Delikt en Delinkwent

Uitgever Wolters Kluwer
Tijdschrift Delikt en Delinkwent
Datum 31-03-2008
Aflevering 3
TitelDe ene vrijspraak is de andere niet. Over schuld en onschuld in het systeem van het Nederlandse strafprocesrecht
CiteertitelDD 2008, 15
SamenvattingDe vrijspraak is een onderwerp dat de gemoederen in ons land niet erg in beweging brengt. Voor het grote publiek lijkt de vrijspraak een van de mindere ergernissen te zijn rond de strafrechtspleging. Natuurlijk is er af en toe verontwaardiging en wordt er gemakkelijk gesproken over het geklungel van het openbaar ministerie als er weer eens een witteboordenverdachte de dans ontspringt.
Auteur(s)M.S. Groenhuijsen
Pagina201-213
Artikel aanvragenVia Praktizijn
TitelStrafrechtsvergelijking
CiteertitelDD 2008, 16
SamenvattingNu (straf)rechtsvergelijking steeds belangrijker wordt bij het doen van onderzoek in de strafrechtswetenschappen, rijst de vraag hoe dat op methodologisch verantwoorde en zinvolle wijze kan gebeuren. In dit artikel wordt op een aantal uitgangspunten ingegaan. Ten eerste de noodzaak van het eigen rechtsstelsel in relatie tot het begrip rechtscultuur. Ten tweede het doel van de strafrechtsvergelijking en hoe men de eerste onderzoeksstappen kan zetten. Ten derde het nut van de dichotomie adversair-inquisitoir en hoe men die op vruchtbare wijze kan gebruiken. En ten slotte, heel in het kort, de problemen van multidisciplinair onderzoek dat, hoe moeilijk ook, voor de strafrechtsvergelijking van grote betekenis kan zijn.
Auteur(s)C.H. Brants
Pagina214-242
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekBoekbespreking
TitelE.A.M. Verheijen, Nederlandse strafrechtelijke waarden in de context van de Europese Unie, Naar een beoordelingsschema ter waarborging van karakteristieken van materieel strafrecht in de Europese rechtsruimte
CiteertitelDD 2008, 17
Auteur(s)A.H. Klip
Pagina243-249
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekBoekbespreking
TitelA.M.L.M. de Brouwer, Supranational Criminal Prosecution of Sexual Violence, The ICC and the Practice of the ICTY and the ICTR
CiteertitelDD 2008, 18
Auteur(s)R.H. Haveman
Pagina250-263
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekMededelingen
TitelMededelingen
CiteertitelDD 2008, 19
SamenvattingPraktijkdag Forensisch rapporteren in de (straf)rechtspleging - Studiedag: DNA-onderzoek in strafzaken - Cursussen: Forensisch bewijs in de strafrechtspraktijk I; De strafrechter over de strafadvocatuur; Recente straf(proces)rechtelijke jurisprudentie.
Pagina264-266
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekRechtspraak EHRM
TitelRechtspraak EHRM
CiteertitelDD 2008, 20
SamenvattingVoor deze rubriek werd een selectie gemaakt uit de jurisprundentie van het Europese Hof van Rechten van de Mens (EHRM) over de maanden september t/m december 2007. Allereerst staan wij echter even stil bij het feit dat de deelredactie van deze rubriek met ingang van deze aflevering in onze handen is overgegaan.
Auteur(s)J.E.B. Coster van Voorhout , J.M.W. Lindeman
Pagina267-279
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekJeugdrecht en jeugdbescherming
TitelJeugdrecht en jeugdbescherming
CiteertitelDD 2008, 21
SamenvattingVeel aandacht is de afgelopen tijd uitgegaan naar twee ingrijpende wetswijzigingen. De een betrof de gedragsbeÔnvloedende maatregel in het jeugdstrafrecht, de ander betrof de invoering van de gesloten jeugdzorg als nieuwe uithuisplaatsingsmogelijkheid in het kader van de justitiŽle jeugdbeschermingsmaatregelen, die het mogelijk gaan maken om de kinderen die onder toezicht of onder voogdij van een Bureau jeugdzorg staan civielrechtelijk uit huis te kunnen plaatsen.
Pagina279-287
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekPolitie
TitelPolitie
CiteertitelDD 2008, 22
SamenvattingDe wet van 26 april 2007 tot wijziging van de Politiewet 1993 in verband met het versterken van de bevoegdheden op rijksniveau ten aanzien van de politie, evenals de opheffing van de Raad van het Korps landelijke politiediensten is op 1 januari 2001 volledig in werking getreden (Besluit van 12 september 2007 tot vaststelling van het tijdstip van inwerkingtreding van de wet van 26 april 2007 tot wijziging van de Politiewet 1993, Staatsblad 2007, nr. 326).
Pagina287-290
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekRechtspraak
TitelWie kan verantwoordelijkheid dragen voor de dood van Savanna?
CiteertitelDD 2008, 23
SamenvattingRecentelijk werd de gezinsvoogd in 'de zaak Savanna' vervolgd. Het driejarige meisje Savanna, dat in 2004 op gewelddadige wijze door haar moeder werd gedood, was twee jaar eerder onder haar toezicht gesteld. De gezinsvoogd werd primair schuld aan de dood van het meisje, zoals bedoeld in de artikelen 307 jo. 309 Sr, verweten. Subsidiair werd haar zwaar lichamelijk lestel door schuld ten laste gelegd, geŽnt op de artikelen 308 jo 309 Sr. Zij werd uiteindelijk vrij gesproken.
Auteur(s)L. Strikwerda
Pagina291-313
Artikel aanvragenVia Praktizijn
RubriekRechtspraak
TitelRechtbank 's-Gravenhage, 16-11-2007, 09/753134-05
CiteertitelDD 2008, 23.1
Samenvatting (Bron)Aan verdachte wordt primair verweten dat zij, werkzaam als gezinsvoogd, heeft nagelaten maatregelen te treffen, als gevolg waarvan een meisje van drie jaar oud, Savanna, is overleden. Dat nalaten maakt de gezinsvoogd, aldus de tenlastelegging, schuldig aan de dood van Savanna, als bedoeld in de artikelen 307 jo 309 van het Wetboek van Strafrecht. Subsidiair is verdachte, eveneens op grond van dat nalaten, zwaar lichamelijk letsel door schuld ten laste gelegd, geŽnt op de artikelen 308 jo 309 van het Wetboek van Strafrecht. De rechtbank verklaart de dagvaarding partieel nietig. De rechtbank ziet zich voor het overige allereerst voor de vraag gesteld in hoeverre verdachte haar functie als gezinsvoogd van Savanna op de juiste wijze heeft uitgevoerd. De rechtbank concludeert dat verdachte als gezinsvoogd van Savanna niet al datgene heeft gedaan wat van haar in die situatie kon en mocht worden verwacht. Dit betekent evenwel niet zonder meer dat verdachte een strafrechtelijk verwijt kan worden gemaakt, in die zin dat zij schuld zou hebben aan (primair) de dood, dan wel (subsidiair) aan het zwaar lichamelijk letsel van Savanna. Daartoe zou in ieder geval dienen te worden vastgesteld dat er sprake is van een causaal verband tussen het in de tenlastelegging bedoelde nalaten en die dood dan wel dat zwaar lichamelijk letsel. Vast staat dat de dood van Savanna het directe gevolg is van de gedragingen van haar moeder op 20 september 2004. De dood van Savanna en ook de handelwijze van de moeder die tot de dood heeft geleid, waren, zo is de rechtbank gebleken, niet voorzienbaar. Dat standpunt heeft ook het openbaar ministerie betrokken. Ook overigens is de rechtbank niet gebleken van feiten en omstandigheden die maken dat Savanna's dood aan verdachte redelijkerwijs zou moeten worden toegerekend als gevolg van bedoeld nalaten. Reeds hierom zal de rechtbank verdachte, in navolging van hetgeen door het openbaar ministerie is gevorderd, vrijspreken van hetgeen haar primair is ten laste gelegd. Ten aanzien van hetgeen subsidiair aan verdachte ten laste is gelegd, zwaar lichamelijk letsel door schuld, overweegt de rechtbank dat, zelfs indien ervan uitgegaan zou worden dat de ernstige ondervoeding door het uit huis plaatsen van Savanna afwendbaar was geweest, er naar het oordeel van de rechtbank geen sprake is van een strafrechtelijke causaliteit tussen die ondervoeding en het ten laste gelegde nalaten van verdachte. Vast staat dat de ernstige ondervoeding van Savanna het directe gevolg is van de gedragingen van haar moeder en/of van de voor dat feit veroordeelde echtgenoot van de moeder. De ernstige ondervoeding en ook de handelwijze van de moeder en/of haar echtgenoot die tot die ondervoeding heeft geleid, waren, zo is de rechtbank gebleken, niet voorzienbaar. Ook overigens is de rechtbank niet gebleken van feiten en omstandigheden die maken dat de ondervoeding van Savanna aan verdachte redelijkerwijs zou moeten worden toegerekend als gevolg van bedoeld nalaten. Reeds hierom zal de rechtbank verdachte vrijspreken van hetgeen haar subsidiair is ten laste gelegd.
Pagina291-298
UitspraakECLI:NL:RBSGR:2007:BB8016
Artikel aanvragenVia Praktizijn