Gerechtshof 's-Hertogenbosch 11-06-2020, 200.264.828_01 en 200.267.660_01


ECLIECLI:NL:GHSHE:2020:1766
Meer over deze zaak:
CiteertitelRNL2020-538945
Datum11-06-2020
Inhoudsindicatiepersonen- en familierecht; partneralimentatie; aanvullende behoefte; draagkracht; huwelijksvermogensrecht; art. 1:164 lid 1 BW; art. 3:194 lid 2
Recht.nl artikelGeld verkwisten met de echtscheiding in zicht (17-07-2020)
Partijen waren in gemeenschap van goederen gehuwd. De man had zonder toestemming van de vrouw 10.000 euro overgemaakt naar zijn moeder. De man stelde onder meer dat hij het geld had overgemaakt ter terugbetaling van een lening. De rechtbank wees het verzoek tot vergoeding van de vrouw af. Het hof wees het verzoek van de vrouw evenwel toe—en overwoog daarbij dat de man niet voldoende had onderbouwd dat er sprake was van terugbetaling van een lening.
Gelet op het feit dat de transactie had plaatsgevonden binnen de termijn van 6 maanden voorafgaand aan de indiening van het echtscheidingsverzoek, concludeerde het hof dat de man het bedrag aan de gemeenschap moest vergoeden, hetgeen neer komt op een verplichting om aan de vrouw 5.000 euro te voldoen.
> Geld verkwisten met de echtscheiding in zicht (Scheidenviascheepens.nl)
TijdschriftartikelGerechtshof 's-Hertogenbosch 11-06-2020
PFR 2020/158
Verdeling huwelijksgoederengemeenschap. Vermeerdering van het verzoek om een verzwegen goed alsnog te verdelen, toegelaten. Toepassing artikel 3:194 lid 2 BW (bij verzwijging, het zoek maken of verberging van een goed, verbeurt de deelgenoot zijn aandeel aan de andere deelgenoten)? Daarvoor is opzet nodig. Die is voldoende betwist
Gerelateerd ECLI:NL:PHR:2012:BV6684 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2017:565 ★★★★★