Gerechtshof Den Haag, 01-03-2017 / BK-15/01095 en BK-15/01096


ECLIECLI:NL:GHDHA:2017:960
Datum01-03-2017
InhoudsindicatieIn geschil is het antwoord op de volgende vragen: Heeft de rechtbank met juistheid beslist dat belanghebbende niet de vereiste aangifte heeft gedaan en daaraan terecht de gevolgtrekking verbonden dat de bewijslast dient te worden omgekeerd en verzwaard?; Bij bevestigende beantwoording van de vragen onder 1: Heeft de Inspecteur aannemelijk gemaakt dat de aanslagen berusten op een redelijke schatting van de door belanghebbende in 2003 en in 2005 behaalde belastbare inkomens uit werk en woning?; Heeft de Rechtbank terecht beslist dat belanghebbende niet heeft doen blijken dat de aanslagen IB/PVV 2003 en IB/PVV 2005 op een te hoog bedrag is vastgesteld?; Heeft de Rechtbank de vergoeding van immateriŽle schade wegens overschrijding van de redelijke termijn terecht voor alle beroepen samen vastgesteld op 3.000?; Dient de Inspecteur te worden veroordeeld in de werkelijke proceskosten die belanghebbende in verband met de verwijzingsprocedure bij de rechtbank en de hoger beroepsprocedure voor dit Hof heeft gemaakt?
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2005:AO9006 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2011:BO5046 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:GHAMS:2009:BJ1298 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2014:1194 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2014:1005 ★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2014:1007 ★★
Gerelateerd ECLI:NL:GHAMS:2013:4006
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2010:BO8496
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2010:BO8495
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2017:2780
Gerelateerd ECLI:NL:RBDHA:2015:15791
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2017:2780
Gerelateerd ECLI:NL:RBDHA:2015:15791