Milieu & Recht

UitgeverWolters Kluwer
TijdschriftMilieu & Recht
Datum28-02-2017
Aflevering2
RubriekJurisprudentie
TitelRechtbank Oost-Brabant 07-09-2016 (met noot)
CiteertitelM en R 2017/20
SamenvattingMelding ontgronding is besluit
Samenvatting (Bron)Aan de acceptatie van de melding wel degelijk een rechtsgevolg is verbonden. Pas na acceptatie van de melding mag worden gestart en als de melding niet wordt geaccepteerd op basis van het bestuurlijke rechtsoordeel ingevolge artikel 9a van de Verordening mag de schop niet in de grond. De melding is een verplichte voorwaarde ingevolge de slotpassage van artikel 9a van de Verordening. Het gewenste rechtsgevolg (mogen ontgronden zonder ontgrondingsvergunning) vloeit niet voort uit de Verordening maar uit de acceptatie van de melding. De melding is daarmee naar het oordeel van de rechtbank een melding als gebod (door advocaat-generaal Widdershoven als categorie c bestempeld) en daarmee een besluit in de zin van artikel 1:3 van de Awb De door provinciale staten kennelijk voorgestane dynamische verwijzing in de Verordening naar het provinciale natuurbeleid is in strijd met het rechtszekerheidsbeginsel. Uit de Verordening blijkt niet aan welk beleid moet worden getoetst. Zo is onduidelijk of moet worden getoetst aan geschreven of ongeschreven beleid, intern of extern gericht beleid dan wel beleid in een algemeen verbindend voorschrift of beleid in een beleidsregel. Evenmin of moet worden getoetst aan het beleid zoals dat gold ten tijde van de melding of ten tijde van de vaststelling van het projectplan waar de ontgronding deel van uitmaakt. Naar het oordeel van de rechtbank is artikel 9a van de Verordening daarom onverbindend voor zover ingevolge dit artikel de melding van de ontgronding zelfstandig zou moeten voldoen aan provinciaal natuurbeleid.
AnnotatorK.J. de Graaf , W.P. van der Meulen
Artikel aanvragenVia Praktizijn
UitspraakECLI:NL:RBOBR:2016:4913