Ars Aequi

Uitgever Stichting Ars Aequi
Tijdschrift Ars Aequi
Datum 12-10-2006
Aflevering 10
TitelBob Brouwer overleden
CiteertitelAA 2006, 687
SamenvattingZaterdag 2 september jl. overleed prof.mr. P.W. Brouwer, 54 jaar oud. Een aantal vrienden en collega's wisten dat hij wegens ernstge ziekte voortijdig van zijn vakantie was teruggekomen.
Auteur(s)A. Soeteman
Pagina687-687
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekRedactioneel
TitelHomo ludens
CiteertitelAA 2006, 688
SamenvattingIn 2004 legde een homoseksueel danspaar de Commissie Gelijke Behandeling (CGB) de vraag voor, of de Nederlandse Algemene Danssport Bond (NADB) in strijd met de Algemene Wet Gelijke Behandeling (AWGB) handelde door in haar wedstrijdreglement ‘danspaar’ te definiëren als een paar bestaande uit een man en een vrouw, waardoor ongemengde paren werden uitgesloten van deelname aan danswedstrijden (Oordeel CGB 2004-116). Dit paar wilde graag meedoen aan de Grand Prix van Amsterdam, maar vond zichzelf voor een gesloten deur nu de NADB deze wedstrijd organiseert. [...]
Auteur(s)B. Bethlehem , T. Kodrzycki
Pagina688-689
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekRedactioneel
TitelDe Rechter
CiteertitelAA 2006, 689
Auteur(s)J. van Muylwijck
Pagina689-689
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekAmuses
TitelNotarieel (ge)recht
CiteertitelAA 2006, 690
SamenvattingHet op een na oudste beroep ter wereld, dat van notaris, wordt volgens menige niet al te snuggere buitenstaander beoefend in een dorknoperige sfeer. De aanduiding van de beroepsbeoefenaar doet bij hem het tot zekerheid verworden vermoeden opkomen dat we van doen hebben met een klerkachtige functionaris die slaafs opschrijft wat anderen bedenken. De grauwe persoon wordt vooral in verband gebracht met testamenten en ‘vastgoed’. De laatste benaming is in de wet niet bekend, maar des te beter bij de Amsterdamse maffia. [..] Hoe anders is de werkelijkheid van alle dag!
Auteur(s)M.J.A. van Mourik
Pagina690-691
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekArtikelen
TitelAanscherping van de veiligheid binnen sport met hulp van zelfregulering voor en door sportorganisaties
CiteertitelAA 2006, 692
SamenvattingIn dit artikel, dat naar aanleiding van het Skeelerarrest is geschreven, worden sportorganisaties aangespoord de veiligheid binnen de sport aan te scherpen. Op sportorganisaties rust een vergaande maatschappelijke zorgplicht. Voorgesteld wordt dat sportorganisaties met behulp van zelfregulering gebruik gaan maken van risicoanalyses en één blessureregistratiesysteem.

Auteur(s)J. Vermeulen
Pagina692-701
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekColumn
TitelPronken met andermans veren I
CiteertitelAA 2006, 702
Samenvatting“‘Wat heb je voor opdracht?’ vroeg Maarten.
‘Ik moet de commentaren bij de kaarten van het dwaallicht schrijven. Ik ben student-assistent.’
‘Maar dat zou Beerta toch zelf doen?’
‘Ik denk dat hij er zijn naam wel onderzet’. Hij zei het zonder enige boosaardigheid.”
(J.J. Voskuil, Het bureau I Meneer Beerta, Amsterdam: Van Oorschot, 1996, p. 32)

Op 4 september 2003 opende het Utrechtse Universiteitsblad (U-blad) met het volgende bericht:

Van plagiaat beschuldigde professor vertrekt.

Auteur(s)E. Hondius
Pagina702-702
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekRode draad
TitelHet recht van de Russische Federatie - Rode draad 'Over de Grens'
CiteertitelAA 2006, 703
SamenvattingHet Russische recht heeft zich sterk zelfstandig ontwikkeld en heeft pas in de 19e eeuw de aansluiting bij de continentale rechtsfamilie gemaakt. Tijdens het Sovjet bewind is het recht diepgaand van karakter veranderd.

De recente wetgeving van de Russische Federatie heeft zich van de erfenis van het verleden ontdaan waar dit vereist werd door de invoering van een pluralistisch democratisch stelsel (in het bijzonder in het staatsrecht) en van een markteconomie (in het privaatrecht).

Auteur(s)F. Feldbrugge
Pagina703-710
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekDigesten
TitelBezit en verkrijgende verjaring in het Romeinse recht met bijzondere aandacht voor het titelvereiste
CiteertitelAA 2006, 711
SamenvattingHet Romeinse recht is al eeuwen de schatkamer van de westerse rechtswetenschap. Dit geldt primair voor het Europees-continentale rechtsdenken, maar zeker ook voor de Anglo-Amerikaanse Common Law.

Een fraaie illustratie hiervan in deze Digestenserie biedt Brandsma’s opstel Possessio in San Francisco . Mijn eigen bijdrage bouwt op de zijne voort en vult deze aan, met name voor de door hem niet behandelde maar wel genoemde materiële functie van het bezit ‘voor de eigendomsverkrijging door bezitsverschaffing en verjaring’. Om het geheugen van de lezer op te frissen wijs ik op de belangrijkste punten die Brandsma heeft behandeld en waarop ik aansluit.
Auteur(s)E.H. Pool
Pagina711-718
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekMens en Maatschappij
TitelOntwikkelingen op het terrein van wetenschappelijk onderzoek met embryo's
CiteertitelAA 2006, 719
SamenvattingBegin 2006 is het eerste evaluatierapport gepubliceerd over de Nederlandse Embryowet. Deze voornamelijk kwalitatieve evaluatie gaat over drie jaar werking van de wet (van september 2002 tot eind 2005). In het evaluatierapport wordt gepleit voor opheffing van het wettelijke verbod om een embryo speciaal tot stand te brengen anders dan voor een zwangerschap. Ook wordt opheffing bepleit van het verbod om speciaal tot stand gebrachte embryo’s te gebruiken voor wetenschappelijk onderzoek en andere doeleinden dan het tot stand brengen van een zwangerschap.

Auteur(s)S.F.M. Wortmann
Pagina719-723
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekMening
TitelOngehuwd samenleven: het stiefkind van het familierecht
CiteertitelAA 2006, 724
SamenvattingEind 2005 kwam in de Tweede Kamer, na jaren van stilzwijgen, het onderwerp ‘ongehuwd samenleven’ ter sprake. In een debat over de invoering van administratieve echtscheiding en het ouderschapsplan werd aan de orde gesteld of ook voor ongehuwd samenlevende ouders wetgeving bij scheiding wenselijk is. Minister van Justitie Donner reageert daarop met de stelling dat de wetgever geen wettelijke aanknopingspunten heeft om het ongehuwd samenleven gelijkwaardig te doen zijn aan het huwelijk en hij merkt op dat ‘… het moeilijk blijft om een antwoord te geven op de vraag hoe het ongeregelde geregeld is.’ De minister heeft een punt wanneer hij wijst op het moeilijk grijpbare karakter van het ongehuwd samenleven.
Auteur(s)W. Schrama
Pagina724-726
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekMening
TitelBanken: houd ze te vriend!
CiteertitelAA 2006, 726
SamenvattingOp 29 juni jongstleden heeft de Commissie Kortmann (hierna: de Commissie) minister Donner per brief ingelicht over haar voorontwerp van de Insolventiewet, waarmee de huidige Faillissementswet zal worden herzien. De vraag is of de Commissie haar doel bereikt met de door haar gedane voorstellen.

Auteur(s)D. Hamwijk
Pagina726-728
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekReacties
TitelReactie op 'Waarom de werkwijze van het Pieter Baan Centrum aan herziening toe is'
CiteertitelAA 2006, 729
SamenvattingIn hun recente artikel ‘Waarom de werkwijze van het Pieter Baan Centrum aan herziening toe is’, nemen de heren Jelicic en Merckelbach de werkwijze van het Pieter Baan Centrum (verder: PBC) kritisch onder de loep. Zij concluderen, zoals in de titel reeds te lezen valt, dat de werkwijze van het PBC aan herziening toe is. Dit inzicht verkondigen de auteurs onveranderd al jaren. Zij gaan hiermee echter voorbij aan de realiteit.
Auteur(s)E. Heijdelberg , Th. Rinne
Pagina729-730
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekReacties
TitelNawoord op bovenstaande reactie
CiteertitelAA 2006, 731
SamenvattingDe tijden bij het Pieter Baan Centrum (PBC) zijn inmiddels grondig veranderd, schrijven dr. Rinne en drs. Heijdelberg, en dat zou onze kritiek op hun centrum gedateerd maken. Het klinkt als goed nieuws, maar echt overtuigd zijn we niet. De argumenten voor onze kritiek ontlenen we aan het nog niet eens zo heel lang geleden verschenen boek 'De persoon van de verdachte: de rapportage pro justitia vanuit het Pieter Baan Centrum'. De website van het PBC maakt duidelijk dat er sinds dat boek weinig veranderingen zijn aangebracht in de werkwijze van het centrum. [..]
Auteur(s)M. Jelicic , H.L.G.J. Merckelbach
Pagina731-731
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekAnnotaties
TitelHoge Raad, 16-09-2005, C04/128HR
CiteertitelAA 2006, 732
SamenvattingFaillissement. Peeters q.q./Gatzen-vordering. Behartiging belag gezamenlijke schuldeisers. Ontvankelijkheid curator. Gerechtigheid tot de realisereerde opbrengst.
(m.nt. PvS - NJ 2006, 311).

(De Bont / Bannenberg q.q.).
Samenvatting (Bron)16 september 2005 Eerste Kamer Nr. C04/128HR JMH/RM Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser], wonende te [woonplaats], EISER tot cassatie, advocaat: mr. M.H. van der Woude, t e g e n Mr. Marcus Antonius Maria BANNENBERG, in zijn hoedanigheid van curator in het faillissement van Installogic B.V., kantoorhoudende te 's-Hertogenbosch, VERWEERDER in cassatie, niet verschenen. 1. Het geding in feitelijke instanties...
AnnotatorS.C.J.J. Kortmann , N.S.G.J. Vermunt
Pagina732-735
UitspraakECLI:NL:HR:2005:AT7797
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekAnnotaties
TitelHoge Raad, 31-03-2006, C04/303HR
CiteertitelAA 2006, 736
SamenvattingLongkanker door asbest en/of roken: proportionele aansprakelijkheid bij onzeker causaal verband.

(Nefalit / Karamus).
Samenvatting (Bron)Geschil tussen een asbestverwerkend bedrijf dat van 1964 tot 1979 werkgever was van een fabrieksarbeider die minstens 28 jaar heeft gerookt en in 2000 aan longkanker zonder voorafgaande asbestose is overleden, en zijn erfgenamen over werkgeversaansprakelijkheid op de voet van art. 7:658 BW; longkanker behalve door blootstelling aan asbeststof in de uitoefening van werkzaamheden ook veroorzaakt door langjarig rookgedrag?; zorgplicht werkgever tot het treffen van de vereiste veiligheidsmaatregelen, aanzienlijke kansverhoging verwezenlijking van nog onbekende gevaren door nalatigheid werkgever; aanvaarding door de HR van proportionele aansprakelijkheid; causaal verband normschending en geleden schade, eigen schuld; devolutieve werking van het appel, grievenstelsel.
AnnotatorS.D. Lindenbergh
Pagina736-741
UitspraakECLI:NL:HR:2006:AU6092
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekAnnotaties
TitelInternational Criminal Tribunal for the Former Yugoslavia, 30-06-2006, IT-03-68-T
CiteertitelAA 2006, 742
SamenvattingCollapse of law and order als verzachtende omstandigheden voor commandantenaansprakelijkheid inzake oorlogsmisdrijven.

(Prosecutor / Oric).
AnnotatorG.G.J. Knoops
Pagina742-744
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekAnnotaties
TitelHoge Raad, 11-04-2006, 01324/05
CiteertitelAA 2006, 745
SamenvattingDe tweede volzin van artikel 359 lid 2 Sv.

Samenvatting (Bron)Reikwijdte art. 359.2 Sv. 1. Wettelijk systeem. 2. Uitdrukkelijk onderbouwde standpunten; pv en uitspraak als kenbron; eisen aan cassatiemiddel. 3. Soms motivering vereist van selectie en waardering bewijs en keuze en weging factoren van belang voor oplegging straf of maatregel; toetsing in cassatie; weerlegging van uitdrukkelijk onderbouwd standpunt m.b.t. bewijs mag in aanvulling ex art. 365a.2 Sv; omvang motiveringsplicht. 4. I.c. verwerping: bewezenverklaring volgt uit bewijsmiddelen en aan standpunt ten grondslag liggende rechtsopvatting is onjuist. Ad 1. Het systeem van de wet komt na invoering van het huidige art. 359.2 Sv op het volgende neer. Omtrent de verwerping van een verweer m.b.t. de voorvragen van art. 348 Sv en de kwalificatie alsmede omtrent een beroep op een wettelijke strafverminderings- of strafuitsluitingsgrond moet o.g.v. art. 358.3 Sv in het vonnis uitdrukkelijk worden beslist. Die beslissing moest ook voorheen reeds o.g.v. art. 359.2 (oud) Sv - zijn gemotiveerd. Nu is daar bij gekomen dat indien het OM t.z.v. die onderwerpen (de voorvragen, de kwalificatie en de strafbaarheid van feit en dader) uitdrukkelijk onderbouwde standpunten heeft ingenomen en de rechter daarvan afwijkt, de beslissing dienaangaande nader moet zijn gemotiveerd. Voorts moeten nu ook de bewijsbeslissing en de beslissing over de oplegging van straf en/of maatregel nader worden gemotiveerd, indien de rechter daarbij afwijkt van door verdachte of OM uitdrukkelijk onderbouwde standpunten. Opmerking verdient dat het hier gaat om een nadere motivering, omdat voorheen en nu o.g.v. de voorschriften van art. 359 en 359a Sv reeds algemene motiveringseisen golden onderscheidenlijk gelden. Vervolg inhoudsindicatie zie uitspraak
AnnotatorM.J. Borgers
Pagina745-754
UitspraakECLI:NL:HR:2006:AU9130
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekLiteratuur
TitelFiscale fraudebestrijding: grenzen aan sturing
CiteertitelAA 2006, 755
SamenvattingOp 19 juni jongstleden is aan de Universiteit Leiden de dissertatie Fiscale fraudebestrijding: grenzen aan sturing verdedigd. In de dissertatie wordt verslag gedaan van onderzoek naar de strafrechtelijke aanpak van fiscale fraude. Daarbij stond de samenwerking tussen de Belastingdienst, de FIOD-ECD, het Openbaar Ministerie en de Rechtspraak centraal. Met deze studie wordt beoogd het functioneren van het openbaar bestuur beter te begrijpen. Er is gekozen voor een multidisciplinaire benadering, daar een sec juridische of economische benadering slechts een gefragmenteerd en eenzijdig inzicht in de werkelijkheid zou opleveren (assumptie). Het onderzoek is gestart in 2001 en eind 2005 afgesloten. Het resultaat is een nieuwe conceptuele benadering van fiscale fraudebestrijding.
Auteur(s)R. Westra
Pagina755-760
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekLiteratuur
TitelM. Fontaine & F. de Ly, Drafting International Contracts. An analysis of contract clauses
CiteertitelAA 2006, 761
Pagina761-761
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekLiteratuur
TitelLijst nieuwe boeken
CiteertitelAA 2006, 762
Pagina762-763
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekOpleiding en Carrire
TitelWillem C. Vis International Commercial Arbitration Moot: van Utrecht tot Wenen
CiteertitelAA 2006, 764
Samenvatting[...] In 1980 was Willem C. Vis als Executive Secretary betrokken bij de Diplomatieke Conferentie in Wenen, waar de tekst van het Weens Koopverdrag werd vastgesteld. Daarnaast was hij als hoogleraar verbonden aan Pace University School of Law. Het is dan ook geen verrassing dat in de door hem geïnitieerde moot, die ook naar hem genoemd is, het Weens Koopverdrag centraal staat. Wel is het enigszins verrassend dat deze moot nu juist in zijn geboorteland relatief weinig bekendheid heeft.

Auteur(s)S.A. Kruisinga , F.L.C. Schoolderman
Pagina764-767
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekRechtsvragen
TitelFactormaatschappij Alpha. Beantwoording rechtsvraag (327). Goederenrecht
CiteertitelAA 2006, 768
Auteur(s)J.M. Milo
Pagina768-770
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekRechtsvragen
TitelZuivere vergoedingen zonder wettelijke basis. Rechtsvraag (329). Bestuursrecht
CiteertitelAA 2006, 770
Auteur(s)A.Q.C. Tak
Pagina770-772
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekNieuws en agenda
TitelNieuws en agenda
CiteertitelAA 2006, 773
Pagina773-774
Artikel aanvragenVia Praktizijn