niet gestraft: zij waren door overmacht gedrongen. In zijn proefschrift heeft Menno Dolman onderzocht hoe de strafuitsluitingsgrond 'overmacht' functioneert: welke plaats heeft zij in het stelsel van strafuitsluitingsgronden?
Auteur(s)M.M. Dolman
Pagina444-449
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekLiteratuur
TitelNieuwe boeken
CiteertitelAA 2006, 450
Pagina450-450
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekOpleiding en Carrire
TitelJuridisch zoeken: nu en in de toekomst
CiteertitelAA 2006, 451
SamenvattingIn het werk van juristen speelt het omgaan met bronnenmateriaal een belangrijke rol. Een groot deel van de traditionele bronnen - wetteksten, jurisprudentie en in toenemende mate ook juridische literatuur - is tegenwoordig beschikbaar in elektronische vorm, in juridische databanken. Daarnaast biedt ook het internet een uitgebreid aanbod aan materiaal.
Auteur(s)R.V. de Mulder , C. van Noortwijk
Pagina451-454
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekNieuws en agenda
TitelNieuws en agenda
CiteertitelAA 2006, 455
Pagina455-456
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekNieuws en agenda
TitelNieuws en agenda
CiteertitelAA 2006, 455
Pagina455-456
Artikel aanvragenVia Praktizijn