Bouwrecht

UitgeverWolters Kluwer
TijdschriftBouwrecht
Datum22-10-2020
Aflevering10
RubriekJurisprudentie - Bestuursrecht algemeen
TitelRaad van State 03-06-2020 (met noot)
CiteertitelBR 2020/75
SamenvattingKosten toepassing bestuursdwang voor rekening van appellant. Bewijs.
Samenvatting (Bron)Bij besluit van 5 november 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag zijn beslissing om op 23 oktober 2019 spoedeisende bestuursdwang toe te passen wegens het in strijd met de Afvalstoffenverordening 2010 van de gemeente Den Haag aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen, op schrift gesteld. Daarbij heeft het college vermeld dat een gedeelte van de kosten van de toepassing van bestuursdwang, te weten 126,00, voor rekening van [appellant] komt. De toepassing van spoedeisende bestuursdwang heeft bestaan uit het verwijderen van een huisvuilzak die op 23 oktober 2019 is aangetroffen naast een ondergrondse restafvalcontainer ter hoogte van het Weteringplein 2 in Den Haag. Het college is ervan uitgegaan dat [appellant] de huisvuilzak verkeerd heeft aangeboden, omdat daarin een tot hem herleidbaar poststuk is aangetroffen. Het poststuk is een aan hem geadresseerde enveloppe. [appellant] betwist niet dat de huisvuilzak van hem afkomstig is, maar stelt dat hij hem in de ORAC heeft gedaan.
AnnotatorC.A.H. van de Sanden
Artikel aanvragenVia Praktizijn
UitspraakECLI:NL:RVS:2020:1321